Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Heb je hulp nodig om je Wft Hypothecair Krediet te behalen? Mijn samenvatting helpt je op weg!

Rating
-
Sold
1
Pages
68
Uploaded on
28-03-2025
Written in
2024/2025

Samenvatting Wft Hypothecair Krediet Examen vanaf april 2025

Institution
Course

Content preview

Inhoudsopgave
H1 Consumptief krediet......................................................................................... 2
1.1 kredietvormen.............................................................................................. 2
1.2 Alternatieven financieringsvormen...............................................................3
1.3 Wet- en regelgeving...................................................................................... 7
1.4 Het verstrekkingsproces............................................................................. 10
1.5 Toetsing...................................................................................................... 11
1.6 Berekenen leencapaciteit voor consumptieve kredieten............................14
H2 De aankoop van een woning..........................................................................18
2.1 De koop van een woning............................................................................ 20
2.2 Het recht van hypotheek............................................................................22
2.3 Het afsluiten van een hypothecair krediet..................................................23
2.4 Koopconstructies en koopstimulerende maatregelen.................................25
2.5 Maximale Hypotheek op basis van marktwaarde (Loan-to-value-ratio LTV)28
2.6 Maximale hypotheek op basis van inkomen (Loan-to-income-ratio LTI)......29
2.7 Nationale Hypotheek Garantie (NHG).........................................................31
2.8 Naar de notaris........................................................................................... 32
H3 Financieringsconstructies en hypotheekvormen.............................................34
3.1 Hypotheekvormen (zie p.102 t/m p.105)....................................................34
3.2 Bijzondere renteconstructies......................................................................36
3.3 Financieringsconstructies...........................................................................37
H4 Fiscaliteit eigen woning..................................................................................38
4.1 Inkomstenbelasting.................................................................................... 38
4.2 Gezamenlijke aankoop en financiering.......................................................47
4.3.Financiering box 3....................................................................................... 49
4.4 Verhuur van de eigen woning.....................................................................49
4.5 Overdrachtsbelasting.................................................................................. 50
4.6 Schenk- en erfbelasting.............................................................................. 50
H5 Life-events en risicobeheersing......................................................................53
5.1 Arbeidsongeschiktheid................................................................................ 53
5.2 Overlijden................................................................................................... 54
5.3 Werkeloosheid............................................................................................ 55
5.4 Pensionering............................................................................................... 55
5.5 Echtscheiding............................................................................................. 56
5.6 Risicobeheersing......................................................................................... 57
5.7 Schadeverzekeringen.................................................................................59

0

,H6. Wet- en regelgeving hypotheekadvisering....................................................60
6.1 Advies......................................................................................................... 60
6.2 Betalingsproblemen.................................................................................... 61
6.3 Betalingsproblemen hypothecair krediet....................................................64
6.4 Beheer en NHG........................................................................................... 65
6.5 Schuldsanering........................................................................................... 66




1

,H1 Consumptief krediet
1.1 kredietvormen
Hypothecair krediet wordt een recht van hypotheek gevestigd op een
registergoed (bijv. woning of grond). Registergoed staat geregistreerd in het
openbare register. Het in- en uitschrijven in de registers vindt plaats via een
notaris.
Bij het recht van hypotheek geeft de klant aan de geldverstrekker het recht om
de woning te verkopen zonder tussenkomst van een rechter als de consument
niet aan de betalingsverplichtingen voldoet. De consument is de
hypotheekgever. De geldverstrekker neemt het recht van hypotheek en is
daarmee de hypotheeknemer. Als de woning wordt verkocht, heeft de
hypotheeknemer voorrang op de opbrengst van de verkochte woning. Voor het
recht van hypotheek ontvangt de hypotheekgever geld om de woning te kunnen
kopen. Het vestigen van een hypotheek heeft niet tot gevolg dat de
geldverstrekker juridisch eigenaar wordt van de woning. De hypotheekgever, de
consument, blijft de enige juridische eigenaar.
Consumptief krediet kan ook worden gebruikt voor de verbouwing of
verbetering van de eigen woning. Kredietsom = hoogte krediet.
Kredietvergoeding = verschuldigde rente en kosten.
Geld- en goederenkrediet
- Als met het consumptief krediet een geldbedrag wordt geleend is het een
geldkrediet. Het geldbedrag wordt dan overgemaakt naar de
kredietnemer (klant). > persoonlijke lening
- Wordt het consumptief krediet gebruikt voor het kopen van een goed,
bijvoorbeeld een televisie bij een elektronicazaak of een auto bij een
autodealer en wordt het geldbedrag direct naar hen overgemaakt, dan
spreken we van een goederenkrediet.  koop op afbetaling en
huurkoop. Vormen van goederenkrediet: Krediet op winkelpassen,
postorderkredieten, autofinanciering, huurkoop en koop op afbetaling.

Aflopend krediet, kan zowel geld- als goederenkrediet zijn. Kredietsom wordt
ineens ter beschikking gesteld. De looptijd van het krediet staat vast. Het
kredietvergoedingspercentage staat voor de gehele looptijd vast. De
maandtermijn is een vast bedrag, bestaande uit rente en aflossing (annuïteit).
De looptijd van een aflopend krediet kan variëren (wordt uitgedrukt in maanden).
Over het algemeen wordt de looptijd van een persoonlijke lening gelijkgesteld
aan de economische looptijd van het object dat de klant wil financieren.

Als een kredietnemer ervoor kiest om aan het einde van de lening een bepaald
bedrag ineens af te lossen, wordt er gesproken van een slottermijn. De
slottermijn is dan geen aflopende lening, maar een vaste lening (het krediet is
dan een combinatie van een aflopend krediet en een vaste lening). Het gevolg
van een slottermijn is dat de maandtermijn gedurende de looptijd lager wordt
ten opzichte van een krediet van dezelfde hoogte zonder slottermijn. Er wordt
namelijk geen aflossing betaald over dat deel van de lening. De maandtermijn is
gelijkblijvend. Een slottermijn wordt vaak gecombineerd met een restantwaarde
van een te financieren product.




2

, Doorlopend krediet, kan zowel een geld- als goederenkrediet zijn. Flexibele
kredietvorm: De kredietnemer mag tot de overeengekomen kredietlimiet (ook
wel kredietbedrag of kredietsom genoemd) opnemen en kan onbeperkt aflossen
zonder dat een boete is verschuldigd. De rente betaalt de klant over het
uitgeleende bedrag. Hoe meer de klant dus opneemt, hoe meer rente de klant
gaat betalen. Er is sprake van een kredietlimiet, kredietvergoeding variabel
(volgt de marktrente), maandtermijn kan vast en variabel, looptijd variabel (geen
vaste looptijd) maar wel theoretische einddatum (Sinds 2019 is de looptijd
gemaximeerd tot 15 jaar).
Vast doorlopend krediet bestaat de maandtermijn uit een percentage van de
kredietlimiet
Variabel doorlopend krediet bestaat de maandtermijn uit een percentage van het
uitstaande saldo (openstaande som + verschuldigde kredietvergoeding).
Maandtermijn wijzigt niet alleen bij opnames, storingen of bij een wijziging van
het tarief.
Bij de vergelijking tussen een vast doorlopend krediet en een variabel
doorlopend krediet met eenzelfde percentage aflossing, zal het vast doorlopend
krediet sneller afgelost worden dan het variabel doorlopend krediet. Bij het vast
doorlopend krediet blijft de maandtermijn immers gelijk en zal de financiering
sneller afgelost worden dan bij een variabel doorlopend krediet waarbij de
maandtermijnen dalen als er meer afgelost is.
Bij een opnamerestrictie of blokkeernorm wordt als voorwaarde in het
doorlopend krediet ingebouwd dat er een deel afgelost moet zijn, voordat
opnieuw een opname gedaan mag worden. Het bedrag dat afgelost moet
worden, wordt uitgedrukt in een aantal maandtermijnen aan aflossing.
Permanente opnamerestrictie kunnen gevolg zijn van actualisatieplicht die
kredietverstrekkers hebben opgelegd in de gedragscodes van VFN (Vereniging
van Financieringsondernemingen in Nederland) en NVB (Nederlandse Vereniging
van Banken). Bijv. bij betalingsachterstanden: nieuwe opnames niet toegestaan,
krediet krijgt een aflopend karakter. Of bij bereiken bepaalde leeftijd,
afbouwregeling. Het is ook mogelijk dat een doorlopend krediet wordt omgezet
naar een persoonlijke lening.
Zuiver doorlopend krediet wordt sinds 2022 niet meer aangeboden.
Consumenten die al een doorlopend krediet hebben, worden gestimuleerd om
deze om te zetten naar een persoonlijke lening.
Rekening-courantkrediet (roodstandfaciliteit)
Geld opnemen door middel van een pinpas/ overboeking, looptijd staat niet vast,
maandtermijn bestaat uit rende, kredietvergoeding variabel.

Creditcardkrediet
Klant krijgt aan het einde van de maand een factuur, kan direct worden betaald
(uitstel van betaling) of in termijnen. Wanneer aan het eind van de maand
slechts een deel van de factuur wordt betaald en het openstaande bedrag op
een later moment wordt betaald inclusief een rentevergoeding valt een
creditcard pas onder kredietverstrekking. Rente is variabel.


1.2 Alternatieven financieringsvormen
Crowdfunding is het aantrekken van financiering, zonder dat hierbij een
instelling zoals een bank of andere kredietverstrekker wordt betrokken.


3

Written for

Course

Document information

Uploaded on
March 28, 2025
Number of pages
68
Written in
2024/2025
Type
SUMMARY

Subjects

$30.61
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
solana70

Get to know the seller

Seller avatar
solana70 Hogeschool InHolland
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
6
Member since
4 year
Number of followers
3
Documents
6
Last sold
5 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions