Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

samenvatting fysiologie & pathofysiologie 2

Rating
-
Sold
-
Pages
379
Uploaded on
20-05-2025
Written in
2023/2024

samenvatting fysiologie & pathofysiologie 2

Institution
Course

Content preview

Hoofdstuk 1 : waterbalans
❖ Inleiding
o We bestaan 60-70% uit water
o Waterbalans is een balans tussen waterverlies en wateropnamen
▪ Osmolariteit= 300mOsm/l (milli osmolariteit/liter)
• Zegt iets over je ionen en elektronen
▪ ADH= antidiuretisch hormoon
• Neurotransmitter in de hersenen -> circadisch ritme
• Thermoregulatie
• Release van adrenocorticotroop hormoon ( ACTH)
o Productie in voorkwab
o Cruciale rol bij stress
o Belangrijke functie in bijniercortex -> cortisol release
en stimuleert ook andere steroïde hormonen zoals
aldosteron en androgenen
▪ Gedrag -> ben je een sporter of net niet?
▪ Zuurbase evenwicht= 7,4 pH
• Longen en nier spelen hier een belangrijke rol
o Polyurie ( veel urineren)
o Polydipsie ( veel drinken)
o Waterbalans is een homeoretisch proces -> wat vandaag een setpoint is
kan morgen anders zijn als je sport
o Hypothalamo-hypofysaire axis= HPA
▪ De buitenste schil is de cortex, hoe corticale een levend wezen
werkt, hoe intelligenter het is
▪ De hypothalamus ligt in de bodemplaat en dit noemt men de cella
turcica of Turks zadel
▪ De hypothalamus produceert een massa van stofjes die enorm
veel organen gaan beïnvloeden
o Hormonen buiten HPA
▪ Catecholamines (adrenaline en noradrenaline): productie door
bijnier merg
▪ Glucose: gaat stijgen bij stress
▪ Insuline en glucagon
• Insuline zal zorgen voor de daling
o Diabetisch type 2: insuline resistentie
• Glucagon zal zorgen voor de stijging
❖ Waterbalans in de praktijk


1

,o De waterbalans is anders bij een persoon die veel sport dan bij een
persoon die weinig sport
o Je kan een dier niet sonderen met water maar je kan wel voedsel
gebruiken zoals natte brokken om een hogere wateropnamen te verkrijgen
o Waak negatieve waterbalans maar positief kan ook door bv zout in water
te doen -> nooit doen, zout in voeding mag wel
o Waterverlies
▪ Gecontroleerd: als osmolariteit boven de 300 is, er is te weinig
water. We gaan ADH produceren die zorgt voor meer water
vasthouding - > minder urine
▪ Ongecontroleerd: patiënt heeft hier geen controle op
• Diarree
• Zweten -> isotoon vocht verlies
o Een paard kan makkelijk 10 tot 15l per uur verliezen
door zweet
o Paarden gaan een negatieve waterbalans
ontwikkelen maar de sensoren gaan dat nu niet
waarnemen want zweet bevat veel ionen dus
osmolariteit gaat weinig veranderen
• Hyperthermie
o Een hond kan 1liter water verliezen per 24u
▪ Hond van 15 kg -> 10% is lichaamsvocht en
dit is dus 1,5liter, 1liter vocht verliezen per dag
is dus extreem voor een hond
• Kippen hebben maar 30% medulla
o Medulla is plaats waar resorptie van water plaats
grijpt -> groot natriumchloride concentratie
o Ze kunnen minder goed tegen lage waterbalans
• Polyurie
• Braken
o In combinatie met diarree kan dit enorm zware
gevolgen hebben
▪ Ongecontroleerd dat occult (verborgen) is
• Paard met reflux
o Hernia in mesenterium -> darmen komen hierdoor ->
dit kan zorgen voor ileus (stil vallen van maag-darm
stelsel)
▪ Mechanische oorzaak -> hernia
▪ Niet mechanische oorzaak door bv een
infectie -> zorgt dat dunne darm stil licht ->
sappen van gal en pancreas komen zo in de
2

, maag terecht -> maag kan kapot springen ->
reflux in buik -> fataal
o Koliek? Check altijd op vocht verlies
• Beginnende colitis (ontsteking dikke darm)
o Vloeibare inhoud in dikke darm maar stoelgang is oke
o Show stoppers
▪ Jong dier waarbij fysiologische processen nog niet matuur zijn ->
dier krijgt negatieve waterbalans -> voelt zich slap en gaat ook
minder drinken bij moeder ( 2de showstopper) -> als het dier ook
nog eens diarree krijgt (3de showstopper) -> sonderen heeft hier
geen zin
o Als je later geconfronteerd wordt met een patiënt waarbij je slechte
waterbalans hebt dan gaan er in het lichaam extreme pogingen gedaan
worden om waterbalans recht te trekken.
▪ Lichaam is open systeem dus we kunnen braken en dit zijn we kwijt
o Lichaamsvocht (60-70% van LG)
▪ 2/3de is intracellulair water
• Goliath
▪ 1/3 is extracellulair water (interstitium & bloed)
de


• David
▪ Regel van 3
• Een mens kan 3 min zonder zuurstof
• Een mens kan 3 dagen zonder drinken
• Een mens kan 3 weken zonder eten
▪ 2 compartimenten
• David compartiment: klein en bestaat uit het interstitium en
bloedbaan (50/50)
o infuus
• Goliath compartiment: bevat intracellulair vocht van de
cellen. Dit kan je als DA met de beste wil van de aarde niet
benaderen
o Staat in contact met David
o De impact die je hebt op David gaat na enige
vertraging ook inwerken op Goliath
o Zo wordt de osmolariteit van het intracellulair
compartiment ook geregeld
▪ Het hormoon dat de osmolariteit (waterbalans) regelt is ADH (=
vasopressine)
▪ Barosensoren worden enkel getriggerd als je een vochtverlies hebt
van meer dan 20%
▪ Hemorragie= versneld isotoon vochtverlies
3

,❖ Kernen die zorgen voor de regulatie
o Paars + groen -> supra optische en paraventriculaire kernen van de
hypothalamus
o Blauwe bollen -> osmosensoren
o De osmosensoren geven signaal aan de supra-o ptische en
paraventriculaire kernen voor een productie van ADH als osmolariteit
groter is dan 300 mOsm/liter
▪ ADH heeft 3 effecten
• Nier: filtraat terug trekken naar bloedbaan
• Vasoconstrictie
• Dorst gevoel
o Alcohol bevat veel suiker -> je krijgt glucosurie -> je moet veel plassen
▪ Kater is door ethanol -> toxisch product -> lever zorgt voor
ontgiftiging -> kost tijd + sensoren zijn verdoofd door alcohol dus je
krijgt geen dorstgevoel -> negatieve waterbalans
▪ Je drinkt best iso-osmotische dranken
❖ Belangrijke hormonen
o Oxytocine -> sensoren in uier die worden getriggerd door kalf
▪ Via rechtstreekse zenuwbaan
o Serotonine -> triggeren die cholinerge neuronen -> stellen acetylcholine
vrij -> stijging darm motiliteit
o Dopamine -> rem voor prolactine (belangrijk bij melkproductie)
❖ Proximale tubulus
o Dikke wand vol mitochondriën -> actief transport
▪ 65% van filtraat wordt terug opgenomen
▪ Ligt in de cortex
o Hier wordt Na+ met allerlei andere stofjes (Aminozuren,
glucose, bicarbonaat, EW, etc) actief terug geresorbeerd
naar het capillaire bed toe
▪ Behalve RBC, WBC en bloedplaatjes
▪ Tresh-hold waarde is 50kilo/dalton
▪ Albumine is tussen de 50-70kilo/dalton -> houdt
water vast in de bloedbaan
▪ De grote eiwitten gaan via receptoren en
endocythose
▪ De kleine eiwitten via endopeptidasen en co-
transport met Na+
o Het gebeurt dankzij co-transporters op de luminale zijde
van de proximale tubulus cellen. De driving force daarvoor zijn Na+/K+
ATPase pompen aan de interstitiële zijde
▪ Bij nefritis gaan deze co-transporters kapot

4

, ▪ Natrium naar buiten pompen en kalium naar binnen pompen
o Belangrijk: het tubulus filtraat bevat bijna 0 glucose als het de proximale
tubulus verlaat
▪ Glucose wordt passief uit de cel gepompt via GLUT 2 aan de
interstitiële zijde
o Zeer belangrijk: water volgt passief
o Bijgevolg verandert er niet veel aan de osmolariteit van het tubulus
filtraat. Er gaan veel stofjes uit, maar water volgt. Het volume van het
filtraat daalt dus, maar er verandert weinig aan de osmolariteit
o Alleen ureum kan niet volgen en neemt duidelijk toe in concentratie in het
tubulus filtraat doordat er water passief Na+ volgt
o Show stopper: als gehalte van AZ en glucose hoog is in proximale tubulus
want dan zouden ze niet graag terug gaan naar vasa recta en dan hebben
we een probleem
o Tresh-hold van de nier is belangrijk, als deze verzadigd geraken dan krijg je
glucosurie (veel suiker in urine) en dit zorgt voor veel plassen
▪ Normaal gesproken bevat urine geen glucose
▪ Plasma glucose spiegels bij de mens boven de 160 tot 180 mg/dl
geven aanleiding tot glucosurie
▪ Glucosurie wordt bijna altijd veroorzaakt door verhoogde
bloedglucose niveaus
• Te langdurig alcohol drinken
• Ongecontroleerde diabetisch type I
• Ontstoken placenta
❖ Glucose infuus
o Y-as: hoeveelheid getransporteerde (geresorbeerde)
glucose
o X-as: plasma glucose spiegels (mg/dl)
o De rode stippellijn=de hoeveelheid glucose die
gefiltreerd wordt
o De groene lijn=Na/Glucose co transport
▪ Vanaf 180 mg/gl plasma glucose is de
maximale glucose reabsorptie rate bereikt en
start glucosurie
o Tresh-hold nier kan verschillen van individu tot individu
o Vragen examen
▪ Wat is de helling coëfficiënt van de rode stippellijn curve?
▪ Wat gebeurd er met natrium?
❖ Setpoint doorheen het dierenrijk
o Haai (uiterste)
▪ Water is 1200 mOsm/l

5

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
May 20, 2025
Number of pages
379
Written in
2023/2024
Type
SUMMARY

Subjects

$24.65
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
emmawingels

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
emmawingels Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
2
Member since
2 year
Number of followers
0
Documents
11
Last sold
1 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions