Transculturele zorg en
Examen
Schriftelijk examen
- Meerkeuze over LPA – LPB - LPD
- Openvragen over LPC
- Invuldocument van het boek ‘de kansendans’
Mondeling examen
- Examenopdracht
wereldburgerschap
Rosa Sparks
= een Amerikaanse vrouw die bekent is geworden door haar verzetsdaad in
1955. In die tijd was er een systeem: separate-but equal. Dit wil zeggen dat
blanken en zwarten hetzelfde zijn maar toch van elkaar gescheiden worden.
In die tijd was de bus ingedeeld met plaatsen voor blanken en plaatsen voor
zwarten. Op een dag zat de bus zodanig vol dat alle stoelen van de blanken bezet
waren. Maar in plaats dat ze gingen rechtstaan moesten de zwarten hun stoel
afgeven aan de blanken. Rosa Sparks deed dit niet en zo kwam er een verzet
tegen het systeem.
De typologie van sociale begrippen
Deze bevat 2 belangrijke dimensies:
- Soorten relaties
Dit kan gelijk zijn of ongelijk zoals boven- of nevenschikkend
- Breuklijnen of discontinuïteit
Bij breuklijnen is er een geleidelijke overgang en bij
discontinuïteit is er een duidelijk verschil.
Door deze 2 dimensies te combineren kan er een indeling worden gemaakt:
1
, 1. Sociale differentiatie
Dit is een verrijking voor de samenleving. Het gaat om mensen die gelijk
zijn, ze zijn niet meer of minder waard.
Vb. haarkleur, oogkleur,… In de ideale wereld zou huidskleur hier ook
moeten toe behoren.
2. Sociale fragmentering
Dit is een verrijking voor de samenleving. Het gaat om groepen die anders
zijn, maar ze zijn niet meer of minder waard.
Vb. subculturen of jeugdbewegingen.
3. Sociale ongelijkheid
Hierbij is er een ongelijke verdeling van kansen, doordat de ene meer of
minder macht heeft dan de ander, of meer of minder waard is.
Vb. beroepen die worden ingedeeld volgens prestige en macht terwijl elk
beroep belangrijk is. Ook worden bij sport vaak enkel de mannen
uitgezonden op tv.
4. Sociale uitsluiting
Dit is vergelijkbaar met pesten. Mensen worden uitgesloten op
verschillende domeinen, waardoor dit leidt tot armoede.
Emancipatie = het proces waarbij individuen of groepen streven naar gelijke
rechten en kansen, zodat iedereen eerlijk wordt behandeld.
Superdiversiteit is een term die er gekomen is, omdat ‘diversiteit’ de lading niet
meer dekt.
Er is een kwantitatieve en een kwalitatieve toename van diversiteit:
- Kwantitatieve dimensie
Dit is gebaseerd op cijfermateriaal. Er is te zien dat de migratie het sterkst
is in de grote steden. Majority-minority cities = alle minderheden uit de
steden te samen vormt de meerderheid in de stad. Vb. Brussel
- Kwalitatieve dimensie
Dit is de diversiteit binnen de diversiteit. Vb. het opleidingsniveau of de
leeftijd binnen Belgen.
Sociaal-cultureel transnationalisme = de blijvende connectie met het
thuisfront door de opkomst van gsm’s en het internet.
2
, Etniciteit = een gevoel van eenheid en verbondenheid tussen leden van een
etnische groep op grond van gemeenschappelijke afstamming, geschiedenis en
culturele erfenis.
Een valkuil bij etniciteit is etnocentrisme = je eigen etnische groep te zien als de
norm.
Cultuur met grote C is kunst, maar cultuur met kleine c gaat over de manier van
samenleving in groep. Het is aangeleerd en niet aangeboren. Vb. waarden en
normen, instituties, tradities,…
Cultuur = het geheel van voorstellingen, opvattingen, kennis, waarden en
normen dat mensen zich als lid van een samenleving of een groep verwerven
door leerprocessen.
Nature vs. Nurture
Nature = aangeboren, genetisch bepaald. Vb. schrikreactie
Nurture = aangeleerd. Vb. genderrollen, proces van socialisatie, bewustwording,
…
De niveaus van cultuur:
- Micro-niveau vb. gezinscultuur
- Meso-niveau vb. schoolcultuur
- Macro-niveau vb. Belg
De culturele programmering van Hofstede en Hofstede
Vader en zoon Hofstede stellen dat cultuur een collectieve mentale
programmering is die de leden van een groep of categorie mensen onderscheidt
van de van een andere.
Volgens hen zijn er 3 niveaus:
Aangeleerd en aangeboren. Dit wordt individueel bepaald
en mee gevormd door unieke persoonlijke ervaringen.
Aangeleerd. Dit is de programmering hoe we ons moeten
gedragen in een situatie of groep, onze opvoeding en
internalisering
Aangeboren en universeel. Dit zijn de natuurlijke
behoeften, driften, instincten, aanleg en reflexen vb.
behoefte aan eten of drinken, de angstreflex.
Cultuur is dynamisch, want de zorgvrager is een uniek persoon. Let op voor
culturaliseren door vooroordelen of veralgemeende kennis, want dit is een
statische benadering.
3
Examen
Schriftelijk examen
- Meerkeuze over LPA – LPB - LPD
- Openvragen over LPC
- Invuldocument van het boek ‘de kansendans’
Mondeling examen
- Examenopdracht
wereldburgerschap
Rosa Sparks
= een Amerikaanse vrouw die bekent is geworden door haar verzetsdaad in
1955. In die tijd was er een systeem: separate-but equal. Dit wil zeggen dat
blanken en zwarten hetzelfde zijn maar toch van elkaar gescheiden worden.
In die tijd was de bus ingedeeld met plaatsen voor blanken en plaatsen voor
zwarten. Op een dag zat de bus zodanig vol dat alle stoelen van de blanken bezet
waren. Maar in plaats dat ze gingen rechtstaan moesten de zwarten hun stoel
afgeven aan de blanken. Rosa Sparks deed dit niet en zo kwam er een verzet
tegen het systeem.
De typologie van sociale begrippen
Deze bevat 2 belangrijke dimensies:
- Soorten relaties
Dit kan gelijk zijn of ongelijk zoals boven- of nevenschikkend
- Breuklijnen of discontinuïteit
Bij breuklijnen is er een geleidelijke overgang en bij
discontinuïteit is er een duidelijk verschil.
Door deze 2 dimensies te combineren kan er een indeling worden gemaakt:
1
, 1. Sociale differentiatie
Dit is een verrijking voor de samenleving. Het gaat om mensen die gelijk
zijn, ze zijn niet meer of minder waard.
Vb. haarkleur, oogkleur,… In de ideale wereld zou huidskleur hier ook
moeten toe behoren.
2. Sociale fragmentering
Dit is een verrijking voor de samenleving. Het gaat om groepen die anders
zijn, maar ze zijn niet meer of minder waard.
Vb. subculturen of jeugdbewegingen.
3. Sociale ongelijkheid
Hierbij is er een ongelijke verdeling van kansen, doordat de ene meer of
minder macht heeft dan de ander, of meer of minder waard is.
Vb. beroepen die worden ingedeeld volgens prestige en macht terwijl elk
beroep belangrijk is. Ook worden bij sport vaak enkel de mannen
uitgezonden op tv.
4. Sociale uitsluiting
Dit is vergelijkbaar met pesten. Mensen worden uitgesloten op
verschillende domeinen, waardoor dit leidt tot armoede.
Emancipatie = het proces waarbij individuen of groepen streven naar gelijke
rechten en kansen, zodat iedereen eerlijk wordt behandeld.
Superdiversiteit is een term die er gekomen is, omdat ‘diversiteit’ de lading niet
meer dekt.
Er is een kwantitatieve en een kwalitatieve toename van diversiteit:
- Kwantitatieve dimensie
Dit is gebaseerd op cijfermateriaal. Er is te zien dat de migratie het sterkst
is in de grote steden. Majority-minority cities = alle minderheden uit de
steden te samen vormt de meerderheid in de stad. Vb. Brussel
- Kwalitatieve dimensie
Dit is de diversiteit binnen de diversiteit. Vb. het opleidingsniveau of de
leeftijd binnen Belgen.
Sociaal-cultureel transnationalisme = de blijvende connectie met het
thuisfront door de opkomst van gsm’s en het internet.
2
, Etniciteit = een gevoel van eenheid en verbondenheid tussen leden van een
etnische groep op grond van gemeenschappelijke afstamming, geschiedenis en
culturele erfenis.
Een valkuil bij etniciteit is etnocentrisme = je eigen etnische groep te zien als de
norm.
Cultuur met grote C is kunst, maar cultuur met kleine c gaat over de manier van
samenleving in groep. Het is aangeleerd en niet aangeboren. Vb. waarden en
normen, instituties, tradities,…
Cultuur = het geheel van voorstellingen, opvattingen, kennis, waarden en
normen dat mensen zich als lid van een samenleving of een groep verwerven
door leerprocessen.
Nature vs. Nurture
Nature = aangeboren, genetisch bepaald. Vb. schrikreactie
Nurture = aangeleerd. Vb. genderrollen, proces van socialisatie, bewustwording,
…
De niveaus van cultuur:
- Micro-niveau vb. gezinscultuur
- Meso-niveau vb. schoolcultuur
- Macro-niveau vb. Belg
De culturele programmering van Hofstede en Hofstede
Vader en zoon Hofstede stellen dat cultuur een collectieve mentale
programmering is die de leden van een groep of categorie mensen onderscheidt
van de van een andere.
Volgens hen zijn er 3 niveaus:
Aangeleerd en aangeboren. Dit wordt individueel bepaald
en mee gevormd door unieke persoonlijke ervaringen.
Aangeleerd. Dit is de programmering hoe we ons moeten
gedragen in een situatie of groep, onze opvoeding en
internalisering
Aangeboren en universeel. Dit zijn de natuurlijke
behoeften, driften, instincten, aanleg en reflexen vb.
behoefte aan eten of drinken, de angstreflex.
Cultuur is dynamisch, want de zorgvrager is een uniek persoon. Let op voor
culturaliseren door vooroordelen of veralgemeende kennis, want dit is een
statische benadering.
3