Specifieke zorgverlening: geestelijke
gezondheidszorg:
1. Uitgangspunten van dit OPO
1.1. Overkoepelende leerdoelen
1.2. Uitgangspunten bij psychopathologie en -diagnostiek
1.3. Categoriaal en/of dimensioneel denken
Niet categoriaal maar dimensioneel denken over psychische kwetsbaarheid en
psychiatrische ziektebeelden.
Het categoriale perspectief:
o Op het eerste zicht heel duidelijk
o Zorgt ervoor dat hulpverleners dezelfde taal kunnen spreken
o Een scherpe diagnose, een naam, een label zorgt dat er een vorm van
erkenning ontstaat voor het diepe lijden
o Ervaren als erg reducerend en zwart-wit
o Focust op de aandoening en zie die los van de context en het verhaal
van de individuele zorgontvanger
o Werkt stigma in de hand
o Leidt er soms ook sneller toe dat mensen voor een soms heel lange tijd
starten met het innemen van psychofarmaca
Het dimensionele perspectief:
o Houdt meer rekening met de mogelijkheden van een persoon om te
ontwikkelen en te evolueren
o Maar leidt minder snel of niet tot een uitgesproken scherpe
diagnostische besluitvorming
o Houdt meer rekening met de normale variatie in probleemgedrag
De GGZ- verpleegkundige:
o Aandacht voor de persoon en de beleving van de zorgontvanger
o Gevolg = mentaliseren = zicht krijgen op:
Emoties
Doelen
Motieven
Waarden
Mogelijkheden
1
, Beperkingen
Angsten
Definitie van de GGZ-verpleegkundige:
o Een generieke verpleegkundige met extra talenten op vlak van:
Voeling kunnen krijgen met de belevingswereld van de unieke
pt
Inzicht en talent hebben in interpersoonlijke vaardigheden en
zelfreflectie
Ertoe in staat zijn om op andere manier aan partnership te
doen: dichtbij, betrokken, pt=mens met eigen verhaal en kijk
met eigen waarden en normen
Persoonlijke en nauwe samenwerking willen aangaan met pt,
team, context, in relatie willen stappen met...
Gericht op groei en herstel van de pt
2. Oe ist? … Goed! … Echt? (Stemmingsstoornissen)
2.1. Inleiding
Een stemming
o Is een bepaalde gemoedstoestand van een zekere duur, die geen
betrekking heeft op een specifieke ervaring
Een emotie
o Is een intens, overheersend gevoel van korte duur dat te maken heeft
met een specifieke ervaring
Stemmingen en emoties uiten zich in lichamelijke verschijnselen, gedrag en
beleving.
o Vooral de beleving bepaald of mensen zich bv. als angstig of vrolijk
beschouwen.
o Somberheid is een vaak voorkomende stemming als reactie op een
ongeluk
Een sombere stemming is pas pathologisch als de intensiteit en de duur van de
somberheid buiten verhouding is (in dat geval is de sombere stemming is
een depressief symptoom dat in combinatie met een aantal andere symptomen
tot een syndroom, een depressieve episode wordt gerekend
2
,2.2. Classificatie van stemmingsstoornissen
7 hoofdcategorieën:
o Depressieve stoornis
Eenmalige of recidiverende depressieve stoornis
Lichte, matige of ernstige klachten met of zonder psychotische
kenmerken
Bij verbetering
֍ Volledig of gedeeltelijk in remissie (genezing)
o Dysthyme stoornis
Chronische depressie
o Depressieve stoornis Niet Anders Omschreven (NAO)
o Bipolaire I stoornis
o Bipolaire II stoornis
o Cyclothyme stoornis
Is een mildere vorm van de bipolaire stoornis
Wisselende stemmingen
o Overige stemmingsstoornissen
Tgv lichamelijke aandoeningen
Diagnostiek van depressieve stemmingsstoornissen:
o Gericht op het stellen van diagnose
o Naast de anamnese, zijn klachten, de aanleiding, het beloop en wat de
zorgontvanger tot nu toe allemaal ondernemen heeft het belangrijkste.
o Alle andere algemene psychiatrische diagnostiek: voorgeschiedenis,
eventuele familiare belasting,…
o De algemene somatische conditie: voorgeschiedenis, medicatiegebruik
o Lichamelijk onderzoek
2.3. Depressieve stoornis
2.3.1. Klinisch beeld (zie hieronder uitgelegd)
Neerslachtigheid
Anhedonie
Vitaal syndroom
3
, Angst
Formele denkstoornissen
Inhoudelijke denkstoornissen
Veralgemeende remming
Lichamelijke klachten
Afkeer van het leven
2.3.2. Soorten depressieve stoornissen (zie hieronder uitgelegd)
De exogene depressie
De reactieve depressie
De iatrogene depressie
Een endogene depressie of een vitale depressie
De psychotische depressie
Een melanchole depressie
Geagiteerde depressie
Gemaskeerde depressie Deze 2 vormen zijn bijzonder
Dysthyme stoornis
Postpartum of postnatale depressie
Depressieve stoornis NAO
Premenstruele dysfore stoornis
Winterdepressie of herfstdepressie
Organische depressie
4
gezondheidszorg:
1. Uitgangspunten van dit OPO
1.1. Overkoepelende leerdoelen
1.2. Uitgangspunten bij psychopathologie en -diagnostiek
1.3. Categoriaal en/of dimensioneel denken
Niet categoriaal maar dimensioneel denken over psychische kwetsbaarheid en
psychiatrische ziektebeelden.
Het categoriale perspectief:
o Op het eerste zicht heel duidelijk
o Zorgt ervoor dat hulpverleners dezelfde taal kunnen spreken
o Een scherpe diagnose, een naam, een label zorgt dat er een vorm van
erkenning ontstaat voor het diepe lijden
o Ervaren als erg reducerend en zwart-wit
o Focust op de aandoening en zie die los van de context en het verhaal
van de individuele zorgontvanger
o Werkt stigma in de hand
o Leidt er soms ook sneller toe dat mensen voor een soms heel lange tijd
starten met het innemen van psychofarmaca
Het dimensionele perspectief:
o Houdt meer rekening met de mogelijkheden van een persoon om te
ontwikkelen en te evolueren
o Maar leidt minder snel of niet tot een uitgesproken scherpe
diagnostische besluitvorming
o Houdt meer rekening met de normale variatie in probleemgedrag
De GGZ- verpleegkundige:
o Aandacht voor de persoon en de beleving van de zorgontvanger
o Gevolg = mentaliseren = zicht krijgen op:
Emoties
Doelen
Motieven
Waarden
Mogelijkheden
1
, Beperkingen
Angsten
Definitie van de GGZ-verpleegkundige:
o Een generieke verpleegkundige met extra talenten op vlak van:
Voeling kunnen krijgen met de belevingswereld van de unieke
pt
Inzicht en talent hebben in interpersoonlijke vaardigheden en
zelfreflectie
Ertoe in staat zijn om op andere manier aan partnership te
doen: dichtbij, betrokken, pt=mens met eigen verhaal en kijk
met eigen waarden en normen
Persoonlijke en nauwe samenwerking willen aangaan met pt,
team, context, in relatie willen stappen met...
Gericht op groei en herstel van de pt
2. Oe ist? … Goed! … Echt? (Stemmingsstoornissen)
2.1. Inleiding
Een stemming
o Is een bepaalde gemoedstoestand van een zekere duur, die geen
betrekking heeft op een specifieke ervaring
Een emotie
o Is een intens, overheersend gevoel van korte duur dat te maken heeft
met een specifieke ervaring
Stemmingen en emoties uiten zich in lichamelijke verschijnselen, gedrag en
beleving.
o Vooral de beleving bepaald of mensen zich bv. als angstig of vrolijk
beschouwen.
o Somberheid is een vaak voorkomende stemming als reactie op een
ongeluk
Een sombere stemming is pas pathologisch als de intensiteit en de duur van de
somberheid buiten verhouding is (in dat geval is de sombere stemming is
een depressief symptoom dat in combinatie met een aantal andere symptomen
tot een syndroom, een depressieve episode wordt gerekend
2
,2.2. Classificatie van stemmingsstoornissen
7 hoofdcategorieën:
o Depressieve stoornis
Eenmalige of recidiverende depressieve stoornis
Lichte, matige of ernstige klachten met of zonder psychotische
kenmerken
Bij verbetering
֍ Volledig of gedeeltelijk in remissie (genezing)
o Dysthyme stoornis
Chronische depressie
o Depressieve stoornis Niet Anders Omschreven (NAO)
o Bipolaire I stoornis
o Bipolaire II stoornis
o Cyclothyme stoornis
Is een mildere vorm van de bipolaire stoornis
Wisselende stemmingen
o Overige stemmingsstoornissen
Tgv lichamelijke aandoeningen
Diagnostiek van depressieve stemmingsstoornissen:
o Gericht op het stellen van diagnose
o Naast de anamnese, zijn klachten, de aanleiding, het beloop en wat de
zorgontvanger tot nu toe allemaal ondernemen heeft het belangrijkste.
o Alle andere algemene psychiatrische diagnostiek: voorgeschiedenis,
eventuele familiare belasting,…
o De algemene somatische conditie: voorgeschiedenis, medicatiegebruik
o Lichamelijk onderzoek
2.3. Depressieve stoornis
2.3.1. Klinisch beeld (zie hieronder uitgelegd)
Neerslachtigheid
Anhedonie
Vitaal syndroom
3
, Angst
Formele denkstoornissen
Inhoudelijke denkstoornissen
Veralgemeende remming
Lichamelijke klachten
Afkeer van het leven
2.3.2. Soorten depressieve stoornissen (zie hieronder uitgelegd)
De exogene depressie
De reactieve depressie
De iatrogene depressie
Een endogene depressie of een vitale depressie
De psychotische depressie
Een melanchole depressie
Geagiteerde depressie
Gemaskeerde depressie Deze 2 vormen zijn bijzonder
Dysthyme stoornis
Postpartum of postnatale depressie
Depressieve stoornis NAO
Premenstruele dysfore stoornis
Winterdepressie of herfstdepressie
Organische depressie
4