VERHAALOPBOUW
BEGIN
- ab ovo: inleiding - begint effectief vh begin & kennismaking met personages
- in medias res: start in midden - geen duidelijke inleiding & geen sfeerschepping
- post rem: begint bij einde vh verhaal - wordt verteld uit flashbacks (begin en einde zijn gelijk)
EINDE
- open einde: auteur laat vragen open ⇒ iedereen verzint eigen einde
- gesloten einde: alle vragen zijn beantwoord, thema is afgerond
- soms open en gesloten einde
INDELING
- cyclisch: einde verwijst terug naar het begin
- kaderverhaal / raamvertelling: een verhaal dat in een ander verhaal zit
vb: vrouw leest elke avond een verhaal voor
MOTIEVEN
= terugkerend, betekenisvol element (voorwerp, geluid of zin…)
- verhaalmotief: heeft een diepere betekenis, zorgt voor actie
vb: assepoester - schoentje (liefde is breekbaar)
- statisch motief: draagt bij tot de sfeer
vb: klok bij Peter Pan
⇒ met onderdeel leidmotief: het wordt letterlijk herhaald
vb: spiegeltje spiegeltje aan de wand
- schrijversmotief: iets dat in elk verhaal terugkeert vd schrijver
vb: disney - leven nog lang en gelukkig
- literair-historisch motief: zorgt voor twist, herhalen van verhalen vh verleden tot nu
- dubbelgangersmotief: veel films hebben dubbelgangers, magische spiegels die
een blik geven op iets wat je niet kan zien, deuren naar een andere wereld
- oedipusmotief: opgroeien zonder ouders, romantische liefde tussen vader/dochter,
moeder/zoon, voorspelling (profetie)
- faustmotief: deal met de duivel
- pygmalionmotief: iets levenloos tot leven wekken, iemand een ideaalbeeld maken
VERTELPERSPECTIEF
IK-VERTELLER
- belevende ik: tegenwoordige tijd
- vertellende ik: verleden tijd
JIJ-VERTELLER: schrijver vertelt over zichzelf alsof het een andere persoon is
HIJ-VERTELLER
- auctoriële/alwetende verteller: verteller is alwetend, weet meer als de lezer: gedachten,
gevoelens, vooruitblikken…
- personele verteller: alsof er geen verteller is, volgt het verhaal door 1 personage
MEERVOUDIG VERTELLER: uit de ogen van meer dan 1 personage
BEGIN
- ab ovo: inleiding - begint effectief vh begin & kennismaking met personages
- in medias res: start in midden - geen duidelijke inleiding & geen sfeerschepping
- post rem: begint bij einde vh verhaal - wordt verteld uit flashbacks (begin en einde zijn gelijk)
EINDE
- open einde: auteur laat vragen open ⇒ iedereen verzint eigen einde
- gesloten einde: alle vragen zijn beantwoord, thema is afgerond
- soms open en gesloten einde
INDELING
- cyclisch: einde verwijst terug naar het begin
- kaderverhaal / raamvertelling: een verhaal dat in een ander verhaal zit
vb: vrouw leest elke avond een verhaal voor
MOTIEVEN
= terugkerend, betekenisvol element (voorwerp, geluid of zin…)
- verhaalmotief: heeft een diepere betekenis, zorgt voor actie
vb: assepoester - schoentje (liefde is breekbaar)
- statisch motief: draagt bij tot de sfeer
vb: klok bij Peter Pan
⇒ met onderdeel leidmotief: het wordt letterlijk herhaald
vb: spiegeltje spiegeltje aan de wand
- schrijversmotief: iets dat in elk verhaal terugkeert vd schrijver
vb: disney - leven nog lang en gelukkig
- literair-historisch motief: zorgt voor twist, herhalen van verhalen vh verleden tot nu
- dubbelgangersmotief: veel films hebben dubbelgangers, magische spiegels die
een blik geven op iets wat je niet kan zien, deuren naar een andere wereld
- oedipusmotief: opgroeien zonder ouders, romantische liefde tussen vader/dochter,
moeder/zoon, voorspelling (profetie)
- faustmotief: deal met de duivel
- pygmalionmotief: iets levenloos tot leven wekken, iemand een ideaalbeeld maken
VERTELPERSPECTIEF
IK-VERTELLER
- belevende ik: tegenwoordige tijd
- vertellende ik: verleden tijd
JIJ-VERTELLER: schrijver vertelt over zichzelf alsof het een andere persoon is
HIJ-VERTELLER
- auctoriële/alwetende verteller: verteller is alwetend, weet meer als de lezer: gedachten,
gevoelens, vooruitblikken…
- personele verteller: alsof er geen verteller is, volgt het verhaal door 1 personage
MEERVOUDIG VERTELLER: uit de ogen van meer dan 1 personage