• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 64 pages
Summary

Samenvatting Sociale Psychologie 1: sociale cognitie - 16/20!

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 64 pages

Deze samenvatting omdat alle leerstof die gekend moet zijn voor het examen van het vak Sociale Psychologie 1: sociale cognitie, gedoceerd door professor F. Van Overwalle. Ook integreerde ik belangrijke informatie uit het handboek in deze samenvatting. Ik behaalde zelf een 16/20. Veel succes! :)

Content preview

SOCIALE PSYCHOLOGIE
Inleiding: experimenten, aantal experimenten is nog niet duidelijk -> in gebouw B (Posnerlab)

Inschrijving: op canvas in kalender!! Als het experiment volzet is, zie je het niet meer in canvas. Als je
niet tijdig annuleert, moet je het experiment 2 maal afleggen. Duren meestal niet langer dan een uur
(ong. 45min)

 Vrijstelling is in orde als je 1/20 hebt voor de assignment ‘experimenten’ op canvas.

Examen: OOK vragen over filmpjes! (vragen die je kan beantwoorden als je het filmpje gezien hebt) ,
schriftelijk multiple choice examen, mét giscorrectie!
Alles op ppt + handboek!
“In welke theorie valt dat”, “wat zou deze theorie zeggen?” = eerder inzichtelijke vragen
(enkel 20 belangrijke namen -> niet ALLE namen te kennen) (ook vragen over experimenten in de
aula!)

Hoofdstuk 1: Inleiding tot de sociale psychologie
1.1. Wat is sociale psychologie?

In de les stelden we ons enkele vragen:
*vraag 1: “Hebben mensen geleden onder de sociale beperkingen tijdens de coronaperiode?”
Vroeger werd dit al eens getest op plaatsen die moeilijk toegankelijk zijn (bv. op de zuidpool).
Men stelde vast dat een deel van de hersenen verminderd is (minder verbindingen: minder
werking van dat deel) = hypocampus: het ruimtelijk vermogen: ze kwamen nauwelijks buiten (in
het zuiden – het was heel koud) maar het sociale brein veranderde NIET (een grote groep
mensen moest leren samenleven met elkaar: ziekte, liefdesrelaties ontstaan/eindigen -> het
vroeg juist meer van het sociale brein)
MAAR jonge mensen hebben wel echt afgezien van corona!
*vraag 2: “Waarom blijven sommige mensen zo hangen aan een studentengroep? Waarom gaan
sommige mensen zo ver, zoals de zaak Sanda Dia? Waarom willen ze een doop zo erg maken?”
= ‘hoe harder de inwijding in de groep, hoe aantrekkelijker de groep wordt.’ Je komt er niet
zomaar in. cognitieve dissonantie: mensen ondergaan dingen die ze niet graag hebben, maar
zeggen tegen zichzelf dat ze dit alleen maar doen om hier in deze groep aanwezig te kunnen zijn”


! Psychologie = de wetenschap van het gedrag en de psychische processen van het individu.
! Sociale psychologie = de wetenschap die bestudeert hoe de gedachten, gevoelens en
gedragingen van mensen worden beïnvloed door de echte of gefantaseerde/ingebeelde
aanwezigheid van anderen. (de hele sociale situatie)
! De kern van de sociale psychologie: sociale invloed = het effect dat de woorden, daden of alleen
al de aanwezigheid van andere mensen hebben op onze gedachten, gevoelens, attitudes of
gedrag. Mensen kunnen ons direct of indirect beïnvloeden.

Voorbeelden van rechtstreekse/directe poging tot overreding/overhalen:
- vrienden die ons overhalen tot iets wat we niet willen (extra drankje)
- reclamecampagne
- verkiezingscampagne
Voorbeelden van indirecte poging tot overreding: normen/waarden geleerd door ouders.



1

,  Klasexperiment:
Aula in 2 groepen: “welke uitspraken zijn juist?”
-> beide groepen kregen tegenstellingen: bv. “gelijken trekken elkaar aan” vs.
“tegengestelden trekken elkaar aan” -> mening is verschillend, MAAR: “gelijke mensen
trekken elkaar aan en hebben meer kansen om samen te blijven: je versterkt elkaar”
Wat leert dit ons? We weten dit o.b.v. onderzoek! Je kan dit op voorhand niet weten, maar
soms hebben mensen op voorhand wel een bepaalde voorkeur. Om de realiteit vast te
stellen, hebben we onderzoek nodig!

MAAR: sociale invloed gaat verder dan gedrag: het omvat onze gedachten, gevoelens en onzichtbare
handelingen. Het heeft ook meer uitingsvormen dan alleen de opzettelijke poging tot
overreding/overhalen.
(bv. aanwezigheid/afwezigheid van zowel bekenden als onbekenden – sociale media, ons gedrag kan
ook gestuurd worden door de goed-of afkeuring van onze ouders, vrienden, leraren,...)

Soms botsen deze invloeden. Sociaal psychologen zijn geïnteresseerd in wat er in het hoofd van
iemand gebeurt.



1.1.1. Hoe kunnen we meer te weten komen over sociale invloed?

* Rekening houden met wat journalisten, experten en maatschappijcritici aankaarten over
maatschappelijke veranderingen. Let op: dit is vaak géén wetenschap, maar een suggestie, dus dit
moet grondig onerzocht worden.

* Filosofen leggen belangrijke vragen voor en bestuderen dit door een bepaalde methode, die erg te
onderscheiden valt van de empirische methode van de sociale psychologen.
-> ! empirische methode: op waarneming en/of onderzoek gebaseerde methode voor het toetsen
van hypothesen.
-> ! hypothese: een als voorlopige waarheid aangenomen maar nog te bewijzen veronderstelling.
Dus: de vragen waarmee sociaal psychologen zich bezig houden komen grotendeels overeen met de
vragen waarover filosofen zich buigen:

°Descartes: Er wordt iets waargenomen. Bij elke waarneming stellen we ons de vraag of de
waarneming juist of fout moet geïnterpreteerd worden.
°Spinoza: Er wordt iets waargenomen. We veronderstellen dat de waarneming juist is (juiste
denkrichting). Daarna zien we of het wel klopt, als we er verder over nadenken.
=> Spinoza had gelijk. ‘Waarnemen’ = we nemen het voor waar aan.
=> experiment: Amerikaanse studenten moesten Indiaans leren, waarna ze een test kregen. Ze
moesten hierbij enkel beantwoorden of de juiste engelse vertaling achter het indiaans woordje stond
of niet. Er was een storing in het programmeren: wat cruciaal was. Want als Descartes gelijk heeft,
komt informatie binnen en moet je nadenken en als je gestoord wordt kan het in beide richtingen
gaan: waar of onwaar. Maar als Spinoza gelijk heeft, komt informatie binnen en zeg je ‘het is waar’ en
dan pas wordt je gestoord. Vertekening: mensen nemen de dingen te veel als waar aan.

* Sociale psychologie onderscheidt zich van andere sociale wetenschappen doordat ze zich niet
zozeer bezighoudt met sociale situaties in een objectieve betekenis, maar doordat ze zich in eerste
instantie richt op de manier waarop mensen beïnvloed worden door hun interpretatie, of construct,
van hun sociale omgeving. Dit is belangrijk om te begrijpen waarom mensen bepaalde dingen doen,
waarom mensen zich goed of slecht voelen,...



2

,-> ! construct = de manier waarop mensen de sociale wereld waarnemen, begrijpen en
interpreteren. Let wel op: mensen zijn zich vaak nauwelijks bewust van de zaken die hun humeur of
hun denken beïnvloeden. Mensen hebben de neiging om een uitleg te geven aan alles, maar die
uitleg is pas achteraf gemaakt en we weten niet of dit werkelijk heeft plaatsgevonden. Klinische
psychologen proberen die verkeerde gedachtegangen van mensen om te buigen, zodanig dat die
persoon zich beter kan voelen/beter met conflicten kan omgaan.


Voorbeeld van een construct: Jonas is een verlegen middelbare scholier en is in stilte verliefd op Anna.
De vraag is of hij haar zal meevragen voor het schoolfeest. Een manier om dit te voorspellen is door
Anna’s objectieve gedrag tov Jonas te observeren (bv. aandacht, glimlachen,...) Maar als sociaal
psycholoog ben je meer geïnteresseerd in hoe Jonas tegen Anna’s gedrag aankijkt en hoe Jonas dus
Anna’s gedrag interpreteert. Als Anna glimlacht, beschouwt hij het als een beleefdheid die ze heeft
tov alle jongens of beschouwt hij het als een bemoedigend teken dat hem aanzet om haar te vragen?

Een groot deel van sociaal psychologisch onderzoek richt zich op deze en andere determinanten van
gedachten en gedragingen van mensen.
! determinanten = bepalende factor in een ontwikkeling of toestand.

Voorbeeld: interpretatie van een rechter tijdens een rechtspraak. Beïnvloedt het leven van de persoon
als hij onschuldig wordt verklaard.


1.1.2. Waarin verschilt sociale psychologie van de meest verwante disciplines?

We kunnen stellen dat de sociale psycologie zich beweegt op het gebied tussen de sociologie en de
persoonlijkheidspsychologie.
-> De S-P & sociologie: hebben beide belangstelling voor de manier waarop de situatie en de bredere
maatschappelijke omstandigheden ons gedrag beïnvloeden.
-> De S-P & persoonlijkheidspsychologie: leggen de nadruk op de psychologie van het individu.

Sociologie Sociale psychologie Persoonlijkheidspsychologie
= gaat meer in op algemene = onderzoekt de = onderzoekt de kenmerken
instituten. Het verschaft psychologische processen die die maken dat individuen
algemene wetten en theorieën mensen met elkaar uniek zijn en van elkaar
over samenlevingen, niet over gemeenschappelijk hebben. verschillen. (individuele
individuen. verschillen!)




1.2. De macht van de situatie/van sociale invloed

Voorbeeld: serveerster komt bestelling opnemen maar je kunt niet beslissen wat je wilt. Ze tikt
ongeduldig met haar notitieblok, rolt haar ogen en kijkt fronsend. Je maakt een conclusie:
‘onsympathiek persoon’. Maar als je aarzelt of je een klacht wilt indienen bij haar baas komt er
een vaste klant die je vertelt dat de serveerster een alleenstaande moeder is die de hele nacht is
wakker gehouden door haar jongste kind dat ziek was, haar auto onderweg in panne viel en ze
wel moest gaan werken om geld te verdienen, in het restaurant was haar collega te dronken om
te werken waardoor ze alles alleen moet doen – conclusie: een gewone vrouw die onder veel druk
staat.




3

, De meeste mensen verklaren dus iemands gedrag op grond van hun persoonlijkheid, zonder
belangrijke informatie over de situatie te hebben.
= ! fundamentele attributiefouten = de neiging om de mate waarin iemands gedrag wordt
veroorzaakt door de rol van persoonlijke eigenschappen en andere interne factoren te
overschatten en de rol van externe, situationele factoren te onderschatten.
Dit komt meer voor in Westerse maatschappijen dan in oosterse maatschappijen.
-> Negatieve gevolgen: ° geeft ons een onterecht gevoel van veiligheid.
° geeft de neiging het probleem overdreven te vereenvoudigen, en
dat beperkt onze kennis over de oorzaken van een groot aantal
menselijke gedragingen.

Voorbeeld waarin we leren dat de sociale situatie heel belangrijk is:
Studenten werden onderverdeeld in 2 groepen:
- coöperatief = samenwerken
- competitief
MAAR er werd een aspect aan toegevoegd: de testleiders
varieerden van naam, namelijk 50% van de mensen kreeg te
horen dat het ‘het beursspel’ (wall street game) noemde. De
andere 50% vertelde men de naam ‘gemeenschapsspel’.
(community game) Er ontstonden 4 condities:
1) competitieve mensen in het gemeenschapsspel
2) competitieve mensen in het beursspel
3) coöperatieve mensen in het gemeenschapsspel
4) coöperatieve mensen in het beursspel

-> Wat lijdt je hier uit af? Het grootste verschil zit hem in de naam van het spel (dus tussen de
community game en wall street game). Dit vormt een verschil van ong. 30% tot 65 à 70%. Toen
de naam van het spel in dit experiment het ‘gemeenschapsspel’ luidde, waren de spelers veel
eerder geneigd tot coöperatief gedrag dan toen het spel het ‘beursspel’ heette – los van hun
eigen coöperatieve of competitieve persoonlijkheidsstrekken. De titel van het spel droeg sociale
normen over die belangrijker bleken dan persoonlijkheid en die het gedrag van de spelers
bepaalden.

 !! Filmpje: face the rear -> examen
Je staat in een lift en er komen 3 mensen die met hun gezicht naar de muur gaan staan.
Gevolg is dat jij je ook omdraait -> groepsdruk

1.3. De kracht van de sociale interpretatie

In het begin van de psychologie was er een grote clash tussen het behaviorisme en de
gestaltpsychologie.
* behaviorisme = een stroming in de psychologie die de stelling verdedigt dat alle gedrag verklaard
kan worden a.d.h.v. beloningen en straffen in de omgeving van het organisme en dat het niet nodig is
om er subjectieve zaken als denken en voelen bij te betrekken. (wetenschappelijk te werk gaan: S-R!)
-> wanneer gedrag gevolgd wordt door een beloning, is de kans groot dat we daarmee
doorgaan. (bv. hond zit – snoepje)
-> wanneer gedrag gevolgd wordt door een straf, is de kans groot dat het gedrag afneemt en
uiteindelijk eindigt. (bv. pijn)
=> hielden géén rekening met cognitie, denken en voelen – ze vergaten het belang van de manier
waarop mensen hun omgeving interpreteren!


4

Connected book
 image
Elliot Aronson, Timothy D. Wilson Sociale psychologie
Publisher: Unknown ISBN: 9789043039178 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
February 7, 2025
Number of pages
64
Written in
2023/2024
Type
Summary
$10.36

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sold
208
Followers
18
Items
27
Last sold
2 days ago

Reviews from verified buyers




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions