TECHNISCHE INZICHTEN
6.1 WAT IS TECHNIEK?
Techniek
Alles wat mensen hebben gemaakt
Voorziet concrete oplossingen voor problemen en voor behoeften die
mensen nodig hebben om te (over)leven
Basisonderwijs: leren over typen constructies, verbindingen en overbrengingen en
het gebruik van materialen en gereedschappen om iets te maken
Vier technische gebieden: constructies, transport, communicatie en productie
CONSTRUCTIES
Constructies: het maken en onderzoeken van structuren.
Elk product heeft een structuur: unieke combinatie van vormen, materialen en
verbindingen in relatie tot een functie
Maken van constructies: allerlei krachten
Interne krachten: het eigen gewicht van de constructie
Externe krachten: krachten die van buitenaf op de constructie worden
uitgeoefend
Letten op stevigheid en stabiliteit
TRANSPORT
Transporteren: een bewegingsactiviteit om mensen, materialen en energie van de
ene plaats naar de andere te brengen.
Vervoermiddelen
Infrastructuur: (water)wegen, spoorlijnen, luchtruim, leidingen, buizen en
kabels
Vervoermiddelen en de beweegbare constructies
Wijze waarop technische producten bewegen
PRODUCTIE
Produceren: activiteit waarbij materialen worden omgezet in bruikbare producten
Proces van het maken centraal
Geautomatiseerde productielijnen
Bewerken en verrijken van ruwe materialen
Afval materialen opnieuw gebruikt worden
COMMUNICATIE
Communicatie: het vervoeren van informatie
Zender stuurt een boodschap naar een ontvanger
, TECHNISCHE INZICHTEN
De functie van product bepaalt de keuze en de toepassing van materialen,
verbindingen en vormen
Bij veel technische producten is er sprake van energieomzettingen
Met behulp van een apparaat kun je een bepaalde energievorm omzetten
in een andere
Voorwerp bewegende onderdelen: bewegings- en overbrengingsprincipes
Geautomatiseerde systemen: sensoren
6.2 CONSTRUCTIES
6.2.1 EEN STEVIG HUIS
Hoe stevig een constructie is, is afhankelijk van het materiaal waarvan die gemaakt is, de
manier waarop de verschillende onderdelen met elkaar verbonden zijn en de vormen die
zijn toegepast.
6.2.2 MATERIALEN
Materiaal: de stof waarvan een voorwerp is gemaakt
Natuurlijke materialen (hout, natuursteen, leer, wol, en katoen)
Kunstmatige materialen (plastic, glas en beton)
Kan je alleen maar verkrijgen door een grondstof te bewerken
EIGENSCHAPPEN VAN MATERIALEN IN RELATIE TOT HUN FUNCTIE
Katoen, staal, glas, …
Constructies met oog op stevigheid: materialen te kiezen die van zichzelf een
bepaalde stijfheid hebben
NIEUWE MATERIALEN MET BETERE EIGENSCHAPPEN
Men zoekt voortdurend naar manieren om de eigenschappen van materialen te
verbeteren:
Combineren van verschillende materialen
Gewapend beton: beton met staaldraad
Het mengen van materialen
Legering: metaalmengsel
Roestvrij maken: toevoegen van chroom
6.2.3 VERBINDINGEN
MATERIAALVERBINDINGEN
Materiaalverbindingen: los materiaal gebruikt om onderdelen aan elkaar te
bevestigen (permanent)
Bijvoorbeeld: gelijmd, gesoldeerd en gemetseld
VORMVERBINDINGEN
6.1 WAT IS TECHNIEK?
Techniek
Alles wat mensen hebben gemaakt
Voorziet concrete oplossingen voor problemen en voor behoeften die
mensen nodig hebben om te (over)leven
Basisonderwijs: leren over typen constructies, verbindingen en overbrengingen en
het gebruik van materialen en gereedschappen om iets te maken
Vier technische gebieden: constructies, transport, communicatie en productie
CONSTRUCTIES
Constructies: het maken en onderzoeken van structuren.
Elk product heeft een structuur: unieke combinatie van vormen, materialen en
verbindingen in relatie tot een functie
Maken van constructies: allerlei krachten
Interne krachten: het eigen gewicht van de constructie
Externe krachten: krachten die van buitenaf op de constructie worden
uitgeoefend
Letten op stevigheid en stabiliteit
TRANSPORT
Transporteren: een bewegingsactiviteit om mensen, materialen en energie van de
ene plaats naar de andere te brengen.
Vervoermiddelen
Infrastructuur: (water)wegen, spoorlijnen, luchtruim, leidingen, buizen en
kabels
Vervoermiddelen en de beweegbare constructies
Wijze waarop technische producten bewegen
PRODUCTIE
Produceren: activiteit waarbij materialen worden omgezet in bruikbare producten
Proces van het maken centraal
Geautomatiseerde productielijnen
Bewerken en verrijken van ruwe materialen
Afval materialen opnieuw gebruikt worden
COMMUNICATIE
Communicatie: het vervoeren van informatie
Zender stuurt een boodschap naar een ontvanger
, TECHNISCHE INZICHTEN
De functie van product bepaalt de keuze en de toepassing van materialen,
verbindingen en vormen
Bij veel technische producten is er sprake van energieomzettingen
Met behulp van een apparaat kun je een bepaalde energievorm omzetten
in een andere
Voorwerp bewegende onderdelen: bewegings- en overbrengingsprincipes
Geautomatiseerde systemen: sensoren
6.2 CONSTRUCTIES
6.2.1 EEN STEVIG HUIS
Hoe stevig een constructie is, is afhankelijk van het materiaal waarvan die gemaakt is, de
manier waarop de verschillende onderdelen met elkaar verbonden zijn en de vormen die
zijn toegepast.
6.2.2 MATERIALEN
Materiaal: de stof waarvan een voorwerp is gemaakt
Natuurlijke materialen (hout, natuursteen, leer, wol, en katoen)
Kunstmatige materialen (plastic, glas en beton)
Kan je alleen maar verkrijgen door een grondstof te bewerken
EIGENSCHAPPEN VAN MATERIALEN IN RELATIE TOT HUN FUNCTIE
Katoen, staal, glas, …
Constructies met oog op stevigheid: materialen te kiezen die van zichzelf een
bepaalde stijfheid hebben
NIEUWE MATERIALEN MET BETERE EIGENSCHAPPEN
Men zoekt voortdurend naar manieren om de eigenschappen van materialen te
verbeteren:
Combineren van verschillende materialen
Gewapend beton: beton met staaldraad
Het mengen van materialen
Legering: metaalmengsel
Roestvrij maken: toevoegen van chroom
6.2.3 VERBINDINGEN
MATERIAALVERBINDINGEN
Materiaalverbindingen: los materiaal gebruikt om onderdelen aan elkaar te
bevestigen (permanent)
Bijvoorbeeld: gelijmd, gesoldeerd en gemetseld
VORMVERBINDINGEN