• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 176 pages
Summary

Samenvatting - Biochemie (J000494A, prof. Remaut) - geslaagd in eerste zit met 18/20

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 176 pages

Dit document is een samenvatting van de slides + wat de prof in de les vertelde. Behaalde een 18/20 met deze samenvatting.

Content preview

BIOCHEMIE
HOOFDSTUK 1: THE SCOPE OF BIOCHEMISTRY
1)WAT IS BIOCHEMIE?
 Biochemie = bestuderen v levende organismen op moleculair niveau
o Vb: virus & artificial intelligence
 3 hoofddisciplines
1. Structurele chemie v componenten van levende materie & relatie tussen biologische functie
en chemische structuur
2. Metabolisme: wat zijn alle mogelijke chemische reacties die in levende materie optreden
3. Genetische biochemie: DNA & RNA, de chemie van processen en substanties die biologische
info bewaren en overdragen  moleculaire genetica
 Geschiedenis
o 1828: ureum synthetiseren zonder nood aan nier of levend wezen (Wöhler)
o 1897: fermentatie v suiker tot ethanol met extracten v gist (Buchner)

Kohland’s 7 ‘pillars of life’
1. Programma: alle info die ons DNA bevat  handleiding zodat alle mechanismes correct
gebeuren
 Bepalen welke reacties al dan niet zullen doorgaan
2. Improvisatie: mogelijkheid om het programma aan te passen, aanpassing op lange termijn
(bv mutaties in DNA)
 Om overleving te verzekeren
3. Compartimentalizatie: membranen onderscheiden levende organismen vd omgeving
 Verschillende chemische reacties van elkaar scheiden
4. Energie: nodig om al de processen uit te voeren
 Via ATP
5. Regeneratie: kapotte of versleten delen kunnen vervangen
6. Aanpassingsvermogen: aanpassing op korte termijn (signalen geven om in te spelen op
noden, vb te weinig energie  hongergevoel)
7. Afscheiding: metabole processen en pathways kunnen in isolatie van elkaar doorgaan
↳ am verschillende Chemische reacties van elkaar te scheiden
vermogen
 Belangrijke basisprincipes op 7 ‘pillars of live’ te onderhouden
o Semipermeabele membranen: sommige componenten wel doorlaten en andere niet, we
kunnen wel ‘deurtjes’ in steken om sommige componenten toch binnen te laten
o Homeostase: alle reacties zijn zodanig op elkaar afgestemd, waardoor de conc relatief gelijk
blijft. Wel continu monitoren zodat de verhouding hetzelfde blijft (energie voor nodig!) vb:
temperatuur, pH…
 Let op: wil niet zeggen dat dit een evenwicht is, anders zou je geen energie nodig
hebben om het te onderhouden

2)BIOCHEMIE ALS CHEMISCHE WETENSCHAP
 Elementen in organismen
o 1e rij: C, H, O & N  99% vd celmassa, 50% vd droge celmassa bestaat uit C
 4 basiselementen
 Valentie (=hoeveel bindingen kunnen ze aangaan) van de verbindingen
 C: 4
 H: 1
 N: 3
 O: 2
1

, o 2e rij: S, P, Na+, K+, Cl-, Ca2+, Mg2+
o 3e rij: Fe (in Hemoglobine, nodig voor zuurstoftransport)
o 4e rij: spoorelementen

 Enkele belangrijke chemische verbindingen
,
geprotoneerd



R NHz
-




- geprotoneerd




thio




 Oranje: fosfaatgroepen
 Thiol kan disulfidebrug vormen
 Geel: met zwavel
 Blauw: met stikstof
 Roze: met zuurstof

 Acetyl-coenzyme A
o Belangrijk in metabolisatie


Basis bouwstenen:




2

,  Macromoleculen : nodig om onszelf te kunnen opbouwen
o Proteïnen
o Polysacchariden
o Nucleïnezuren
o Lipiden
 Monomeren (bouwstenen)
o Aminozuren
o Monosacchariden
o Nucleotiden (DNA: ACGT RNA: ACGU)
o Vetzuren (max 3 gebruiken om lipiden te vormen)
 Linker (2 blokjes aan elkaar koppelen)
o Peptide
o Glycoside (ether)
o Fosfodiëster
o Ester
 Chemische vs biochemische reacties
o Keuze solvent vs waterig solvent
o Keuze conc & omgevingsfactoren vs conc & omgevingsfactoren relatief constant
o Reacties kunnen individueel omgezet w vs belang enzymatische katalyse

Biochemische reacties (reacties in lichaam):
 Essentieel hetzelfde als chemische (reacties in labo)—> belang enzymatische katalyse
 Constante omgevingsfactoren
 In waterig midden
 Concentratie binnen nauwe range (homeostaste)
 Complex geheel aan reacties in zelfde compartiment




Belang v stereochemie
 Chiraal centrum: indien C met 4 verschillende functionele groepen is verbonden
o Moleculen kunnen meerdere chirale centra hebben
o Oriëntatie bepaalt R/S enantiomeer
 R: met klok mee, S: tegenwijzerzin
 In biochemie spreken we vaak over D en L
 Aminozuren meestal L, in bacteriën kunnen ze ook D zijn

3

,  Penicilline zorgt dat D-AZ (in bacteriën) dood gaan maar L-AZ (in ons lichaam)
niet
 Prioriteit toekennen: S > O > N > C > H
 Belang: niet alle isomeren hebben dezelfde activiteit, vb: softenon


3)BIOCHEMIE ALS BIOLOGISCHE WETENSCHAP
 Biologische functies v macromoleculen
o Polysachariden: structuur, energie & opslag
o Nucleïnezuren: opslag en overdracht genetische informatie
o Proteïnen: structuur, enzymen, hormonen, receptoren
o Lipiden: energie opslag, membranen

 Prokaryoot vs Eukaryoot
Eencellig meercellig
Plasma membr + celwand Celmembraan
DNA in cytosol (geen kern) DNA in kern
Ribosomen (proteïne synthese) celorganellen (mitochondria, golgi-apparaat…)
Pili (hechting andere cellen) dierlijke cellen: lysosomen
Flagellae (beweging)

 dierlijke cellen: geen celwand! wel celmembraan —> lipiden (60%) + proteïnen (40%)
 OPM: virussen zijn niet cellulair, gebruiken gastheer
o Ze bevatten RNA of DNA omgeven door proteïne capsule, beschikken niet over eigen
metabole machinerie, maar gebruiken deze van gastheer om vb proteïnen aan te maken
 Macromoleculen vormen samen belangrijke bouwstenen voor cellen en weefsels


Verschillende celorganellen eukaryote cel
 Plasma membraan:
 fosfolipide dubbellaag, hydrofoob, omgeven cellen, eiwitten verankerd (transporters,
receptoren, enzymen & verankeren)
 —> proteïnen liggen tussen de lipiden geschikt: enzymen in het membraan vernesteld
 Eiwitten kunnen zich op 3 plaatsen bevinden
o Bovenkant membraan
o Onderkant membraan
o Doorheen membraan
 Functies: transporteiwitten, ECM verstevigen door moleculen te laten verankeren aan
deze eiwitten, katalyse van sommige reacties
 Mitochondriën:
 energieleverancier (aanmaak ATP)
 2 membranen
 Buitenste membraan: lipidenmembraan zonder inkepingen
 opp binnenste membraan zo groot mogelijk maken door inkepingen
o Verschillende eiwitten op gekoppeld voor elektronentransport keten
(nodig voor aanmaak van ATP)
o Hoe groter membraan, hoe meer eiwitten we kunnen koppelen,
waardoor we meer ATP kunnen maken
 Waterige omgeving

 Endoplasmatisch reticulum:
4

Document information

Study
Uploaded on
April 9, 2025
File latest updated on
April 13, 2025
Number of pages
176
Written in
2024/2025
Type
Summary
$23.25

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
farma15487
5.0
(1)
Sold
22
Followers
1
Items
7
Last sold
1 week ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions