100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Statistiek en data-analyse begrippen en formules (2e bach farmacie)

Rating
-
Sold
-
Pages
12
Uploaded on
22-01-2025
Written in
2024/2025

GESLAAGD IN EERSTE ZIT (15/20) Dit is een volledige samenvatting en overzicht van alle begrippen, definities en formules met ook de uitleg in mensentaal zoals ze het vaak op examens vraagt.

Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 22, 2025
Number of pages
12
Written in
2024/2025
Type
Summary

Subjects

Content preview

statistiek en data-analyse: begrippen
1.2 oppoetsen van gegevens = het kiezen voor die statistische analysetechniek die de
resultaten het meest rooskleurig brengt

2.2 steekproef = een representatieve groep proefpersonen

2.2 selectie bias = vorm van vertekening die ontstaat doordat analyse op een niet-
representatieve groep subjecten wordt uitgevoerd en de resultaten daardoor
systematisch afwijken van wat men voor de studiepopulatie zou bekomen hebben → kan
bv doordat mensen de studie verlaten (missing data)

2.3 experiment = reeks observaties die gemaakt worden onder condities die
gecontroleerd worden door de onderzoeker (niet altijd ethisch mogelijk bv stoppen met
roken)

2.3 klinische studie = bijzonder type experiment met als doel medische behandelingen
te testen bij mensen. Ze vereist enkel de formele structuur van een experiment waarbij
er controle is over de toekenning vd behandeling door de klinische onderzoeker

2.3 observationele studie = reeks observaties die gemaakt worden zonder
tussenkomst van een onderzoeker. De patiënt zelf kiest of zij het geneesmiddel neemt of
niet

2 principes cruciaal voor kwaliteit studie:
is er een controlegroep? zijn de behandelingsgroepen representatief?

2.3 gecontroleerde studies = studies die beschikken over een controlegroep

2.3 pre-test/post-test = studie waarbij een bepaalde karakteristiek gemeten wordt bij
een groep individuen, die vervolgens onderworpen worden aan een zekere behandeling
of interventie en bij wie diezelfde karakteristiek tenslotte opnieuw gemeten wordt
! afwezigheid controlegroep !

2.3 regression-to-the-mean = zelfs indien deelnemers geen interventie zouden
ondergaan, zou hun toestand naar meer normale waarden evolueren naarmate de tijd
verstrijjkt

2.3 confounder = een variabele die geassocieerd is met de blootstelling en uitkomst,
maar door geen van beiden zelf beïnvloed wordt. Deze verstoort de associatie tussen
blootstelling en uitkomst zodat de geobserveerde associatie tussen beiden mogelijk niet
het pure effect van die blootstelling op de uitkomst uitdrukt.
bv rijkdom = confounder voor associatie tussen chocoladeconsumptie en aantal
Nobelprijzen bv leeftijd = confounder bij rookgedrag en longkanker want het beïnvloed
die twee, maar geen van beide beïnvloeden de leeftijd →corrigeren (adjusted)

2.3 causaal effect = als gevolg van
bv roken heeft een causaal effect op longkanker = longkanker als gevolg van roken)

2.4 incidentie = het verwachte aantal nieuwe gevallen van een ziekte dat optreedt
gedurende een vooraf bepaald tijdsinterval, m.a.w. de kans uit dat een individu zonder de
bestudeerde aandoening tijdens het gegeven tijdinterval deze aandoening zal opdoen

2.4 prevalentie = de proportie individuen met de ziekte in een bepaalde populatie op
een bepaald punt in de tijd

,2.4 gerandomiseerde studie = een experiment waarbij toewijzing van subjecten aan
de verschillende interventiegroepen of -armen volledig lukraak gebeurt zodat de
toewijzing van een gegeven subject onmogelijk op voorhand voorspeld kan worden.
Hierdoor zijn beide groepen zeer vergelijkbaar zodat de geobserveerde verschillen in
effect kunnen toegewezen worden aan de interventie en niet aan toeval

2.4 differentiële uitval = de reden om niet deel te nemen aan de studie is verschillend
voor de test- en controlegroep

2.4 blind zijn = niet weten welke behandeling je toegewezen krijgt zodat we een zo
objectief mogelijk beeld van het behandelingseffect verkrijgen (dubbel blind, enkel blind
of open-label)

2.5 systematische allocatie of louter toevallige allocatie = een
toewijzingsmethode die mogelijks op een lukraak mechanisme lijkt, maar waarbij men de
toewijzing van (sommige) patiënten op voorhand kan voorspellen

2.5 eenvoudige randomisatie = patiënten worden lukraak toegewezen aan
behandeling A of B zoals door het opgooien van een muntje of via de computer
! geen zekerheid op groepen van gelijke grootte !

2.5 gebalanceerde of beperkte randomisatie = gelijke aantallen patiënten worden
toegewezen aan behandeling A of B per blok van bv 4 patiënten

2.5 gestratificeerde randomisatie = een gebalanceerde randomisatie die afzonderlijk
wordt uitgevoerd per groep patiënten met gelijkaardige prognostische factoren om te
voorkomen dat die factoren door toeval niet gelijk verdeeld zouden zijn over de
verschillende behandelingsarmen en als gevolg daarvan een storende invloed zouden
hebben op de associatie tussen behandeling en respons

2.5 prognostische factor = een variabele die geassocieerd is met de bestudeerde
uitkomst (bv roken voor longkanker). Een confounder is dus in het bijzonder een
prognostische factor

2.8 intention-to-treat (ITT) = het idee dat alle patiënten die in een gerandomiseerde
klinische studie gerandomiseerd werden, moeten geanalyseerd worden volgens de
behandelingsgroep waaraan ze toegewezen zijn, ongeacht of ze aan de
toelatingsvoorwaarden tot de studie voldeden, ongeacht de ingenomen behandeling,
ongeacht de mata waarin ze de voorgeschreven behandeling volgden en ongeacht het
feit of ze de studie verlieten en/of afweken van het studie-protocol
→ geeft antwoord op de vraag: is er een behandelingseffect? Niet: wat zou het
behandelingseffect zijn bij perfecte therapietrouw?

2.8 healthy user effect = mensen die meer bezorgd zijn over hun gezondheid gaan
meer therapietrouw zijn

2.8 sick stopper effect = mensen die het meest ziek zijn, zijn het snelst geneigd om de
behandeling stop te zetten

2.8 cohort of prospectieve, longitudinale studie = een studie waarbij men start met
een groep of cohort individuen die vrij zijn van een bepaalde ziekte en vervolgens worden
opgevolgd →laat toe richting causaliteit te vinden

2.8 reverse causality = het fenomeen waarbij de richting van de oorzaak-gevolg-relatie
die men uit de gegevens denkt te zien tegen de verwachting ingaat

, 2.8 multivariate = patiënten van ongeveer dezelfde leeftijd en met dezelfde
risicofactoren voor een ziekte

2.8 Simpson’s paradox = relaties tussen percentages kunnen omkeren naarmate men
ze al dan niet in subgroepen bekijkt

2.9 retrospectieve studies = observationele studies waarin men de associatie tussen
een blootstelling en een bepaalde aandoening bepaalt door eerst een groep subjecten
met de aandoening en een groep subjecten zonder de aandoening te identificeren en
vervolgens op te sporen welke blootstelling ze in het verleden ondervonden hebben

2.9 gematchte case-controle studies: voor elke case zoekt men 1 of meerdere
controlesubjecten die vergelijkbaar zijn met de case in termen van prognostische
variabelen voor de bestudeerde aandoening
! zal gepaard gaan met een groot verlies aan observaties !

2.9 recall bias = beroep doen op historische data of het geheugen van de
proefpersonen om informatie te verzamelen over de blootstelling en andere factoren
selectie bias = vertekening bij gebrek aan representativiteit
confounding bias = vertekening bij gebrek aan vergelijkbaarheid

3.2 variabele = karakteristiek die varieert van subject tot subject in de studie (aes)

3.2 uitkomst of eindpunt = de primaire variabele waarop men het effect van een
behandeling wil evalueren

3.2 kwalitatieve of categorische variabelen = variabelen met een beperkt aantal
uitkomstcategorieën die niet numeriek van aard zijn. Deze worden onderverdeeld in
nominale (gegevens die men kan benoemen, worden niet gemeten maar geteld en
kennen geen natuurlijke ordening bv geslacht en bloedgroep) en ordinale (kan men wel
ordenen bv alcoholconsumptie en rokersstatus)

3.2 numerieke variabelen = variabelen onderverdeeld in discrete (bestaan uit
tellingen bv aantal kinderen) en continue (kunnen elk mogelijke waarde aannemen
tussen bepaalde grenzen bv leeftijd en bloeddruk)
→dichotimiseren van continue variabelen = nominaal maken van continue variabelen

3.2 cherry picking = resultaten naar de hand zetten door bv een cut-off te gebruiken
die de resultaten het meest gunstig doet lijken

3.3 outliers = obeservaties die ten opzichte van de overige observaties extreem zijn

3.4 regressielijen: vat de associatie tussen beide variabelen samen door de gemiddelde
waarden weer te geven

4.2 gemiddelde (zeer gevoelig voor outliers + best bij symmetrische verdelingen)
x 1+ x 2 +…+ x n 1 n
x= = ∑ xi
n n i=1

4.2 mediaan = 50% percentel (minder gevoelig voor outliers, robuuster + best bij niet-
symmetrische verdelingen) →handig bij censurering

4.2 modus = meest frequente waarde (sterk afhankelijk van de gekozen
nauwkeurigheid)
$13.90
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
farmaciestudent2005

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
farmaciestudent2005 Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
2
Member since
2 year
Number of followers
1
Documents
7
Last sold
1 month ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions