Samenvatting cytologie
Cytologie
1 De macromolecullen
1.1 Inleiding
4 macromolecullen in de cel:
1. Eiwitten/Proteïnen
2. Vetten/Lipiden à Ook biomolecullen genoemd
3. Suikers/Sacchariden
4. Nucleïnezuren/Kernzuren
Cel à opgebouwd uit molecullen: Anorganische (C02, H2O, 02, minerelanen,...) en organische
Mineralen:
Calcium à Botten, tanden, …
Fosfaat à Energierijke verbindingen = ATP, skelet, …
Ijzer à Bv in hemoglobine (transportEW voor zuurstof)
Natrium, Kalium, Chloor à Lichaamsvloeistoffen (osmostische waarde)
OSMOSE:
• Transport van het oplosmiddel, niet de opgeloste stof doorheen een halfdoorlaatbaar
membraan.
• Richting van lage naar hoge concentratie aan osmotisch actieve stoffen
• Passief transport (geen energie voor nodig)
1
,Samenvatting cytologie
Functies
- Bouwstof bv: In membranen
- Enzymfucntie bv: Vertering (speeksel, maagsap, alvleeskliersap)
- Afweersystheem bv: Antilichamen
Eiwitten/Proteïnen
- Transportfunctie bv: Hemoglobine
- Beweging bv: Actine en myosine
- Regulerende functie bv: Hormoon
- Bouwstenen van membranen (fosolipiden en cholesterol)
- Opslag van energie (brandstof)
Vetten/Lipiden
- Warmte isolatie
- Regulerende functie: Hormonen
- Brandstof = Energie bv: Glucose
Suikers/Sacchariden - Bouwstof bv: Cellulose in de celwand
- Bestanddeel van DNA en RNA
- Bevat genetische info (DNA)
Nucleïnezuren/Kernzuren - Belang transport vd genetische info (mRNA)
- Omzetting vd genetische info naar eiwitten (tRNA en rRNA)
1.2 Suikers /Sacchariden
3 soorten: 1) Monosacchariden =1
2) Disacchariden =2
3) Polysacchariden = Veel
1.2.1 Monosacchariden
Algemene formule: (CH2O)n
– n=1,2,3,4…7
– ketenvormig of ringvormig (biochemie)
– n = 3 : Triosen
– n = 5 : Pentosen Bv : Ribose
– n = 6 : Hexosen. Bv : Glucose
Hexose
EXAMEN:
Structuren kunnen
herkennen
Pentose
1.2.2 Disaccharide en Polysacchariden
Voorbeelden Disacchariden Voorbeelden Disacchariden
- Saccahrose à Rietsuiker/bietsuiker - Zetmeel
- Lactose à Melksuiker - Glycogeen (dierlijk en menselijk
- Maltose zetmeel)
- Cellulose
2
,Samenvatting cytologie
1.3 Vetten/Lipiden
Slecht oplosbaar in H20, Goed oplosbaar in Chloroform en benzeen!
3 soorten lipiden: 1. Eenvoudige
2. Samengestelde
3. Afgeleide
1.3.1 Eenvoudige lipiden
Esters van vetzuren met een alcohol. Bv; Tryglyceriden (1 molecule glycerol + 3 moleculen vetzuren)
- Verzadigd
- Onverzadigd (dubbele bindingen) à = Een Ester
Verzadigde vetzuren
= verzadigd met waterstof
Onverzadigde vetzuren
= Dubbele binding
Vetzuur
EXAMEN:
Kunnen herkennen
Glycerol
1.3.2 Samengestelde lipiden
• Alkohol (glycerol) +
• vetzuren +
• Een andere groep : een fosfaat (meestal gekoppeld aan een stikstofgroep)
• Belangrijke component van de celmembraan
Bv: Fosfolipiden
à Kunnen herkennen dat dit een fosfolipide is.
Dubbele laag
fosfolipiden
3
, Samenvatting cytologie
1.3.3 Afgeleide lipiden
à Stoffen met vetachtig karakter!
• Geslachtshormonen (Testosteron)
• Carotenoïden
• Bijnierschorshormonen (vb. Cortisone)
• Cholesterol
• Vetoplosbare vitaminen A,D,E,K
• …….
à op lipiden soms ook SUIKERS : Glycolipiden!
1.4 Eiwitten/ Proteïnen
Eiwitmoleculen opgeboudw uit aminozuurmoleculen: 20 verschillende aminozuren in de EW!
Functionele Groepen: Amide
- Amine
- Amide Carboxylgroep
- Carboxylgroep
R – NH2 Aminogroep
O
∥
R–C–N– Amidegroep
| Peptidebinding = 2 aminozuren w* aan elkaar gekoppeld
O
∥ Carboxylgroep
R – C – OH
Glyco… Suikers
1.4.1 Enzymen
Bv: Vertering
– Speeksel :
§ Amylase :
Zetmeel à Maltose à glucose
– Maagsap :
§ Pepsine :
Eiwit à Aminozuren
– Alvleeskliersap :
§ Lipase :
Vetten à Glycerol en vetzuren
4
Cytologie
1 De macromolecullen
1.1 Inleiding
4 macromolecullen in de cel:
1. Eiwitten/Proteïnen
2. Vetten/Lipiden à Ook biomolecullen genoemd
3. Suikers/Sacchariden
4. Nucleïnezuren/Kernzuren
Cel à opgebouwd uit molecullen: Anorganische (C02, H2O, 02, minerelanen,...) en organische
Mineralen:
Calcium à Botten, tanden, …
Fosfaat à Energierijke verbindingen = ATP, skelet, …
Ijzer à Bv in hemoglobine (transportEW voor zuurstof)
Natrium, Kalium, Chloor à Lichaamsvloeistoffen (osmostische waarde)
OSMOSE:
• Transport van het oplosmiddel, niet de opgeloste stof doorheen een halfdoorlaatbaar
membraan.
• Richting van lage naar hoge concentratie aan osmotisch actieve stoffen
• Passief transport (geen energie voor nodig)
1
,Samenvatting cytologie
Functies
- Bouwstof bv: In membranen
- Enzymfucntie bv: Vertering (speeksel, maagsap, alvleeskliersap)
- Afweersystheem bv: Antilichamen
Eiwitten/Proteïnen
- Transportfunctie bv: Hemoglobine
- Beweging bv: Actine en myosine
- Regulerende functie bv: Hormoon
- Bouwstenen van membranen (fosolipiden en cholesterol)
- Opslag van energie (brandstof)
Vetten/Lipiden
- Warmte isolatie
- Regulerende functie: Hormonen
- Brandstof = Energie bv: Glucose
Suikers/Sacchariden - Bouwstof bv: Cellulose in de celwand
- Bestanddeel van DNA en RNA
- Bevat genetische info (DNA)
Nucleïnezuren/Kernzuren - Belang transport vd genetische info (mRNA)
- Omzetting vd genetische info naar eiwitten (tRNA en rRNA)
1.2 Suikers /Sacchariden
3 soorten: 1) Monosacchariden =1
2) Disacchariden =2
3) Polysacchariden = Veel
1.2.1 Monosacchariden
Algemene formule: (CH2O)n
– n=1,2,3,4…7
– ketenvormig of ringvormig (biochemie)
– n = 3 : Triosen
– n = 5 : Pentosen Bv : Ribose
– n = 6 : Hexosen. Bv : Glucose
Hexose
EXAMEN:
Structuren kunnen
herkennen
Pentose
1.2.2 Disaccharide en Polysacchariden
Voorbeelden Disacchariden Voorbeelden Disacchariden
- Saccahrose à Rietsuiker/bietsuiker - Zetmeel
- Lactose à Melksuiker - Glycogeen (dierlijk en menselijk
- Maltose zetmeel)
- Cellulose
2
,Samenvatting cytologie
1.3 Vetten/Lipiden
Slecht oplosbaar in H20, Goed oplosbaar in Chloroform en benzeen!
3 soorten lipiden: 1. Eenvoudige
2. Samengestelde
3. Afgeleide
1.3.1 Eenvoudige lipiden
Esters van vetzuren met een alcohol. Bv; Tryglyceriden (1 molecule glycerol + 3 moleculen vetzuren)
- Verzadigd
- Onverzadigd (dubbele bindingen) à = Een Ester
Verzadigde vetzuren
= verzadigd met waterstof
Onverzadigde vetzuren
= Dubbele binding
Vetzuur
EXAMEN:
Kunnen herkennen
Glycerol
1.3.2 Samengestelde lipiden
• Alkohol (glycerol) +
• vetzuren +
• Een andere groep : een fosfaat (meestal gekoppeld aan een stikstofgroep)
• Belangrijke component van de celmembraan
Bv: Fosfolipiden
à Kunnen herkennen dat dit een fosfolipide is.
Dubbele laag
fosfolipiden
3
, Samenvatting cytologie
1.3.3 Afgeleide lipiden
à Stoffen met vetachtig karakter!
• Geslachtshormonen (Testosteron)
• Carotenoïden
• Bijnierschorshormonen (vb. Cortisone)
• Cholesterol
• Vetoplosbare vitaminen A,D,E,K
• …….
à op lipiden soms ook SUIKERS : Glycolipiden!
1.4 Eiwitten/ Proteïnen
Eiwitmoleculen opgeboudw uit aminozuurmoleculen: 20 verschillende aminozuren in de EW!
Functionele Groepen: Amide
- Amine
- Amide Carboxylgroep
- Carboxylgroep
R – NH2 Aminogroep
O
∥
R–C–N– Amidegroep
| Peptidebinding = 2 aminozuren w* aan elkaar gekoppeld
O
∥ Carboxylgroep
R – C – OH
Glyco… Suikers
1.4.1 Enzymen
Bv: Vertering
– Speeksel :
§ Amylase :
Zetmeel à Maltose à glucose
– Maagsap :
§ Pepsine :
Eiwit à Aminozuren
– Alvleeskliersap :
§ Lipase :
Vetten à Glycerol en vetzuren
4