• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 46 pages
Summary

Samenvatting Economie & maatschappij

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 46 pages

volledige samenvatting van powerpoint en handboek. Ik had 12/20 voor dit vak

Content preview

ECONOMIE EN MAATSCHAPPIJ
DE KERN VAN HET ECONOMISCH PROBLEEM: SCHAARSTE VERPLICHT TOT
KIEZEN
Economie gaat over het spanningsveld tussen onze veelvuldige behoeften en de ‘schaars’
middelen die eraan kunnen voldoen  Kiezen




Economische goederen en diensten hebben 2 kenmerken:
 Ze zijn nuttig want ze voldoen aan een behoefte (zo creeëren ze welvaart)
 Ze zijn schaars: dwz dat er een offer moet gebracht worden hiervoor
o Tijd en productiefactoren: Arbeid, natuur en kapitaal. Zowel de
tijd als de productiefactoren zijn eindig
 Hierdoor ontstaat een spanningsveld: Schaarste die ons verplicht te kiezen

Goederen Diensten
Appel Dokter
Kledij Onderwijs
Auto’s Bankdiensten
Grondstoffen Toerisme
Machines Transport
Meubels Kapper




VERBAND TUSSEN WELVAART EN GELUK
Onze behoeften zijn zoals het 7 koppig monster: voor elke behoefte die vervuld wordt,
komt er een extra behoefte bij. We zijn verslaafd aan welvaartsgroei.




P a g i n a 1 | 46

,TWEE EXTREME COORDINATIE MECHANISMES
 Vrije markt economie
 Centraal geleide economie of planeconomie

VRIJE MARKTECONOMIE
 Liberaal principe (liberaal: vrijheid, blijheid, ze willen dat mensen zelf kiezen wat
ze doen, zolang ze anderen geen pijn doen. Ze willen dat de regering niet teveel
regels maakt en zich met weinig bemoeit, behalve om mensen te helpen of veilig
te houden)
 Individuele vrijheid: iedereen doet zijn zin.
 Het algemeen belang wordt vanzelf geregeld door de markt. Dit gebeurt door
vraag en aanbod: als mensen iet willen en anderen het aanbieden, komt er vanzelf
een prijs die werkt voor beide partijen. Dit noem je de onzichtbare hand. Het
lijkt alsof alles zichzelf ordent zonder dat iemand het plant.

CENTRAAL GELEIDE ECONOMIE OF PLANECONOMIE
 Communistisch principe
 Collectiviteit primeert: iedereen schrikt zich naar het algemeen belang
 De overheid zorgt ervoor dat de productie van goederen en diensten goed
verloopt. Dit doen ze met een economisch plan. Dit wordt de zichbare hand
genoemd, omdat het duidelijk te zien is dat de overheid ingrijpt en alles regelt.


DE GEMENGDE ECONOMIE
Gebruikt elementen uit beide systemen.
 De basis is meestal een vrije markt economie: privé initiatief, privé eigendom,
vrije prijsvorming, concurrentie,…
 Maar waar het nodig is, is er overheidsingrijpen:
o Direct: via wetgeving
o Indirect: via belastingen en subsidies
o Zowel in de markt, maar ook via overheidsdiensten en bedrijven.



P a g i n a 2 | 46

,  Hoe rechtser, hoe meer markt
 Hoe linkser, hoe meer overheid




HOE VERHOUDT DE POLITIEK ZICH TOT OVERHEIDSINGRIJPEN?




Deze afbeelding legt uit hoe politiek zich verhoudt tot overheidsingrijpen. Het plaatst
politieke standpunten in vier vakken (kwadranten) op basis van:
1. Sociaal-economisch:
o Links = méér overheidsingrijpen om mensen te beschermen
(socialistisch). De overheid speelt een grote rol, bijvoorbeeld in sociale
zekerheid en belastingen.
o Rechts = méér vrije markt en minder overheid (kapitalistisch). Hier mogen
bedrijven en mensen vrij handelen zonder veel regels.
2. Sociaal-cultureel:
o Progressief/Open = openheid voor verandering en nieuwe ideeën,
bijvoorbeeld rond migratie, mensenrechten of milieu.
o Conservatief/Beschermend = vasthouden aan tradities en beschermen
van de eigen cultuur en normen.
Hoe lees je het schema?
 Links-boven: Progressief (open) én voor veel overheidsingrijpen.
 Rechts-boven: Progressief (open) én voor de vrije markt.
 Links-onder: Conservatief (beschermend) én voor veel overheidsingrijpen.
 Rechts-onder: Conservatief (beschermend) én voor de vrije markt.
Politieke partijen of ideeën kunnen dus ergens in dit schema geplaatst worden afhankelijk
van hun standpunt over overheidsingrijpen en cultuur/ethiek.




P a g i n a 3 | 46

, MACRO ECONOMISCHE GROOTHEDEN


BNP EN BBP
 BNP: bruto nationaal product: BNP (Bruto Nationaal Product) is alles wat door
de inwoners van een land wordt gemaakt, waar ze ook zijn. Als een Belg
koekjes bakt in het buitenland, telt dat wél mee voor het BNP van België, maar
niet voor het BBP. Een Belgische bakker bakt koekjes in Frankrijk: BNP België,
maar niet BBP België (want het gebeurt in Frankrijk). Waarde van de goederen
geproduceerd door de ingezetenen (staatsburgers) van een land
 BBP: bruto binnenlands product: BBP (Bruto Binnenlands Product) is alles wat
in een land wordt gemaakt, zoals koekjes, auto's of apps, ongeacht wie het
maakt. Dus, als een buitenlandse fabriek koekjes in België bakt, tellen die mee
voor het BBP van België. Een Franse bakker in België bakt koekjes: BBP België,
maar niet BNP België (want hij is Frans). Waarden van de goederen geproduceerd
op het grondgebied van een land. (door ingezetenen en niet-ingezetenen.
 BNI: Bruto nationaal inkomen: Oké, stel je voor dat je een spaarpot hebt waar al
het geld in gaat dat jij en je familie verdienen. BNI (Bruto Nationaal Inkomen)
is net zoals die spaarpot, maar dan voor een heel land! Het telt al het geld dat
inwoners van een land verdienen, of ze nu thuis werken of in het buitenland.  Een
Belgische voetballer verdient miljoenen in Spanje → Die miljoenen tellen bij het
BNI van België (want het is inkomen van een Belg).
Een buitenlandse voetballer werkt in België → Zijn inkomen telt niet mee voor
het BNI van België (want hij is geen Belg). Waarde van alle inkomens verdiend
(binnen en buitenland) door de ingezetenen van een land.

BNP= BNI= bruto bestedingen

BEREKENING BNP EN BBP
 Beide kan je op 2 manieren berekenen.


MARKTWAARDE VAN ALLE FINALE GOEDEREN
 Finale goederen = door eindgebruikers gekocht
o Vb: Robinson Crusoe : zijn bbp/bnp is de som van de waarde van
o de kokosnoten die hij gedurende een jaar verzamelt,
o de vissen die hij vangt,
o de gereedschappen die hij maakt en de hut die hij bouwt of uitbreidt,
o de beschermende omheining die hij bouwt.
o = meteen ook zijn “inkomen” en zijn “bestedingen”
 Bij ons is het moeilijker te berekenen want benzine, brood,… Koop je het als
eindgebruiker (welvaart) OF als tussengoed om andere goederen mee te
produceren (op zich nog geen welvaart). Brood kopen voor jezelf is welvaart en
dan is het eindproduct, maar als je brood koopt om te verkopen bij je slaatje dan is
het geen eindproduct.




P a g i n a 4 | 46

Table of contents

  1. 01 De kern van het economisch probleem: schaarste verplicht tot kiezen 1
    1. verband tussen welvaart en geluk 1
  2. 02 twee extreme coOrdinatie mechanismes 2
    1. vrije markteconomie 2
    2. centraal geleide economie of planeconomie 2
  3. 03 De gemengde economie 2
    1. hoe verhoudt de politiek zich tot overheidsingrijpen? 3
  4. 04 macro economische grootheden 4
    1. BNP en BBp 4
    2. berekening bnp en bbp 4
    3. belang van het bbp en het bni  aantal verfijningen van het concept bbp/bnp 5
    4. analoog: bruto regionaal product 6
    5. economische groei, welvaart en welzijn 6
    6. tekortkomingen van het bbp/bnp als welvaartindicator 7
    7. alternatieven voor bbp/bnp als welvaartindicator 8
  5. 05 De vraag 8
    1. individuele vraag 8
    2. totale vraag 9
    3. verklaring van dalend verloop van de vraag 9
    4. Uitzonderingen op het verloop van de vraag? 9
    5. verschuivingen in de vraag 10
    6. de prijs elasticiteit van de vraag 10
  6. 06 begrippen en wetten MBT het productie proces 11
    1. productie functie 11
    2. productiviteit 12
  7. 07 het aanbod van een bepaald goed 12
    1. individueel aanbod 12
    2. totaal aanbod 13
    3. verklaring van het stijgend verloop van het aanbod 13
    4. verschuivingen van het aanbod 14
  8. 08 volkomen concurrentie 14
    1. prijsvorming en marktevenwicht 14
    2. veranderingen in het marktevenwicht 15
  9. 09 europese centrale bank 17
    1. Doel van de ECB: 17
    2. Hoe doet de ECB dit? 17
    3. Effect van renteverandering: 17
    4. EUROZONE = euroland = 20 EU- landen met euro als munt: 17
  10. 10 inflatie en deflatie 18
    1. oorzaken van inflatie 19
    2. bestedingstheorie 19
    3. kostentheorie 19
    4. meten van inflatie en het indexeringsmechanisme 19
    5. de indexering van lonen en sociale uitkeringen 20
  11. 11 milieu- en klimaatproblematiek 20
    1. bewustwording 20
    2. functies en waarden van het natuurlijke leefmilieu 21
    3. verklaringen voor milieu- en klimaatproblemen 21
    4. aanpak van milieu- en klimaatproblemen 22
    5. emissions trading system (ETS) 23
  12. 12 arbeidsmarkt 23
    1. begrip arbeidsmarkt 24
    2. soorten werkloosheid 24
    3. omvang van de werkloosheid 24
    4. uitkeringen 28
    5. samenstelling van de werkloosheid 28
    6. verklaringen voor werkloosheid 29
    7. samengevatte verklaringen voor werkloosheid voor België 29
    8. aanpak structurele werkloosheid in belgie 29
  13. 13 de personele inkomensverdeling 30
    1. de primaire verdeling 30
    2. de secundaire inkomensverdeling 31
    3. alternatieve berekeningen van inkomensongelijkheid 34
  14. 14 instrumenten van inkomensherverdeling 35
    1. progressieve inkomstenbelasting 35
    2. de sociale zekerheid 37
  15. 15 overheid en overheidsbegroting 38
  16. 16 de ontvangsten van de overheid 39
    1. andere ratio’s 39
    2. nog 2 andere begrippen 40
  17. 17 de overheidsuitgaven en hun bestemming 41
    1. schuldgraad = schuldratio 42
  18. 18 stabiliteitspact van de europese unie 42
  19. 19 internationale factorbewegingen 44
  20. 20 internationale migraties 44
    1. betekenis en belang 44
    2. economische verklaringen van internationale migraties 45
    3. economische gevolgen van internationale migraties 45

Connected book
 image
M. Op De Beeck, E. Vervliet Leidraad Economie
Publisher: 2008 ISBN: 9789034192523 Edition: 2

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
April 2, 2025
File latest updated on
May 12, 2025
Number of pages
46
Written in
2024/2025
Type
Summary
$11.52

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
StudentHR12024
5.0
(1)
Sold
12
Followers
0
Items
14
Last sold
2 months ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions