CONTEXT
18de eeuw, Engeland (Londen)
> industriële revolutie start op: nieuwe klantengroep
> opkomst van rijke burgerklasse
> kolonisatie, consumptiecultuur en urbanisatie
> late rococo
THOMAS CHIPPENDALE
Brits meubelmaker
> Opent showroom & werkplaats in 1753 (Londen)
> Publiceert The Gentleman and Cabinet-Maker’s Director (1754)
= stijlbijbel voor meubelmakers in heel Europa ; standaardisatie van zijn staal (voor het eerst)
> stijl verspreid door heel Europa en in Amerika
> Chippendale = stijlnaam
KENMERKEN
Mix van drie invloeden
> rococo (sierlijke lijnen, krullen, bloemen)
> gotiek (verticaal, spitsbogen, drama)
> chinoiserie (Chinese motieven)
> symmetrie, grote meubels
> cabriolepoot, gebogen lijnen, florale en krullende motieven
> ball and claw-poot (kogel & klauw
> luxe vakmanschap: rijk gedecoreerd
> totaalinterieur
MATERIALEN EN TECHNIEKEN
> Mahoniehout = typisch (import uit West-Indië) > eik, walnoot, beuk (voor goedkopere versies)
> Stoffering van fluweel
> politoeren met schellak (warme glans)
> Fineer en intarsia (hout/edelmetaal inlegwerk)
> Handmatig houtsnijwerk: zwaluwstaartverbindingen
vb. Newby Hall: Tapestry Room
= interieur in volledige Chippendale-stijl
> Meubels als onderdeel van decoratieve totaalkunst
> Rijke stoffen, wandtapijten, harmonie in kleuren & vormen
EVOLUTIE EN INVLOED
1770: opkomst neoclassicisme
> Hepplewhite en Sheraton vereenvoudigen stijl
> °Colonial Chippendale: eenvoudiger met lokaal hout(VS)
> The Gentleman and Cabinet- Maker’s Director = internationale inspiratiebron
> gestandaardiseerd meubeldesign verspreid zich
> grondlegger van modern meubelontwerp als discipline
, DIRECTOIRE
CONTEXT
Franse Revolutie (1789)
> Lodewijk XVI afgezet
° Verlichting (rede, symmetrie en zuiverheid)
> rijkdom en pracht van Versailles = symbool voor onderdrukken
> afzetting tegen aristocratische overdaad
DIRECTOIRE
Regering in Frankrijk van nieuwe burgerlijke klasse(société)
> overgangsstijl tussen Lodewijk XVI & Empire
> herontdekking van klassieke oudheid
> soberheid, orde, eenvoud en helderheid
KENMERKEN
> klassieke oudheid: geometrie, symmetrie, strakke lijnen, zuilen, laurierkransen
> Egyptische invloed (Napoleon): sfinxen, palmtakken, hiërogliefen
> eenheid in interieur (harmonie)
> verfijnd en subtiel; functioneel en elegant
MEUBILAIR
> mahonie, ebbenhout, esdoorn en marmer
> zuilvormige poten
> rechte of gebogen rug
> bekleed met licht textiel
> pastelkleuren
vb. Fauteuil Directoire, Bergère, Lit en bateau, Chaise condo en crul
INTERIEUR
> wandverf: crème, ivoor, pastelgroen/blauw, grijs
> wandbekleding: sobere vlakken, stucwerk, lichte tinten
> gordijnen: linnen/katoen/zijde, effen of fijn gestreept
> vloeren: visgraatparket, dambordpatroon
> haarden: stuc/marmer, sobere decoratie
> decor: urnen, palmetten, laurierkransen, rozetten
> bescheiden, kleinere ruimtes
ONTWERPERS
> Pierre-Alexandre Laurent Forfait = voorloper van de stijl
> Percier & Fontaine (basis voor Empire)
> Georges Jacob & zonen = overgangsfiguren