TOPIC 1: METEN BINNEN DE KINESITHERAPIE
INTRODUCTIE
Leerdoelen:
- Weten wat de eigenschappen zijn van een bruikbaar meetinstrument
- Weten wat het verschil is tussen betrouwbaarheid en validiteit en hoe
deze gerelateerd zijn aan een meetfout
- Weten wat de verschillende vormen en validiteit zijn en hoe zij zich tot
elkaar verhouden
Belang:
- Meten = weten
o Kijken naar capaciteit van meetinstrumenten
- Kwaliteitsbevordering
o Pro-Q-kine: als je meet cursussen bij volgt, krijg je punten en voor
die punten kun je bonussen krijgen
o Zelfreflectie is belangrijk
- Bijsturen therapie op basis van onderzoek
- Begrijpen en kritisch reflecteren op onderzoekresultaten
Kinesitherapie:
- Spierkrachttesten (MMT)
- Goniometrie
- Handheld dynamometen
- Hoe betrouwbaar/ valide/ goed zijn meetinstrumenten?
Soort examenvraag
Casus 1:
therapeut in ziekenhuis: meten van knieflexie binnen een ziekhuissetting. Patiënt
vertoont een verbetering van 12° flexie na de operatie.
Is dit een betekenisolle vooruitgang? Zou een andere therapeut eenzelfde
resultaat bekomen?
- Beteknisvol: hoe kan je dit nagaan?
- Gaat collega hetzelfde resultaat bekomen?
- Teruggrijpen naar literatuur die bestaat
Casus 2:
therapeut in zelfstandige praktijk: uitvoeren straight leg raise (SLR) om een
mogelijke hernia te detecteren. Patiënt vertoont een positieve SLR.
Betekent dit automatisch de aanwezigheid van een hernia? Moet ik mijn patiënt
doorsturen?
https://www.youtube.com/watch?v=LdAD9GNv8FI
, Veelgebruikte termen:
EXAMEN
- Validiteit = hoe juist een meetinstrument is
- Betrouwbaarheid = mate waarin je hetzelfde resultaat verkrijgt
als de
meting herhaaldelijk uitgevoerd wordt
- Responsiviteit = hoe goed is mijn meetinstrument in staat om een
verandering / progressie op te volgen, gekoppeld
aan
validiteit en vetrouwbaarheid
- Beterkenisvolle verandering
- Minimale detectiedrempen
- Sensitiviteit
- Specificiteit
- …
DEFINITIES
Klinimetrie = specifieke tak binnen de klinische setting
(art, ziekenhuis, kine,…)
Psychometrie = speciefieke tak van meettheorie binnen de psychologie
(vragenlijsten over IQ en karakter)
Meettheorie (measurement theory) = houdt verband tussen alle metingen,
meest brede
(gaat ook buiten kinesitherapie: over massa,
temp…)
Opdeling willen een essentie vaak gewoon hezelde zeggen (overlapping), aan
welke eigenschappen moet een meetinstrument voldoen.
MEETEIGENSCHAPPEN
Enkele eenvoudige regels:
- Ken de grootheid van jouw meetinstrument (wat meet je?)
vb. massa, lengte, IQ, pijn, …
- Ken de eenheid van jouw meetinstrument
(Let Op! Sommige meetinstrumenten kennen geen specifieke eenheid)
vb. gram, cm…
- Ken de begrenzing van jouw meetinstrument (juistheid / nauwkeurigheid)
= beduidende cijfers.
vb. weegschaal tot op 1kg nauwkeurig rapporteren tot op 1 kg
nauwkeurig (64kg)
INTRODUCTIE
Leerdoelen:
- Weten wat de eigenschappen zijn van een bruikbaar meetinstrument
- Weten wat het verschil is tussen betrouwbaarheid en validiteit en hoe
deze gerelateerd zijn aan een meetfout
- Weten wat de verschillende vormen en validiteit zijn en hoe zij zich tot
elkaar verhouden
Belang:
- Meten = weten
o Kijken naar capaciteit van meetinstrumenten
- Kwaliteitsbevordering
o Pro-Q-kine: als je meet cursussen bij volgt, krijg je punten en voor
die punten kun je bonussen krijgen
o Zelfreflectie is belangrijk
- Bijsturen therapie op basis van onderzoek
- Begrijpen en kritisch reflecteren op onderzoekresultaten
Kinesitherapie:
- Spierkrachttesten (MMT)
- Goniometrie
- Handheld dynamometen
- Hoe betrouwbaar/ valide/ goed zijn meetinstrumenten?
Soort examenvraag
Casus 1:
therapeut in ziekenhuis: meten van knieflexie binnen een ziekhuissetting. Patiënt
vertoont een verbetering van 12° flexie na de operatie.
Is dit een betekenisolle vooruitgang? Zou een andere therapeut eenzelfde
resultaat bekomen?
- Beteknisvol: hoe kan je dit nagaan?
- Gaat collega hetzelfde resultaat bekomen?
- Teruggrijpen naar literatuur die bestaat
Casus 2:
therapeut in zelfstandige praktijk: uitvoeren straight leg raise (SLR) om een
mogelijke hernia te detecteren. Patiënt vertoont een positieve SLR.
Betekent dit automatisch de aanwezigheid van een hernia? Moet ik mijn patiënt
doorsturen?
https://www.youtube.com/watch?v=LdAD9GNv8FI
, Veelgebruikte termen:
EXAMEN
- Validiteit = hoe juist een meetinstrument is
- Betrouwbaarheid = mate waarin je hetzelfde resultaat verkrijgt
als de
meting herhaaldelijk uitgevoerd wordt
- Responsiviteit = hoe goed is mijn meetinstrument in staat om een
verandering / progressie op te volgen, gekoppeld
aan
validiteit en vetrouwbaarheid
- Beterkenisvolle verandering
- Minimale detectiedrempen
- Sensitiviteit
- Specificiteit
- …
DEFINITIES
Klinimetrie = specifieke tak binnen de klinische setting
(art, ziekenhuis, kine,…)
Psychometrie = speciefieke tak van meettheorie binnen de psychologie
(vragenlijsten over IQ en karakter)
Meettheorie (measurement theory) = houdt verband tussen alle metingen,
meest brede
(gaat ook buiten kinesitherapie: over massa,
temp…)
Opdeling willen een essentie vaak gewoon hezelde zeggen (overlapping), aan
welke eigenschappen moet een meetinstrument voldoen.
MEETEIGENSCHAPPEN
Enkele eenvoudige regels:
- Ken de grootheid van jouw meetinstrument (wat meet je?)
vb. massa, lengte, IQ, pijn, …
- Ken de eenheid van jouw meetinstrument
(Let Op! Sommige meetinstrumenten kennen geen specifieke eenheid)
vb. gram, cm…
- Ken de begrenzing van jouw meetinstrument (juistheid / nauwkeurigheid)
= beduidende cijfers.
vb. weegschaal tot op 1kg nauwkeurig rapporteren tot op 1 kg
nauwkeurig (64kg)