Levenslooppsychologie
<<HOORCOLLEGE 1>>
Leerdoelen:
1. De evolutie in het ontwikkelingspsychologisch denken in eigen woorden uitleggen (I)
2. De belangrijkste factoren die een invloed hebben op de ontwikkeling toelichten en hun
onderlinge samenhang toelichten (I)
3. De belangrijkste ontwikkelingspsychologische theorieën in eigen woorden uitleggen
(bv., Piaget, Erikson, Bowlby…) (I)
4. De motorisch-lichamelijke ontwikkeling doorheen de levensloop in eigen woorden
uitleggen
5. De cognitieve ontwikkeling en haar deelaspecten doorheen de levensloop in eigen
woorden uitleggen.
6. De sociale en persoonlijkheidsontwikkeling doorheen de levensloop in eigen woorden
uitleggen.
7. Op basis van de verschillende ontwikkelingsdomeinen (bv. Sociale ontwikkeling,
taalontwikkeling,… ) een casus interpreteren (II)
Teksten ook leerstof maar facultatieve testen niet!
1. TERREINVERKENNING
0. Inleiding
1. Een korte historiek + Tekst Sofia: Methodes om de ontwikkeling wetenschappelijk te
bestuderen.
2. De indeling in fasen
3. Factoren die de ontwikkeling sturen
0. Inleiding
Definitie van Ontwikkelingspsychologie: Studie van het gedrag tijdens de verschillende
levensfasen
-Gedrag = overt en covert gedrag (waarneembaar en niet-waarneembaar)
-HOE: Opdracht = registreren van de verschillende gedragsaspecten en integreren van al
deze gegevens
➔ MAAR: Moeilijk om een geïntegreerd beeld te ontwikkelen:
o Veel feiten en inzichten (gaat niet bv gewoon al 0-6m: motorisch verandert zitten
brabbelen, hoe die reageert, eten: verandert te veel)
o Verschillen in visie en uitgangspunten bij de onderzoekers
o De complexiteit van het ontwikkelingsproces: ze hebben invloed op elkaar bv
taalaspect loopt samen met sociaal aspect: kunnen zeggen wat je wil
1
, 1. Korte historiek
1. De verre voorgeschiedenis
2. Start van de genetische psychologie
3. Omvorming tot een ontwikkelingspsychologie
4. Uitgroei tot een volwaardige levenslooppsychologie
1.1. De verre voorgeschiedenis
Filosofen (vb Cicero)
= Verschil in visie hoe er gekeken wordt naar ontwikkeling
= Factoren die van invloed zijn op de ontwikkeling (vanuit een theoretische interesse):
• Nativisten (Jean – Jacques Rousseau): wie ik ben en hoe ik ontwikkel, hangt vast in de
natuur (biologische basis)
• Emperisten (Locke): hoe ik ontwikkel is het gevolg van de omgeving en de
gebeurtenissen die ik meemaak (beetje behaviorisme)
Opvattingen missen de kritische toets van het wetenschappelijk onderzoek.
1.2. Start van de genetische psychologie
Babybiografieën: (18de en 19e E)
= Observatie van kinderen en obdv de ontwikkeling beschrijven
➔ Niet meer louter nadenken over hoe de mens zich ontwikkelt maar nu
rechtstreeks observeren.
➔ Vooral observatie van eigen kinderen (beperkt aantal)
Begin van de wetenschappelijke theorie vorming:
• Geïnspireerd door de evolutietheorie van Darwin: mensen met genen die best
aangepast zijn zullen overleven
• Recapitulatietheorie: evolutie in baarmoeder terug meemaken
2
,Genetische psychologie:
• uitsluitend kinderpsychologie,
• ontwikkeling opgevat als een proces dat bijna uitsluitend genetisch gestuurd is.
1.3. Omvorming tot een ontwikkelingspsychologie (reactie)
Men wou van genetische psychologie af.
Nieuwe theorievorming klopt niet met genetische psychologie -> opvoeding en ervaringen ipv
genen
1.4. Uitgroei tot een volwaardige levenslooppsychologie
Tot halfweg de twintigste eeuw enkel aandacht voor kinderen:
• Men leek er van overtuigd dat de evolutie nadien stilviel.
• Puberteit betekende het definitieve afscheid van de kindertijd en het
binnenstappen in het volwassen leven. (klopt niet meer)
Geleidelijk verruiming van de gebiedsomschrijving: Ontwikkeling als een levenslang
veranderingsproces
Andere wetenschappen die aanzet gaven:
- Sociologie: de puberteit/adolescentie
- Medische wereld: problemen van de ouderdom: geriatrie -> ‘ouderdom hangt samen met
cognitieve en sociale -> ontwikkelen gebeurt ook ouderdom’
➔ Periode van de volwassenheid: langste fase: meer mogelijkheden over hoe je je leven vorm
geeft -> moeilijker te vatten in algmeen beeld -> moeilijke fase om te verwoorden want het is
te verschillend
3
, Poging tot integratie: levenslooppsychologie
= Integratie nog lang niet voltooid
Ook bij eengemaakte psychologie nog heel wat verschillen in visie en benadering.
• Complexiteit van het onderwerp
• Verschillende stromingen en scholen in de psychologie
Tekst 1.1 Sofia. Methodes om de ontwikkeling wetenschappelijk te observeren
Hoe zou je de taalontwikkeling in kaart proberen te brengen?
- Wat ga je observeren?
Communicatie, articulatie, woordenschat, schrijven en lezen
- Op welke momenten?
- Bij wie?
= Per leeftijdsgroep
➔ Taalontwikkeling vanaf de geboorte: opnemen van taal van ouders
Longitudinaal onderzoek:
= Gedrag opvolgen in de loop van de jaren.
• Voorbeelden van onderzoek (Feldman p 48): studie naar hoogbegaafde kinderen
/// inzichten in taalontwikkeling
Welke nadelen zijn er aan deze methode ?
- Heel tijdsintensief
- Duurt lang eer je resultaat hebt
- Risico op uitval (niet meer meedoen, overlijden)
- Personen hebben persoonlijke en omgeving gebonden
- Leereffect
Transversale onderzoeksmethode (zie ook Feldman p 49– 50)
• Ook dwarsdoorsnede of cross-sectionele methode genoemd
= Onderzoek van vertegenwoordigers van verschillende leeftijdsgroepen tegelijk
4
<<HOORCOLLEGE 1>>
Leerdoelen:
1. De evolutie in het ontwikkelingspsychologisch denken in eigen woorden uitleggen (I)
2. De belangrijkste factoren die een invloed hebben op de ontwikkeling toelichten en hun
onderlinge samenhang toelichten (I)
3. De belangrijkste ontwikkelingspsychologische theorieën in eigen woorden uitleggen
(bv., Piaget, Erikson, Bowlby…) (I)
4. De motorisch-lichamelijke ontwikkeling doorheen de levensloop in eigen woorden
uitleggen
5. De cognitieve ontwikkeling en haar deelaspecten doorheen de levensloop in eigen
woorden uitleggen.
6. De sociale en persoonlijkheidsontwikkeling doorheen de levensloop in eigen woorden
uitleggen.
7. Op basis van de verschillende ontwikkelingsdomeinen (bv. Sociale ontwikkeling,
taalontwikkeling,… ) een casus interpreteren (II)
Teksten ook leerstof maar facultatieve testen niet!
1. TERREINVERKENNING
0. Inleiding
1. Een korte historiek + Tekst Sofia: Methodes om de ontwikkeling wetenschappelijk te
bestuderen.
2. De indeling in fasen
3. Factoren die de ontwikkeling sturen
0. Inleiding
Definitie van Ontwikkelingspsychologie: Studie van het gedrag tijdens de verschillende
levensfasen
-Gedrag = overt en covert gedrag (waarneembaar en niet-waarneembaar)
-HOE: Opdracht = registreren van de verschillende gedragsaspecten en integreren van al
deze gegevens
➔ MAAR: Moeilijk om een geïntegreerd beeld te ontwikkelen:
o Veel feiten en inzichten (gaat niet bv gewoon al 0-6m: motorisch verandert zitten
brabbelen, hoe die reageert, eten: verandert te veel)
o Verschillen in visie en uitgangspunten bij de onderzoekers
o De complexiteit van het ontwikkelingsproces: ze hebben invloed op elkaar bv
taalaspect loopt samen met sociaal aspect: kunnen zeggen wat je wil
1
, 1. Korte historiek
1. De verre voorgeschiedenis
2. Start van de genetische psychologie
3. Omvorming tot een ontwikkelingspsychologie
4. Uitgroei tot een volwaardige levenslooppsychologie
1.1. De verre voorgeschiedenis
Filosofen (vb Cicero)
= Verschil in visie hoe er gekeken wordt naar ontwikkeling
= Factoren die van invloed zijn op de ontwikkeling (vanuit een theoretische interesse):
• Nativisten (Jean – Jacques Rousseau): wie ik ben en hoe ik ontwikkel, hangt vast in de
natuur (biologische basis)
• Emperisten (Locke): hoe ik ontwikkel is het gevolg van de omgeving en de
gebeurtenissen die ik meemaak (beetje behaviorisme)
Opvattingen missen de kritische toets van het wetenschappelijk onderzoek.
1.2. Start van de genetische psychologie
Babybiografieën: (18de en 19e E)
= Observatie van kinderen en obdv de ontwikkeling beschrijven
➔ Niet meer louter nadenken over hoe de mens zich ontwikkelt maar nu
rechtstreeks observeren.
➔ Vooral observatie van eigen kinderen (beperkt aantal)
Begin van de wetenschappelijke theorie vorming:
• Geïnspireerd door de evolutietheorie van Darwin: mensen met genen die best
aangepast zijn zullen overleven
• Recapitulatietheorie: evolutie in baarmoeder terug meemaken
2
,Genetische psychologie:
• uitsluitend kinderpsychologie,
• ontwikkeling opgevat als een proces dat bijna uitsluitend genetisch gestuurd is.
1.3. Omvorming tot een ontwikkelingspsychologie (reactie)
Men wou van genetische psychologie af.
Nieuwe theorievorming klopt niet met genetische psychologie -> opvoeding en ervaringen ipv
genen
1.4. Uitgroei tot een volwaardige levenslooppsychologie
Tot halfweg de twintigste eeuw enkel aandacht voor kinderen:
• Men leek er van overtuigd dat de evolutie nadien stilviel.
• Puberteit betekende het definitieve afscheid van de kindertijd en het
binnenstappen in het volwassen leven. (klopt niet meer)
Geleidelijk verruiming van de gebiedsomschrijving: Ontwikkeling als een levenslang
veranderingsproces
Andere wetenschappen die aanzet gaven:
- Sociologie: de puberteit/adolescentie
- Medische wereld: problemen van de ouderdom: geriatrie -> ‘ouderdom hangt samen met
cognitieve en sociale -> ontwikkelen gebeurt ook ouderdom’
➔ Periode van de volwassenheid: langste fase: meer mogelijkheden over hoe je je leven vorm
geeft -> moeilijker te vatten in algmeen beeld -> moeilijke fase om te verwoorden want het is
te verschillend
3
, Poging tot integratie: levenslooppsychologie
= Integratie nog lang niet voltooid
Ook bij eengemaakte psychologie nog heel wat verschillen in visie en benadering.
• Complexiteit van het onderwerp
• Verschillende stromingen en scholen in de psychologie
Tekst 1.1 Sofia. Methodes om de ontwikkeling wetenschappelijk te observeren
Hoe zou je de taalontwikkeling in kaart proberen te brengen?
- Wat ga je observeren?
Communicatie, articulatie, woordenschat, schrijven en lezen
- Op welke momenten?
- Bij wie?
= Per leeftijdsgroep
➔ Taalontwikkeling vanaf de geboorte: opnemen van taal van ouders
Longitudinaal onderzoek:
= Gedrag opvolgen in de loop van de jaren.
• Voorbeelden van onderzoek (Feldman p 48): studie naar hoogbegaafde kinderen
/// inzichten in taalontwikkeling
Welke nadelen zijn er aan deze methode ?
- Heel tijdsintensief
- Duurt lang eer je resultaat hebt
- Risico op uitval (niet meer meedoen, overlijden)
- Personen hebben persoonlijke en omgeving gebonden
- Leereffect
Transversale onderzoeksmethode (zie ook Feldman p 49– 50)
• Ook dwarsdoorsnede of cross-sectionele methode genoemd
= Onderzoek van vertegenwoordigers van verschillende leeftijdsgroepen tegelijk
4