PR1, 2 EN 3: POSITIONEREN EN
TRANSFERS
INTRODUCTIE
VERSCHILLENDE SOORTEN STROKE
- Hemorrhagic
- Ischemisch
- Transient ischemic attack (TIA)
SIGNALEN EN SYMPTOMEN
- Motorisch
- Cognitief
- Sensorisch dysfunctie
Schade aan linker hersenhelft zorgt voor rechterzijde verlamming – en omgekeerd
SLAPPE VS SPASTISCHE PARESE
SPASTISCHE (DECORTICATIE) PATROON BIJ HEMIPLEGISCHE PATIËNT
HOOFD EN CWZ
LF naar hemiplege zijde
ROT naar niet-hemiplege zijde
BOVENSTE EXTREMITEIT (FLEXIEPATROON)
Scapula: retractie + depressie
Glenohumeraal gewr.: ADD+ ENDO
Elleboog: FLEX + pronatie
Pols: PF + ulnaire deviatie
Vingers : FLEX + ADD (duim in-plam deformiteit)
ROMP “VERKORTING”
LF naar hemiplege zijde, algemene flexie en hemiplegische zijde naar achter gedraaid
ONDERSTE EXTREMITEIT (EXTENSIEPATROON)
1
,Bekken hemiplegische zijde naar achter gedraaid (en afhankelijk uitgangshouding ook
elevatie)
Heup: EX + ADD + ENDO (soms EXO)
Knie: EX
Voet: PF + inversie
Tenen: FLEX + ADD (teken van babinski)
FASES
- Acuut (meeste herstel in de eerste 3 maand, eerste weken zijn kritiek voor herstel)
- Subacuut
- Chronisch
POSITIONERING EN TRANSFERS
PRINCIPES
- Body alignement: slecht alignement induceert spasticiteit en andere
complicaties (contracturen, decubitus, pijnlijke schouder, thrombose,
deconditioning)
- Filling up the free space (P krijgt geen sensorische info meer van de
aangedane zijde waardoor ze denken dat ze aan hun aangedane zijde
het gevoel hebben dat ze van hun bed gaan vallen. hierdoor gaan ze
meer spanning opwekken in hun gezonde zijde,
door het opvullen van de open ruimte gaan de
P zich veiliger voelen)
- Maximale sensorische stimulatie: kamer
indeling met hemiplegische zijde naar elkaar
toe, als ze conversatie willen moeten ze kijken
naar hemiplegische zijde, zorgt voor extra
positieve aandacht
(idem voor de stoel v/h bezoek)
2
, - Preventie: geen wonde, geen spanning, geen onveilige situaties veroorzaken
- Decubitus: verander positie elke 1 of 2 uur
DEEL 1 : POSITIONEREN
IN BED
1. SIDE LYING ON THE PARETIC SIDE
- plat bed
- hoofd gestabiliseerd (body alignment: recht hoofd en
curvatuur zoals normaal
- romp lichtjes naar achter gestabiliseerd door een
kussen in de rug en achterwerk
- hemiplegische schouder naar voor en exorotatie
(glenoidal gewricht minder stabiliteit heeft, ook
spierkracht van P verminderd/weg, de ligamenten die
nog overblijven zijn niet sterk genoeg om de schouder
in de kom te houden. Daarom veel kans op subluxaties:
RODE VLAG op exaam als je aan de schouder aan de
hemiplegische zijde trekt. Bij protractie liggen ze meer
op hun scapula en niet op gewricht. Hoe? langs mediale
zijde scapula omvatten en de andere hand doet enkel
begeleiden!)
- hemiplegische arm:
o in 90° flex
o volledig onderseund op tafel naast hem
o elleboog in extensie en palm naar boven
- hemiplegisch been:
o heup extensie
o knie lichte flexie
- de normale arm ligt op de romp of op een kussen
- het normale been
o in stap positie op een kussen
o knie en heup licht gebogen (mag meer dan op de foto want zorgt voor
meer stabiliteit)
o leg de voet ondersteund!
Vraag regelmatig aan P of het comfortabel aanvoelt?
2. SIDE LYING ON THE NON-PARETIC SIDE
- Bed plat
- Hoofd gestabiliseerd en in lijn met de romp (body alignement)
- Romp ligt voorwaarts (richting buiklig)
- Hemiplegische schouder: goed vooruit
- Hemiplegische arm en hand:
o Op en kussen (als P het kussen vast grijpt moet er nog een kussen bij om
de hand open te houden
o 100° flexie
- Hemiplegisch been:
o Heup en knie gebogen (meer flexie als op afbeelding)
3
, o Been en voet gestabiliseerd door een kussen
- De normale arm: in comfortabele positie, ook hier mag P
er voor kiezen om niet boven op het glenohumeraal
gewricht te gaan liggen door meer protractie
- Het normale been: heup en knie extensie
Extra ondersteunen aan rugzijde voor veiliger gevoel
Kussens mooi tegen elkaar leggen zodat je geen groeven hebt,
dan schuiven de kussens niet uit elkaar en de ledematen kunnen
er niet tussen blijven zitten
3. SUPINE LYING
- kussens in een V leggen zodat de schouders er mooi
tussen vallen daar boven op ook nog een gewoon
hoofdkussen (symmetrische tonische nek reflex = bij
flexie hoofd -> flex BL en ex OL)
- daarna de kussens verder onder de schouderbladen
duwen tot aan angulus inferior zodat schouder in
protractie komt
- de arm positioneren
- leg de kussens van hoofd en arm mooi tegen elkaar
- ook langs mediale bovenarm kan het kussen mee
ondersteunen (niet aanwezig op foto)
- als de hand weer iets kan vastgrijpen dan leg je er een
extra onder de hand (daardoor ligt het vaak iets hoger
en voorkomt oedeem, dat best vaak voorkomt bij P,
omdat het vocht van de lymfe kan afstromen)
- kussen aan aangedane zijde onder bekken steken voor
veilig gevoel
- vaak verkortingen aan hamstring -> oplossen door
knierol (nieuwe openruimte weer opvullen met kussen
(als die verkorte hamstrings hebben en je legt niks
onder de knieën dan creëer je spanning)
- spitsvoeten vermijden door meer dorsiflexie in te
brengen adhv een kussen. niet te veel DF want dan gaan ze de hele tijd duwen
tegen het kussen en versterkt spasticiteit
4. SITTING
- Hoofduiteinde van bed zo recht mogelijk + kussen
in de rug
- Hoofd geen ondersteuning = free to move
- Romp recht: romp controle nodig voor deze
houding, je kan wel nog lateraal kussens toevoegen
voor extra veilig gevoel
- Heup 90° flexie, gewicht gelijk verdeeld over beide
billen
- Armen: voorwaarts gericht, ellebogen ondersteund
op een tafel voor hen (eventueel ook op een
kussen), P doet pistoolgreep of vingers vlechten in elkaar zodat die zelf zijn arm
kan bewegen
4
TRANSFERS
INTRODUCTIE
VERSCHILLENDE SOORTEN STROKE
- Hemorrhagic
- Ischemisch
- Transient ischemic attack (TIA)
SIGNALEN EN SYMPTOMEN
- Motorisch
- Cognitief
- Sensorisch dysfunctie
Schade aan linker hersenhelft zorgt voor rechterzijde verlamming – en omgekeerd
SLAPPE VS SPASTISCHE PARESE
SPASTISCHE (DECORTICATIE) PATROON BIJ HEMIPLEGISCHE PATIËNT
HOOFD EN CWZ
LF naar hemiplege zijde
ROT naar niet-hemiplege zijde
BOVENSTE EXTREMITEIT (FLEXIEPATROON)
Scapula: retractie + depressie
Glenohumeraal gewr.: ADD+ ENDO
Elleboog: FLEX + pronatie
Pols: PF + ulnaire deviatie
Vingers : FLEX + ADD (duim in-plam deformiteit)
ROMP “VERKORTING”
LF naar hemiplege zijde, algemene flexie en hemiplegische zijde naar achter gedraaid
ONDERSTE EXTREMITEIT (EXTENSIEPATROON)
1
,Bekken hemiplegische zijde naar achter gedraaid (en afhankelijk uitgangshouding ook
elevatie)
Heup: EX + ADD + ENDO (soms EXO)
Knie: EX
Voet: PF + inversie
Tenen: FLEX + ADD (teken van babinski)
FASES
- Acuut (meeste herstel in de eerste 3 maand, eerste weken zijn kritiek voor herstel)
- Subacuut
- Chronisch
POSITIONERING EN TRANSFERS
PRINCIPES
- Body alignement: slecht alignement induceert spasticiteit en andere
complicaties (contracturen, decubitus, pijnlijke schouder, thrombose,
deconditioning)
- Filling up the free space (P krijgt geen sensorische info meer van de
aangedane zijde waardoor ze denken dat ze aan hun aangedane zijde
het gevoel hebben dat ze van hun bed gaan vallen. hierdoor gaan ze
meer spanning opwekken in hun gezonde zijde,
door het opvullen van de open ruimte gaan de
P zich veiliger voelen)
- Maximale sensorische stimulatie: kamer
indeling met hemiplegische zijde naar elkaar
toe, als ze conversatie willen moeten ze kijken
naar hemiplegische zijde, zorgt voor extra
positieve aandacht
(idem voor de stoel v/h bezoek)
2
, - Preventie: geen wonde, geen spanning, geen onveilige situaties veroorzaken
- Decubitus: verander positie elke 1 of 2 uur
DEEL 1 : POSITIONEREN
IN BED
1. SIDE LYING ON THE PARETIC SIDE
- plat bed
- hoofd gestabiliseerd (body alignment: recht hoofd en
curvatuur zoals normaal
- romp lichtjes naar achter gestabiliseerd door een
kussen in de rug en achterwerk
- hemiplegische schouder naar voor en exorotatie
(glenoidal gewricht minder stabiliteit heeft, ook
spierkracht van P verminderd/weg, de ligamenten die
nog overblijven zijn niet sterk genoeg om de schouder
in de kom te houden. Daarom veel kans op subluxaties:
RODE VLAG op exaam als je aan de schouder aan de
hemiplegische zijde trekt. Bij protractie liggen ze meer
op hun scapula en niet op gewricht. Hoe? langs mediale
zijde scapula omvatten en de andere hand doet enkel
begeleiden!)
- hemiplegische arm:
o in 90° flex
o volledig onderseund op tafel naast hem
o elleboog in extensie en palm naar boven
- hemiplegisch been:
o heup extensie
o knie lichte flexie
- de normale arm ligt op de romp of op een kussen
- het normale been
o in stap positie op een kussen
o knie en heup licht gebogen (mag meer dan op de foto want zorgt voor
meer stabiliteit)
o leg de voet ondersteund!
Vraag regelmatig aan P of het comfortabel aanvoelt?
2. SIDE LYING ON THE NON-PARETIC SIDE
- Bed plat
- Hoofd gestabiliseerd en in lijn met de romp (body alignement)
- Romp ligt voorwaarts (richting buiklig)
- Hemiplegische schouder: goed vooruit
- Hemiplegische arm en hand:
o Op en kussen (als P het kussen vast grijpt moet er nog een kussen bij om
de hand open te houden
o 100° flexie
- Hemiplegisch been:
o Heup en knie gebogen (meer flexie als op afbeelding)
3
, o Been en voet gestabiliseerd door een kussen
- De normale arm: in comfortabele positie, ook hier mag P
er voor kiezen om niet boven op het glenohumeraal
gewricht te gaan liggen door meer protractie
- Het normale been: heup en knie extensie
Extra ondersteunen aan rugzijde voor veiliger gevoel
Kussens mooi tegen elkaar leggen zodat je geen groeven hebt,
dan schuiven de kussens niet uit elkaar en de ledematen kunnen
er niet tussen blijven zitten
3. SUPINE LYING
- kussens in een V leggen zodat de schouders er mooi
tussen vallen daar boven op ook nog een gewoon
hoofdkussen (symmetrische tonische nek reflex = bij
flexie hoofd -> flex BL en ex OL)
- daarna de kussens verder onder de schouderbladen
duwen tot aan angulus inferior zodat schouder in
protractie komt
- de arm positioneren
- leg de kussens van hoofd en arm mooi tegen elkaar
- ook langs mediale bovenarm kan het kussen mee
ondersteunen (niet aanwezig op foto)
- als de hand weer iets kan vastgrijpen dan leg je er een
extra onder de hand (daardoor ligt het vaak iets hoger
en voorkomt oedeem, dat best vaak voorkomt bij P,
omdat het vocht van de lymfe kan afstromen)
- kussen aan aangedane zijde onder bekken steken voor
veilig gevoel
- vaak verkortingen aan hamstring -> oplossen door
knierol (nieuwe openruimte weer opvullen met kussen
(als die verkorte hamstrings hebben en je legt niks
onder de knieën dan creëer je spanning)
- spitsvoeten vermijden door meer dorsiflexie in te
brengen adhv een kussen. niet te veel DF want dan gaan ze de hele tijd duwen
tegen het kussen en versterkt spasticiteit
4. SITTING
- Hoofduiteinde van bed zo recht mogelijk + kussen
in de rug
- Hoofd geen ondersteuning = free to move
- Romp recht: romp controle nodig voor deze
houding, je kan wel nog lateraal kussens toevoegen
voor extra veilig gevoel
- Heup 90° flexie, gewicht gelijk verdeeld over beide
billen
- Armen: voorwaarts gericht, ellebogen ondersteund
op een tafel voor hen (eventueel ook op een
kussen), P doet pistoolgreep of vingers vlechten in elkaar zodat die zelf zijn arm
kan bewegen
4