Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 10 out of 76 pages
Class notes

Samenvatting: Intellectuele eigendomsrechten '23-'24

Document preview thumbnail
Preview 10 out of 76 pages

Deze aantekeningen bevatten 8 van de 12 colleges. De aantekeningen stoppen bij het begin van merkenrecht, maar octrooien zitten er wel in (de structuur van het boek werd niet gevolgd tijdens de lessen). Het boek was voor mij te omvattend om (in combinatie met het andere subonderdeel (economisch recht)) alles klaar te krijgen. Ik behaalde in eerste zit 14/20.

Content preview

INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


Intellectuele eigendomsrechten


(A) INLEIDING TOT DE INTELLECTUELE RECHTEN

Essentie: bescherming van creaties van de geest.

WAT ZIJN INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN?

In het recht een onderscheid tussen het objectief recht en het subjectief recht.

- Objectief recht: kan je omschrijven, dat zijn de regels zoals ze bestaan.
- Subjectief recht: het recht dat je ontleent aan dat objectief recht. U kan rechten ontlenen aan dat
objectief recht die je kan afdwingen.
Onderscheid in subjectieve rechten:
 Publieke subjectieve rechten/politieke rechten: rechten die je uitoefent ten opzichte van de
overheid.
 Private subjectieve rechten: de rechten die u hebt en waarmee u de doelstellingen in uw leven
kan realiseren.
Onderscheid in private subjectieve rechten:
 Extra-patrimoniale rechten: rechten die iedereen bezit, maar maken geen deel uit van uw
vermogen. Bv. als u komt te overlijden dan zullen die extra-patrimoniale rechten niet
overgaan op uw erfgenamen. Sommige verdwijnen, sommige blijven bestaan. Ten tweede
kan u over vele van die rechten niet contracteren, aangezien ze geen deel uitmaken van uw
patrimonium.
1ste categorie: familierechten (bv. recht om te huwen…).
2de categorie: persoonlijkheidsrechten, dat zijn rechten die de aspecten van uw
persoonlijkheid beschermen. In de intellectuele rechten zitten soms aspecten van
persoonlijkheidsrechten. Bv. recht op fysieke integriteit, recht op afbeelding (niemand
mag een foto nemen en posten zonder uw toestemming), recht op naam…
Persoonlijkheidsrechten zijn niet altijd even absoluut voor iedereen, soms heb je er
weinig aan afhankelijk van uw positie, soms meer, bv. bij recht op naam: iedereen heeft
dat, wat betekent dat men uw naam zonder uw toestemming niet mag gebruiken. Maar,
wanneer je een bekende naam hebt, is dat recht meer absoluut. Bv. Brantano: moest
aandacht krijgen en speelden met namen van bekende personen, bv. Helmut Lotti 
Helmut Botti. Voor dat soort zaken moet je toestemming vragen en naarmate de
persoon bekender is, is dat belangrijker.
Soms worden nieuwe persoonlijkheidsrechten gecreëerd, bv. recht op stem:
bescherming stemgeluid. Als je bekender bent, heb je meer aan dat recht.
 Patrimoniale rechten: maken wel deel uit van uw vermogen, indien u overlijdt gaan die
over tot uw erfgenamen, u kan er ook over beschikken door bv. een testament. Ook kan je
er over contracteren. Deze rechten geven u een heerschappij.
3 onafhankelijke categorieën:
1ste categorie: zakelijke rechten, deze geven u een heerschappij op een zaak.
2de categorie: vorderingsrechten, bij deze kan u een gedraging verlangen van iemand. Je
krijgt een heerschappij in die zin dat je recht hebt op een prestatie van iemand.
3de categorie: intellectuele eigendomsrechten, deze geven u een heerschappij op een
creatie van de geest. Bv. uw muziek die je hebt geschreven.

DE INDELING VAN INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN

1

,INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


2 categorieën:

1. Industriële eigendomsrecht, nl. merkenrecht, tekeningen- en modellenrecht (vormgeving) (/),
octrooirecht (technisch), kwekersrecht (/), chipsrecht (/), benamingen oorsprong/geografische
aanduidingen/herkomstaanduidingen (/), handelsnaam (is niet gelijk aan merk: merk gebruik je
voor waren of diensten, bv. je hebt sportschoenen van Adidas of ik gebruik KBC voor
bankdiensten; een handelsnaam gebruik je om uw handelsactiviteit aan te geven, bv. je start
pitazaak en je schildert op uw etalage ‘In de warme pita’), gebruiksmodellen (/)
2. Auteursrecht (sensu lato), ook verzamelbegrip voor: auteursrecht (sensu stricto) (kan vandaag
alles beschermen wat je ziet), naburige rechten (gaat over prestaties die op een of andere wijze
samenhangen met het auteursrecht, maar er is beslist er geen auteursrechtelijke bescherming
aan te geven, bv. de uitvoerende kunstenaars, nl. zangers/acteurs/muzikanten), bescherming
computerprogramma’s (kan je daarnaast octrooieren), databanken

Pas op:

- Bedrijfsgeheimen: vaak denken bedrijven dat als ze een uitvinding doen ze meteen een octrooi
aanvragen, maar dat is zeer duur (je wil immers dat het quasi overal geldt). Daarom zeggen vele
bedrijven dat ze geen octrooi gaan vragen, maar de uitvinding geheim gaan houden. Bv. de
samenstelling van de speculaas van Lotus is een bedrijfsgeheim (enkel 6 personen kennen het
recept). Is er in België een beschermingsregime voor bedrijfsgeheimen? Ja, maar dat behoort niet
tot het intellectueel eigendomsrecht omdat het u geen exclusief recht geeft op een
bedrijfsgeheim. Krachtens alle intellectuele rechten verkrijgt u een exclusief recht op iets, bij
bedrijfsgeheimen niet: de wetgeving inzake bedrijfsgeheimen geeft u geen exclusieve rechten,
maar die wetgeving probeert enkel te verhinderen dat anderen bepaalde handelingen stellen. De
dag dat een bedrijfsgeheim openbaar wordt, dan mag iedereen het alsnog namaken.
- Domeinnamen: ook hier is er wetgeving voor voorzien, maar die wetgeving geeft u wederom
geen exclusiviteit op die naam. De wetgeving geeft u enkel rechten om op te treden tegen
diegenen die zonder uw toestemming iets van hun als domeinnaam deponeren. Bv. het
verhindert dat u het merk van iemand anders deponeert als uw domeinnaam. Bekende zaak in
België: zaak Filip Dewinter, iemand had zijn naam gedeponeerd onder ‘.be’ domein. Dewinter
heeft dan geen exclusief recht op het domein www.filipdewinter.be domein maar de wetgeving
geeft hem gewoon de mogelijkheid om op te treden tegen iemand die zijn naam zonder
toestemming gebruikt als domeinnaam.

KENMERKEN VAN INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN

Waarom zijn intellectuele rechten een aparte rechtscategorie? Omdat er kenmerken zijn die eigen
zijn aan deze rechten.

1. Monopolierechten: intellectuele rechten zijn monopolierechten, u krijgt immers een exclusiviteit
of een monopolie. Dit betekent voor derden dat het verbodsrechten zijn: ik bepaal bv. wie mijn
nota’s kopieert.
2. Aan éénieder tegenstelbaar: als je een intellectueel recht hebt, dan mag niemand zonder uw
toestemming uw creatie gebruiken. Ook al wist die niets af van het bestaan van uw intellectueel
recht.
3. Begrensde rechten: onze basisregel is ‘vrijheid van kopie’, dus eigenlijk mag je alles van je
concurrent kopiëren, maar als je dat principe de vrije loop laat is er op geen enkele manier nog
ruimte voor creativiteit. In Nederland zei men jaren geleden: weg met het octrooirecht, alles mag
worden gekopieerd. Het gevolg: ondernemingen investeerden niet langer in Nederland,
aangezien hun concurrenten zeer goedkoop alles wat zij deden konden kopiëren. Dus moet de

2

,INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


vrijheid van kopie worden beperkt en dat wordt gedaan door de intellectuele eigendomsrechten.
De intellectuele rechten zijn eilanden in een zee van vrije mededinging (je mag overal
zwemmen/je mag alles kopiëren, maar op sommige eilanden moet je afblijven/maar sommige
zaken niet).
De vrije mededinging wordt dus beperkt, maar de intellectuele rechten worden wel begrensd
(omdat het net uitzonderingen zijn), die begrenzingen zijn:
a. Territorialiteit: als je een octrooi in België neemt, is je uitvinding niet overal beschermd. Als
je elders geen bescherming aanvraagt, heb je daar geen bescherming. Je krijgt dus enkel
bescherming in die landen waar je die bescherming ook aanvraagt. Bv. origineel logo VTM
(gedeponeerd als merk): onderste kleuren deponeerden ze enkel in de BENELUX en in Turkije
hebben ze dan het merk van VTM gewoonweg gekopieerd. De VTM kon daar dan niks aan
doen, aangezien ze hun merk nooit in Turkije hebben gedeponeerd.
b. Duur: ieder intellectueel recht heeft zijn eigen beschermingsduur, nadien heb je geen
bescherming meer.
c. Beschermingsvoorwaarden: je moet aan bepaalde beschermingsvoorwaarden voldoen om
een intellectueel recht te verkrijgen. Je krijgt bv. geen intellectueel recht voor ‘banale zaken’.
Soms zijn de voorwaarden streng, soms minder streng.
4. Voorwerp van de bescherming is een creatie van de geest: AI?
5. Grote economische waarde: intellectuele rechten hebben een enorme economische waarde. De
meest waardevolle zaken van ondernemingen zijn hun intellectuele rechten en meer bepaald de
auteursrechten. Bv. farmaceutisch bedrijf UCB gespecialiseerd in allergieën: zij maken
medicamenten en zijn beursgenoteerd. Hun aandelen zie je variëren in functie van de octrooien
die ze hebben. Ze namen bv. een octrooi op een bepaald medicament dat zeer populair werd en
dan steeg een aandeel van het bedrijf met €110. Wanneer hun octrooi bijna ging vervallen
(wegens begrenzing in duur), ging de waarde van een aandeel bij UCB terug naar €28. Ze kochten
dan 2 bedrijven op met veelbelovende moleculen die leidden tot zeer succesvolle medicamenten
en toen steeg een aandeel weer naar €120. Dat vervalt binnenkort: nu €60 voor een aandeel. Ze
investeren nu wederom in een nieuwe molecule.
6. Grondrechten: alle intellectuele rechten worden beschouwd als grondrechten. Dit in artikel 17,
lid 2 Handvest grondrechten EU. Ze zijn echter geen absolute grondrechten, ze worden immers
bv. beperkt door andere grondrechten door bv. vrijheid van meningsuiting…

Intellectuele rechten bestaan enkel omdat de wetgever ze heeft gecreëerd. Er zijn dus geen
ongeschreven intellectuele rechten. Dat wil ook zeggen dat er altijd intellectuele rechten bijkomen,
dit naarmate er meer belangen moeten worden beschermd en naarmate het vermogen om te
lobbyen (de geurindustrie is daar minder in) van een bepaalde groep. Het auteursrecht bestaat al
sinds de 18de eeuw, maar bv. auteursrechtelijke bescherming van computerprogramma’s bestaat nog
maar 30 jaar, chipsbescherming eveneens. Er komen er ook voortdurend bij, bv. in 2022: het recht
van persuitgevers bij de naburige rechten.

VERSCHILPUNTEN TUSSEN AUTEURSRECHT EN INDUSTRIËLE EIGENDOMSRECHTEN

Wereldwijd deelt men intellectuele rechten dus in beide in. Dat is dus overal, maar waarom? Omdat
men in de tijd meende dat er een aantal verschilpunten bestonden die ertoe noopten dat
onderscheid te maken (deze verschilpunten zijn vandaag wel te nuanceren):

- Formaliteiten: alles wat valt onder de ruime zin van auteursrecht, krijgt u zonder dat je
formaliteiten moet invullen. Vanaf je nota’s maakt, heb je auteursrechten. Je krijgt de
bescherming zo, terwijl je bij industriële eigendomsrechten wel formaliteiten hebt: wil je een
octrooi? Dan moet je dat aanvragen.

3

,INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


 een aantal industriële eigendomsrechten vandaag hebben ook geen formaliteiten, bv. de
handelsnaam. Vanaf je ‘bij de warme pita’ op je handelszaak schildert, heb je het industrieel
eigendomsrecht handelsnaam.
- Duur: auteursrechten duren zeer lang, terwijl industriële eigendomsrechten kortere bescherming
hebben.
Nuance: merken duren 10 jaar, maar je kan ze oneindig maal verlengen.
- Aard van de rechten: bij industriële eigendomsrechten krijg je exploitatierechten, nl.
vermogensrechten, dat zijn rechten om geld te maken, je kan dan je creatie
exploiteren/inkomsten uit genereren. Bij het auteursrecht krijg je daarnaast nog een 2 de
categorie, nl. morele rechten zoals het recht op naam. Dat zijn persoonlijkheidsrechten. In de
industriële eigendomsrechten krijg je dus enkel vermogensrechten, terwijl je bij de
auteursrechten ook morele rechten krijgt.
Nuance: in het octrooirecht krijg je ook een moreel recht, nl. het recht vermeld te worden als
uitvinder. Bij databanken (hoort bij auteursrecht sensu lato) is er dan weer geen moreel recht.
- Beschermingsvoorwaarden: in industriële eigendom zijn de voorwaarden objectief, bij
auteursrecht subjectief. In het octrooirecht zijn de voorwaarden dus objectief: of je ze krijgt
beslist men op basis van pure feiten, de rechter heeft geen beoordelingsruimte. Hij kijkt enkel: u
vraagt een octrooi aan voor een uitvinding, bestond die uitvinding al ja of neen?
In het auteursrecht heeft de rechter dan wel weer beoordelingsruimte en zijn de
beschermingsvoorwaarden dus subjectief, bv. het hof van beroep in Antwerpen was vroeger
gekend zeer soepel te zijn en om heel snel auteursrechten toe te kennen. Advocaten wisten dat
toen, maar echter vandaag is er een jongere kamer en zij zijn veel strenger.
Nuance: ook bij industriële eigendom zijn er rechten waar de rechters ruimte hebben voor
subjectiviteit bv. in het merkenrecht.
- De industriële eigendomsrechten hebben een economische rol, de auteursrechten een culturele
rol. Echter, dit onderscheid is volledig achterhaald: artiesten bv. verkopen hun auteursrechten
voor heel wat geld aan investeringsmaatschappijen etc. dus begint daar ook het economische
een zeer grote rol te spelen.



DE BESCHERMING VAN EEN CREATIE DOOR MEERDERE INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN

Kan je één creatie door meerdere intellectuele rechten laten beschermen?

 Regel: cumulatie, het is perfect mogelijk om voor één creatie verschillende intellectuele rechten
aan te vragen.
 bij formaliteiten bv. bij octrooien betaal je enorm veel geld. Elke stap om een octrooi te krijgen
bv. kost geld. Als je dat moet doen voor alle intellectuele rechten die je aanvraagt, kan je dat niet
financieren. Vandaag hebben bedrijven gewoonweg het geld niet om nog maar enkel wereldwijd
door een octrooi beschermd te zijn. In de praktijk komt het er dus op aan om het meest geschikte
intellectueel recht te vinden en dat is dan nog eens onmogelijk om overal ter wereld aan te
vragen. Dat is de problematiek van de kosten.



TERRITORIALITEIT

Beginsel: je bent beschermd in die landen waar je bescherming hebt aangevraagd en hebt verkregen.
Je kiest dus de landen waar je bescherming wil, hoe doe je dat?


4

,INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


- Een nationale procedure doorlopen, bv. inzake merkenrecht bij de Benelux-procedure, je wil ook
in Frankrijk een merk en doorloopt de Franse procedure. In ieder land betaal je zeer veel,
indieningstaks, onderzoekstaks…
- 2de systeem: internationale aanvraag, het is mogelijk deze in te dienen en dat geeft u de
mogelijkheid de landen aan te duiden in 1 formulier waar je bescherming wil. Het grote voordeel
is dat je door 1 aanvraag de procedure start in alle landen waar je bescherming wil.
- In de EU is mogelijk gemaakt dat als een Belgisch bedrijf bv. bescherming wil hebben in EU-
lidstaten dat je bij een aanvraag instelt, je het ineens in alle lidstaten krijgt (apart van
internationale aanvraag, je moet niet voor deze EU-aanvraag kiezen). Men heeft daaraan gewerkt
en communautaire intellectuele rechten gecreëerd, zo is er (1) een uniemerk, (2) een
gemeenschapsmodel (/) en (3) een Europees octrooi met eenheidswerking & (4)
gemeenschappelijke titel in kwekersrecht (/).
De eigenheid daarvan – omschreven a.d.h.v. een uniemerk – : je gaat bij een uniemerk naar het
Europees Merkenbureau en doet een aanvraag voor een merk in de EU, indien je dat krijgt ben je
ineens beschermd doorheen gans de EU.
Pervers kantje: als je een nationale procedure of een internationale aanvraag doorloopt, dan krijg
je bv. in Frankrijk een Frans merk en als je merk in Frankrijk wordt nietig verklaard, dan blijft je
Duits merk bestaan. Echter, wanneer je bv. een uniemerk hebt krijg je dat voor alle 27, maar het
pervers kantje is: het is alles of niets. Als een Poolse rechter zegt dat het uniemerk nietig is, dan
verlies je het voor de 27 lidstaten.
Positief: via 1 aanvraag voor de 27 lidstaten.
Negatief: als er 1 het nietig verklaart, is het overal nietig.
Je kan bv. voor een teken een uniemerk nemen en een Beneluxmerk (nationaal): cumulatie. Bij
het Europees octrooi met eenheidswerking kan je niet cumuleren.

- Uitzondering: communautaire uitputting. We hebben de EU en bovendien de EER (3 landen erbij,
nl. IJsland, Noorwegen en Liechtenstein) en in die ruimte heerst het systeem van communautaire
uitputting dat voortvloeit uit het vrije verkeer van goederen, de essentie daarvan is dat als je in
één lidstaat een product op de markt zet conform de daar geldende regelgeving dan gaat je
product in alle lidstaten vrij circuleren. Stel je hebt een product dat beschermd is door het
auteursrecht en je zet dat in België op de markt, moet dat vrij kunnen circuleren (bv. wordt naar
Polen uitgevoerd en daar verkocht). Stel dat je het laat circuleren in België en, dan kan je via je
intellectueel recht niet zeggen dat het in Polen niet mag verkocht worden. Dus als je het bv. in
België en Italië op de markt zet, kan je je niet beroepen op je intellectueel recht om het product
van de markt te halen in België wegens het vrije verkeer van goederen. Let op: als iemand uw
product zonder uw medeweten ergens op de markt zet, kan je jezelf wel op beroepen wegens
namaak.
Essentie: als je zelf een product ergens op de markt zet in de EER of het gebeurt met uw
toestemming, dan kan u in een andere lidstaat van de EER uw eigen intellectuele rechten niet
gebruiken om het daar tegen te houden.



BELANGRIJKE VERDRAGEN

Het zijn er zeer veel, die ook zeer oud zijn. Redenen waarom er zoveel zijn:

- Harmonisatie van bescherming: de EU wil nationale wetgeving harmoniseren en dat gebeurt via
richtlijnen. Ook intellectuele rechten harmoniseert men vanuit Europa, maar ook op wereldvlak!


5

,INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


- Minimumniveau van bescherming bekomen. Als jou wordt gevraagd welke landen er bekend
staan om namaak, is het juiste antwoord ‘Aziatische landen’. Echter, je hebt ginds wel
intellectuele eigendomsrecht, wat is dan de reden? Het beschermingsniveau van de intellectuele
rechten lag er heel laag. Via internationale verdragen probeert men minimumstandaarden te
stellen. De VS gebruiken intellectuele rechten bv. in hun handelspolitiek: ze zeiden tegen de
Aziatische landen dat er een minimum aan bescherming moest zijn vooraleer men met hen zou
gaan handel drijven.
- Bescherming van buitenlanders: kan een Amerikaan hier in België bescherming inroepen voor zijn
Amerikaanse producten? Dat is de vraag naar bescherming van buitenlanders. Het antwoord: in
vele intellectuele eigendomsrechten in landen zit het principe van reciprociteit/wederkerigheid.
Dat is een systeem waarbij een land zegt een buitenlander te beschermen op voorwaarde dat een
burger van dat eerste land dezelfde bescherming krijgt in het ander land. Het probleem van
reciprociteit stelt zich niet meer in de EU omdat in het basisverdrag van de EU staat dat je niet
mag discrimineren o.b.v. nationaliteit: België geeft aan alle burgers van de EU-lidstaten dezelfde
rechten die Belgen krijgen.
Op internationaal vlak probeert men het principe af te bouwen door het principe van assimilatie:
als je als land toetreedt tot de internationale overeenkomst verbind je jezelf ertoe dezelfde
bescherming te geven aan de onderdanen van de andere lidstaten als die aan je eigen burgers. In
het Bern-verdrag bv. zijn zowel de VS als België lid en dus zal een Amerikaan naar een Belgische
rechter kunnen stappen.
- Centralisatie van de aanvraag: zie ook supra.



Er zijn 2 categorieën van verdragen:

1. Algemene verdragen: geldend voor meerdere intellectuele rechten.
2. Specifieke verdragen: over één intellectueel recht of zelfs een specifiek onderdeel ervan zoals de
centralisatie van de aanvraag ervan.

Belangrijke verdragen:

1. WIPO/OMPI-Verdrag

= World Intellectual Property Organisation (en OMPI: Franse vertaling ervan). Gesloten in 1967 en dit
verdrag richtte dus de WIPO op. En deze internationale organisatie is er een binnen de VN, maar let
op: het is geen dochterorganisatie van de VN! Het is dus niet bv. zoals UNICEF. WIPO/OMPI heeft
gewoonweg een band met de VN, het is een gespecialiseerde organisatie binnen de VN.

WIPO/OMPI is een functionele organisatie, dus houdt zich maar met 1 bezig, nl. intellectuele rechten.
Ze zijn gevestigd in Genève.

Hun doelen theoretisch (in de statuten) zijn: (1) bevordering intellectuele rechten & (2) de
administratieve samenwerking tussen Unies bevorderen. In de praktijk beheren ze en sluiten ze
internationale verdragen. WIPO/OMPI heeft de originele versies van de verdragen en als je wil
toetreden of omgekeerd moet je het bij hen ter kennis brengen (beheer van de verdragen). Ook
actualiseren ze verdragen: het basisverdrag inzake auteursrecht dateert bv. van 1886. WIPO/OMPI
heeft een hele infrastructuur voor conferenties en daarin wordt er onderhandeld over nieuwe versies
van bestaande verdragen. Ze proberen ook nieuwe verdagen tot stand te brengen, bv. dat deed men
met het auteursrecht voor het internet. WIPO/OMPI riep dan een nieuwe conferentie bijeen en
daaruit kwam een aanpassing van het auteursrecht aan de digitale wereld.


6

,INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


WIPO/OMPI houdt zich ook bezig met die internationale aanvragen! WIPO/OMPI functioneert als
brievenbus voor de internationale aanvraagformulieren, ze sturen die dan door naar de landen die je
hebt aangeduid.

Meer dan 175 landen zijn lid.

2. Unieverdrag van Parijs

Betreft de bescherming van industriële eigendom. Uit 1883. WIPO/OMPI organiseert vaak
conferenties voor modernisering van dergelijke verdragen, zo is België lid van de versie van 1967.

In dit verdrag zit het assimilatiebeginsel op het domein van industriële eigendom (zie supra). Dus
België zal op het gebied van industriële eigendom niet-EU onderdanen hetzelfde behandelen als haar
burgers. Ook het recht van voorrang zit hierin vervat.

Dit verdrag is vooral belangrijk voor de handelsnaam. In België is daar geen specifieke wet voor.

3. TRIPS-verdrag

= Trade Related Aspects of Intellectual Property Rights. Dit is een bijzonder verdrag omdat het een
bijlage is van het verdrag tot oprichting van het WTO. Dat verdrag bevat enkele bijlagen die specifieke
verdragen uitmaken. Lid WTO = lid Trips. Dit verdrag is dus te kaderen binnen de WTO omdat alle
verdragen van WIPO/OMPI zich focussen op het materieel/inhoudelijk recht. Een wereldwijd
probleem is echter namaak en de klassieke verdragen van WIPO/OMPI regelen dat niet. Daarop zei
men dat probleem te regelen binnen de WTO: er worden dan procedurele regels in de WTO ingesteld
die ervoor zorgen dat de landen kunnen doen optreden tegen namaak.

Het is ook een veel recenter verdrag (1994), (waardoor/en) er is ook meer bescherming. 145 leden.
Ook hier is het assimilatiebeginsel in opgenomen én het meest begunstigingsbeginsel. Vele materies
uit dit verdrag zijn echter via richtlijnen/verordeningen opgenomen in het EU-recht/geïmplementeerd
in de nationale wetgeving. Het HJEU zei nu dat de materies uit het TRIPS-verdrag die door de EU
reeds werden geregeld door richtlijnen/verordeningen, niet kunnen worden beroepen door de
burgers omdat onderdanen zich op regels van Europees recht moeten beroepen. Wat dat betreft zijn
die bepalingen niet direct werkend.

De materies die niet door Europees recht geregeld zijn, zijn ook niet direct werkend. Dus
concluderend: als Belg kan je je op geen enkele bepaling beroepen van het TRIPS-verdrag. Echter, de
Europese regelgeving wordt TRIPS-conform geïnterpreteerd. Daarom heeft het TRIPS wel nog impact.
Een term uit een richtlijn moet dus worden uitgelegd in overeenstemming met het TRIPS-verdrag.

4. Berner Conventie

Heeft enkel betrekking op auteursrecht. 1886, maar ook verschillende versies: wij zijn lid van die uit
1976. Opnieuw assimilatiebeginsel, ook materieelrechtelijke regels.



EUROPESE ASPECTEN VAN HET INTELLECTUEEL EIGENDOMSRECHT

- De EU heeft niet de intentie de intellectuele rechten van de lidstaten af te schaffen, maar
harmoniseert wel. Dat houdt vele richtlijnen in.
- Ten tweede probeert de EU ook gemeenschappelijke intellectuele rechten te maken (naast de
nationale intellectuele rechten), bv. uniemerken etc. Deze zijn vervat in verordeningen (die direct
werkend zijn).

7

,INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


- Het VWEU beïnvloedt de intellectuele rechten ook. Daarin zitten 2 belangrijke groepen
bepalingen in voor intellectuele rechten: (1) inzake vrij verkeer (straalt af op intellectuele rechten,
bv. omroep zendt uit in land X: mag je ook ontvangen in een ander land?  vrij verkeer van
diensten is hier zeer belangrijk voor) & (2) inzake mededingingsrecht (bv. art. 101 & 102  geen
mededingingsbeperkende afspraken en geen misbruik maken van machtspositie).
- Rechtspraak HJEU: door de grote harmonisatie van het intellectuele eigendomsrecht, moet je
voortdurend naar de richtlijnen kijken, die uitgelegd worden door HJEU indien er prejudiciële
vragen over komen (gebeurt zeer vaak).



WETBOEK ECONOMISCH RECHT (WER)

Intellectuele rechten in België zijn hoofdzakelijk in het WER opgenomen, de belangrijke boeken: zie
slides (materieelrechtelijk belangrijkst: Boek XI (auteursrecht & softwarebescherming voornamelijk,
niet merken).

EINDE INLEIDING



(B) AUTEURSRECHT

In deze in de enge zin van het woord (zie supra).

Het auteursrecht is zeer belangrijk vanwege:

- Het beschermde voorwerp: heel veel wordt auteursrechtelijk beschermd, omdat de voorwaarde
om auteursrechtelijk beschermd te worden zeer laag ligt. Men moet geen formaliteiten invullen.
- Vangnet: in procedures werd het auteursrecht altijd in subsidiaire orde ingeroepen. Bv. mijn merk
wordt beschermd door het merkenrecht, maar indien niet sowieso wel door het auteursrecht.
Rechters zijn hierin meegegaan en gaven zeer veel auteursrechtelijke bescherming. Momenteel is
er echter een omgekeerde evolutie, men wordt terughoudender en probeert regelmatig wat uit
het auteursrecht te gooien.
- Dagelijkse leven: zeer veel van wat men doet is auteursrechtelijk beheerst. Bv. muziek op filmpje
en online zetten (= auteursrechtelijk beschermd, mag niet).



BRONNEN

1. NATIONAAL
WER: Boek I (I.13 en I.16), Boek XI (titel 5 Auteursrecht en naburige rechten (art. XI.164 tot en
met XI.293), Boek XV en Boek XVII
Titel 5 moet je uitleggen in functie van het Europees recht.
2. EUROPEES: 4 bronnen
a) Richtlijnen: twee onthouden, nl. richtlijn auteursrecht in de informatiemaatschappij (=
infosoc-richtlijn). Deze is de eerste richtlijn die het auteursrecht aanpaste aan de digitale
wereld. Ook de DSM-richtlijn onthouden, aangezien deze de tweede richtlijn is die het
auteursrecht aan de digitale wereld aanpast (immers veel tijd tussen eerste en tweede
richtlijn, bv. YouTube is er gekomen etc.).
b) Verordeningen: twee op het domein van auteursrecht. De eerste verordening is belangrijk
voor mensen die op Erasmus gaan. Als je in Vlaanderen een Netflix-abonnement had en je

8

,INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


ging naar Italië en je logde u in, dan kreeg je Italiaanse Netflix. Met een verordening regelde
men dan dat je uw eigen lokaal steeds zou kunnen meenemen (nl. de portabiliteit).
c) VWEU
d) Rechtspraak HJEU
3. INTERNATIONAAL
Belangrijk vooral is Berner Conventie en TRIPS.

VRAAG 1: WAT BESCHERMT HET AUTEURSRECHT?

In heel veel intellectuele rechten zijn er geen definities, omdat je zo misschien toekomstige zaken
uitsluit. Je vindt dus geen definitie voor wat wordt beschermd, maar er zijn wel indicaties, bv. in:

- Berner Conventie: werk van letterkunde of kunst (men geeft dan niet-limitatieve lijst) (ook in
Boek XI is dit overgenomen)
- Infosoc-richtlijn: werk
- Titel 5 Boek XI WER: regeling voor bepaalde categorieën van werken. Ook geen limitatieve lijst.

Wat is een ‘werk’? HJEU in Levola-arrest (te kennen!): heksenkaas (Nederlands) wordt door een
Nederlandse producent op de markt geplaatst en een buitenlandse concurrent brengt een smeerkaas
in Nederland op de markt die smaakt naar de heksenkaas. De Nederlandse producent zegt dat smaak
een werk is en dus auteursrechtelijk is beschermd en de buitenlandse concurrent zegt het
omgekeerde. Het HJEU zegt dat er sprake moet zijn van:

Een idee/gedachte/creatie MET een nauwkeurige en objectieve uitdrukkingsvorm EN een
originele uitdrukkingsvorm

BESCHERMINGSVOORWAARDEN

Opdat er een ‘werk’ zou zijn. Het HJEU legde uit:

- Een nauwkeurige en objectieve uitdrukkingsvorm: dat is geen permanente uitdrukkingsvorm, nl.
je hebt nl. ook werken die vervagen bv. een stoel is blijvend, maar een liedje stopt na enkele
minuten. De uitdrukkingsvorm is dan niet permanent.
Je hebt een nauwkeurige en objectieve uitdrukkingsvorm indien in de eerste plaats de
creatiemaker zich op een zodanige wijze uitdrukken dat de anderen hetzelfde waarnemen en er
geen plaats is voor subjectiviteit. Bv. als je naar een schilderij kijkt: wij zien objectief hetzelfde (of
je dat mooi vindt telt niet in het auteursrecht, het gaat over het ‘waarnemen’). Smaak kan je niet
objectief en nauwkeurig waarnemen, omdat dat subjectief is (een smaak is voor de ene pikant,
voor de andere niet ook al is het hetzelfde product).
Ten tweede moet degene die het identificeert, het objectief moet kunnen identificeren.
Een nauwkeurige en objectieve uitdrukkingsvorm, aldus het HJEU, kan je enkel zien of horen. Dus
alles wat je kan zien of horen voldoet aan deze voorwaarde. Het Hof laat zich op dezelfde manier
uit over geuren (ook subjectief). Smaken en geuren kunnen overigens ook niet in het octrooi- en
merkenrecht beschermd worden.
- Originele uitdrukkingsvorm: het HJEU herhaalt in Levola het Eva-Maria Painer-arrest. Zij was een
schoolfotografe en vlak voor de ontvoering van een leerlinge had ze een foto van haar gemaakt.
De meest recente foto werd verspreid en men bleef die gebruiken. Ook ging men o.b.v.
verouderingstechnieken de foto aanpassen. De fotografe zegt dat deze auteursrechtelijk is
beschermd en dat aanpassingen niet zomaar mogen en dat die ook niet zomaar nog mag worden
gebruikt. Ze startte een procedure en het HJEU zei dat je originaliteit hebt indien er een eigen
intellectuele schepping is: het is de uitdrukking van de persoonlijkheid van de maker. Een


9

, INTELLECTUELE EIGENDOMSRECHTEN


uitdrukking van de persoonlijkheid heb je indien je vrije creatieve keuzes hebt kunnen maken. Je
moet kunnen aantonen dat je in je werk een eigen vrije creatieve keuze hebt kunnen maken.

Gezien beide voorwaarden, kan worden gezegd dat de beschermingsvoorwaarden vrij laag liggen.

Het Hof van Cassatie bevestigt het HJEU, maar zegt ook dat er een aanwijsbare activiteit van de
menselijke geest moet zijn. Dit houdt in dat er steeds een menselijke tussenkomst moet zijn.
Daardoor vallen een heleboel zaken buiten auteursrechtelijke bescherming. Bv. selfie van een aap
met de gsm van een toerist: geen menselijke tussenkomst, dus niet auteursrechtelijk beschermd.

In het licht van de menselijke tussenkomst heerst er over AI nog discussie.

LET OP: het auteursrecht beschermt niet de ideeën of gedachten die aan de basis liggen, maar de
nauwkeurige, objectieve en originele uitdrukkingsvorm. Ideeën zij vrij en worden niet beschermd. Bv. foto:
wekte interesse van een sigarettenproducent en de onderhandelingen lopen niet goed. De producent wou
niet betalen wat de fotomaker vroeg: de producent zei tegen hun huisfotograaf om mee te gaan
onderhandelen en als de foto langskomt om hem goed te bekijken. De onderhandelingen liepen spaak en
de huisfotograaf kreeg de opdracht een gelijkaardige foto te maken. Dit is natuurlijk een inbreuk op het
auteursrecht: je mag het idee overnemen van mensen die wandelen in een straat, maar je mag niet de
nauwkeurige, objectieve en originele uitdrukkingsvorm overnemen. Uiteraard zijn er wijzigingen, maar
beschermde elementen uit de eerste foto vinden we zonder meer terug. Voorbeeld van kabouters:
werknemer had idee toen hij nog in dienst was, toen hij werd ontslagen werd zijn idee uitgewerkt. Idee
was niet uitgedrukt dus geen schending van auteursrecht want ideeën zijn vrij.

Er zijn vele zaken die geen rol spelen in het al dan niet verkrijgen van auteursrechtelijke bescherming,
bv. de artistieke of esthetische waarde (je kan niet iets beschermen ‘omdat het mooi is’), daarbij ook
de nieuwheid (wel in het octrooirecht): stel je krijgt een onderwerp voor je bachelorproef en 3 jaar
geleden behandelde iemand hetzelfde onderwerp (’t is niet omdat het niet nieuw is dat het niet
wordt beschermd, het gaat over de concrete inhoud). Ook de lengte en omvang van geen belang (één
zin kan worden beschermd) en het genre of de aard van het werk. Ook of iets is voltooid is of niet
(wel bij databanken): je eerste teksten worden beschermd ook al is je bachelorproef niet af (bv.
Renault-kunstenaar). Strijdigheid met openbare orde en goede zeden speelt ook geen rol (geldt enkel
in het auteursrecht): bv. een pedofiel die foto’s maakt, die worden even goed auteursrechtelijk
beschermd als uw vakantiefoto’s. Dus dat kon vroeger niet op de zitting worden afgespeeld, maar in
2022: wet die besliste dat vertoning in gerechtelijke procedures een uitzondering uitmaakt op
bescherming. Ook het doel en de bestemming zijn van geen belang (een roman wordt even veel
beschermd als een handleiding). De geleverde inspanning ook niet en ten slotte de intellectuele
inspanning en deskundigheid ook niet.

 Het auteursrecht beschermt dus zeer veel en vormt daarom dus een vangnet. Bv. lampenkappen
en afgrijselijke beeldjes…

UITZONDERINGEN

Enkele zaken die internationaal zijn aanvaard en niet kunnen worden beschermd door het auteurs-
recht:

- Stijl: de stijl van Herman Brusselmans bv. is niet beschermd. Waar begint stijl dan en eindigt een
concreet werk? Bv. allemaal groen in tijdschrift X en egaal groen in tijdschrift Y: stijlovername,
maar geen specifieke overname van beschermde elementen.



10

Document information

Study
Uploaded on
May 17, 2025
Number of pages
76
Written in
2023/2024
Type
Class notes
Professor(s)
Hendrik vanhees
Contains
College 1 t/m 8 (v/d 12)
$7.42

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
4
Last sold
-




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions