Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 43 pages
Summary

Samenvatting - Algemene fysiologie (1206GENRVK)

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 43 pages

Samenvatting van alle lessen + notities, aangevuld met extra uitleg vanuit het boek en afbeeldingen (ook vanuit de ppts). Ik raad aan het handboek te lezen, hier staat alles heel duidelijk in uitgelegd! - 18/20

Content preview

HOOFDSTUK 1: INLEIDING IN DE FYSIOLOGIE
1. Wat is fysiologie?

= werking en functie van levende materie

Karakteristieken van leven:
• Complex, georganiseerd en bestaande uit cellen
• Gekenmerkt door homeostase
• Reageren op prikkels
• Nood aan energie (fotosynthese, auto-/heterotroof)
• Mogelijkheid tot groei
• Mogelijkheid tot reproductie
• Capaciteit om te evolueren

2. Fysiologische systemen




3. Functie en proces

Functie: waarom?
Teleologische benadering = wat is de adaptieve betekenis van deze gebeurtenis voor dit
organisme?

Proces/mechanisme: hoe?
Mechanistische benadering
4. Homeostase

= de regulering van het interne milieu van het lichaam

• homeo = gelijkend + stase = conditie
• Homeostase  homeodynamics (onveranderlijke staat  constante (kleine) veranderingen)
• Variabelen onder homeostatische controle:
▪ Omgevingsfactoren die de cel beïnvloeden (temperatuur etc.)
▪ Interne afscheidingsstoffen (hormonen etc.)
• Pathofysiologie = studie van lichaamsfuncties in een ziektetoestand
Homeostase verstoord door een interne/externe verandering → lichaam probeert te
compenseren → compensatie mislukt → ziekte (compensatie succesvol → welzijn)




1

,Controle: input (signaal) – integrating center (controlecentrum: verwerkt informatie + initieert
passende reactie) – output (creëert reactie)
• Lokale controle: input signal – response (nabijgelegen cellen reageren op verandering)
• Reflex controle: input signal – integrating center – output center – response

Feedback mechanismen:
• Negatieve feedbackloop: stopt de reactie als de homeostase hersteld is
• Positieve feedbackloop → niet bij homeostase (vb. bij de bevalling duwt de baby tegen de
baarmoederwand waardoor er oxytocine wordt vrijgegeven. Dat zorgt voor contracties
waardoor de baby weer tegen de baarmoederwand wordt geduwd enz.)

Feedforward mechanismen = reflexen die kunnen voorspellen dat er een verandering op komst is →
starten de reactielus in afwachting van de verandering

6. Belangrijkste concepten in fysiologie

1. Homeostase en controlesystemen
2. Biologisch energiegebruik
3. Structuur/functie relaties; compartimentering; mechanische eigenschappen van cellen,
weefsels en organen; moleculaire interacties
4. Communicatie; informatiestroom; massastroom

7. Wetenschap achter fysiologie

Wetenschappelijke studie van een fenomeen → experiment:
• Afhankelijke en onafhankelijke variabelen
• Controlegroepen
• Data
• Herhalingen
• Model
• Theorie

HOOFDSTUK 2: MOLECULAIRE INTERACTIES
1. Herhaling chemie

Belangrijkste ionen in het lichaam: Na+, K+, Ca2+, H+, Mg2+, Cl-, HCO3-, HPO3-, SO42-
Veel van deze “moleculen” zijn nodig om signalen door te geven in het lichaam.

2. Biomoleculen

→ Belangrijke groepen die toegevoegd worden aan atomen zodat veranderingen kunnen
plaatsvinden.

Aminozuren:
• Oligopeptiden = 2 - 9 aminozuren
• Polypeptiden = 10 - 100 aminozuren
• Proteïnen = > 100 aminozuren
Aminozuren kunnen primaire, secundaire, tertiaire of quaternaire structuren bevatten




2

,ATP (adenosine-trifosfaat) = instabiele molecule met heel veel energie
Met voldoende energie kan je van adenosine monofosfaat (AMP), ATP maken → AMP is een
stabiele molecule met 2 extra plaatsen voor een fosfaatgroep → ‘wil dit liever niet’, maar
gebeurt toch → instabiele molecule (ATP) → energie die nodig is om 2 fosfaatgroepen aan AMP
te binden zit opgeslagen in ATP-molecule → ATP levert die energie door hervorming naar AMP

4. Proteïnen en proteïne-interacties

Een proteïne kan pas actief worden als het bindt met iets anders
Ligand is een kleine molecule die je op je proteïne moet zetten zodat de proteïne actief wordt →
substraat = een ligand als de proteïne een enzym is

Proteïnebinding:
• Specificiteit: sommige proteïne zijn specifiek voor een bepaald ligand. Ander zijn blij met
verschillende liganden (vb. peptidasen kunnen overal de peptideketen knippen → weinig
specifiek; aminopeptidasen knippen alleen aan het amino-uiteinde van een keten → heel
specifiek)
• Affiniteit (= iets graag hebben)
▪ “Affiniteit van een proteïne voor een ligand”
▪ Hoge affiniteit: meer kans op binding
▪ Evenwichtsconstante (Keq) - dissociatieconstante (Kd)
▪ Lage Kd → hoge affiniteit
▪ Agonist = ander ligand dat even graag bindt op de proteïne en hetzelfde effect heeft
• Isovormen = sterk gerelateerde proteïnen met gelijke functie maar andere affiniteit (vb.
hemoglobine – foetaal hemoglobine: hemoglobine van moeder naar foetus → zuurstof moet
naar foetaal hemoglobine → moet hoge affiniteit hebben)
• Activatie = een proteïne activeren door een inactieve vorm ervan op te slaan en die door
proteolytische activatie (= bepaalde stukjes uit proteïne knippen zodat molecule actief
wordt) te activeren
▪ Profactor toevoegen zorgt ook voor activatie. Na de profactor moet nog steeds een
ligand toegevoegd worden.
▪ Profix “pro-“ of suffix “-ogeen” wordt toegevoegd om te tonen dat het inactief is
• Modulatie → 2 werkingsmechanismen:
1. Wijziging bindingsmogelijkheden van ligand aan receptor
2. Wijziging van proteïne-activiteit
▪ Chemische modulatoren = chemische stoffen die binden aan proteïnen die
bindingsmogelijkheden of activatie wijzigen
▪ Antagonisten
▪ Inhibitoren
▪ Daling activiteit van de proteïne
▪ Vb. binden en geen respons veroorzaken ( agonisten)
▪ Competitieve inhibitoren
▪ Reversibele antagonisten = makkelijk om te keren, makkelijk er terug af te halen
▪ Competitie met normale ligand voor bindingsplaats
▪ Mate van inhibitie is afhankelijk van:
▪ [inhibitor] en [ligand]
▪ Affiniteit van proteïne voor de inhibitor en voor het ligand
▪ [ligand] stijgt resulteert in daling inhibitie
▪ Er bestaan ook irreversibele antagonisten (komen niet meer los van proteïne)

3

, ▪ Allosterische modulatoren
▪ Antagonisten of activatoren
▪ Binden reversibel aan een proteïne op een andere plaats dan de bindingsplaats
en wijzigen zo de vorm van de bindingsplaats
▪ Covalente modulatoren
▪ Functionele groepen die covalent binden aan het proteïne en zo de
eigenschappen van proteïne wijzigen
▪ Vb. fosfaatgroep
▪ Fysische modulatoren (pH, T°)

HOOFDSTUK 3: COMPARTIMENTATIE: CELLEN EN WEEFSELS
1. Functionele lichaamscompartimenten




2. Biologische membranen

Functies celmembraan:
• Fysische isolatie → scheidt ICF en ECF van elkaar
• Uitwisseling met omgeving → controleert opname van ionen, afgifte van producten,…
• Communicatie → bevat proteïnen die moleculen herkennen en erop reageren,
veranderingen in het uitwendig milieu
• Structuur
▪ Cytoskelet → proteïnen in celmembraan houden cytoskelet bij elkaar
▪ Cel-cel/cel-matrix interactie → stabiliseren de structuur van weefsels




4

Connected book
 image
Dee Unglaub Silverthorn Human Physiology
Publisher: 2018 ISBN: 9781292259628 Edition: Unknown

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstukken gezien in de lessen
Uploaded on
September 25, 2024
Number of pages
43
Written in
2022/2023
Type
Summary
$10.01

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
rinkekool
5.0
(1)
Sold
7
Followers
0
Items
8
Last sold
7 months ago


Reviews from verified buyers




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions