Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 16 pagina's
Samenvatting

Samenvatting - Blok 3 Groei en Ontwikkeling II

Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 16 pagina's

In het document staan alle weken van Blok 3 Groei en Ontwikkeling II uitgewerkt aan de hand van de leerdoelen. Alle soorten onderwijs zijn hierin verwerkt.

Voorbeeld van de inhoud

Leerdoelen
Casus 1
1. Je kan het basisbouwplan van het menselijk lichaam
beschrijven (delen, oriëntatie), met nadruk op skelet system
en bijbehorende nomenclatuur/vak jargon van de anatomie.
1. Oriëntatie en segmentatie van het skelet
Het skelet ontwikkelt zich uit somieten, tijdelijke segmentale structuren afkomstig van
het paraxiale mesoderm, die ontstaan tijdens de gastrulatie (week 3-4). Somieten
splitsen zich in verschillende delen:
 Sclerotoom: Vormt de wervels en ribben.
 Dermatoom: Vormt de dermis van de huid.
 Myotoom: Vormt skeletspieren.
Tijdens de herschikking van het sclerotoom ontstaan wervels. Dit proces zorgt ervoor
dat elk wervellichaam wordt gevormd uit het caudale deel van een somiet en het
craniale deel van de daaropvolgende somiet. Dit resulteert in een segmentale
organisatie van zenuwen, myotomen en dermatomen die met elkaar verbonden zijn.
2. Axiaal skelet
Het axiale skelet omvat:
 Wervelkolom: Ontstaat uit de sclerotomen en bestaat aanvankelijk uit
bindweefsel, dat via kraakbeen uiteindelijk verbeent vanaf de 9de week.
Primaire botkernen vormen zich in het wervellichaam en de bogen. De
wervels zijn segmentaal georganiseerd in cervicale, thoracale, lumbale,
sacrale en coccygeale regio's.
 Nucleus pulposus (kern van de tussenwervelschijf): Ontstaat uit de
notochord, een primitieve mesodermale structuur die als oerskelet
functioneert.
 Annulus fibrosus: Ontwikkelt uit het sclerotoom en omringt de nucleus
pulposus.
3. Appendiculair skelet
Het appendiculaire skelet (ledematen) ontwikkelt zich uit lateraal mesoderm.
Migrerende cellen uit de myotomen van somieten vormen de spieren van de
ledematen. Dit gebeurt parallel met de ossificatie van het kraakbeen dat de
botstructuren vormt.
4. Functionele en anatomische oriëntatie
 Anatomische vlakken:
o Sagittaal: Verdeelt het lichaam in links en rechts.

, o Coronaal: Verdeelt het lichaam in voor (ventraal) en achter (dorsaal).
o Transversaal: Verdeelt het lichaam in boven (craniaal) en onder
(caudaal).
 Craniocaudale as: De wervelkolom strekt zich uit langs deze as.
 Proximodistale as: Leidt de ontwikkeling van ledematen van dichtbij
(proximaal) naar ver weg (distaal).
5. Skeletnomenclatuur
 Wervels: Onderverdeeld in:
o Cervicale wervels (7): Met de atlas (C1) en de axis (C2).
o Thoracale wervels (12): Verbonden met de ribben.
o Lumbale wervels (5): Draagkrachtig.
o Sacrum: Samengroeiing van 5 sacrale wervels.
o Coccyx: Staartbeen gevormd uit samengegroeide wervels.
 Botstukken van de ledematen:
o Humerus (bovenarm), radius en ulna (onderarm).
o Femur (dijbeen), tibia en fibula (onderbeen).
o Carpalen, metacarpalen, tarsalen, metatarsalen en falangen
(handen en voeten).
6. Segmentatie en zenuwinnervatie
De segmentale organisatie van somieten correspondeert met:
 Spinale zenuwen: Innervatie van myotomen en dermatomen.
 Dermatomale verdeling: Huidgebieden die door specifieke spinale zenuwen
worden geïnnerveerd.

, 2. Je kan in globale termen de belangrijkste embryonale en
foetale ontwikkelingsstadia beschrijven, inclusief grootte en
gevoeligheid voor het ontstaan van grove aangeboren
afwijkingen.




Embryonale periode  vanaf de datum van bevruchting.
Zwangerschapsduur  vanaf de laatste dag van de menstruatie (twee weken voor
bevruchting)




1. Pre-embryonale fase (week 1-2)
 Belangrijkste gebeurtenissen:
o Bevruchting en vroege celdeling (zygote, morula, blastocyst).
o Innesteling van de blastocyst in het endometrium.
o Vorming van de twee-lagige kiemschijf (epiblast en hypoblast).
o Aanleg van extra-embryonale structuren zoals de dooierzak,
amnionholte en chorion(C1 LME Embryogenese Bou…)(C1 LME Het
embryo en ex…).
 Grootte:

Inhoudsopgave

  1. 01 Leerdoelen 1
    1. Casus 1 1
  2. 02 1. Je kan het basisbouwplan van het menselijk lichaam beschrijven (delen, oriëntatie), met nadruk op skelet system en bijbehorende nomenclatuur/vak jargon van de anatomie. 1
  3. 03 2. Je kan in globale termen de belangrijkste embryonale en foetale ontwikkelingsstadia beschrijven, inclusief grootte en gevoeligheid voor het ontstaan van grove aangeboren afwijkingen. 3
  4. 04 3. Je kan vroege embryologische processen beschrijven (gastrulatie, neurulatie, ‘krommingsproces’) en daarbij tijdelijke embryologische structuren benoemen (primitief streek, notochord, kiembladen etc.). 6
  5. 05 4. Je kan beschrijven welke foetale en extra-embryonale structuren zichtbaar zijn op een 13 weken echo en welke grove aangeboren afwijkingen zichtbaar zijn. 7
  6. 06 5. Je kan de voor- en nadelen van de 13 weken voor de patiënt en zorgverlener benoemen en toepassen in discussies over ‘wel of niet willen weten’, en omgaan met onzekerheden in de diagnostiek. 7
    1. Casus 2 8
  7. 07 1. De kenmerken van spina bifida beschrijven, inclusief klinische consequenties, handelingsmogelijkheden, en lange termijn zorg. 8
  8. 08 2. De belangrijkste delen van het centraal en perifere zenuwstelsel en de functies benoemen, inclusief de hersenvliezen, het ventrikelsysteem. Je kan deze kennis toepassen bij het bestuderen van afwijkingen bij spina bifida zoals Arnold Chiari 2 malformatie en hydrocephalus (waterhoofd). 8
  9. 09 3. De segmentele organisatie van motorische en sensibele innervatie, en hiermee motorische en sensibele uitvalsverschijnselen van een spina bifida verklaren. 9
  10. 10 4. Je hebt een elementair begrip van het autonome (vegetatieve) zenuwstelsel, en daarmee neurogene dysfunctie van de blaas bij spina bifida verklaren. 11
  11. 11 5. In globale termen de organisatie van revalidatiezorg beschrijven. 13
    1. LME Ontwikkeling extremiteiten en gewrichtsleer 14
  12. 12 1. in grote lijnen de embryologische ontwikkeling van extremiteiten uit te leggen 14
  13. 13 2. de verschillende soorten verbindingen (juncturae) tussen botten te benoemen 14
  14. 14 3. de morfologische en structurele bouwstenen van een synoviaal gewricht te benoemen 14
  15. 15 4. de vormen van synoviale gewrichten te relateren aan bewegingsvrijheden van het gewricht 15
    1. VOW Aansturing van skeletspieren 15
  16. 16 1. de organisatie van de innervatie van skeletspieren door motorische neuronen uitleggen. 15
  17. 17 2. de rol van spinale circuits bij bewegingen uitleggen. 15
  18. 18 3. uitleggen wat een elektromyogram (EMG) is 15
  19. 19 4. uitleggen hoe een peesreflex werkt 16
  20. 20 5. uitleggen hoe een spier meerdere bewegingsrichtingen aan stuurt. 16

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
22 februari 2025
Aantal pagina's
16
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
$4.17

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
7
Laatst verkocht
-




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen