A FWIJKENDE MONDGEWOONTEN : DEEL 3
Deel 3: Behandeling
8. Wanneer start de orofaciale myofunctionele therapie (OMFT)?
8.1. Inleiding
“To treat or not to treat, that’s the question.” (D. Garliner)
• Behandeling van verkeerde tongrustpositie, habitueel mondademen en duimzuigen
o Staat niet ter discussie
• Behandeling van tongpersen
o Discussie onder auteurs: is tongpersen een oorzaak of gevolg van dentofaciale afwijking?
o Tongpersen verdwijnt soms spontaan met de leeftijd
o Ernst van de afwijkende beet of malocclusie kan een indicatie zijn
o Aanwezigheid van een spraakklankstoornis (enkelvoudige of structureel) is een indicatie
• Doel OMFT
o Afleren van verkeerde mondgewoonten maar is niet eenvoudig want het is een gewoonte (zodat vorm
en functie van kaken, tanden en kiezen hersteld kunnen worden)
o Herstel orofaciale spieronevenwicht
o Nieuw gedrag aanleren
• Belangrijke voorwaarden
o Motivatie cliënt (en omgeving)
o Informatie cliënt (en omgeving)
• Therapiemodel
o Afgestemd op de cliënt (geen vast therapiemodel)
o P. Helderop (gebaseerd op Hanson & Barrett, Garliner)
8.2. Start therapie: leeftijdscriterium
• Vroeg starten met behandeling heeft voor- en nadelen:
o Voordelen:
▪ Schade, aangericht door ongewenste bewegingspatronen, is dan nog beperkt.
▪ De ongewenste gewoonten zijn nog weinig gefixeerd.
▪ De structuren zijn nog minder vast.
o Nadelen:
▪ Volledig of gedeeltelijk ontbreken van de (belangrijkste) motivatie.
▪ Risico van overbodig werk te doen.
• Laat (spontane evolutie/maturatie tot 8 jaar afwachten en enkel advies geven)
• Barrett & Hanson en Garliner: behandel vanaf 5 jaar
• < 8 jaar indien grote negatieve gevolgen en gericht op afleren van verkeerde zuiggewoonten en aanleren van
correcte tongrustpositie
• 8 jaar meest kans op succes (gevorderde tandwisseling)
• Volwassenen als onderdeel van orthodontische behandeling of spraakklanktherapie
• Volgorde medische/orthodontische/logopedische behandeling is afhankelijk van de casus
• Tabel 9 bundelt voor- en nadelen per leeftijdscategorie
1
, Tabel 9: pro’s en contra’s therapiestart
8.3. Indicatie voor OMFT
8.3.1. Complexiteit van het probleem
Hoe complex is het probleem?
Hoeveel AMG zijn er aanwezig?
• Veel -> direct starten met therapie
• Maar één of twee -> na 6 maanden AMG controleren
Adviezen en preventieve maatregelen volstaan
8.3.2. Motivatie van het kind en van de omgeving
Absolute voorwaarde om met behandeling te starten
8.3.3. Diagnose door de tandarts of orthodontist
Bij verergerende malocclusie wordt behandeling gestart.
8.4. Contra-indicaties (Teunissen, 1995)
8.4.1. Fysiologische en structurele factoren
o Allergie: als deze neusobstructie veroorzaakt kan men beter een bevoegd arts raadplegen
o Een gotisch gehemelte en/of een nauwe bovenkaak, zodat de tong er niet in past
o Tongproblemen als ankyloglossie, macroglossie, microglossie
o Neusademen is niet mogelijk
o Vergrote tonsillen of adenoïden, zodat de tong een voorwaartse positie moet innemen
o Ernstige orthodontische problemen (klasse III malocclusie of te grote/lange tanden waardoor lippen
niet kunnen sluiten)
o Beschadiging of verzwakking van de musculatuur
Deze kunnen het gevolg zijn van keeloperaties, gespleten lip of trauma’s in het orofaciale gebied.
o Skeletaal probleem met een verticale uitgroei van het gelaat, een stompe kaakhoek (>140°), een hoog
palatum en een skeletale open beet waardoor een normale alveolaire slik onmogelijk is.
Kaakoperatie op 18 jaar is noodzakelijk en aansluitend OMFT om relaps te voorkomen.
8.4.2. Overige factoren
Contra-indicatie: laag cognitief functioneringsniveau.
Bij een persoon met een mentale beperking ziet men vaak een tekort aan mentale en emotionele rijpheid.
➔ Bij die personen ontbreekt vaak de vereiste motivatie voor de behandeling met weinig of geen
therapieresultaat tot gevolg.
2
Deel 3: Behandeling
8. Wanneer start de orofaciale myofunctionele therapie (OMFT)?
8.1. Inleiding
“To treat or not to treat, that’s the question.” (D. Garliner)
• Behandeling van verkeerde tongrustpositie, habitueel mondademen en duimzuigen
o Staat niet ter discussie
• Behandeling van tongpersen
o Discussie onder auteurs: is tongpersen een oorzaak of gevolg van dentofaciale afwijking?
o Tongpersen verdwijnt soms spontaan met de leeftijd
o Ernst van de afwijkende beet of malocclusie kan een indicatie zijn
o Aanwezigheid van een spraakklankstoornis (enkelvoudige of structureel) is een indicatie
• Doel OMFT
o Afleren van verkeerde mondgewoonten maar is niet eenvoudig want het is een gewoonte (zodat vorm
en functie van kaken, tanden en kiezen hersteld kunnen worden)
o Herstel orofaciale spieronevenwicht
o Nieuw gedrag aanleren
• Belangrijke voorwaarden
o Motivatie cliënt (en omgeving)
o Informatie cliënt (en omgeving)
• Therapiemodel
o Afgestemd op de cliënt (geen vast therapiemodel)
o P. Helderop (gebaseerd op Hanson & Barrett, Garliner)
8.2. Start therapie: leeftijdscriterium
• Vroeg starten met behandeling heeft voor- en nadelen:
o Voordelen:
▪ Schade, aangericht door ongewenste bewegingspatronen, is dan nog beperkt.
▪ De ongewenste gewoonten zijn nog weinig gefixeerd.
▪ De structuren zijn nog minder vast.
o Nadelen:
▪ Volledig of gedeeltelijk ontbreken van de (belangrijkste) motivatie.
▪ Risico van overbodig werk te doen.
• Laat (spontane evolutie/maturatie tot 8 jaar afwachten en enkel advies geven)
• Barrett & Hanson en Garliner: behandel vanaf 5 jaar
• < 8 jaar indien grote negatieve gevolgen en gericht op afleren van verkeerde zuiggewoonten en aanleren van
correcte tongrustpositie
• 8 jaar meest kans op succes (gevorderde tandwisseling)
• Volwassenen als onderdeel van orthodontische behandeling of spraakklanktherapie
• Volgorde medische/orthodontische/logopedische behandeling is afhankelijk van de casus
• Tabel 9 bundelt voor- en nadelen per leeftijdscategorie
1
, Tabel 9: pro’s en contra’s therapiestart
8.3. Indicatie voor OMFT
8.3.1. Complexiteit van het probleem
Hoe complex is het probleem?
Hoeveel AMG zijn er aanwezig?
• Veel -> direct starten met therapie
• Maar één of twee -> na 6 maanden AMG controleren
Adviezen en preventieve maatregelen volstaan
8.3.2. Motivatie van het kind en van de omgeving
Absolute voorwaarde om met behandeling te starten
8.3.3. Diagnose door de tandarts of orthodontist
Bij verergerende malocclusie wordt behandeling gestart.
8.4. Contra-indicaties (Teunissen, 1995)
8.4.1. Fysiologische en structurele factoren
o Allergie: als deze neusobstructie veroorzaakt kan men beter een bevoegd arts raadplegen
o Een gotisch gehemelte en/of een nauwe bovenkaak, zodat de tong er niet in past
o Tongproblemen als ankyloglossie, macroglossie, microglossie
o Neusademen is niet mogelijk
o Vergrote tonsillen of adenoïden, zodat de tong een voorwaartse positie moet innemen
o Ernstige orthodontische problemen (klasse III malocclusie of te grote/lange tanden waardoor lippen
niet kunnen sluiten)
o Beschadiging of verzwakking van de musculatuur
Deze kunnen het gevolg zijn van keeloperaties, gespleten lip of trauma’s in het orofaciale gebied.
o Skeletaal probleem met een verticale uitgroei van het gelaat, een stompe kaakhoek (>140°), een hoog
palatum en een skeletale open beet waardoor een normale alveolaire slik onmogelijk is.
Kaakoperatie op 18 jaar is noodzakelijk en aansluitend OMFT om relaps te voorkomen.
8.4.2. Overige factoren
Contra-indicatie: laag cognitief functioneringsniveau.
Bij een persoon met een mentale beperking ziet men vaak een tekort aan mentale en emotionele rijpheid.
➔ Bij die personen ontbreekt vaak de vereiste motivatie voor de behandeling met weinig of geen
therapieresultaat tot gevolg.
2