Samenvatting NASK-paragraaf 3
• Schakelingen
Er zijn speciale symbolen bedacht voor elke
schakeling. Als je een schema hebt met die
symbolen noem dat een schakelschema.
Het vertelt welke onderdelen je nodig hebt
en hoe je ze verbindt. Nadat je ze hebt
gevonden kun je het schema gebruiken om
de schakeling te bouwen.
• Serieschakelingen
Een serieschakeling heeft geen
vertakkingen dus de stroom kan dus maar
een kant op, als een lampje stuk gaat is de
hele stroomkring verbroken. Elke
stroomkring heeft een schakelaar en als je
hem UIT zet open je de stroomkring en
verbreek je de route van de stroom, als je
hem AAN zet sluit je de stroomkring.
• Parallelschakelingen
Een parallelschakeling vertakt zich zodat de
stroom meerdere kanten op kan. Als een
lampje dus stuk gaat branden de rest nog
steeds. Op de plaats waar de
parallelschakeling zich vertakt splits de
stroom zich op, de stroom op de onvertakte
plekken noem je de totale stroomsterkte.
• Schakelingen
Er zijn speciale symbolen bedacht voor elke
schakeling. Als je een schema hebt met die
symbolen noem dat een schakelschema.
Het vertelt welke onderdelen je nodig hebt
en hoe je ze verbindt. Nadat je ze hebt
gevonden kun je het schema gebruiken om
de schakeling te bouwen.
• Serieschakelingen
Een serieschakeling heeft geen
vertakkingen dus de stroom kan dus maar
een kant op, als een lampje stuk gaat is de
hele stroomkring verbroken. Elke
stroomkring heeft een schakelaar en als je
hem UIT zet open je de stroomkring en
verbreek je de route van de stroom, als je
hem AAN zet sluit je de stroomkring.
• Parallelschakelingen
Een parallelschakeling vertakt zich zodat de
stroom meerdere kanten op kan. Als een
lampje dus stuk gaat branden de rest nog
steeds. Op de plaats waar de
parallelschakeling zich vertakt splits de
stroom zich op, de stroom op de onvertakte
plekken noem je de totale stroomsterkte.