Hoofdstuk 5 celcyclus en celdeling
De celcyclus
Bij eukaryotische cellen heb je volgende celcyclus : G1 S G2 M C
- G1-fase : eerste groeifase van de cel, in deze fase wordt de
beslissing tot een deling genomen (grootste deel van de celcyclus
voor meeste cellen)
- S-fase : de synthesefase, het genoom dupliceert zich : DNA
maakt een exacte kopie van zichzelf
- G2-fase : tweede groeifase, voorbereidingen worden gemaakt voor
de deling van de cel : aanmaak van matochondria en andere
organellen, microtubuli en samentrekken van chromosomen
- M-fase : de mitose : het uiteentrekken van de zusterchromatiden
naar 2 tegengestelde polen van de cel
- C-fase : de cytokinese : de deling van de cel in 2 dochtercellen
De M- en C-fase maken de echte celdeling uit, deze 2 fasen worden soms
samengenomen en enkel de M-fase genoemd.
- Soms ook een G0-fase : de cellen zijn niet actief, het is een soort
rusttoestand die zich na de M-fase afsplitst van de G1-fase.
De overgang van de ene naar de andere fase wordt geregeld door onder
andere de interactie van 2 actoren :
- Cycline kinase
o Acitiveert cycline-afhankelijk kinase
- Cycline-afhankelijk kinase (=Cdk)
o Komt tussen bij de fosforylering van
bepaalde AZ in eiwitten
o Moet om dit te kunnen doen eerst
nog geactiveert worden, gebeurt
door de binding met ander eiwit =
cycline
o Je krijgt cycline-Cdk-complex :
deze induceert de overgang van de
G1- naar de S-fase
o Hiernaa wordt het cycline afgebroken en wordt het Cdk terug
inactief (blijft wel aanwezig in de cel)
Kinase = een enzyme dat de transfer van een fosfaatgroep van ATP naar
een andere molecule katalyseert (een fosfaatgroep afzonderen van ATP,
en transporteren naar een andere molecule).
In de G2-fase heb je een andere samenwerking :
- Cycline B vormt een complex met Cdk2
- Dit complex geeft de aanzet tot de overgang van G2- naar M-fase
De cel bouwt dus op verschillende plaatsen tijdens de celcyclus,
checkpoints in om te zien of er wel degelijk een volgende fase kan
gestart worden
, Cycline-Cdk-complexen = interne factoren die de celcyclus controleren,
maar er zijn ook externe factoren zoals groeifactoren :
- Kunnen een cel aanzetten tot celdeling
Voorbeeld : een wond in de huid mobiliseert een massa bloedplaatjes die
de bloedklontering initiëren, maar de bloedplaatjes geven ook een eiwit
vrij die als groeifactor, de naburige huidcellen aanzet tot deling zodat de
wond kan genezen.
Mitose
Inleidende begrippen
Kernplasma-index = de verhouding tussen het volume van de kern en het
volume van het cytoplasma.
Deze index kan slechts schommelen binnen vrij scherpe grenzen
Indien de index te scherp daalt, en het volume van het cytoplasma
dus te groot wordt in verhouding met het volume van de kern, zal hij
streven naar een nieuw evenwicht door te delen
In dit proces deelt zich eerst de kern, daarna de rest van de cel
Mitosis = het proces van kerndeling = mitose
Cytokinese = deling van het cytoplasma, gebeurt meestal onmiddellijk
na de mitose (kerndeling)
Syncytium = een weefsel met doorlopend cytoplasma en veel kernen, dit
als gevolg van : de kerndeling wordt niet gevolgd door cytoplasmadeling
Celdeling = zeer complex fenomeen waarbij celmateriaal op gelijke wijze
verdeeld wordt tussen resterende dochtercellen.
- Eer de cel zich kan delen, moeten alle belangrijke fundamenten zich
verdubbeld hebben (want zij hebben betrekking op de
erfelijkheidsoverdacht = de chromosomen)
Enkele definities :
- Nucleoili (kernlichaampje) = in de kern waar synthese van
ribosomaal RNA gebeurt
- Chromonemata = kluwen van dunne kronkelende draadjes,
bestaande uit nucleïnezuren en eiwitten, waaruit door spiralisatie de
chromosomen tevoorschijn komen
- Chromatiden (dochterchromosomen) = de 2 gelijke helften waaruit
een chromosoom is samengesteld, de 2 chromatiden hangen aan
elkaar vast met het centromeer
- Telomeer = uiteinde van chromosoom
- Chromomeren = series banden op chromosomen als gevolg van
lokale opwinding van de DNA-streng
De mitose wordt opgedeeld in 4 fasen :
- Profasen
- Metafase
- Anafase
- Telofase
De opsplitsing van deze fasen is handig om het proces te beschrijven,
maar in werkelijkheid verloopt de mitose als een continu proces.
De celcyclus
Bij eukaryotische cellen heb je volgende celcyclus : G1 S G2 M C
- G1-fase : eerste groeifase van de cel, in deze fase wordt de
beslissing tot een deling genomen (grootste deel van de celcyclus
voor meeste cellen)
- S-fase : de synthesefase, het genoom dupliceert zich : DNA
maakt een exacte kopie van zichzelf
- G2-fase : tweede groeifase, voorbereidingen worden gemaakt voor
de deling van de cel : aanmaak van matochondria en andere
organellen, microtubuli en samentrekken van chromosomen
- M-fase : de mitose : het uiteentrekken van de zusterchromatiden
naar 2 tegengestelde polen van de cel
- C-fase : de cytokinese : de deling van de cel in 2 dochtercellen
De M- en C-fase maken de echte celdeling uit, deze 2 fasen worden soms
samengenomen en enkel de M-fase genoemd.
- Soms ook een G0-fase : de cellen zijn niet actief, het is een soort
rusttoestand die zich na de M-fase afsplitst van de G1-fase.
De overgang van de ene naar de andere fase wordt geregeld door onder
andere de interactie van 2 actoren :
- Cycline kinase
o Acitiveert cycline-afhankelijk kinase
- Cycline-afhankelijk kinase (=Cdk)
o Komt tussen bij de fosforylering van
bepaalde AZ in eiwitten
o Moet om dit te kunnen doen eerst
nog geactiveert worden, gebeurt
door de binding met ander eiwit =
cycline
o Je krijgt cycline-Cdk-complex :
deze induceert de overgang van de
G1- naar de S-fase
o Hiernaa wordt het cycline afgebroken en wordt het Cdk terug
inactief (blijft wel aanwezig in de cel)
Kinase = een enzyme dat de transfer van een fosfaatgroep van ATP naar
een andere molecule katalyseert (een fosfaatgroep afzonderen van ATP,
en transporteren naar een andere molecule).
In de G2-fase heb je een andere samenwerking :
- Cycline B vormt een complex met Cdk2
- Dit complex geeft de aanzet tot de overgang van G2- naar M-fase
De cel bouwt dus op verschillende plaatsen tijdens de celcyclus,
checkpoints in om te zien of er wel degelijk een volgende fase kan
gestart worden
, Cycline-Cdk-complexen = interne factoren die de celcyclus controleren,
maar er zijn ook externe factoren zoals groeifactoren :
- Kunnen een cel aanzetten tot celdeling
Voorbeeld : een wond in de huid mobiliseert een massa bloedplaatjes die
de bloedklontering initiëren, maar de bloedplaatjes geven ook een eiwit
vrij die als groeifactor, de naburige huidcellen aanzet tot deling zodat de
wond kan genezen.
Mitose
Inleidende begrippen
Kernplasma-index = de verhouding tussen het volume van de kern en het
volume van het cytoplasma.
Deze index kan slechts schommelen binnen vrij scherpe grenzen
Indien de index te scherp daalt, en het volume van het cytoplasma
dus te groot wordt in verhouding met het volume van de kern, zal hij
streven naar een nieuw evenwicht door te delen
In dit proces deelt zich eerst de kern, daarna de rest van de cel
Mitosis = het proces van kerndeling = mitose
Cytokinese = deling van het cytoplasma, gebeurt meestal onmiddellijk
na de mitose (kerndeling)
Syncytium = een weefsel met doorlopend cytoplasma en veel kernen, dit
als gevolg van : de kerndeling wordt niet gevolgd door cytoplasmadeling
Celdeling = zeer complex fenomeen waarbij celmateriaal op gelijke wijze
verdeeld wordt tussen resterende dochtercellen.
- Eer de cel zich kan delen, moeten alle belangrijke fundamenten zich
verdubbeld hebben (want zij hebben betrekking op de
erfelijkheidsoverdacht = de chromosomen)
Enkele definities :
- Nucleoili (kernlichaampje) = in de kern waar synthese van
ribosomaal RNA gebeurt
- Chromonemata = kluwen van dunne kronkelende draadjes,
bestaande uit nucleïnezuren en eiwitten, waaruit door spiralisatie de
chromosomen tevoorschijn komen
- Chromatiden (dochterchromosomen) = de 2 gelijke helften waaruit
een chromosoom is samengesteld, de 2 chromatiden hangen aan
elkaar vast met het centromeer
- Telomeer = uiteinde van chromosoom
- Chromomeren = series banden op chromosomen als gevolg van
lokale opwinding van de DNA-streng
De mitose wordt opgedeeld in 4 fasen :
- Profasen
- Metafase
- Anafase
- Telofase
De opsplitsing van deze fasen is handig om het proces te beschrijven,
maar in werkelijkheid verloopt de mitose als een continu proces.