Inleiding
Wat is een bodem?
- Def geologen: mengsel v gefragmenteerde & verweerde korrels van mineralen & rotsen
met variabele proporties water & lucht: mengsel gekenmerkt door gelaagdheid & ontw
in tijd wordt beïnvloedt door klimaat & levende organismen
- Def landbouwwetenschappers: bovenste losse deel v aardkorst tot op diepte die v belang
is voor planten
- Minerale & organische bestanddelen (gesteente enkel minerale), los (gesteente vast)
Belang van bodems
- Bepalen welke planten & microben ergens kunnen leven belangrijk voor biodiversiteit
- Belangrijk voor plantengroei belangrijk voor productie hout, voedsel, energie …
- Bepalen of polluenten worden vastgehouden / weggespoeld, geïmmobiliseerd /
beschikbaar blijven
- Klimaatcontrole
,Minerale bodemdeeltjes
Inleiding
- Minerale samenstelling bepaalt eig bodems
o SiO2: verweert heel traag & onvolledig grote partikels (zandbodem) klein
specifiek opp & weinig ladingen weinig nutriëntenretentie
SiO2: weinig bufferend vermogen tegen verzuring (weinig basische kationen)
o Silikaathoudende bodems: snellere verwering kleine partikels (leem / klei)
groot specifiek opp & veel ladingen betere retentie v ionen vruchtbaarder
Silikaten: beter bufferend vermogen (wel basische kationen)
o Kalkbodems (CaCO3): hoge pH problemen met P (slaat neer) & teveel aan Ca
probleem voor opname andere bivalente kationen
CaCO3 verweert snel: vaak leem- / kleibodems
Bodemtextuur
- Verwering gesteente bodemdeeltjes v verschillende grootte
- Textuur = korrelgrootteverdeling v minerale bodembestanddelen
- Textuur bepalend voor water- & nutriëntenretentie voor bodemvruchtbaarheid
- Korrelgroottefracties: verschillende classificatiesystemen
Sedimentologen: Bodemkundigen :
< 0,004mm: klei < 0,002mm: klei
0,004mm – 0,063mm: silt 0,002mm – 0,05mm: leem
0,063mm – 2mm: zand 0,05mm – 2mm: zand
> 2mm: grind (afgerond) / puin 2mm – 2cm: grind
(hoekig) > 2cm: stenen / keien
o Bodem altijd mengeling v
korrelgroottefracties
- Indeling textuurklassen afh v verhouding zand,
leem, klei: voorgesteld in textuurdriehoek:
o Driehoek is asymmetrisch
o Kleinere partikels meer opp
actiever: meer interactie tussen
partikels, meer waterbinding
o Zware vs lichte gronden
, - Cumulatieve curve: weergave v alle
korrelgroottefracties
o Veel meer info dan textuurklasse
o Mediane korrel-diameter
o Onderscheid binnen grotere
klassen (bvb fijn zand / grof zand)
Bodemstructuur
- Bodems
o Vaste deeltjes: mineralen & dood + levend org materiaal
o Tussen vaste deeltjes: macro- & micro-poriën: lucht & water
o Textuur & manier waarop vaste deeltjes gestapeld zitten bepaalt voorkomen
macro- & micro-poriën
o = bodemstructuur
- Kruimelstructuur
o Meer grote poriën betere drainage (kleibodems)
o Microporiën betere waterretentie (zandbodems)
- Individuele partikels gegroepeerd in “aggregaten” door aaneenkitten individuele korrels:
belangrijk voor bodemfuncties
o In aggregaat vaak anaeroob tragere afbraak org materie kan sterk binden
aan mineralen lange-termijn C-sink
o In aggregaten veel kleine poriën, tussen aggregaten veel grote poriën
drainage & vochtretentie
o Aggregaatvorming (structuur) belangrijk voor optimale lucht/water balans & is
biologisch proces
- Volume ingenomen door water & lucht afh v seizoen & bodemtype
- Verweringsgronden (ter plaatse gevormd uit verwering v gesteenten) bevatten vaak
onverweerde steenbrokken zijn stenig
- Afzettingsbodems (gevormd uit materiaal v elders aangevoerd) bestaan uit fijnere korrels
Wat is een bodem?
- Def geologen: mengsel v gefragmenteerde & verweerde korrels van mineralen & rotsen
met variabele proporties water & lucht: mengsel gekenmerkt door gelaagdheid & ontw
in tijd wordt beïnvloedt door klimaat & levende organismen
- Def landbouwwetenschappers: bovenste losse deel v aardkorst tot op diepte die v belang
is voor planten
- Minerale & organische bestanddelen (gesteente enkel minerale), los (gesteente vast)
Belang van bodems
- Bepalen welke planten & microben ergens kunnen leven belangrijk voor biodiversiteit
- Belangrijk voor plantengroei belangrijk voor productie hout, voedsel, energie …
- Bepalen of polluenten worden vastgehouden / weggespoeld, geïmmobiliseerd /
beschikbaar blijven
- Klimaatcontrole
,Minerale bodemdeeltjes
Inleiding
- Minerale samenstelling bepaalt eig bodems
o SiO2: verweert heel traag & onvolledig grote partikels (zandbodem) klein
specifiek opp & weinig ladingen weinig nutriëntenretentie
SiO2: weinig bufferend vermogen tegen verzuring (weinig basische kationen)
o Silikaathoudende bodems: snellere verwering kleine partikels (leem / klei)
groot specifiek opp & veel ladingen betere retentie v ionen vruchtbaarder
Silikaten: beter bufferend vermogen (wel basische kationen)
o Kalkbodems (CaCO3): hoge pH problemen met P (slaat neer) & teveel aan Ca
probleem voor opname andere bivalente kationen
CaCO3 verweert snel: vaak leem- / kleibodems
Bodemtextuur
- Verwering gesteente bodemdeeltjes v verschillende grootte
- Textuur = korrelgrootteverdeling v minerale bodembestanddelen
- Textuur bepalend voor water- & nutriëntenretentie voor bodemvruchtbaarheid
- Korrelgroottefracties: verschillende classificatiesystemen
Sedimentologen: Bodemkundigen :
< 0,004mm: klei < 0,002mm: klei
0,004mm – 0,063mm: silt 0,002mm – 0,05mm: leem
0,063mm – 2mm: zand 0,05mm – 2mm: zand
> 2mm: grind (afgerond) / puin 2mm – 2cm: grind
(hoekig) > 2cm: stenen / keien
o Bodem altijd mengeling v
korrelgroottefracties
- Indeling textuurklassen afh v verhouding zand,
leem, klei: voorgesteld in textuurdriehoek:
o Driehoek is asymmetrisch
o Kleinere partikels meer opp
actiever: meer interactie tussen
partikels, meer waterbinding
o Zware vs lichte gronden
, - Cumulatieve curve: weergave v alle
korrelgroottefracties
o Veel meer info dan textuurklasse
o Mediane korrel-diameter
o Onderscheid binnen grotere
klassen (bvb fijn zand / grof zand)
Bodemstructuur
- Bodems
o Vaste deeltjes: mineralen & dood + levend org materiaal
o Tussen vaste deeltjes: macro- & micro-poriën: lucht & water
o Textuur & manier waarop vaste deeltjes gestapeld zitten bepaalt voorkomen
macro- & micro-poriën
o = bodemstructuur
- Kruimelstructuur
o Meer grote poriën betere drainage (kleibodems)
o Microporiën betere waterretentie (zandbodems)
- Individuele partikels gegroepeerd in “aggregaten” door aaneenkitten individuele korrels:
belangrijk voor bodemfuncties
o In aggregaat vaak anaeroob tragere afbraak org materie kan sterk binden
aan mineralen lange-termijn C-sink
o In aggregaten veel kleine poriën, tussen aggregaten veel grote poriën
drainage & vochtretentie
o Aggregaatvorming (structuur) belangrijk voor optimale lucht/water balans & is
biologisch proces
- Volume ingenomen door water & lucht afh v seizoen & bodemtype
- Verweringsgronden (ter plaatse gevormd uit verwering v gesteenten) bevatten vaak
onverweerde steenbrokken zijn stenig
- Afzettingsbodems (gevormd uit materiaal v elders aangevoerd) bestaan uit fijnere korrels