Moleculaire celbiologie - H.1 – 06/09/2017
Het leven wordt gekenmerkt door cellen. Hooke en Leeuwenhoek zijn de grondleggers van de
celbiologie.
Kenmerken leven (cellen):
Reproductie/groei/delen
Metabolisme (stofwisseling)
Reageren en aanpassen aan omgeving
DNA is het centrale Dogma van leven op aarde. Maar een virus heeft DNA/RNA maar leeft
niet. Dit komt omdat een virus zichzelf niet kan reproduceren en dus een gastheercel nodig
heeft.
Onderverdeling van het leven:
Eukaryoten
Prokaryoten
Bacteriën
Archea
Verschillen:
Eukaryoten hebben celkernen en andere interne organellen (compartimentalizering)
Eukaryote cellen zijn groter, meeste gevallen multicellulair en delen trager
Synthese: aanmaak van eiwitten in eucaryotische cel
Secretie: transport van eiwitten in een eucaryotische cel
Onderdelen cel:
ER en Cytoplasma: maken eiwitten
Golgiapparaat: sortering
Mitochondrium: levering van energie
Cytosol: hoge eiwitconcentratie, dikte van erwtensoep.
Poriën kern: speciale filtering
Vesciles; brengen nieuwe eiwitten van ER naar golgicomplex
Cytoskelet: Stevigheid, beweging, vesiculair transport en celdeling
Actine filamenten
Microtubles
Intermediate filamenten
Endocytose: import stoffen
in een cel
Het leven wordt gekenmerkt door cellen. Hooke en Leeuwenhoek zijn de grondleggers van de
celbiologie.
Kenmerken leven (cellen):
Reproductie/groei/delen
Metabolisme (stofwisseling)
Reageren en aanpassen aan omgeving
DNA is het centrale Dogma van leven op aarde. Maar een virus heeft DNA/RNA maar leeft
niet. Dit komt omdat een virus zichzelf niet kan reproduceren en dus een gastheercel nodig
heeft.
Onderverdeling van het leven:
Eukaryoten
Prokaryoten
Bacteriën
Archea
Verschillen:
Eukaryoten hebben celkernen en andere interne organellen (compartimentalizering)
Eukaryote cellen zijn groter, meeste gevallen multicellulair en delen trager
Synthese: aanmaak van eiwitten in eucaryotische cel
Secretie: transport van eiwitten in een eucaryotische cel
Onderdelen cel:
ER en Cytoplasma: maken eiwitten
Golgiapparaat: sortering
Mitochondrium: levering van energie
Cytosol: hoge eiwitconcentratie, dikte van erwtensoep.
Poriën kern: speciale filtering
Vesciles; brengen nieuwe eiwitten van ER naar golgicomplex
Cytoskelet: Stevigheid, beweging, vesiculair transport en celdeling
Actine filamenten
Microtubles
Intermediate filamenten
Endocytose: import stoffen
in een cel