• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 319 pages
Summary

17/20 in 1e zit - Samenvatting - Onderwijskunde H1-H10

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 319 pages

Onderwijskunde samenvatting van H1-H10, gegeven in het jaar , het eerste semester van het eerste jaar pedagogische wetenschappen aan de Ugent. Ik behaalde met deze samenvatting een 16/20 op het examen met verhoogde cesuur.

Content preview

Onderwijskunde als ontwerpwetenschap: van leren naar
instructie

Thema 1: een gestructureerde kijk op actoren, processen en variabelen
1. inleiding

1. Wat is onderwijskunde?
= zijn verschillende contexten waar een instructieverantwoordelijke aan de slag gaat
met individuen/groepen om die mensen zaken bij te brengen of leerproces samen te
gaan doorlopen (notities les)

Definitie: Onderwijskunde is het wetenschapsgebied dat zich richt op leren en
instructie binnen een grote variatie aan formele en informele contexten, toepasbaar op
alle leeftijdsgroepen In traditionele en alternatieve contexten



Gemeenschappelijke elementen

---> leren en instructie staan centraal

• Maar situatie verschillen: formeel of informeel
• En de doelgroepen verschillen: volwassenen, kinderen, kleuters, professionals,
families, individuen, groepen,..


Formele contexten: leren en instructie geregeld via wetten,decreten of interne
regelgeving

Voorbeeld: kleuter,lager, hogeronderwijs, lerarenopleiding, school in een
asielcentrum,....

Informele contexten: geen systematisch, verplicht of gereguleerd karakter

Voorbeeld: EHBO opleidingen, tentoonstellingen, opleiding tot animator




Rode draad doorheen handboek:


1

,➔ Gebruik van referentiekader: dit helpt je concrete instructie- en leerproblemen te
beschrijven in termen van actoren, processen en variabelen; te verklaren en mogelijke
gevolgen, effecten te voorspellen.

--> Referentiekader zorgt ervoor dat éénzelfde leer- en instructiesituatie vanuit
verschillende dimensies benaderd kan worden. We maken hierbij gebruik van actoren,
processen en/of variabelen.

STRUCTUUR VAN DIT THEMA:




1.1 advance organizer: oriënteer je op dit thema
• organiseert je denkproces en ‘advance’ dus voor je de feitelijke nieuwe inhouden
van een thema aanpakt
• In de context van onderwijs hangt alles samen --> wat centraal staat in het
onderwijs is sterk beinvloed door de context

‘onderwijskundig referentiekader’

= een bril om analytisch en synthetisch naar leer –en instructiesituaties te kijken

= in elk onderwijskundige setting zullen actoren, processen en variabelen op een unieke
manier op elkaar inspelen

- Actoren: concrete personen (individuele lln), abstracte personen (groep jonge
leerkrachten, partijen, koepels in het onderwijs), organisaties die ze

2

, vertegenwoordigen (minister van onderwijs) of organisaties zelf (een land, alle
ouders samen)
- Processen: zaken die overheen de tijd lopen, instructie- of leerprocessen.
- Variabelen: kenmerken die verschillende waarden kunnen hebben. Bv moedertaal
kan verschillen, leerprestaties ook, leeftijd ook...
Het is belangrijk dat we een volledig beeld van onderwijskunde krijgen. Vaak negeert men
bewust of onbewust elementen van het referentiekader.

1.2 aggregatieniveaus: een eerste organisatiedimensie in het onderwijskundig
referentiekader


De insteek bij onderwijskundige thema’s kan sterk verschillen. In het boek vind je 3
krantenartikelen (micro, meso en macroniveau). In elke situatie neemt een actor een
bepaalde plaats in, de standpunten van de actoren worden beïnvloed door die plaats =>
rolpositie die iemand inneemt = bepalend. Lesgevers zullen bv anders reageren dan ouders,
lln of politici. Ze stellen zich bij een probleem anders op.
Binnen het onderwijs zijn er 3 aggregatieniveaus die allemaal zijn verbonden met elkaar:

1. MICRONIVEAU: heeft betrekking op de concrete leer-en instructiesituatie of op een
specifiek lerende. Microniveau is bijvoorbeeld klasniveau: juf gaat op uitstap met lln,
studenten in de aula, ...
2. MESONIVEAU: heeft betrekking op een school, faculteit, instelling, organisatie,
bedrijf (school/opleidingsniveau). We spreken ook wel over een organisatieniveau.
Bijvoorbeeld: Sintra-vestiging die cursussen organiseert, CLB die helpt
3. MACRONIVEAU: omvat alles wat een compleet systeem beïnvloedt en dus een
invloed heeft op micro en mesoniveau. Het is beleidsniveau, systeemniveau => op
Vlaams niveau. Context speelt op macroniveau een grote rol. Voorbeelden zijn: Ben
Weyts minister van onderwijs → politiek.
Onderwijs is dus complexer dan we denken, belangrijk om hier rekening mee te houden
Voorbeelden

1. Micro niveau = een logopediste die een spraaktherapie geeft, 1 op 1 in CLB

--> gaat over een concrete leer en –instructie situatie



2. Meso niveau = logopediste in een groepspraktijk, CLB

--> betrekking op instelling, bedrijf, organisatie, faculteit, school,...



3. Macro niveau = de vereniging van de vlaamse logopediste, koepel clb


3

Table of contents

  1. 01 1.2 aggregatieniveaus: een eerste organisatiedimensie in het onderwijskundig referentiekader 3
  2. 02 1.3 andere organisatiedimensies in het onderwijskundig referentiekader 4
  3. 03 1.4 het referentiekader 5
  4. 04 1.5 een evidence based onderwijskundig referentiekader 6
  5. 05 1.6 effect size als onderzoeksindicatoren voor relevante actoren, processen en variabelen 7
  6. 06 1.7 het onderwijskundig referentiekader op het microniveau 8
  7. 07 Thema 5: van een constructivistische visie op leren naar het ontwerpen van instructie 101
    1. 5.1 Advance organizer 101
    2. 5.2 constructivisme: een ‘kennis’-benadering met veel gezichten 102
    3. 5.2.1 epistemologie, ontologie of een onderwijskundige theorie 102
    4. 5.2.2 soorten constructivisme 104
    5. 5.2.3 basisassumpties van het constructivisme 105
  8. 08 5.3 constructivisme: een nog steeds groeiend veld van visies, theorieen en opvattingen 107
    1. 5.3.1 Piaget (1896-1980) 108
    2. 5.3.1.1 soorten kennis 108
    3. 5.3.1.4 Piaget en spel 109
    4. 5.3.1.5 leren versus ontwikkeling 109
    5. 5.3.2 Vygotsky 110
    6. 5.3.2.1 basisvisie – sociaal constructivisme 110
    7. 5.3.2.2 de sociale dimensie: een socio-culturele theorie van cognitieve ontwikkeling 110
    8. 5.3.2.3 psychological tools 111
    9. 5.3.2.4 de zone van naaste ontwikkeling 111
    10. 5.3.2.5 internaliseren en externaliseren 112
    11. 5.3.2.6 mediation: sociaal aspect en ‘everyday concepts’ 113
    12. 5.3.3 Jerome Bruner (1915-2016) 114
    13. 5.3.3.1 basisprincipes 114
    14. 5.3.3.2 De opeenvolgende representaties in kennisopbouw 114
    15. 5.3.3.3 ‘discovery learning’ 115
    16. 5.3.3.4 Bruner en instructie 116
    17. 5.3.3.5 Het ‘spiral curriculum’ 117
    18. 5.3.3.6 De centrale rol van de instructieverantwoordelijke 117
    19. 5.3.4 experiential learning theory: Kolb (1939) 117
    20. 5.3.4.1 kernbegrippen: leerstijlen en de ervaringscyclus 117
    21. 5.3.4.2 leerstijlen en Kolb 119
    22. 5.3.4.3 wat kun je aanvangen met ‘leerstijlen’? 120
    23. 5.3.4.4 experiential learning en professionele opleidingen 121
    24. 5.3.6 situated learning en situated cognition: legitimate peripheral participation (Lave &Wenger) 121
    25. 5.3.6.2 context 122
    26. 5.3.6.3 nadruk op het toepassen van kennis 123
    27. 5.3.6.5 leren is een levenslang proces (zie not ppt) 124
    28. 5.3.6.6 de ‘social periphery’ 124
    29. 5.3.6.7 kritische geluiden bij ‘situated learning’ 124
    30. 5.3.6.8 voorbeeldtoepassingen van situated cognition en ‘communities of practice (p 442-443) 125
    31. 5.4 de constructivistische opvatting over instructie 126
    32. 5.5 systematische vertalingen van de constructivistische visie 127
    33. 5.5.1 competentiegericht onderwijs- Competency based education (CBE) 127
    34. 5.5.1.2 de ‘oude’ geschiedenis van competentiegebaseerd onderwijs 128
    35. 5.5.1.3 CBE in de lerarenopleiding 128
  9. 09 5.5.2 klinische simulaties 129
    1. 5.5.2.1 basis ideeën 129
    2. 5.5.2.2 klinische simulaties in de lerarenopleiding 130
    3. 5.5.2.3 de theoretische basis voor klinische simulaties 131
    4. 5.5.2.4 online en face-to-face klinische simulaties 132
    5. 5.5.3 skillslabs 132
    6. 5.5.4 duaal leren 133
    7. 5.5.4.2 algemene vorming en/of professionele vorming 133
    8. 5.5.4.3 duaal leren in het hoger onderwijs 135
    9. 5.5.4.4 ontwerpen van duaal leren 135
    10. 5.5.5 cognitive apprenticeship: leerling-gezel-meester 136
    11. 5.5.5.1 een ambachtelijke aanpak heruitgevonden? 136
    12. 5.5.5.2 CA is ‘hot’ 136
    13. 5.5.5.3 het ontwerpen van cognitive-apprenticeshipaanpakken 137
    14. 5.5.5.4 Hoe effectief zijn cognitive-apprenticeshipaanpakken? 139
    15. 5.5.6 leerbedrijven, oefenbedrijf 139
    16. 5.5.6.1 een aparte vorm van apprenticeship 139
    17. 5.5.6.2 virtuele bedrijven en hoger onderwijs 139
    18. 5.5.6.3 ontwerpen van leerbedrijven 140
    19. 5.5.7 probleemgestuurd onderwijs (PGO) 140
    20. 5.5.7.1 ter oriëntatie: een sessie PGP 140
    21. 5.5.7.2 de basis van probleemgestuurd onderwijs (PGO) 140
    22. 5.5.7.3 De theoretische basis van PGO 141
    23. 5.5.7.4 kernbegrippen 141
    24. 5.5.7.6 de zevensprong 142
    25. 5.5.7.7 werkt PGO? 143
    26. 5.6.1 concreet-iconisch-symbolisch 144
    27. 5.6.1.2 de verdere uitwerking van de CIS-principes 144
    28. 5.6.1.3 concreet-enactive 145
    29. 5.6.1.4 iconic 145
    30. 5.6.1.5 abstract-symbolic 145
    31. 5.6.2 samenwerkend leren 145
    32. 5.6.2.1 uitgangspunten 145
    33. 5.6.2.2 begripsverwarring alom 146
    34. 5.6.2.3 voorwaarden voor succesvol samenwerken 146
    35. 5.6.2.4 ontwerprichtlijnen voor samenwerkend leren 147
    36. 5.6.2.5 onderzoek met betrekking tot computer supported collaborative learning 147
    37. 5.6.3 peer learning- peer tutoring 149
    38. 5.6.3.1 conceptuele basis 149
    39. 5.6.3.2 theoretische basis 149
    40. 5.6.3.4 het ontwerpen van peertutoring/ontwerprichtlijnen 150
    41. 5.6.4 student tutoring 151
    42. 5.6.4.1 peer tutoring vs student tutoring 151
    43. 5.6.4.2 concrete aanpakken in Vlaanderen 151
    44. 5.6.4.3 een bredere aanpak in het hoger onderwijs 151
    45. 5.6.5 games-spellen 151
    46. 5.6.5.1 wat heeft een game of spel met leren te maken 151
    47. 5.6.5.2 Is leren met games effectief? 152
    48. 5.6.5.3 Waarom geraken games niet echt van de grond in het onderwijs? 153
    49. 5.6.6 gamification 154
    50. 5.6.7 technologie: computers, laptops, tablets en het internet 154
    51. 5.6.7.1 een ‘natuurlijke’ link met het constructivisme 154
    52. 5.6.7.2 Logo als voorbeeld van een computergebaseerde leeromgeving 155
    53. 5.6.7.3 En wat in 2018,2019,2020... 155
    54. 5.6.7.4 ontwerpprincipes 156
    55. 5.7 het onderwijskundig referentiekader en het constructivisme 156

Document information

Study
Uploaded on
February 5, 2025
Number of pages
319
Written in
2024/2025
Type
Summary
$10.34
Purchased by 8 students

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
sterredemaeyer
4.4
(5)
Sold
27
Followers
1
Items
6
Last sold
1 week ago

Reviews from verified buyers




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions