• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 45 pages
Summary

Samenvatting Nederlands 1B

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 45 pages

Volgende hoofdstukken komen aan bod: taal en taalonderwijs in de 21e eeuw, luisteren en spreken, begrijpend lezen, technisch lezen, spelling, woordenschat, taalbeschouwing

Content preview

Nederlands 1B
Hoofdstuk 1: Taal in de 21e eeuw en taalonderwijs in de
21e eeuw
1. Taal in de 21e eeuw
Taal is de hele dag aanwezig in het leven. Zowel binnen als buiten school.
Om te kunnen functioneren in de samenleving zijn talige competenties dus van
jongs af aan van groot belang.
1.1 Taal is een belangrijke sleutelcompetentie
OESA (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) , de VN en
de EU: lijsten met sleutelcompetenties om volwaardig deel te nemen aan de 21 e-
eewse samenleving.
Veel van die competenties doen in grote mate een beroep op taal:
 Bewust omgaan met verandering.
 Complexe informatie verwerken.
 Kritisch en probleemoplossend denken.
 Zelfstandig beslissingen nemen.
 Creatief samenwerken.
 Communiceren in diverse (al dan niet digitale) contexten.
 Omgaan met nieuwe media en technologie.
Taal heeft vele functies in de school en in de samenleving:
 Conceptualiserende functie:
o Het gebruik van taal om de werkelijkheid te benoemen, te ordenen en
te beschrijven.
 Communicatieve of sociale functie:
o Het gebruik van taal als communicatiemiddel, waarbij interactie tussen
mensen een belangrijke uiting is van de sociale groep waartoe je
behoort of wilt behoren.
 Sociale functie:
o Taal is een belangrijke uiting van de sociale groep waartoe je behoort
of wilt behoren.
 Expressieve functie:
o Taal is een middel om uitdrukking te geven aan persoonlijke emoties.
 Zijn onlosmakelijk verbonden met de identiteit die een leerling
ontwikkelt.
1.2 Taal is in de sleutelcompetenties van de 21e eeuw
alomtegenwoordig
= overal tegelijk aanwezig.
 Complexe informatie verwerken door bronnen te raadplegen.
 Sterk ontwikkelde lees- en luistervaardigheid.
 Sterk ontwikkelde schriftelijke en mondelinge taalvaardigheid.
 Creatief zijn met taal.
 Taalgebruik aanpassen aan de situatie en het doelpubliek.
 Omgaan met nieuwe media en technologieën: tweeten, sms’en,…

,1.3 Ontwikkeling van talige competenties is de 21e eeuw
Taalcompetentie is het geheel van talige kennis, vaardigheden en attitudes die
nodig zijn om geschreven, gesproken & multimodale teksten te begrijpen, te
evalueren en te gebruiken, zodat:
1) Volwaardige deelname aan de samenleving mogelijk wordt.
2) De eigen doelen gerealiseerd kunnen worden.
3) De eigen kennis en mogelijkheden levenslang en duurzaam kunnen
worden ontwikkeld.
We lezen steeds minder vaak langere teksten en boeken.
 Diep lezen = geconcentreerd lezen van langere verhalende teksten.
 Essentieel voor de ontwikkeling van leesvaardigheid en leesmotivatie.
 Van wezenlijk belang om goed te kunnen functioneren in de samenleving.
 Individueel welzijn en sociaal welzijn.
 Eindtermen halen voor begrijpend lezen daalt.

1.4 De effecten van lezen:
 Lezen heeft een positieve impact op mentale en fysieke gezondheid en
welbevinden.
 Vergroot zelfkennis.
 Vergroot vermogen tot empathie.
 Inwijding in hoe andere culturen denken en leven.
 Lezen stimuleert taalgevoeligheid en creativiteit.
 Betere communicatieve vaardigheden, meer participatie in de samenleving.
 Sterker in kritisch denken, focus en concentratie.

1.5 Participatie in de samenleving:
 Deelname aan culturele, sociale, politieke, economische en digitale leven.
 Lezen emancipeert en voedt het cultureel en maatschappelijk bewustzijn.
 Laaggeletterden hebben het moeilijk in een samenleving die steeds
complexer wordt.
 Strategisch Plan Geletterdheid 2017-2024: constante instroom nieuwe
laaggeletterden.
 In Vlaanderen: 15% laaggeletterd.
 Niet de basisvaardigheden om mee te draaien in de kennismaatschappij.
 Problemen met lezen van krantenartikel, handleiding, medische bijsluiter, ...
 Economische impact: laaggeletterdheid gaat hand in hand met armoede.
 Op jonge leeftijd aandacht voor geletterdheidsontwikkeling.

1.6 Meervoudige geletterdheid:
 Traditionele geletterdheid  niet meer voldoende: ook digitale geletterd en
kritisch met informatie kunnen omgaan.
 Een goed ontwikkelde taal- en leesvaardigheid is de basis voor kritisch
burgerschap.
 Leesvaardigheid vormt de hoeksteen van de moderne kennis- en
informatiemaatschappij.

1.7 Nood aan taalkrachtig onderwijs:

,Onderwijs Nederlands kan anders en (nog) beter blijkt uit diverse onderzoeken
(PISA en PIRLS):
 Leesvaardigheid van Vlaamse leerlingen is significant achteruitgegaan.
 Kloof tussen leerlingen met hoge en lage sociaaleconomische status.
 Kloof tussen leerlingen met Nederlands als thuistaal en leerlingen met andere
thuistaal.
 Tekortkomingen in mondelinge en schriftelijke taalvaardigheden worden
vastgesteld op scharniermomenten: overgang tussen lager en secundair,
doorstroming naar arbeidsmarkt.




2. Taalonderwijs in de 21e eeuw
 Leren van taal:
o We willen dat alle leerlingen voldoende taalvaardig zijn. Taal is
immers een krachtig middel om te participeren aan, en te
communiceren in de maatschappij.
o Kinderen leren taal door met taal bezig te zijn, door taal te
gebruiken,… Dit gebeurt o.a. op school  Nederlands is daar de
instructietaal.
 Leren in taal:
o We gebruiken taal als een middel van andere dingen te leren.
o Via taal ontdekken we bv: hoe de kringloop van het water werkt.
o Tijdens die leermomenten worden we steeds beter in taal.
 Leren over taal:
o We zoomen in op specifieke talige doelen en leerinhouden (bv:
strategieën, literatuur,…)
o De taalles speelt daarin een belangrijke rol.
2.1 Principes taalkrachtig onderwijs
Taalkrachtig onderwijs:
 Stimuleert een positieve talige grondhouding.
 Is contextrijk.
 Is functioneel.
 Is (inter)actief.
 Geeft ondersteuning.
 Heeft aandacht vaan impliciet en expliciet leren.
 Biedt kansen tot reflectie.

, 2.1.1 Principe 1: taalkrachtig onderwijs stimuleert een POSITIEVE
TALIGE GRONDHOUDING
1) Een veilige oefencontext bieden.
o Leerlingen moeten ruimte krijgen om te kunnen experimenteren met
taal, maar dat lukt het beste in een omgeving die veilig genoeg
aanvoelt om te durven experimenteren.
o Als leerlingen gestimuleerd worden om taal te gebruiken en tegelijk
voelen dat ze fouten maken, creëer je de positieve omgeving die nodig
is om taal te laten groeien.
2) Het talige repertoire van leerlingen omarmen.
o In een omgeving die veilig is om een taal te leren, wordt elk kind
aanvaard zoals het is.
o Taal leren is een individueel bepaald proces: het is belangrijk om te
aanvaarden dat niet elke leerling in hetzelfde tempo taal oppikt.
o Dat doe je door te appreciëren wat leerlingen al kunnen in en met taal,
en door bij elke afzonderlijke leerling oog te hebben voor wat wel en
niet werkt.
3) Hoge verwachtingen koesteren.
o Leerlingen moeten het gevoel hebben dat leerkrachten geloven in hun
taalleervermogen.
o Door hoge verwachtingen te koesteren geef je je leerlingen de
boodschap mee dat iedereen kan leren, en dit zorgt voor het nodige
zelfvertrouwen.

Table of contents

  1. 01 Hoofdstuk 1: Taal in de 21e eeuw en taalonderwijs in de 21e eeuw 1
  2. 02 1. Taal in de 21e eeuw 1
    1. 1.1 Taal is een belangrijke sleutelcompetentie 1
    2. 1.2 Taal is in de sleutelcompetenties van de 21e eeuw alomtegenwoordig 1
    3. 1.3 Ontwikkeling van talige competenties is de 21e eeuw 2
    4. 1.4 De effecten van lezen: 2
    5. 1.5 Participatie in de samenleving: 2
    6. 1.6 Meervoudige geletterdheid: 2
    7. 1.7 Nood aan taalkrachtig onderwijs: 2
  3. 03 2. Taalonderwijs in de 21e eeuw 3
    1. 2.1 Principes taalkrachtig onderwijs 3
  4. 04 Hoofdstuk 2: luisteren en spreken 7
  5. 05 1. Wat is luisteren, wat is spreken? 7
    1. 1.1 Mondelinge taalvaardigheid 7
    2. 1.2 Het proces van luisteren en spreken 8
    3. 1.3 Waarom inzetten op luisteren en spreken? 8
    4. 1.4 Hoe leren leerlingen luisteren en spreken? 8
    5. 1.5 Gesprekken voeren 9
    6. 1.6 Werkvormen bij verschillende gespreksvormen 10
    7. 1.7 Werken aan mondelinge taalvaardigheden 10
    8. 1.8 Strategieën bevorderen 11
  6. 06 Hoofdstuk 3: begrijpend lezen 12
  7. 07 1. Wat is lezen? 12
  8. 08 2. Het leesproces 12
    1. 2.1.1 De tekst 13
    2. 2.1.2 De socioculturele context 13
    3. 2.2 Waarom inzetten op lezen? 13
    4. 2.3 Hoe leren leerlingen lezen? 14
    5. 2.4 Kies voor een doordachte leesdidactiek 14
    6. 2.5 Manier van lezen 15
    7. 2.6 Leesstrategieën 15
    8. 2.7 Toepassingen: HOE? – voorbeelden p180 – 185 17
  9. 09 Hoofdstuk 4: technisch lezen 18
  10. 10 1. Wat is technisch lezen? 18
    1. 1.1.1 Waarom inzetten op technisch lezen? 18
    2. 1.1.2 Hoe leren kinderen technisch lezen? 19
    3. 1.1.3 Aanvankelijk technisch lezen 19
    4. 1.1.4 Voortgezet technisch lezen 20
    5. 1.1.5 Leestechnieken technisch lezen 20
    6. 1.1.6 Clusters en spellingspatronen (vaste lettercombinaties) 21
    7. 1.1.7 Morfologische analyse 21
    8. 1.1.8 Visuele woordvorm (directe woordherkenning) 21
    9. 1.1.9 Lezen met behulp van de context (anticiperend lezen) 21
    10. 1.2 Drie modellen voor het leesproces 22
    11. 1.3 Wat draagt bij vloeiend lezen? 23
    12. 1.4 Didactisch handelen 23
    13. 1.5 Vloeiend lezen 23
  11. 11 Hoofdstuk 5: spelling 24
  12. 12 1. Inleiding 24
    1. 1.1 Schrijven en lezen sterk verbonden 24
    2. 1.2 De basis van Nederlandse spelling 25
    3. 1.3 Spellingsstrategieën 25
    4. 1.4 5 stappen om spelling echt te doen werken !!! 26
    5. 1.5 Aanpak spellingsonderwijs 26
    6. 1.6 Expliciet spellingsonderwijs: GEÏSOLEERDE AANPAK 28
    7. 1.7 Verschil geïsoleerde aanpak en geïntegreerde aanpak 29
    8. 1.8 Principes krachtige spellingsdidactiek 29
    9. 1.9 4X4 29
    10. 1.10 Spelling evalueren 30
  13. 13 Hoofdstuk 6: woordenschat 31
  14. 14 1. Wat is woordverwerving 31
    1. 1.1 Alledaagse taal 32
    2. 1.2 Schooltaal 32
  15. 15 2. Waarom inzetten op woordverwerving? 33
  16. 16 3. Hoe verwerven leerlingen woorden? 33
    1. 3.1 Houd rekening met de beginsituatie 33
    2. 3.2 Vertrek vanuit doelen 34
    3. 3.3 Kies voor een doordachte woordenschatdidactiek 34
  17. 17 4. Hoe werk je intentioneel aan woordenschat? 34
    1. 4.1 Kies voor een doordachte woordenschatdidactiek 35
    2. 4.2 Activiteiten ontwerpen met aandacht voor woordverwerving 36
  18. 18 5. Mythes en misverstanden 37
  19. 19 Hoofdstuk 6: woordenschat  toepassing 37
  20. 20 1. Didactiek woordenschatverwerving 38
    1. 1.1 Wat werkt in de klas? 38
    2. 1.2 Incidenteel leren van woorden 38
    3. 1.3 Intentioneel leren van woorden 38
    4. 1.4 Didactisch model: algemeen 38
  21. 21 2. Didactisch basismodel DE VIERTAKT 39
  22. 22 3. Krachtige adviezen voor goed woordenschatsonderwijs 40
    1. 3.1 Krachtige adviezen voor goed woordenschatonderwijs 40
  23. 23 4. Woordenschatsroutines 41
    1. 4.1 Waarom routines gebruiken? 41
  24. 24 5. Woordenschatcarrousel 41
  25. 25 Hoofdstuk 7: taalbeschouwing 41
  26. 26 1. Wat is taalbeschouwing? 41
  27. 27 2. Waarom inzetten op taalbeschouwing? 42
  28. 28 3. Hoe leren leerlingen taal beschouwen? 43
  29. 29 4. Taalbeschouwing in de 21e eeuw 43
    1. 4.1 Activiteiten taalbeschouwing 43
  30. 30 5. Taalbeschouwing & (inter)culturele competenties 43
  31. 31 6. Mythes en misverstanden 44
    1. 6.1 Inzicht in het taalsysteem is een voorwaarde om een taal te kunnen leren. 44
    2. 6.2 Leerlingen zelf aspecten van het Nederlands taalsysteem laten ontdekken is tijdverlies 44
    3. 6.3 Leerinhouden die met taalsystematiek te maken hebben (zoals zinontleding), worden het best aangebracht via losse voorbeeldzinnen. 44
    4. 6.4 Samenhang taalbeschouwing – spelling. Werkwoorden vervoegen: wat is taalbeschouwing, wat is spelling? 45

Connected book
 image
Mariet Schiepers, Elena Schutjes Volop Taal
Publisher: Unknown ISBN: 9789463931977 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
June 16, 2025
Number of pages
45
Written in
2024/2025
Type
Summary
$17.26

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
10
Followers
0
Items
15
Last sold
1 week ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions