• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 10 out of 68 pages
Summary

Samenvatting H12 - Moleculaire Celbiologie 2 (VANGHELUWE)

Document preview thumbnail
Preview 10 out of 68 pages

Ik heb een overzichtelijke en duidelijke samenvatting gemaakt van hoofdstuk 12 uit de lessen van Prof. Vangheluwe. De samenvatting is geschreven in mijn eigen woorden en dus is het makkelijk te begrijpen!! Dit is werkelijk alles wat je nodig hebt om de materie te begrijpen en het examen te slagen!

Content preview

Inhoudsopgave
H12: PRINCIPES VAN MEMBRAANTRANSPORT................................................................................... 0
1. Principes van membraantransport................................................................................................................0
1.1. De ionenconcentratie verschilt sterk binnen en buiten de cel.................................................. 0
2. Carrierproteïnen en hun functie................................................................................................................... 2
2.1. De elektrochemische gradiënt............................................................................................................2
2.2. TYPE1: Carriers in GEFACILITEERDE DIFFUSIE = passief transport......................................5
2.3. TYPE2: Carriers in PRIMAIR ACTIEF TRANSPORT = pompen.................................................6
2.4. TYPE3: Carriers in SECUNDAIR ACTIEF TRANSPORT - gekoppeld transport.................14
3. Ionenkanalen en membraanpotentiaal...................................................................................................... 21
3.1. Ionenkanalen zijn ionen-selectief en worden geregeld door poortjes................................. 21
3.2. Ionenkanalen schommelen tussen open en gesloten toestand random............................22
3.3. Drie soorten stimuli die openen en sluiten van ionenkanalen beïnvloeden......................22
3.4. Eerste type ionenkanalen: stress-gestuurde ionenkanalen................................................... 23
3.5. Tweede type ionenkanalen: spanningsgevoelige ionenkanalen...........................................24
3.6. Derde type ionenkanalen: ligand-gestuurde ionenkanalen................................................... 25
3.7. De membraanpotentiaal.................................................................................................................... 26
4. Ionenkanalen en signaaloverdracht in prikkelbare cellen.................................................................. 29
4.1. De electrochemische gradiënt is een vorm van potentiële energie.................................... 29
4.2. De drijvende kracht bepaalt de sterkte van elektrische stroom.......................................... 29
4.3. De actiepotentiaal maakt lange afstandscommunicatie mogelijk en ontstaat door
spanningsafhankelijke kanalen................................................................................................................ 34
4.4. De geleiding van actiepotentialen.................................................................................................. 41
4.5. Prikkeloverdracht in de synaps: ligand gestuurde ionenkanalen.........................................46
4.6. De neuromusculaire synaps/junctie.............................................................................................. 48
4.7. De centrale synaps..............................................................................................................................56
Belangrijke concepten....................................................................................................................................... 67

,H12: PRINCIPES VAN MEMBRAANTRANSPORT

1. Principes van membraantransport

1.1. De ionenconcentratie verschilt sterk binnen en buiten de cel
Indien je een oplossing hebt waar
verschillende stoffen in zijn opgelost
(suikers, zouten, … ) gaan liposomen zich
volgens hydrofiel en hydrofoob
organiseren in een lipidendubbellaag.
De membraan is een barriere voor
bepaalde stoffen, heeft dus
transportsystemen nodig om stoffen van
binnen naar buiten te transporteren.


Concentratiegradiënten voor alle meest voorkomende stoffen KENNEN



componenten intracellulair extracellulair (in bloed)

Na+ lager (5-15 mM) hoger (145 mM)

K+ hoger (140 mM) lager (5mM)

Mg+ lager (0.5 mM) hoger (1-2 mM)

Ca2+ lager (10^-4 mM) hoger (1-2mM)

H+ hoger (7x10^-5 mM) lager (4x10^-5)

Cl- lager (5-15 mM) hoger (110 mM)




Transport over de membraan van
elektrisch geladne deeltjes zal
gepaard gaan met een elektrische
stroompjes die elektrische
prikkeling van onze zenuw en spier
cellen mogelijk maken




!! de cel zelf is negatief geladen! -70 mV




1

,1.2. Lipidendubbellaag is niet permeabel voor ionen en opgeloste stoffen
de permeabliteit (= snelheid van diffusie) van een
synthetische lipidendubbellaag voor opgeloste
moleculen hangt af van hun:
●​ grootte
●​ lading
●​ polariteit


Maar indien we lang zouden wachten dan zouden
bijna alle opgeloste moleculen kunnen diffunderen
over de membraan, volgens de concentratiegradiënt
(van hoog naar laag) totdat er binnen als buiten de
concentratie gelijk is


Ionen en grote ongeladen polaire moleculen kunnen
niet via diffusie over de membraan. Hiervoor hebben
we membraantransporteiwitten nodig!



1.3. Twee soorten membraantransport eiwitten: transporters en kanalen
●​ iedere transporter is selectief voor één bepaalde stof
●​ de bindingsplaats is op die precieze stof afgestemd
●​ sleutel - slot principe




KANALEN: TRANSPORTERS

●​ elektrische prikkels ●​ langzaam transport van ene naar
●​ verschillende alpha helices bundel andere kant
●​ hydrofiele porie in de binnekant ●​ conformatieveranderingen die
●​ ionen kunnen cel eenvoudig gepaard gaan met verplaatsen van
binnenkomen of verlaten bindingsplaats naar andere zijde
●​ snelle diffusie - veel op korte tijd ●​ organisch (bv. glucose) en
●​ inorganische kationen en anionen inorganische stoffen (bv. Ca)

2

,2. Carrierproteïnen en hun functie

2.1. De elektrochemische gradiënt
ELEKTROCHEMISCH = elektro (ladingen) + chemische (concentratie)




●​ transport van elk molecuul wordt beïnvloed door de concentratie gradiënt
●​ transport van elk geladen molecuul wordt beïnvloed doro de concentratie en elektrische
gradiënt
●​ netto drijvende kracht hangt af van de elektrochemische gradiënt
○​ bepaalt de richting van passief transport
○​ Na+ in gaat gemakkelijker dan K+ uit (zie groene pijl)
●​ membraanpotentiaal (-70mV) heeft invloed op geladen moleculen


Passief en actief transport




3

,SIMPELE DIFFUSIE
●​ geen transportsystemen nodig
●​ gaat volgens richting van elektrochemsiche gradiënt
●​ bv. water volgt alleen de concentratiegradiënt


KANAAL OF TRANSPORTSYSTEEM - PASSIEF TRANSPORT
●​ volgens de elektrochemische gradiënt: spontaan neerwaarts
●​ het enige wat er gebeurt is dat er een kanaal of transporter opent en het zal stromen van
hoog naar laag
●​ geen energie nodig
●​ bv. glucose - kan niet door membraan diffunderen dus het krijgt hulp van een
transporteiwit, er is veel glucose buiten de cel en minder binnen ⇒ stroomt naar binnen
●​ bv. ionenkanalen Na/K en glucose transporter
●​ carriers in gefaciliteerd transport


POMP - ACTIEF TRANSPORT
●​ transport tegen elektrochemische gradiënt in
●​ kost energie want is geen spontaan proces
●​ carriers in secundair transport
●​ pompen in primair transport


Drie verschillende manieren om actief transport aan te drijven




GRADIENT GEDREVEN POMPEN - zie secundaire actieve transportsystemen
●​ er zit energie in de gradiënt zelf - een specieke stof stroomt spontaan van hoog naar laag,
en die stroming zit er energie waarmee je een andere stof van laag naar hoog kan doen


ATP - zie primaire actieve transportsystemen
LICHT - bv. bacteriën, lichtgevoelige ééncelligen

4

,Elke celmembraan bezit zijn eigen set van verschillende carriers


elk type membraan bevat een
eigen set van membraantransport
proteïnen, wat leidt tot
membraancompartimenten met
unieke chemische samenstelling.


set van transportsystemen voor is
voor elk celtype uniek - hierdoor
heeft een cel ook een specifieke
functie (zenuwcel, spiercel, … )


2.2. TYPE1: Carriers in GEFACILITEERDE DIFFUSIE = passief transport




●​ stoffen die niet door de membraan geraken, maar die wel passief door diffusie kunnen
verplaatst worden - kost geen energie
●​ krijgen hulp van een carrier - transporteiwit
●​ bv. glucosetransporter GluT1-4
○​ concentratie extracellulair = hoog ⇒ in het bloed
○​ concentratie intracellulair = laag want wordt meteen omgezet naar glucose 6
fosfaat (glycolyse) en deze kan niet meer binden op transporter
○​ glucose bindt in extracellulair - affiniteit is hoog want de concentratie is hoog
○​ transporter veranderd van conformatie
○​ bindingsplaats komt terug vrij langs andere zijde
○​ spontaan weg van transporter - komt vrij in een gebied met lage concentratie
○​ bindingsaffiniteit is dezelfde aan beide zijden van membraan!
○​ transport afhankelijk van concentratiegradient alleen want glucose is niet geladen
○​
●​ levercellen kunnen glucose opstapelen in vorm van glycogeen (lange glucose ketens) en
gaan die vasthouden voor het moment indien er een glucosetekort is
○​ glucagon - hormoon - stimuleert glucoseproducie vanuit glycogeen
○​ tekort aan glucose in bloed? glucagon actief! veel glucose dan geproduceerd in
levercel ⇒ door gefac. diffusie terug terecht in het bloed (van hoog naar laag)

5

,Snelheid van transporter - gemedieerd transport als functie van substraatconcentratie




VERBAND TUSSEN TRANSPORTSNELHEID EN CONC
●​ gefaciliteerd transport gaat veel sneller dan spontane
diffusie vooral bij lage substraatconc


Het belang van affiniteit voor een substraat

glucose conc in ons

bloed tussen de 6 en 10

millimolair



elk celtype bevat ander
type glycosetransporter


die verschillen niet in
werking maar in hun
eigenschappen (Km,
Vmax)

●​ ZENUWCELLEN: Km laag ⇒ affiniteit hoog ⇒ hoog transport aan glucose
●​ ENDOTHEELCELLEN
●​ PANCREAS: Km hoog ⇒ affiniteit laag
○​ snelheid volgt scherp de veranderingen in de glucose conc in het bloed
○​ is een sensor voor insulineproductie: indien hoge concentratie glucose
○​ meer insuline zodat glucose in het bloed terug verlaagt
STELLINGEN MEERKEUZE: welke is fout
●​ De aff van GluT3 voor glucose in neuronale cellen is groter dan GluT2 in de beta cellen van de
pancreas
●​ Een hogere Km waarde van GluT betekent dat glucosetrandport minder snel is bij een lage
glucoseconcentratie
●​ Hoe hoger de Km waarde van GluT, hoe hoger de aff voor glucose ⇒ fout
●​ Hoe hoger de aff van GluT is hoe sneller er glucosetranport optreedt bij lagere glucose concentratie

6

,2.3. TYPE2: Carriers in PRIMAIR ACTIEF TRANSPORT = pompen
●​ actief transport ⇒ tegen elektrochemische gradiënt in
●​ kost energie
●​ primair ⇒ het feit dat ze een essentiële rol vervullen in onze cellen
○​ ze bouwen ionengradiënten op (Na, K, Ca)


Drie verschillende soorten ATP gedreven pompen




P - TYPE POMP
●​ meest belangrijke energie consumerende pompen van in het lichaam
●​ verbruikt heel veel ATP


F - TYPE POMP
●​ in mitochondriën
●​ pompen protonen
●​ belangrijk in metabolisme, cellulaire ademhaling (zie H14)


ABC TRANSPORTERS
●​ al onze cellen: het verplaatsen van lichaamsvreemde stoffen die schadelijk kunnen zijn


Analogie
Luchtpomp
de luchtpomp verplaatst luchtmoleculen naar een plaats waar
veel luchtmoleculen aanwezig zijn, dit kost energie ⇒ je
bouwt een conc gradient


Na+/K+ ATPase
bouwt een Na+ en K+ gradiënt op met ATP als energiebron,
die gradiënt wordt dan weer als nieuwe energiebron gebruikt
wanneer Na+ spontaan terugvloeien ⇒ voor ionenkanalen en
gekoppelde transportsystemen



7

,VOORBEELD 1: de Na+/K+ pomp of de Na+/K+ ATPase




●​ essentieel voor in dierlijke cellen - 30% van ATP consumptie in ons lichaam
●​ elektrogene transporter - brengt een ongelijke verdeling van lading met zich mee
●​ per cyclus wordt één ATP gebruikt om
○​ 3 Na+ ionen verplaatsen van binnen naar buiten
○​ 2 K+ ionen van buiten naar binnen
○​ netto is er dus één elektrisch geladen partikel verplaatst naar buiten
●​ energie nodig want verplaatsing is TEGEN ELEKTROCHEMISCHE GRADIENT IN
○​ ATP hydrolyse → ADP + P


TRANSPORTCYCLUS (knalvanbuiten kennen! EXAMEN!)




8

, STAP 1: BINDING VAN NA
●​ pomp zal beginnen met Na te binden
●​ er kunnen drie ionen binden op deze transporter
●​ bindingsplaats die zich in transmembraangebied bevindt is selectief voor Na


STAP 2: FOSFOINTERMEDIAIR GEVORMD
●​ ENKEL als Na gebonden is zal ATP hydrolyseren (ATP → ADP + P)
●​ er zit een ingebouwde ATPase activiteit in het enzyme van deze transporter
●​ de fosfaat ion wordt covalent gebonden aan de transporter = fosfointermediair
●​ dient om poortje te sluiten waardoor Na occlusie (het zit vast, kan nergens naartoe)


STAP 3: FOSFORYLERING TRIGGERT CONFORMATIEVERANDERING EN NA WORDT AFGEZET
●​ de bindingsplaats zal openen aan de andere zijde van de membraan (extracellulair)
●​ conformatieverandering = de vorm van bindingsplaats is veranderd (= cruciaal)
○​ affiniteit voor Na gedaald
○​ affiniteit voor K gestegen
●​ Na zal loskomen in een omgeving waar al een hoge conc Na is


STAP 4: K BINDT


STAP 5: DEFOSFORYLERING VAN DE POMP
●​ enkel wanneer K zich bindt zal de transporter desfosforyleren
●​ K zal zo afgesloten worden, occlusie, poortje gaat dicht


STAP 6: TERUG ORIGINELE CONFORMATIE EN K WORDT AFGEZET
●​ eenmaal als K vastzit zal de pomp terug veranderen van conformatie
○​ affiniteit K gedaald
○​ affiniteit Na gestegen
●​ K komt vrij in cytosolaire zijde waar al een hoge conc K is




9

Table of contents

  1. 01 Inhoudsopgave 1
  2. 02 H12: PRINCIPES VAN MEMBRAANTRANSPORT 2
    1. 1. Principes van membraantransport 2
    2. 2. Carrierproteïnen en hun functie 4
    3. 3. Ionenkanalen en membraanpotentiaal 22
    4. 4. Ionenkanalen en signaaloverdracht in prikkelbare cellen 30
    5. Belangrijke concepten 68

Connected book
 image
Bruce Alberts, Karen Hopkins Essential Cell Biology
Publisher: november 2013 ISBN: 9780815344544 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 12
Uploaded on
March 9, 2025
Number of pages
68
Written in
2023/2024
Type
Summary
$18.37

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
RevakiKULeuven
3.6
(5)
Sold
66
Followers
4
Items
28
Last sold
2 weeks ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions