Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 209 pagina's
Samenvatting

Samenvatting ECO & IER - 2024/25

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 209 pagina's

Dit document bevat alle uitgeschreven lessen van economisch recht en van intellectuele eigendomsrechten. Geslaagd in 1e zit

Voorbeeld van de inhoud

INLEIDING
Term economisch recht is een ruim begrip
- Bevat veel regels over optreden van ondernemingen in het economisch verkeer

Tot 2018: onderscheid tussen eco recht & handelsrecht
- Begrip ‘handelaar’ had specifieke juridische betekenis -> vervangen door een
ondernemingsbegrip
 Ondernemingsbegrip is ruimer dan begrip handelaar
- Begrip ‘handelaar’ is opgeheven maar oude handelsrecht bestaat nog
 Vandaag niet meer verbonden aan notie handelaar maar aan notie ondernemer:
handelsrecht krijgt hierdoor een ruimer toepassingsgebied
 Handelsrecht is onderdeel van economisch recht


ALGEMEEN
SITUERING VAN HET HANDELS-, ECONOMISCH EN ONDERNEMINGSRECHT
1. BEGRIP
Economisch recht omvat :
Regelen van privaatrecht Van toepassing op verrichtingen van ondernemingen
gericht op efficiënt en soepel - Doel: transacties tussen ondernemingen soepel en efficiënt laten verlopen
verkeer
Voorbeeld: bewijsreglementering: in zaken tussen ondernemingen is er vrij bewijs.
- Bewijs kan geleverd worden met alle mogelijke middelen van recht (ook getuigen &
vermoedens)
- Wel nuttig om een onderhandse akte op te maken, maar dat is geen absolute vereist om
bewijs te kunnen leveren
- Waarom?
 Reden 1 : tussen ondernemingen moet het eenvoudig zijn om handel te drijven: ze
moeten hun niet altijd bezig houden met het opmaken van een onderhandse akte om
bewijs te kunnen leveren -> ze kunnen vlotter handelen
 Reden 2: ondernemingen hebben niet dezelfde bescherming nodig als particulieren

>< bewijs in burgerlijk recht: als rechtshandeling boven €3 500 gaat, dan werken we met een
gereglementeerd bewijsrecht
- Bewijs kan alleen geleverd worden adhv een onderhandse of authentieke akte
- Onderhandse akte = document dat de handtekening draagt van alle partijen bij het contract

Voorbeeld: hoofdelijkheid wanneer ondernemingen zich verbinden
- A & B gaan samen contracteren met C. A & B verbinden tot betaling van €10 000 tav C, die
goederen zal leveren. A & B vermoed hoofdelijk gehouden te zijn
- C kan volle €10 000 zowel van A als B verkrijgen. Partij die €10 000 moet daarna aan de
andere partij vragen om hem terug te betalen
- Zorgt ervoor dat het handelsverkeer vlotter kan lopen: C moet in dit geval enkel de
solvabiliteit van 1 van de 2 partijen onderzoeken
 Als C weet dat A voldoende geld heeft om die €10 000 te betalen, moet die zich niet
bezig houden met de solvabiliteit van B

>< schuldsplitsing in burgerlijk recht
- Vb: A & B gaan samen contracteren met C. A & B verbinden tot betaling van €10 000 tav C
die goederen zal leveren. Wanneer A & B niet vrijwillig betalen, zal C zich moeten wenden tot

1

, zowel 1 als B & kan hij van elk van beiden maar de helft krijgen
- C moet onderzoeken of zowel A als B voldoende geld hebben om €5 000 te betalen

Regels van publiek- en Moeten door ondernemingen worden gerespecteerd wanneer zij hun goederen of diensten op
privaatrecht die voorschrijven de markt brengen
wat bedrijven moeten of niet - Doel: vrijheid van ondernemingen begrenzen
mogen doen wanneer zij
optreden op de markt Nog onder te verdelen in 2 categorieën
Regels van publiekrecht, veelal gericht op sturing
Kunnen conjunctureel van aard of structureel van aard zijn
- Conjunctureel: worden vastgesteld om een specifiek tijdelijk probleem te verhelpen
 Stel: plotse energiecrisis. Prijs elektriciteit stijgt. Vb van een conjuncturele maatregel is
een plafonnering van de prijs van elektriciteit. Maatregel is tijdelijk & wordt niet meer
gehandhaafd wanneer de energiemarkt zich heeft gestabiliseerd

- Structureel: betreffen de organisatie van de markt als dusdanig
 Vb 1: je moet een vergunning hebben om bepaalde diensten op de markt te mogen
brengen = voorwaarde om toe te treden tot de markt
 Vb 2: regels van mededingingsrechtelijke aard: doel mededingingsrecht = zorgen dat
ondernemingen zich op een eerlijke manier gedragen wanneer zij goederen/ diensten
aanbieden
 Vb: ondernemingen moeten vrij blijven concurreren, kartelafspraken zijn verboden

Regels van privaatrecht, gericht op ordening
Wetgever probeert om evenwicht te creëren tussen verschillende rechtmatig geachte belangen
- Nodig om bepaalde deelnemers van economisch verkeer te beschermen
 Vb: veel regels ter bescherming van de consument want consument beschouwd als
zwakkere partij

Voorbeeld 1: consumentenbescherming
Verbintenissenrecht gebaseerd op wilsautonomie & contractsvrijheid: iedereen wordt geacht zijn
eigen belangen te kunnen verdedigen
- MAAR in economische setting kunnen de consumenten hun eigen belangen niet altijd
verdedigen tav ondernemingen
 Correctie van wilsautonomie nodig: wetgever regels gemaakt waarin staat welke
bedingen je niet mag opnemen in een contract

Voorbeeld 2: eerlijke concurrentie
Set van regels in WER die er voor moeten zorgen dat het spel tussen ondernemingen eerlijk
wordt gespeeld
- Specifieke bepalingen die bepaalde gedragingen gaan verbieden m.o.o. vrijwaren van eerlijke
concurrentie

Voorbeeld 3: bescherming tussenpersonen
Recht van de tussenpersonen = entiteiten als handelsagenten, concessiehouders &
franchisenemers
- Tussenpersonen moeten ook beschermd worden tegenover hun contractpartners

Voorbeeld 4: intellectuele eigendomsrechten
Beschermen bepaalde personen zoals uitvinders, auteurs


2

, BRONNEN
Heel veel regels over economisch recht -> wij gaan het vooral hebben over de algemene principes &
de doelen van die regels


1. INTERNATIONALE BRONNEN
1.1. 5 SOORTEN VERDRAGEN DIE BELANGRIJK ZIJN VOOR ECONOMISCH RECHT
1.1.1. VERDRAGEN DIE REGELING INHOUDEN VOOR HET INTERNATIONALE ECONOMISCH
RUILVERKEER
= spelregels die werden afgesproken tussen landen over beleid dat zij zullen voeren mbt de
grensoverschrijdende handel
= internationale regeling van handelsverkeer

Vb: WTO (World Trade Organisation)
- WTO-verdrag: doel = internationale handel reglementeren voor leden van WTO
 ‘De WTO is vandaag bijna dood’: sommige landen houden zich niet aan die regels

WTO-regeling gaat terug op de oorspronkelijk GATT (General Agreement on Tarifs and Traid) van na
WOII
- Doel GATT: spelregels vaststellen voor wat betreft goederen (vb: verbod op invoerbeperkingen)

In jaren 1990: onderhandelingen die geleid hebben tot totstandkoming WTO & waarbij het
toepassingsgebied van die internationale regeling enorm werd uitgebreid
- Totstandkoming GATS (General Agreement on Trading Services): principes over internationale
dienstverlening
- Totstandkoming TRIPS (Trade Related Aspects of Intellectual Property Rights): internationale
regelgeving mbt intellectuele eigendomsrechten
 Vb: minimum bescherming aan auteurs van werken & uitvinders binnen alle WTO lidstaten

Dit alles werd bezegeld met DSU (Disupute Settlement Understanding) = internationale
geschillenregeling
- 2 instanties opgericht waaraan geschillen tussen de landen mbt toepassing van de regels uit de
GATT, GATS & TRIPS kunnen worden voorgelegd
 Beroepsinstantie = Appelant body: kan enkel rechtsgelding beraadslagen wanneer er een
bepaalde quorumvereiste bereikt wordt -> MAAR VS weigert om kandidaten voor te dragen
of te bekrachtigen -> appelant body is niet meer samengesteld uit voldoende mensen om
beslissingen te kunnen nemen
 Aantal leden van WTO (EU, Canada,…) richten een nieuw geschillenorgaan op in
afwachting van ogenblik waarop appelant body weer kan functioneren

De internationale regeling van de handel is gericht op een zo vrij mogelijk verkeer van goederen &
diensten
- MAAR VS voert een protectionistische economie (vb: grote invoerheffingen) = in strijd met het
WTO-recht maar de andere landen kunnen er niet echt iets tegen doen want de appelant body
functioneert niet meer
 We dreigen in situatie te komen waarin de andere landen gedwongen zijn om
vergeldingsmaatregelen te nemen maar dat is ook in strijd met het WTO-recht
 DUS: basisprincipes van de GATT moeten we met een korrel zout nemen

Basisprincipes van GATT:
Principe van Wanneer je als lid van de GATT een voordeel toekent aan een ander land, dan moet je datzelfde

3

, meestbegunstiging voordeel onvoorwaardelijk & onmiddellijk aan alle andere landen toekennen

Uitzonderingen:
- Geldt niet binnen douane unies & vrijhandelszones: leden kunnen onderling voordelen toekennen
zonder dat ze die voordelen meteen moeten gaan uitbreiden tot alle andere leden van de WTO

Principe van non- Eens de goederen zijn ingevoerd, moeten die goederen op dezelfde manier behandeld worden
discriminatie ongeacht hun afkomst
- Voorbeeld: verboden om BTW tarief van 21% toe te passen op goederen die gemaakt zijn in de EU
& een tarief van 30% op goederen afkomstig uit de VS

Douanerechten toekennen mag wel = heffing die verschuldigd is op ogenblik dat de goederen worden
ingevoerd
- WTO streeft ernaar om douanerechten doorheen de loop van de tijd telkens verder te verlagen =
stimuleren van grensoverschrijdende handel

Verbod van Gaat zowel over invoerbeperkingen als over uitvoerbeperkingen
kwantitatieve
beperkingen Uitzondering: overheid kan uitvoer van bepaalde goederen verbieden als die vaststelt dat die goederen
noodzakelijk zijn opdat de bevolking een normaal leven zou kunnen leiden

Eerlijke concurrentie Dumping:
- Komt veel voor in media: vooral over feit dat goederen uit China gedumpt worden op de Europese
markt
- Sprake van dumping wanneer goederen beneden hun normale waarde op de markt komen in een
ander land
 Beneden normale waarde = prijs die lager is dan prijs die in exportland wordt gehanteerd
- Alleen verboden wanneer door die dumping ernstige schade kan worden toegebracht aan een
bedrijfstak of een aanzienlijk deel ervan: causaal verband moet bewezen worden dumping – schade
- Mogelijke actie: overgaan tot anti-dumping rechten = verhoging van de douanerechten ten belope
van de anti-dumping marge
 Stel dat de goederen die vanuit China in EU worden geïmporteerd 10% goedkoper zijn, dan kan
de EU de douanerechten verhogen zodat het prijsverschil geneutraliseerd wordt

Subsidies = voordelen die worden toegekend door overheden aan ondernemingen
- Rechtstreekse toekenning van gelden & fondsen, maar ook belastingvermindering
- Export- & local content subsidies zijn verboden
 Exportsubsidies: voordelen die men specifiek als onderneming verkrijgt in kader van export van
zijn goederen naar andere landen van de WTO
 Local content subsidies: subsidies toegekend door gebruik van grondstoffen/ goederen die
afkomstig zijn uit het eigen land
- Alle andere subsidies zijn enkel verboden als ze ernstige schade veroorzaken aan een bedrijfstak of
een aanzienlijk deel ervan
- Mogelijke actie tegen verboden subsidie:
 Vergeldende maatregelen (countervailing measures) = douanerechten verhogen zolang die
onrechtmatige subsidies worden vertrekt
 Procedure starten voor DSU

1.1.2. VERDRAGEN DIE ECONOMISCHE INTEGRATIE NASTREVEN
Doel van die verdragen = vrijhandelszone of douane-unie instellen
- EU is goed vb van douane-unie met vrij verkeer

4

Inhoudsopgave

  1. 01 Inleiding 1
  2. 02 Algemeen 1
    1. Situering van het handels-, economisch en ondernemingsrecht 1
    2. 1. Begrip 1
    3. Bronnen 3
    4. 1. Internationale bronnen 3
    5. 2. Nationale bronnen 9
    6. 3. Besluiten 12
    7. 4. Rol van het Grondwettelijk hof 12
    8. 5. Beleidsovereenkomsten 13
    9. Actoren 13
    10. 1. Handelaar 13
    11. 2. Onderneming 14
    12. 3. Consument 18
    13. Economisch grondslagen recht 19
    14. 1. Gelijkheidsbeginsel (art. 10, 11 Gw.) 19
    15. 2. Vrijheid van ondernemen 23
    16. Belangenverhoudingen in ondernemingen: capita selecta 28
    17. 1. Algemeen 28
    18. 2. Aanstelling van een voorlopig bewindvoerder 28
    19. 3. Toebedeling ondernemingsvermogen 29
  3. 03 Basisregulering inzake economische activiteiten 32
    1. Basisregels inzake economische transacties 32
    2. 1. Bewijs in ondernemingszaken 32
    3. 2. Betalingsachterstand bij handelingstransacties 34
    4. 3. Procedurele aspecten omtrent de invordering van de hoofdschuld en de schadevergoeding 37
    5. 4. Ondernemingsrechtbank (ORB) 39
    6. 5. Figuur van de niet-vatbaarheid voor beslag van de woning van de zelfstandige 41
    7. Starten van een economische activiteit 42
    8. 1. Economische bekwaamheid 42
    9. 2. Vestigingsrecht 44
    10. 3. Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) 45
    11. 4. Andere verplichtingen bij de start 48
    12. 5. De handelszaak 49
  4. 04 Handelscontracten 50
    1. Handelsdistributie 50
    2. Handelsagentuur 51
    3. 1. Juridisch kader handelsagentuur 51
    4. 2. Definitie 52
    5. 3. Constitutieve elementen 52
    6. 4. Overige kenmerken 56
    7. 5. Vormvereisten 57
    8. 6. Verbintenissen van de agent 57
    9. 7. Verbintenissen van de principaal 59
    10. 8. Vergoeding van de agent (art. X.7-15) 59
    11. 9. Einde van de handelsagentuurovereenkomst 62
    12. 10. Gevolgen van de beëindiging 65
    13. 11. Rechtspraak 67
    14. Commissiecontract 68
    15. 1. Juridisch kader 69
    16. 2. Definitie (art. 12 w 1872) 69
    17. 3. Kenmerken 69
    18. 4. Onderscheid met andere rechtsfiguren 70
    19. 5. Rechten en plichten commissionair 70
    20. 6. Rechten en plichten van de committent 71
    21. 7. Einde 72
    22. Makelaarscontract 72
    23. 1. Juridisch karakter 72
    24. 2. Definitie en kenmerken 72
    25. 3. Privaatrechtelijke kwalificatie 73
    26. 4. Verplichtingen 73
    27. Verkoopconcessie 74
    28. 1. Juridisch kader 74
    29. 2. Definitie 74
    30. 3. Kenmerken 74
    31. 4. Juridische omkadering 76
    32. 5. Concessie voor onbepaalde duur 76
    33. 6. Beëindiging concessie van BEPAALDE duur (art. X.38) 78
    34. Franchising 79
    35. 1. Juridisch kader 79
    36. 2. Definitie 79
    37. 3. Waarom franchising 80
    38. 4. Kenmerken 80
    39. 5. Verplichtingen van franchisegever 81
    40. 6. Verplichtingen voor de franchisenemer 82
  5. 05 Marktpraktijken en consumentenbescherming 82
    1. Inleiding 82
    2. 1. Bronnen 82
    3. 2. Doelstelling 83
    4. Definities 84
    5. Algemene informatieverplichting (art. VI.2 WER) 85
    6. 1. Toepassingsgebied 85
    7. 2. Inhoud van de verplichting 86
    8. 3. Sanctionering 86
    9. Prijsaanduiding 86
    10. 1. Goederen 86
    11. 2. Diensten 87
    12. 3. Totale prijs 87
    13. 4. Prijsaanduiding en bestelbon (art. VI.88) 87
    14. 5. Reclame 88
    15. 6. Vergelijkende reclame (art. I.18, 14° WER) 89
    16. Oneerlijke handelspraktijken 91
    17. 1. Misleidende praktijken 92
    18. 2. Agressieve praktijken 93
    19. 3. Privaatrechtelijke remedies (art. VI.38 WER) 94
    20. Oneerlijke marktpraktijken 94
    21. 1. Algemene norm 94
    22. 2. Specifieke daden van oneerlijke mededinging 95
    23. Ongevraagde communicatie (art. VI.110 WER) 96
    24. Prijspromoties 96
    25. 1. Promoties inzake prijzen 96
    26. 2. Toepassingsgebied 96
    27. 3. Voldoende voorraad (art. VI.34 WER) 97
    28. 4. Uitverkopen (art. VI.22 e.v.) 97
    29. 5. Solden (art. VI.25-27 WER) 98
    30. 6. Kortingstitels (art. VI.31-32 WER) 99
    31. 7. Verbod op verkoop met verlies (art. VI.116-117) 99
    32. Overeenkomsten met consument (art. VI.37 e.v. WER) 100
    33. 1. Toepassingsgebied 100
    34. 2. Algemene bepalingen 100
    35. 3. Overeenkomsten op afstand 102
    36. 4. Buiten verkoopruimte gesloten overeenkomsten 105
    37. Onrechtmatige bedingen 105
    38. 1. Toepassingsgebied 106
    39. 2. Onrechtmatige bedingen (B2C) 106
    40. 3. Onrechtmatige bedingen (B2B) 107
    41. 4. Stilzwijgende verlenging (VI.91) 108
  6. 06 Gastcollege – Belgisch mededingingsrecht 108
    1. Inleiding 108
    2. 1. Bepalingen 108
    3. 2. Handhaving 109
    4. Misbruik van economische afhankelijkheid 111
    5. 1. Herkomst – situering – doelstelling 111
    6. 2. Toepassingsvoorwaarden 112
    7. 3. Bevoegde instanties - sancties 113
    8. 4. Rechtspraak 114
  7. 07 Inleiding tot de intellectuele rechten 116
    1. Wat zijn IER rechten? 116
    2. De indeling van de IER 117
    3. Kenmerken van de IER 117
    4. Verschillen tussen auteursrecht en industriële eigendomsrechten 118
    5. De bescherming van één creatie door meerdere IER 119
    6. Territorialiteit 119
    7. Belangrijke verdragen 120
    8. 1. Algemeen 120
    9. 2. Vier algemene verdragen 121
    10. Europese aspecten van het IER 123
    11. Wetboek van economisch recht 124
  8. 08 Auteursrecht 124
    1. Voorafgaande opmerkingen 124
    2. Bronnen 124
    3. 1. Nationaal 124
    4. 2. Europees 124
    5. 3. Internationaal 126
    6. Wat beschermt het auteursrecht? 126
    7. Wie verkrijgt het auteursrecht? 129
    8. 1. Basisregel 129
    9. 2. 2 wettelijke weerlegbare vermoedens 129
    10. 3. Werken die gemaakt zijn door meerdere auteurs 130
    11. Hoe verkrijgt men auteursrecht? 131
    12. Welke rechten bezit een auteur? 132
    13. 1. Overzicht 132
    14. 2. Vermogensrechten 133
    15. 3. Morele rechten 148
    16. Auteurscontracten 150
    17. Bijzondere regelingen 151
    18. 1. Audiovisuele werken 151
    19. 2. Portretrecht 152
    20. Naburige rechten 152
    21. 1. Uitvoerende kunstenaars 153
    22. 2. Producenten 154
    23. 3. Omroeporganisaties (VTM, VRT) 155
    24. 4. Persuitgevers 156
    25. Bescherming van computerprogramma’s 156
    26. 1. Bronnen 156
    27. 2. Uitgangspunt wettelijke regeling 156
    28. 3. Beschermd voorwerp 157
    29. 4. Beschermingsvoorwaarde 157
    30. 5. Programma’s in uitvoering van een arbeidsovereenkomst of ambtenarenstatuut 157
    31. 6. Toegekende rechten 158
    32. 7. De beschermingsduur 161
    33. 8. Verhouding van de specifieke regels voor software (Boek XI, titel 6) tov de algemene auteursrechtelijke regels (Boek XI, titel 5) 161
    34. 9. Soorten software 162
    35. De Juridische bescherming van databanken 162
    36. 1. Bron 162
    37. 2. Begrip databank 163
    38. 3. Sui generis beschermingsrecht voor databanken 163
    39. 4. Auteursrechtelijke bescherming van databanken 168
  9. 09 Octrooirecht 170
    1. Voorafgaande bemerkingen 170
    2. Octrooibeleid in ondernemingen 171
    3. 1. Octrooieren of geheimhouden? 171
    4. 2. Uitvinding is niet interessant 172
    5. 3. Bij het opteren voor octrooieren 172
    6. De beschermingsmogelijkheden 172
    7. 1. Belgisch octrooi 172
    8. 2. Europees octrooi 172
    9. 3. Europees octrooi met eenheidswerking (1 juni 2023) 173
    10. Belangrijkste bronnen van het octrooirecht 173
    11. 1. Nationaal 173
    12. 2. Europees 173
    13. 3. Internationaal 173
    14. Wat is een octrooi? 174
    15. De geldigheidsvoorwaarden 174
    16. 1. Een uitvinding 174
    17. 2. Nieuwheid (art. XI.6 WER) 175
    18. 3. Uitvinderswerkzaamheid (art. XI.7) 176
    19. 4. Toepasbaarheid op het gebied van de nijverheid (art. XI.8) 177
    20. Farmaceutische producten 177
    21. Belgisch octrooi 177
    22. 1. Procedure 177
    23. 2. Wie heeft de rechten op een octrooi? 180
    24. 3. De rechten van een octrooihouder 181
    25. 4. De uitzonderingen op de rechten 182
    26. 5. Plichten van de octrooihouder 182
    27. 6. Duur 183
    28. 7. Overdracht en licentie 184
    29. 8. Einde van het octrooirecht 184
    30. Internationaal octrooirecht 184
    31. 1. In iedere land waar je bescherming wil een octrooi aanvragen 185
    32. 2. Verdrag van Washington (1970) = PCT-verdrag (Patent cooperation treaty) 185
    33. 3. Europees octrooiaanvraag (1973) (EOV) = Verdrag van München 186
    34. 4. Het Europees octrooi met eenheidswerking (eenheidsoctrooi) 187
    35. Praktijkgevallen 188
    36. 1. Nationale aanvraag in goedkoop land 188
  10. 10 Merkenrecht 188
    1. Functies 188
    2. Beschermingsmogelijkheden van een merk 189
    3. 1. Benelux-bescherming 189
    4. Welke soorten merken bestaan er 189
    5. 1. Individuele merken 189
    6. 2. Collectieve merken en certificeringsmerken 190
    7. 3. Beneluxmerken >< unimerken 190
    8. Beschermingsvoorwaarden 191
    9. 1. Een teken 191
    10. 2. Het teken moet duidelijk & nauwkeurig te identificeren zijn 191
    11. 3. Teken moet onderscheidend vermogen hebben (belangrijk!) 192
    12. 4. Toepassingsgevallen 193
    13. 5. Bemerkingen bij het onderscheidend vermogen 197
    14. 6. Toelaatbaarheid van het gekozen teken 198
    15. 7. Beschikbaarheid van het gekozen teken 198
    16. Hoe verkrijgt men het recht op een merk in de Benelux 199
    17. 1. Via een Benelux aanvraag 199
    18. 2. Via een internationale aanvraag om een merk te krijgen in de Benelux 200
    19. Duur 201
    20. gebruiksplicht van een merk 201
    21. Rechten van de merkhouder (art. 2.20 BVIE) 202
    22. 1. Vier inbreuksituaties 202
    23. Niet-gebruik als verweer in een inbreukprocedure 207
    24. Enkele specifieke merkinbreuken 207
    25. 1. Voorbereidende handelingen (art. 2.20, lid 5 BVIE) 207
    26. 2. De problematiek van transitgoederen (art. 2.20, lid 4 BVIE) 208
    27. 3. Het gebruik van merken in woordenboeken (art. 2.20bis BVIE) 208
    28. 4. Vertalingen (art. 2.20, lid 6 BVIE) 208
    29. Beperkingen op exclusieve rechten 208
    30. 1. Art. 2.23, lid 1 – 2 BVIE 208
    31. 2. Communautaire uitputting (art. 2.23 lid 3 BVIE) 209

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
4 juli 2025
Aantal pagina's
209
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
$20.29

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Verkocht
92
Volgers
10
Items
9
Laatst verkocht
6 maanden geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen