Wat is arbeid?
-Het leveren van doelgerichte betekenisvolle diensten voor een passende beloning.
-Het dubbele moraal van arbeid is dat het goed voor je welzijn is maar er ook ziek van kunt
worden.
-Arbeid kent verschillende doelen, namelijk productief zijn/winst maken, middel om in
levensonderhoud te voorzien en om veilig/plezierig te werken.
-Hierbij komen 5 perspectieven kijken;
1. Economisch perspectief
-Je levert een bijdrage aan het Bruto Nationaal Product.
2. Psychologisch perspectief
-Het levert betekenis op voor het individu.
3. Sociologisch perspectief
-Het heeft nut voor de maatschappij.
4. Filosofisch perspectief
-Het creëert levenswaarde en menswording.
5. Ethisch perspectief
-Het levert een bijdrage dat het leven de moeite waard is en dat arbeid goed is.
-Arbeid heeft 2 functies;
A. Manifeste functie, bewust:
-Het verwerven van een inkomen.
B. Latente functie, onbewust:
-Structuur in je leven.
-Sociale contacten en waardering.
-Zelfrespect en zelfontplooiing.
-Status en identiteit.
Veranderingen op de arbeidsmarkt:
-Er vinden door de tijd heen veranderingen plaats, namelijk:
1. Intensivering van de Arbeid:
-Verwachtingen zijn toegenomen.
-Intensief werken is een belangrijke oorzaak voor welzijns- en
gezondheidsproblemen.
2. Verandering van de arbeidsinhoud:
-Opkomst van de dienstensector.
-Arbeid gebonden risico’s zijn verschoven van lichamelijke naar psychische klachten.
3. Organisatieveranderingen:
-Organisatieveranderingen roepen onzekerheid op, en onzekerheid roept spanning
op.
-De bron van psychische belasting.
4. Moderne bedrijfsvoering:
-Moderne bedrijfsvoering kan een zware mentale druk leggen op werknemers én
leidinggevenden.
5. Aantasting van het psychologisch contract:
-Wanneer investeringen en opbrengsten niet meer met elkaar in verhouding zijn, kan
dit leiden tot psychische klachten.
1
,Wat is gezondheid?
-‘Afwezigheid van ziekte.’
-Gezondheid is het vermogen om zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht
van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen in het leven.
-Er zijn 4 factoren welke gezondheid bepalen;
A. Biologische factoren, endogene factor:
-Denk hierbij genetische factoren zoals lichaamsbouw of persoonlijkheidskenmerken.
B. Fysieke omgeving, Exogene factor:
-Denk hierbij aan factoren vanuit jouw omgeving, zoals straling of milieu.
C. Sociale omgeving, Exogene factor:
-Denk hierbij aan je opleidingsniveau, woonomgeving of cultuurpatronen.
D. Leefstijl, Exogene factor:
-BRAVOO.
-Er zijn 2 soorten gezondheid, met elk hun 3 perspectieven;
1. Individuele gezondheid.
-P1 Normaal functioneren: Waarbij je normaal kan werken, alles erop en eraan zit en
werkt.
-P2 Competent: Je geeft betekenis aan het leven.
-P3 common benefit: Je participeert in de maatschappij.
2. Gezonde organisatie.
-P1 normaal functioneren: Waarbij normaal functioneren mogelijk is, er financiële
reserves zijn en de medewerkers trots.
-P2 competent: Wanneer je een lerende organisatie bent, ofwel innovatief en aan
kan passen.
-P3 Common benefit: Je ontfermt over duurzaam ondernemen, ofwel MVO met de 3
P’s. (People, Planet, Profit)
-Werkstress is de nummer 1 beroepsziekte!
-Daarnaast zijn er ook beroepsziektes. Onder een beroepsziekte verstaan we een ziekte of
aandoening, als gevolg van een overmatige belasting die in de arbeidsomstandigheden heeft
plaatsgevonden.
-Er is een verplichting voor bedrijfsartsen om beroepsziekten te melden bij het Nederlands
Centrum voor Beroepsziekten.
-Daarnaast kunnen er arbeidsaandoeningen zijn, welke we onderscheiden in 2 soorten;
A. Arbeidsgerelateerde aandoening;
-Aandoening welke te maken heeft, zonder dat er een duidelijk oorzaak-gevolg
verband is.
-Denk hierbij bijvoorbeeld aan last aan het bewegingsapparaat.
B. Arbeidsrelevante aandoening:
-Een aandoening welke niet door het werk komt, maar wel versterkt/verergerd wordt
door het werk.
-Denk bijvoorbeeld aan gespannenheid door thuissituatie en door het werk wordt het
erger.
2
, De relatie tussen arbeid en gezondheid:
-Er is een relatie tussen arbeid en gezondheid, namelijk;
Labor – Hierbij zie je arbeid als een resultaat, energiebron, uitdaging en
zelfverwerkelijking.
Opus – Hierbij zie je arbeid als last, inspanning, belasting en moeite.
Relatie tussen arbeid en gezondheid op politiek niveau:
-Hierbij kan je denken aan de wetgeving welke de politiek heeft toegepast om zo arbeid
gezond te houden:
-1901 Ongevallen wet;
Sprake van Risque Professionel, deze wet was van toepassing als je arbeidsongeschikt
raakte door een bedrijfsongeval of beroepsziekte.
-1913 invaliditeitswet;
Hierbij is er sprake van Risque Social, wanneer je door een niet werk gerelateerde
aandoening arbeidsongeschikt raakte.
-1967 Wet Arbeidsongeschiktheid;
Hierbij kwamen de Risque Professionel en Risque Social te vervallen en werden deze
los gelaten.
-1996 Wet Uitbreiding Loondoorbetaling Bij Ziekte (WULBZ);
-2002 Invoering wet verbetering Poortwachter;
-2004 Verlenging loondoorbetalingsverplichting (naar 2 jaar);
-2006 Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA);
-2009 Wet Stimulering ArbeidsParticipatie;
-2015 Participatiewet.
Arbeidsparticipatie:
-Hierbij gaat het om participeren, ofwel meedoen.
-Hierbij heb je een baan 12 uur of meer per week of ben je actief op zoek.
-Bruto arbeidsparticipatie, de beroepsgeschikte bevolking.
-Netto arbeidsparticipatie, Daadwerkelijke mensen die een baan hebben.
-Gezondheidsklachten hoeven geen reden te zijn om niet aan het arbeidsproces deel te
nemen!
Ziekteverzuim:
-Afwezigheid op het werk als gevolg van ziekte (en beroep te doen op de WULBZ).
-Ziekteverzuim in Nederland ligt gemiddeld rond de 4% en is relatief hoog ten opzichte van
Europa.
-Hoge verzuim in Nederland komt vooral door Risque Social ten opzichte van Risque
Professionel. Veel oorzaken liggen buiten de invloed van werk.
-Er zijn 2 soorten verzuim.
1. Intern verzuim:
-Situatie waarbij de medewerker aanwezig is maar niet (voldoende) werkt of
productief is. Denk hierbij aan extra lang pauzeren of meer roken.
-Dit heet ook wel roze verzuim.
2. Extern verzuim:
-Hierbij is de medewerker fysiek niet aanwezig op de werkplek.
-Extern verzuim is er in 3 vormen;
3