Wat is inclusief onderwijs?
Wat zijn de voor-en nadelen?
Gevolgen voor beiden kinderen? (sociaal en academisch)
Hou rekening met de populatie in de onderzoeken, hoe zien die eruit.
Artikel: ‘The social functioning of students with learning disabilities: implications for
inclusion’ (2001) – Vaughn, Elbaum & Boardman (review)
Dit artikel is een review van onderzoek naar sociaal functioneren van studenten met
learning disabilities (LD) en bespreekt de opschudding over inclusie van studenten met LD in
klaslokalen voor regulier onderwijs.
Vier gebieden van sociaal functioneren komen aan bod: sociale vaardigheden, zelfconcept,
vriendschappen en sociale netwerken. Onderzoek op deze gebieden wijst erop dat sommige
hoewel niet alle studenten met LD-problemen vertonen in het sociale domein dat
consequenties heeft voor inclusie in reguliere klaslokalen. Er wordt beargumenteerd dat de
sociale dimensies moeten worden overwogen voor de plaatsing, van studenten met LD.
Inclusion of students with learning disabilities
De nieuwe wet zorgde ervoor dat er een nieuwe focus kwam op kinderen met LD om
succesvol te worden en te integreren in de maatschappij.
Hiervoor kregen studenten met LD gewoon les in het reguliere onderwijs.
Na 1975 kregen steeds meer studenten met LD speciaal onderwijs in instellingen die
gemaakt waren voor specifieke onderwijsbehoeften. Dit werd als velen beschouwd als een
grote verbetering. Vandaar dat er nu ook veel bezorgdheid is over de terugkeer van
studenten met een handicap naar regulier onderwijs.
Zorgen over de mogelijk negatieve gevolgen van volledige inclusie voor studenten met LD
hebben onderzoekers ertoe aangezet om voor een meer individuele benadering te pleiten,
waarin de leer-en sociale behoeften van elke student wordt overwogen in plaats van de
plaats waar diegene wordt opgeleid. Er kwamen verschillende suggesties van Vaughn en
Schumm voor inclusie van studenten met LD:
Zet de behoeften van studenten voorop
Behoud een continuüm van onderwijsdiensten voor studenten met beperkingen
Sta leraren toe om te kiezen voor het lesgeven in inclusieve klassen
Geef gepaste bronnen/materiaal aan leraren en andere specialisten
Moedig leraren en andere professionals aan om hun filosofie over inclusie te
bespreken en te ontwikkelen.
Zorg voor voortdurende professionele ontwikkeling voor alle betrokkenen
Selecteer en ontwerp curricula die voldoen aan de behoeften van alle studenten
Beoordeel de effectiviteit van de interventie en plaatsingsmodellen die worden
gebruikt
Betrek ouders in het beslissingsproces van begin tot eind.
Met dit soort suggesties is wel gefocust op de academische behoeften van studenten met
achterstanden. Maar er moet ook worden gekeken naar de effecten van inclusie op het
sociaal functioneren van studenten met leerproblemen op vier belangrijke gebieden: sociale
vaardigheden, zelfconcept, vriendschappen en klasnetwerken.
1
,Het doel van dit artikel is om stakeholders (verschillende partijen waarmee rekening mee
worden gehouden) te voorzien van een framework van enkele consequenties van het
onderzoek voor de inclusie van studenten met LD in het reguliere onderwijs.
Social skills
Effectieve sociale vaardigheden bevat het vermogen om op een gepaste manier te beginnen
en te reageren op anderen. Ze vormen de basis voor het maken en behouden van vrienden
en een succesvolle interactie met andere op school en op werk.
Het omvat taal, non-verbale reacties en houdingen die een persoon aan anderen overbrengt.
Ook werd het belang van cognitie benadrukt, wat wordt gebruikt in het vermogen om te
redeneren en beslissingen te nemen over het geven en nemen van sociale interacties.
Uit een meta-analyse was gebleken dat ongeveer 75% van de studenten met LD lagere
beoordelingen van sociale vaardigheden kregen dan leeftijdsgenoten zonder LD.
De interagency Committee on learning disabilities (1987) stelde voor om de gebieden van
moeilijkheid uit te breiden, wat bijdraagt aan een leerstoornis.
In een klaslokaal zullen studenten met LD (met slechte sociale vaardigheden) eerder worden
afgewezen door klasgenoten dan studenten zonder LD. Ook zullen ze niet zo geliefd zijn door
hun leraren.
Aangepaste leraar-gerelateerde sociale vaardigheden zorgen voor academische
betrokkenheid en zorgen niet voor het uitdagen van de leraar. Sociale vaardigheden die
relaties met leeftijdsgenoten bevorderen, zijn de interpersoonlijke vaardigheden die nodig
zijn om vriendschappen te ontwikkelen.
Studenten met een handicap zullen door alle groepen (leraren, ouders, klasgenoten enz.)
slechtere worden beoordeeld op het vertonen van sociale vaardigheden dan
leeftijdsgenoten zonder handicap.
De auteurs kijken naar verschillende percepties met betrekking tot sociale vaardigheden:
Teacher’s perceptions
Volgens een meta-analyse zien leraren dat leerlingen met LD worden onderscheiden van
leerlingen zonder LD door de academische tekorten en de minder frequentie sociale
interacties. 8 van de 10 studenten met LD werden beoordeeld als het vertonen van
hyperactiviteit, afgeleid zijn, slechte aanpassing en kenmerken die resulteren in het niet
tonen van aandacht tijdens de les. Het is interessant dat met uitzondering van hyperactiviteit
en afleidbaarheid, leerkrachten de gedragsproblemen niet als een belangrijke bijdrage ziet
aan de sociale vaardigheden van studenten.
Parent’s perceptions
Beoordelingen van ouders over de sociale vaardigheden van hun kinderen verschillen van de
beoordelingen van leraren. Uit een studie bleek dat ouders minder de sociale vaardigheden
ervaarden van hun kinderen dan de leraren. Een mogelijke factor is dat de situationele
context van invloed is op het gedrag.
Peer perceptions
Beoordelingen van studenten duiden erop dat tekorten in sociale vaardigheden het meest
worden gekenmerkt door afwijzing. Een tweede dimensie is beperkte acceptatie, waarbij
2
, studenten zonder LD, vrienden zijn met maar 30% van de leerlingen met LD. Echter studies
die studenten met LD vergeleken met slecht presterende studenten zonder LD vonden geen
verschil in de percepties van leeftijdsgenoten van de sociale vaardigheden van klasgenoten.
Misschien zijn de omstandigheden het gevolg van academische zwakheden, zoals het minder
betrokken zijn bij activiteiten in de klas in plaats van het hebben van de leerstoornis op zich,
waardoor studenten hun klasgenoten anders waarnemen.
Student’s self-perceptions
Ongeveer 80% van de studenten met LD rapporteert tekorten in hun non-verbale
communicatie en sociaal probleemoplossend vermogen. Hoewel er geen oorzaak-en-gevolg
relatie is vastgesteld, is het niet verassend dat factoren die vaak geassocieerd zijn met een
leerstoornis zoals taalstoornis of een verwerkingstekort problematisch kan zijn in de
verwerving en toepassen van passende sociale vaardigheden.
Interventions to improve the social skills of students with LD
Het is dus duidelijk dat een groot aantal studenten met LD ongepaste sociale vaardigheden
vertonen die worden waargenomen door degene die dagelijks met hen omgaan. Om de
negatieve gevolgen te vermijden worden vele interventies uitgevoerd.
Forness & Kravale (1996) beoordeelden de bevindingen van 53 studies. Er werd gevonden
dat social skills interventies maar minimaal effectief zijn in het veranderen van het gedrag
van studenten.
Oorzaken:
De gemiddelde lengte van de interventies was minder dan 3 uur per week, minder
dan 3 maanden dus het kan zijn dat de korte tijd ervoor zorgde dat het niet efficiënt
was. Een 4-jarig longitudinale studie toonde dat de sociale vaardigheden toenamen
van jaar tot jaar, ook zonder targeted interventies.
Er werd ook gesuggereerd dat vele interventies niet valide genoeg waren.
Gedragingen die worden toegewezen in een gecontroleerde omgeving, zullen niet
generaliseren naar een meer natuurlijke omgeving.
In een longitudinaal onderzoek van 4 jaar (Vaughn & Hogan) werd namelijk wel gevonden
dat sociale vaardigheden verbeterden.
Verschillende implicaties moeten in beschouwing worden genomen wat betreft inclusie:
Ten eerste zullen studenten met LD academisch problemen vertonen in sociale
vaardigheden. Dus, leraren van studenten moeten veel ondersteuning bieden aan
studenten met LD.
Ten tweede kunnen leraren klasgenoten aanmoedigen om verschillen in sociaal
gedrag van andere studenten te tolereren, op voorwaarde dat hun gedrag niet
schadelijk of storend is.
Ten derde zijn sociale vaardigheid interventies relatief onwaarschijnlijk om
significante verbetering op te leveren in de vaardigheid niveaus van studenten of
sociale acceptatie.
Ten slotte kan het samenwerkingsverband tussen ouders en leraren de inzet van
succesvolle sociale vaardigheden vergemakkelijken.
Dus de sociale vaardigheden zijn niet heel goed, maar de interventie helpt ook niet veel.
Self -concept
3