Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid Academiejaar 2023-2024
Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid
Les 1: Sociale rechtvaardigheid als sociaal-politiek en
handelingskader voor het SW
1. Introductie
Stelling van de fluit:
Stel dat drie kinderen ruziën over wie een fluit cadeau krijgt. Anna zegt: “Ik ben de enige die
de fluit kan bespelen, dus redelijkerwijs komt de fluit aan mij toe.”. Bob stelt: “Ik heb
helemaal geen speelgoed, dus vind ik dat ik de fluit wel zou mogen krijgen.”. Meryem zegt:
“Ik ben wel dagen bezig geweest om de fluit te maken.”. Aan wie zou jij de fluit geven? En
waarom, welke reden zie je om ze aan Anna, Bob of Meryem te geven?
1.1 Rechtvaardigheid versus sociale rechtvaardigheid
Rechtvaardigheid gaat over de redenen, de beginselen op basis waarvan men stelt of
handelingen juist en eerlijk zijn. Er zijn hier verschillende interpretaties over, waarbij
sommige lijnrecht tegenover elkaar staan.
Juist en eerlijk handelen…
Is wat juist is, altijd eerlijk?
Is wat eerlijk is, altijd juist?
Wat is juist en wat is eerlijk?
Sociale rechtvaardigheid gaat over visies op wat faire en rechtvaardige relaties tussen
individu en samenleving zijn. ( relaties met het sociaal werk) Dit concept verwijst naar het
proces waardoor individuen hun rol (kunnen) vervullen in de samenleving en/of individuen al
dan niet krijgen waar ze recht op hebben.
Het gaat hier over het toewijzen van rechten en plichten met betrekking tot de
basisinstituties van een samenleving.
Delen in de lusten: onder welke voorwaarden kan iemand genieten van een aantal
basisvoorzieningen?
Het verdelen van de lasten voor die basisinstituties, wie betaalt?
Dit wordt vaak gemeten aan de hand van: verdeling van rijkdom, kansen op persoonlijke
ontwikkeling, welke sociale voordelen er zijn voor wie en onder welke voorwaarden en
gelijkwaardige participatie aan de samenleving.
1.2 De verhouding van dit OLOD met ethiek/deontologie
Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid leggen de nadruk op het vormgeven aan het
samenleven via sociaal werk, als basisinstitutie, met als doel een meer sociaal rechtvaardige
samenleving. -> De relatie met de sociale politiek / Politisering: meso- en macroniveau.
Sociaal werk & ethiek/deontologie gaat meer over onze verhouding tot de gebruikers/onze
plichtenleer als sociaal werk(er). -> micro- en mesoniveau.
1
,Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid Academiejaar 2023-2024
Ze zijn onderling sterk verbonden, ze hebben een gedeeld vertrekpunt = het normatieve van
sociaal werk.
GLOBAL SOCIAL WORK STATEMENT OF ETHICAL PRINCIPLES 2018
Er zijn 9 ethische principes in deze verklaring, waaronder 4 centraal staan in dit OLOD.
1) Recognition of the inherent dignity of Humanity.
2) Promoting Human Rights.
3) Promoting Social Justice.
4) Promoting the Right of Self-Determination.
5) Promoting the Right to Participate.
6) Respect for confidentiality and privacy.
7) Treating People af Whole Persons.
8) Ethical use of technology and social media.
9) Professional Integrity.
1.3 Sociale rechtvaardigheid en de rol van de overheid
Wat is de rol van de overheid in de realisatie van sociale rechtvaardigheid?
Moet de overheid zich richten op burgers met de hoogste nood of op alle burgers?
Mag de overheid een zekere wederkerigheid verwachten en ook burgers aanspreken
op zijn/haar verantwoordelijkheid?
Wat als burgers hun verantwoordelijkheid niet nemen in de realisatie van sociale
rechtvaardigheid? Mogen ze dan gesanctioneerd worden?
Hoe verhoudt de verantwoordelijkheid van een overheid zich tot de
verantwoordelijkheid van burgers?
1.4 Klemtonen in het IFSW document m.b.t. sociale rechtvaardigheid
= International Federation of Social Work(ers)
2
,Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid Academiejaar 2023-2024
2. Sociale rechtvaardigheid als sociaal-politiek kader voor het sociaal werk:
de ontwikkeling van gunst naar recht
Gunst Recht
- Tekortkomingen - Krachten/mogelijkheden
- Sociale controle - Emancipatie
- (Overheids)paternalisme - Gebruikersparticipatie
- Private sfeer - Publieke sfeer
- Selectiviteit - Universaliteit
2.1 Van tekortkomingen naar mogelijkheden
18e-19e eeuw:
Medisch model: deficit-benadering.
Sociaal werk: ‘sociale tekortkomingen’.
= de onaangepastheid van een individu of een groep van mensen aan de burgerlijke
waarden en normen in onze samenleving.
Beschavingsoffensief: ‘classe dangereuse’
De rol die het sociaal werk moet opnemen = beschaving bijbrengen.
Vb; via de 1e kinderwetten: Wet op het Verbod op Kinderarbeid (1889), Wet op de
Kinderbescherming (1912), Wet op de Leerplicht (1914), …
Na WOII:
Ondersteunende benadering waarbij het startpunt de mogelijkheden van de mensen
is.
3
, Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid Academiejaar 2023-2024
Voorbeelden: eigen kracht, herstelgericht werken, ervaringsdeskundigen in de
hulpverlening, zelforganisaties bij armoedebestrijding, …
Naast individuele ook structurele focus: Hoe moeten we maatschappelijke structuren
aanpassen, zodat mensen met een beperking er toch kunnen aan deelnemen?
Nu, heden ten dage:
Aandacht voor tekortkomingen verdwenen?
Voorbeeld: nudging bij mensen in armoede.
= subtiele duwtjes via kleine aanpassingen in de omgeving of in communicatie,
gedrag richting gezonde keuzes sturen, …
2.2 Van sociale controle naar emancipatie
18e-19e eeuw:
Doel van het sociaal werk: sociale controle.
Vb; heropvoedingsmaatregelen in de jeugdzorg, programma’s van sociale hygiëne of
arbeidsmartkbegeleiding, deze dienen tot sociale cohesie of re-integratie in de
samenleving.
‘Sociale-controle-logica’ = instrumentalisering van het sociaal werk: inzetten voor de
realisatie van doelen die gelegen zijn buiten haar eigen praktijk.
Na WOII:
Jaren ’60: maatschappelijke contestatiebeweging.
Van verticale naar horizontale ondersteuningsrelaties: focus ligt op de
onderhandeling.
Doel van het sociaal werk: emancipatie = kritische analyse van machtsrelaties die
beletten dat mensen tot hun recht komen en deze machtsrelaties ombuigen in een
groter respect voor de menselijke waardigheid.
Nu, heden ten dage:
Sociale controle en emancipatie zijn 2 kenmerken van het sociaal werk doorheen de
geschiedenis.
Sociaal werk begeeft zich op het spanningsveld tussen beiden = dubbelkarakter van
het sociaal werk; SW is tegelijk controlerend en emanciperend.
Vb; sociale huisvesting: recht op wonen: burgers voorzien in hun materiële
basisbehoeften (emancipatie) en de verantwoordelijkheid om de Nederlandse taal te
leren als middel tot sociale integratie (sociale controle).
2.3 Van (overheids)paternalisme naar gebruikersparticipatie
18e-19e eeuw:
Sociaal werker als expert en vertegenwoordiger van een superieur moraal.
Cliënten worden beschouwd als ‘objecten van de zorg’.
Aanbods-gerichte logica: cliënt past zich aan aan de structuren van het sociaal werk.
Na WOII:
4
Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid
Les 1: Sociale rechtvaardigheid als sociaal-politiek en
handelingskader voor het SW
1. Introductie
Stelling van de fluit:
Stel dat drie kinderen ruziën over wie een fluit cadeau krijgt. Anna zegt: “Ik ben de enige die
de fluit kan bespelen, dus redelijkerwijs komt de fluit aan mij toe.”. Bob stelt: “Ik heb
helemaal geen speelgoed, dus vind ik dat ik de fluit wel zou mogen krijgen.”. Meryem zegt:
“Ik ben wel dagen bezig geweest om de fluit te maken.”. Aan wie zou jij de fluit geven? En
waarom, welke reden zie je om ze aan Anna, Bob of Meryem te geven?
1.1 Rechtvaardigheid versus sociale rechtvaardigheid
Rechtvaardigheid gaat over de redenen, de beginselen op basis waarvan men stelt of
handelingen juist en eerlijk zijn. Er zijn hier verschillende interpretaties over, waarbij
sommige lijnrecht tegenover elkaar staan.
Juist en eerlijk handelen…
Is wat juist is, altijd eerlijk?
Is wat eerlijk is, altijd juist?
Wat is juist en wat is eerlijk?
Sociale rechtvaardigheid gaat over visies op wat faire en rechtvaardige relaties tussen
individu en samenleving zijn. ( relaties met het sociaal werk) Dit concept verwijst naar het
proces waardoor individuen hun rol (kunnen) vervullen in de samenleving en/of individuen al
dan niet krijgen waar ze recht op hebben.
Het gaat hier over het toewijzen van rechten en plichten met betrekking tot de
basisinstituties van een samenleving.
Delen in de lusten: onder welke voorwaarden kan iemand genieten van een aantal
basisvoorzieningen?
Het verdelen van de lasten voor die basisinstituties, wie betaalt?
Dit wordt vaak gemeten aan de hand van: verdeling van rijkdom, kansen op persoonlijke
ontwikkeling, welke sociale voordelen er zijn voor wie en onder welke voorwaarden en
gelijkwaardige participatie aan de samenleving.
1.2 De verhouding van dit OLOD met ethiek/deontologie
Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid leggen de nadruk op het vormgeven aan het
samenleven via sociaal werk, als basisinstitutie, met als doel een meer sociaal rechtvaardige
samenleving. -> De relatie met de sociale politiek / Politisering: meso- en macroniveau.
Sociaal werk & ethiek/deontologie gaat meer over onze verhouding tot de gebruikers/onze
plichtenleer als sociaal werk(er). -> micro- en mesoniveau.
1
,Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid Academiejaar 2023-2024
Ze zijn onderling sterk verbonden, ze hebben een gedeeld vertrekpunt = het normatieve van
sociaal werk.
GLOBAL SOCIAL WORK STATEMENT OF ETHICAL PRINCIPLES 2018
Er zijn 9 ethische principes in deze verklaring, waaronder 4 centraal staan in dit OLOD.
1) Recognition of the inherent dignity of Humanity.
2) Promoting Human Rights.
3) Promoting Social Justice.
4) Promoting the Right of Self-Determination.
5) Promoting the Right to Participate.
6) Respect for confidentiality and privacy.
7) Treating People af Whole Persons.
8) Ethical use of technology and social media.
9) Professional Integrity.
1.3 Sociale rechtvaardigheid en de rol van de overheid
Wat is de rol van de overheid in de realisatie van sociale rechtvaardigheid?
Moet de overheid zich richten op burgers met de hoogste nood of op alle burgers?
Mag de overheid een zekere wederkerigheid verwachten en ook burgers aanspreken
op zijn/haar verantwoordelijkheid?
Wat als burgers hun verantwoordelijkheid niet nemen in de realisatie van sociale
rechtvaardigheid? Mogen ze dan gesanctioneerd worden?
Hoe verhoudt de verantwoordelijkheid van een overheid zich tot de
verantwoordelijkheid van burgers?
1.4 Klemtonen in het IFSW document m.b.t. sociale rechtvaardigheid
= International Federation of Social Work(ers)
2
,Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid Academiejaar 2023-2024
2. Sociale rechtvaardigheid als sociaal-politiek kader voor het sociaal werk:
de ontwikkeling van gunst naar recht
Gunst Recht
- Tekortkomingen - Krachten/mogelijkheden
- Sociale controle - Emancipatie
- (Overheids)paternalisme - Gebruikersparticipatie
- Private sfeer - Publieke sfeer
- Selectiviteit - Universaliteit
2.1 Van tekortkomingen naar mogelijkheden
18e-19e eeuw:
Medisch model: deficit-benadering.
Sociaal werk: ‘sociale tekortkomingen’.
= de onaangepastheid van een individu of een groep van mensen aan de burgerlijke
waarden en normen in onze samenleving.
Beschavingsoffensief: ‘classe dangereuse’
De rol die het sociaal werk moet opnemen = beschaving bijbrengen.
Vb; via de 1e kinderwetten: Wet op het Verbod op Kinderarbeid (1889), Wet op de
Kinderbescherming (1912), Wet op de Leerplicht (1914), …
Na WOII:
Ondersteunende benadering waarbij het startpunt de mogelijkheden van de mensen
is.
3
, Sociaal werk & sociale rechtvaardigheid Academiejaar 2023-2024
Voorbeelden: eigen kracht, herstelgericht werken, ervaringsdeskundigen in de
hulpverlening, zelforganisaties bij armoedebestrijding, …
Naast individuele ook structurele focus: Hoe moeten we maatschappelijke structuren
aanpassen, zodat mensen met een beperking er toch kunnen aan deelnemen?
Nu, heden ten dage:
Aandacht voor tekortkomingen verdwenen?
Voorbeeld: nudging bij mensen in armoede.
= subtiele duwtjes via kleine aanpassingen in de omgeving of in communicatie,
gedrag richting gezonde keuzes sturen, …
2.2 Van sociale controle naar emancipatie
18e-19e eeuw:
Doel van het sociaal werk: sociale controle.
Vb; heropvoedingsmaatregelen in de jeugdzorg, programma’s van sociale hygiëne of
arbeidsmartkbegeleiding, deze dienen tot sociale cohesie of re-integratie in de
samenleving.
‘Sociale-controle-logica’ = instrumentalisering van het sociaal werk: inzetten voor de
realisatie van doelen die gelegen zijn buiten haar eigen praktijk.
Na WOII:
Jaren ’60: maatschappelijke contestatiebeweging.
Van verticale naar horizontale ondersteuningsrelaties: focus ligt op de
onderhandeling.
Doel van het sociaal werk: emancipatie = kritische analyse van machtsrelaties die
beletten dat mensen tot hun recht komen en deze machtsrelaties ombuigen in een
groter respect voor de menselijke waardigheid.
Nu, heden ten dage:
Sociale controle en emancipatie zijn 2 kenmerken van het sociaal werk doorheen de
geschiedenis.
Sociaal werk begeeft zich op het spanningsveld tussen beiden = dubbelkarakter van
het sociaal werk; SW is tegelijk controlerend en emanciperend.
Vb; sociale huisvesting: recht op wonen: burgers voorzien in hun materiële
basisbehoeften (emancipatie) en de verantwoordelijkheid om de Nederlandse taal te
leren als middel tot sociale integratie (sociale controle).
2.3 Van (overheids)paternalisme naar gebruikersparticipatie
18e-19e eeuw:
Sociaal werker als expert en vertegenwoordiger van een superieur moraal.
Cliënten worden beschouwd als ‘objecten van de zorg’.
Aanbods-gerichte logica: cliënt past zich aan aan de structuren van het sociaal werk.
Na WOII:
4