• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 25 pages
Exam (elaborations)

Studiewijzer Filosofie vragen met antwoorden - Filosofie- Bachelor Rechten - Prof Willem Lemmens

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 25 pages

Studiewijzer Filosofie met vragen en antwoorden - Bachelor Rechten - Professor Willem Lemmens. Alle vragen die voor het examen van juni 2025 gekend moesten worden plus alle termen en namen gekoppeld aan elk hoofdstuk (op het einde van het document).

Content preview

Hoofdstuk 1

1. Leg uit: 3 modellen van filosofiebeoefening uit de Griekse Oudheid bepalen
de geschiedenis van de Westerse filosofie.

 Aristoteles: Filosofie als wetenschap/synthese van alle kennis.Vertrekt van ervaring
en empirie, en ordent kennis in een geïntegreerd systeem waarin rede centraal staat.
 Plato: Filosofie als spirituele wijsheidsleer. Rede leidt tot absolute kennis en
spirituele verheffing (opklimmen naar een goddelijke verlichting); het doel is
zelftransformatie.
 Socrates: Filosofie als praktische levenswijsheid. Centrale vraag is het goede leven;
rede helpt bij het onderscheiden van goed en kwaad en leidt tot een waarachtig leven.




2. Wat zijn volgens Ernest Gellner de 3 functies die in elke cultuur bepalend
zijn voor de menselijke bestaansconditie?

 Productie (ploeg) – levensonderhoud/economie
 Coercion (zwaard) – sociale ordening/politiek en recht
 Cognition (boek) – kennis en zingeving




3. Volgens Gellner was voor de cultuur van de Moderniteit de kennis nog niet
gedifferentieerd en multi-focaal. Leg uit.

In premoderne samenlevingen waren verschillende soorten kennis (kennis van de natuur,
technische, spirituele, praktische) nog vervlochten. De kennis was religieus-mythisch, multi-
focaal en niet onafhankelijk. Pas in de moderniteit vond differentiatie plaats tussen
disciplines. We zijn gegaan van Jagers-verzamelaars, naar agrarische samenlevig, naar
indutriële samenleving.




4. Welke invloed had het ontstaan van de agrarische samenleving op de
codificatie van de kennis volgens Gellner?

Door voedseloverschotten en uitgestelde consumptie (veeteelt) ontstonden sociale klassen
met macht en kennis (ploeg werd gescheiden van zwaard en boek) -> macht en kennis
kwamen in handen van een priesterkaste. Schrift en abstracte concepten maakten
systematische codificatie van kennis mogelijk. Kennis werd coherent, overdraagbaar, en
onderdeel van een doctrine.

,5. Hoe moet men de Platoonse codificatie van de rede in de Griekse Oudheid
begrijpen volgens Gellner?

Plato’s filosofie verenigde spirituele, praktische en wetenschappelijke kennis tot één doctrine
gebaseerd op rede. Het was een blauwdruk voor een agrarische, geletterde samenleving met
geordende macht en kennis.




6. Waarom vindt Hume de ‘kalme zonneschijn van de geest’ een goede
metafoor om de eigenheid van de filosofische activiteit te karakteriseren?

Filosofie biedt rust, inzicht en bescherming tegen bijgeloof. Het is een vorm van standvastige
deugd, een kalme reflectie op de wereld en het bestaan. In de filosofie ontsnapt de geest aan
angst en illusie. Het kan men dus helpen om te ontsnappen aan de werkelijkheid.




7. Wat verstaat men onder ‘Moderniteit’ of ‘moderne cultuur’ in de filosofie?

Onder ‘Moderniteit’ of ‘moderne cultuur’ verstaat men in de filosofie het geheel
van ideeën, denkbeelden en waarden die vanaf de 17de eeuw de Westerse wereld
zijn gaan bepalen. Deze radicale breuk met premoderne cultuur wordt ook wel de
“grote omwenteling” of “big divide” genoemd.

Het wordt gekenmerkt door:

 Wetenschappelijke rationaliteit: De natuur wordt verklaard via universele wetten die met
de rede en empirische observatie begrepen kunnen worden (denk aan Newton, Galileo).
Wetenschap wordt dé norm voor ‘ware’ kennis. Het vertrekt van ‘a view from nowhere’.

 Secularisering: Religie verliest haar centrale plaats in kennis, moraal en politiek. God is
niet langer het ultieme referentiepunt.

 Zelfbepaling van de mens: De mens wordt gezien als een autonoom subject dat zelf
betekenis geeft aan zijn bestaan, los van hogere machten of tradities.

 Differentiëring van levenssferen (Max Weber): Politiek, economie, religie, kunst en
wetenschap worden gescheiden domeinen met hun eigen logica. Er is niet langer één
overkoepelend zingevingskader zoals in de middeleeuwen.

,  Vooruitgangsgeloof en maakbaarheid: Het idee ontstaat dat de mens de wereld kan
verbeteren via techniek, wetenschap en politiek.




8. ‘De filosofie is sinds de 17de eeuw een zoektocht geworden naar de
legitimering van het mens- en wereldbeeld van de Moderniteit.’ Leg uit.

Na de breuk met de premoderne (christelijke) wereld zocht de moderne filosofie naar
rationele gronden voor het nieuwe wereldbeeld: gebaseerd op wetenschap, autonomie,
seculariteit. Filosofen probeerden een nieuwe fundering te geven aan kennis, moraal en
politiek.




9. Wat betekent het dat we vandaag in een postmoderne cultuur leven? Hoe
weerspiegelt zich dat in de filosofie?

Er is geen consensus meer over fundering van kennis of moraal. Grote verhalen zijn
vervangen door pluraliteit. Filosofie is gefragmenteerd in stijlen en thema’s. Geen universeel
fundament, maar veelheid aan perspectieven -> We leven in de tijd van vloeibare waarden en
ideëen, geen vaste identiteit meer.




10. Michael Oakeshott ziet de filosofie als een onderdeel van de ‘conversation
of mankind’. Hoe moet je dit begrijpen?

Volgens Oakeshott is filosofie geen vaste leer of waarheid, maar een voortdurend
gesprek tussen mensen over de grote levensvragen (zoals: Wie zijn we? Wat is goed? Wat is
waar?). Filosofie is dus een cultureel bepaalde dialoog die zich doorheen de geschiedenis
ontwikkelt.

Elke filosoof draagt bij aan dit gesprek vanuit zijn eigen tijd en context. Het is geen zoektocht
naar één eindantwoord, maar een open en kritische uitwisseling van ideeën – een gesprek
dat nooit stopt.




Hoofdstuk 2
1. Wat is het belang van de axiale periode voor de geschiedenis van de Mensheid?
De axiale periode (ca. 800-200 v.C.) was een kantelpunt waarin grote spirituele en
filosofische tradities ontstonden in verschillende beschavingen. In deze periode begon de

Table of contents

  1. 01 Hoofdstuk 1 1
  2. 02 1. Leg uit: 3 modellen van filosofiebeoefening uit de Griekse Oudheid bepalen de geschiedenis van de Westerse filosofie. 1
  3. 03 2. Wat zijn volgens Ernest Gellner de 3 functies die in elke cultuur bepalend zijn voor de menselijke bestaansconditie? 1
  4. 04 3. Volgens Gellner was voor de cultuur van de Moderniteit de kennis nog niet gedifferentieerd en multi-focaal. Leg uit. 1
  5. 05 4. Welke invloed had het ontstaan van de agrarische samenleving op de codificatie van de kennis volgens Gellner? 1
  6. 06 5. Hoe moet men de Platoonse codificatie van de rede in de Griekse Oudheid begrijpen volgens Gellner? 2
  7. 07 6. Waarom vindt Hume de ‘kalme zonneschijn van de geest’ een goede metafoor om de eigenheid van de filosofische activiteit te karakteriseren? 2
  8. 08 7. Wat verstaat men onder ‘Moderniteit’ of ‘moderne cultuur’ in de filosofie? 2
  9. 09 8. ‘De filosofie is sinds de 17de eeuw een zoektocht geworden naar de legitimering van het mens- en wereldbeeld van de Moderniteit.’ Leg uit. 3
  10. 10 9. Wat betekent het dat we vandaag in een postmoderne cultuur leven? Hoe weerspiegelt zich dat in de filosofie? 3
  11. 11 10. Michael Oakeshott ziet de filosofie als een onderdeel van de ‘conversation of mankind’. Hoe moet je dit begrijpen? 3
  12. 12 Volgens Oakeshott is filosofie geen vaste leer of waarheid, maar een voortdurend gesprek tussen mensen over de grote levensvragen (zoals: Wie zijn we? Wat is goed? Wat is waar?). Filosofie is dus een cultureel bepaalde dialoog die zich doorheen de geschiedenis ontwikkelt. 3
  13. 13 Hoofdstuk 1 23
  14. 14 Hoofdstuk 2 23
  15. 15 Hoofdstuk 3 24
  16. 16 Hoofdstuk 4 24
  17. 17 Hoofdstuk 5 24
  18. 18 Hoofdstuk 6 25

Document information

Study
Uploaded on
June 5, 2025
File latest updated on
June 5, 2025
Number of pages
25
Written in
2024/2025
Type
Exam (elaborations)
Contains
Questions & answers
$9.22

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
11
Followers
0
Items
3
Last sold
11 months ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions