MICROBIOLOGIE
Hoofdstuk 3:
Deel 1:
Hoofdstuk 1: Huid & ogen
ALGEMEEN
Huid
• Dermis
- Dermis is de onderhuid.
- Langs hier gaan ze de huid binnendringen omdat er openingen zijn
zoals haarfollikels, zweetklieren, talgklieren.
- Bindweefsel
• Epidermis
- Bindweefsel
- Haarfollikels, zweetklieren, talgklieren → toegangsweg voor MO
Bescherming tegen MO
- Epidermidis is de bovenste laag van de huid.
- Keratine→sommige pathogenen gaan deze molecule gebruiken
voor infectie te veroorzaken
Slijmvliezen
• Aflijning van lichaamsholten die in contact staan met de
buitenwereld
• Dicht op elkaar geplakte epitheelcellen
• Vastgehecht op basaal membraan
• Secretie van slijm
Bescherming tegen MO
- Fysieke barriè re (epidermis) verstoort wnr snijden
- Transpiratie, zweten (bevat veel zout, lysozyme)
- Talg (talgkliertjes tegen uitdroging: stoffen die ervoor gaan zorgen
dat bacterië n die kunnen binnendringen niet laten binnendringen)
Huid is het grootste orgaan→huid gaat zichzelf beschermen met MO→1ste manier:
fysieke barriè re 2de manier: zweten bevat veel zout om groei tegen te houden, en bevat
lysozyme
76
,Bescherming
• Slijm speelt een belangriijke functie bij de infectie en de bescherming en gaat
zichzelf kunnen beschermen door cilia, zuur en lysozyme-productie.
• Cilia →buitenste laag van die aflijning bestaat uit cilia = heel kleine trilhaartjes
en bact kunnen opnemen en naar buiten begeleiden
• Zuur à groei van MO beperken
• Lysozyme-productie (zoals in zweet, lysozyme celwand van
MO gaan afbreken zodat er geen infectie kan gebeuren, is
bijvoorbeeld in tranen
Residente microbiotica
= Is de microbiota die er altijd is, is heel stabiel en is altijd aanwezig.
- G+ coccen = Staphylococci en micrococci
- Resistent tegen uitdroging en hoge zoutconcentraties
- Diphteroiden = Gram-positieve staafjes, kunnen van vorm
veranderen (pleomorf)
- Weinig G- bacteriën (in darm wel veel)
BACTERIËLE ZIEKTEN
Staphylococcen
• Bolvormig, G+
• Druiventrossen
• Katalase-test (positief)
= Onderscheid maken tussen streptococcen en staphylococcen,
direct kunnen uitvoeren van je primaire plaat (primair
kenmerk)
- Positief: gaan dus bruisen , staphylococcen
- Negatief: niet bruisen , streptococcen
• Halotolerant (hoge zoutconentratie)
= MSA platen: mannitol kunnen fermenteren→S.aureus (=
sterkste pathogeen)
• DNase-positief
= DNase test: links zit DNA in het plaatje
• Co-agulase activiteit
- Positief = pathogeen
- Negatief = meestal niet-pathogeen
77
,Belangriijke eigenschappen (heel specifiek dat welbepaald genus van bacterie, moet je
kennen en uitleggen)
- Staphylococcus aureus
• Meest pathogene species
• Microbiotica van de neus
- Residente microbiotica : 20%
- Transiënte microbiotica: 60%
• Kan maanden overleven op oppervlaktes
• Vaak geel-gekleurde kolonies (geelpigment beschermen tegen
UV)
• Virulentiefactoren
- Enzymen die invasie en destructie van bindweefsel bevorderen
- Beschermende factoren tegen afweermechanismen
- Enterotoxines
• Coagulase positief
à Ziekten
• Folliculitis (Aan het begin van een haartje, follicels van de
haarzakjes infectie veroorzaken→kan evolueren naar een
steenpuist) à met zeep wassen
• Furunkel (steenpuist)
• Karbunkel (negenoog)
• Impetigo (krentenbaard)
- Gewone impetigo (kindjes & aan de mond)
- Blaarvormende impetigo (overal op de huid, grote blaren)
• Staphylococcen toxische shock syndroom
= Ontstaat ziektebeeld door productie toxines→ systemische
infectie→ koorts, misselijkheid
Er is een speciale vorm van S.aureus →MRSA = methycilline-resistente S.aureus→
ziekenhuisbacterie
Is ontstaan door verkeerd gebruik van antibiotica (antibioticumresistenties)
Infecties met MRSA die buiten een ziekenhuisomgeving voorkomen (Community-
geassocieerde infecties)
• MRSA= mathycilline-resistente S.aureus
• AB-resistenties
• Nosocomiale infecties
• Community-geassocieerde infecties (infecties buiten
ziekenhuis)
• Locale tot systematische infecties
• Detectie
- Cefoxitine of oxacilline
- Chromogene methyciline resistentie kunnen detecteren adhv
kleuren), selectieve, differentiële media
- Moleculaire probes of PCR: GeneXpert MRSA assay NK
78
, Streptococcen
• Bolvormige G+ bacteriën
• Ketens
• Katalase negatief
• Subgroepen
- Hemolyse :
A) Α-hemolyse= onvolledige hemolyse
B) β-hemolyse= volledige hemolyse
C) γ-hemolyse: geen hemolyse
- Serologisch: Lancefield
- Streptococcus pyogenes
• Lancefield groep A streptococcen
• β-hemolytisch
• virulentiefactoren
- streptolysines enzymen die RBC en neutrofielen kunnen
vernietigen (immuuncellen die worden afgebroken)
- M-proteïne zorgt voor dat er geen fagocytose kan optreden, zit op
celwand
- Kapsel is zodanig opgebouwd dat er weinig anitigenen worden
blootgesteld (antigenen zorgen ervoor dat immuunsysteem in gang
wordt gezet en antilichamen kan producren)
- Extracellulaire enzyme weefsel afbreken, bacterie kan zichzelf
gemakkelijker kan gaan verspreiden
à Ziekten
• Erysipelas (wondroos)
à lokale infectie van de huid, ontstaat door klein wondje à
gaat uitbreiden en rood kleuren en gaat zich zodanig
uitbreiden dat diepere huidweefsels worden aangetast, kan
gevaarlijk worden omdat er dan sepsis kan ontstaan en
missleijkheid en koorts
à Wondroos is iets meer oppervlakkig en kan de huid verder
binnendringen maar gaat lokaal blijven normaal. En
necrotiserende fasciitis gaat een diepere infectie veroorzaken
en weefselsterfte veroorzaken en is extremer.
• Necrotische fasciitis
à Vleesetende bacterie, eerst infectie via een klein wondje en
bacterie gaat onder de huid en in de weefsels à necrose
(weefselsterfte) à symptomen niet snel herkend ? Kan
gevaarlijk worden want kan rap verspreiden, erop tijd bij zijn!
• Streptococcen toxische shock syndroom
79
Hoofdstuk 3:
Deel 1:
Hoofdstuk 1: Huid & ogen
ALGEMEEN
Huid
• Dermis
- Dermis is de onderhuid.
- Langs hier gaan ze de huid binnendringen omdat er openingen zijn
zoals haarfollikels, zweetklieren, talgklieren.
- Bindweefsel
• Epidermis
- Bindweefsel
- Haarfollikels, zweetklieren, talgklieren → toegangsweg voor MO
Bescherming tegen MO
- Epidermidis is de bovenste laag van de huid.
- Keratine→sommige pathogenen gaan deze molecule gebruiken
voor infectie te veroorzaken
Slijmvliezen
• Aflijning van lichaamsholten die in contact staan met de
buitenwereld
• Dicht op elkaar geplakte epitheelcellen
• Vastgehecht op basaal membraan
• Secretie van slijm
Bescherming tegen MO
- Fysieke barriè re (epidermis) verstoort wnr snijden
- Transpiratie, zweten (bevat veel zout, lysozyme)
- Talg (talgkliertjes tegen uitdroging: stoffen die ervoor gaan zorgen
dat bacterië n die kunnen binnendringen niet laten binnendringen)
Huid is het grootste orgaan→huid gaat zichzelf beschermen met MO→1ste manier:
fysieke barriè re 2de manier: zweten bevat veel zout om groei tegen te houden, en bevat
lysozyme
76
,Bescherming
• Slijm speelt een belangriijke functie bij de infectie en de bescherming en gaat
zichzelf kunnen beschermen door cilia, zuur en lysozyme-productie.
• Cilia →buitenste laag van die aflijning bestaat uit cilia = heel kleine trilhaartjes
en bact kunnen opnemen en naar buiten begeleiden
• Zuur à groei van MO beperken
• Lysozyme-productie (zoals in zweet, lysozyme celwand van
MO gaan afbreken zodat er geen infectie kan gebeuren, is
bijvoorbeeld in tranen
Residente microbiotica
= Is de microbiota die er altijd is, is heel stabiel en is altijd aanwezig.
- G+ coccen = Staphylococci en micrococci
- Resistent tegen uitdroging en hoge zoutconcentraties
- Diphteroiden = Gram-positieve staafjes, kunnen van vorm
veranderen (pleomorf)
- Weinig G- bacteriën (in darm wel veel)
BACTERIËLE ZIEKTEN
Staphylococcen
• Bolvormig, G+
• Druiventrossen
• Katalase-test (positief)
= Onderscheid maken tussen streptococcen en staphylococcen,
direct kunnen uitvoeren van je primaire plaat (primair
kenmerk)
- Positief: gaan dus bruisen , staphylococcen
- Negatief: niet bruisen , streptococcen
• Halotolerant (hoge zoutconentratie)
= MSA platen: mannitol kunnen fermenteren→S.aureus (=
sterkste pathogeen)
• DNase-positief
= DNase test: links zit DNA in het plaatje
• Co-agulase activiteit
- Positief = pathogeen
- Negatief = meestal niet-pathogeen
77
,Belangriijke eigenschappen (heel specifiek dat welbepaald genus van bacterie, moet je
kennen en uitleggen)
- Staphylococcus aureus
• Meest pathogene species
• Microbiotica van de neus
- Residente microbiotica : 20%
- Transiënte microbiotica: 60%
• Kan maanden overleven op oppervlaktes
• Vaak geel-gekleurde kolonies (geelpigment beschermen tegen
UV)
• Virulentiefactoren
- Enzymen die invasie en destructie van bindweefsel bevorderen
- Beschermende factoren tegen afweermechanismen
- Enterotoxines
• Coagulase positief
à Ziekten
• Folliculitis (Aan het begin van een haartje, follicels van de
haarzakjes infectie veroorzaken→kan evolueren naar een
steenpuist) à met zeep wassen
• Furunkel (steenpuist)
• Karbunkel (negenoog)
• Impetigo (krentenbaard)
- Gewone impetigo (kindjes & aan de mond)
- Blaarvormende impetigo (overal op de huid, grote blaren)
• Staphylococcen toxische shock syndroom
= Ontstaat ziektebeeld door productie toxines→ systemische
infectie→ koorts, misselijkheid
Er is een speciale vorm van S.aureus →MRSA = methycilline-resistente S.aureus→
ziekenhuisbacterie
Is ontstaan door verkeerd gebruik van antibiotica (antibioticumresistenties)
Infecties met MRSA die buiten een ziekenhuisomgeving voorkomen (Community-
geassocieerde infecties)
• MRSA= mathycilline-resistente S.aureus
• AB-resistenties
• Nosocomiale infecties
• Community-geassocieerde infecties (infecties buiten
ziekenhuis)
• Locale tot systematische infecties
• Detectie
- Cefoxitine of oxacilline
- Chromogene methyciline resistentie kunnen detecteren adhv
kleuren), selectieve, differentiële media
- Moleculaire probes of PCR: GeneXpert MRSA assay NK
78
, Streptococcen
• Bolvormige G+ bacteriën
• Ketens
• Katalase negatief
• Subgroepen
- Hemolyse :
A) Α-hemolyse= onvolledige hemolyse
B) β-hemolyse= volledige hemolyse
C) γ-hemolyse: geen hemolyse
- Serologisch: Lancefield
- Streptococcus pyogenes
• Lancefield groep A streptococcen
• β-hemolytisch
• virulentiefactoren
- streptolysines enzymen die RBC en neutrofielen kunnen
vernietigen (immuuncellen die worden afgebroken)
- M-proteïne zorgt voor dat er geen fagocytose kan optreden, zit op
celwand
- Kapsel is zodanig opgebouwd dat er weinig anitigenen worden
blootgesteld (antigenen zorgen ervoor dat immuunsysteem in gang
wordt gezet en antilichamen kan producren)
- Extracellulaire enzyme weefsel afbreken, bacterie kan zichzelf
gemakkelijker kan gaan verspreiden
à Ziekten
• Erysipelas (wondroos)
à lokale infectie van de huid, ontstaat door klein wondje à
gaat uitbreiden en rood kleuren en gaat zich zodanig
uitbreiden dat diepere huidweefsels worden aangetast, kan
gevaarlijk worden omdat er dan sepsis kan ontstaan en
missleijkheid en koorts
à Wondroos is iets meer oppervlakkig en kan de huid verder
binnendringen maar gaat lokaal blijven normaal. En
necrotiserende fasciitis gaat een diepere infectie veroorzaken
en weefselsterfte veroorzaken en is extremer.
• Necrotische fasciitis
à Vleesetende bacterie, eerst infectie via een klein wondje en
bacterie gaat onder de huid en in de weefsels à necrose
(weefselsterfte) à symptomen niet snel herkend ? Kan
gevaarlijk worden want kan rap verspreiden, erop tijd bij zijn!
• Streptococcen toxische shock syndroom
79