Fysiologie: 4.2: Omzetting opslag en afbraak van stofwisselingsproducten
- Assimilatie/anabolisme = opbouw van voedingsstoffen
- Dissimilatie/katabolisme = afbraak van voedingsstoffen
Anabolisme + katabolisme vormen samen stofwisseling/metabolisme van plant
- Polysachariden = belangrijke rol als bouwstof/reservestof
Zetmeel, cellulose, pectine gevormd uit glucoseresten
- Monosachariden = belangrijkste energiebron voor levensactiviteiten
- Talrijke sachariden rol in opbouw van secundaire assimilaten (nucleïnezuren, pectine,)
- Lipiden = belangrijkste bouwstenen van alle biomembranen in elke cel
In vorm van vetten = belangrijke reservestoffen + opgebouwd uit glycerol + vetzuren
Vetzuren + glycerol uit tussenproducten van glycolyse gevormd
- Anorganische verbindingen nodige N voor opbouw van aminozuren + synthese van eiwitten
- Ammoniumionen door enzym gebonden aan 1 van tussenproducten van citroenzuurcyclus
Glutaminezuur gevormd aminogroep overbrengen aan andere koolstofverbindingen
Afkomstig uit glycolyse/citroenzuurcyclus
1. Groei en ontwikkeling
- Hoe ontstond uit 1 cel, de zygote, die machine ?
3 ontwikkelingsprocessen: groei, morfogenese, celdifferentiatie
- Ontwikkeling = alle complexe en geordende in- en uitwendige veranderingen die een organisme
doorloopt vanaf de bevruchte eicel
- Groei = een onomkeerbare volumetoename van cellen, weefsels en organen
Volumetoename door: aangroei van aantal cellen door mitose of door toeneming van
volume van cellen
Omvat kwantitatieve aspecten + kan gemeten worden
- Morfogenese = ontwikkelen van de vorm
- Celdifferentiatie = omvorming van embryonale cellen tot gespecialiseerde cellen die specifieke
functies vervullen in het organisme
, + groei
2. Controlemechanismen
- Tijdens ontwikkeling chemische + fysische processen
Lichtenergie + reeks grondstoffen (O2, CO2, anorganische ionen)
Water: regelt fysische toestand van cel + komt tussen in alle biochemische reacties
Grondstoffen: leveren opbouw- + bedrijfsmaterialen
- Plantregulatoren = anorganische verbindingen die plant produceert die geen
opbouw-/bedrijfsfuncties hebben + die in uiterst kleine hoeveelheden vele fysiologische
processen beïnvloeden
Fysiologische processen remmen, bevorderen, op andere manier beïnvloeden
- Plantenhormonen/fytohormonen = regulatoren die door de plant gevormd worden
Controleren groei + ontwikkeling van planten door celdeling, celstrekking en
celdifferentiatie te beïnvloeden
- Hormonen = stoffen die in bepaald deel van organisme gesynthetiseerd + getransporteerd
worden naar andere delen van organisme waar ze in doelcellen/ -weefsels een fysiologische
reactie opwekken
Werkzaam in minimale concentraties
Invloed van regulatoren op het celstrekkinsproces
- Positief fototropisme = planten groeien naar het licht
Experimenten met kiemplantjes van grassen/haver
- Grassen kiemen:
1) Wortels gevormd
2) Stengel verschijnt
3) Groeitop + bladbeginsels beschermd door buisvormige schede = coleoptiel/pluimschede
o Licht: 1-2 cm lang
o Donker: 4-5 cm
o In donker gehouden/gelijkmatig belicht langs alle zijden groeit rechtop
- Assimilatie/anabolisme = opbouw van voedingsstoffen
- Dissimilatie/katabolisme = afbraak van voedingsstoffen
Anabolisme + katabolisme vormen samen stofwisseling/metabolisme van plant
- Polysachariden = belangrijke rol als bouwstof/reservestof
Zetmeel, cellulose, pectine gevormd uit glucoseresten
- Monosachariden = belangrijkste energiebron voor levensactiviteiten
- Talrijke sachariden rol in opbouw van secundaire assimilaten (nucleïnezuren, pectine,)
- Lipiden = belangrijkste bouwstenen van alle biomembranen in elke cel
In vorm van vetten = belangrijke reservestoffen + opgebouwd uit glycerol + vetzuren
Vetzuren + glycerol uit tussenproducten van glycolyse gevormd
- Anorganische verbindingen nodige N voor opbouw van aminozuren + synthese van eiwitten
- Ammoniumionen door enzym gebonden aan 1 van tussenproducten van citroenzuurcyclus
Glutaminezuur gevormd aminogroep overbrengen aan andere koolstofverbindingen
Afkomstig uit glycolyse/citroenzuurcyclus
1. Groei en ontwikkeling
- Hoe ontstond uit 1 cel, de zygote, die machine ?
3 ontwikkelingsprocessen: groei, morfogenese, celdifferentiatie
- Ontwikkeling = alle complexe en geordende in- en uitwendige veranderingen die een organisme
doorloopt vanaf de bevruchte eicel
- Groei = een onomkeerbare volumetoename van cellen, weefsels en organen
Volumetoename door: aangroei van aantal cellen door mitose of door toeneming van
volume van cellen
Omvat kwantitatieve aspecten + kan gemeten worden
- Morfogenese = ontwikkelen van de vorm
- Celdifferentiatie = omvorming van embryonale cellen tot gespecialiseerde cellen die specifieke
functies vervullen in het organisme
, + groei
2. Controlemechanismen
- Tijdens ontwikkeling chemische + fysische processen
Lichtenergie + reeks grondstoffen (O2, CO2, anorganische ionen)
Water: regelt fysische toestand van cel + komt tussen in alle biochemische reacties
Grondstoffen: leveren opbouw- + bedrijfsmaterialen
- Plantregulatoren = anorganische verbindingen die plant produceert die geen
opbouw-/bedrijfsfuncties hebben + die in uiterst kleine hoeveelheden vele fysiologische
processen beïnvloeden
Fysiologische processen remmen, bevorderen, op andere manier beïnvloeden
- Plantenhormonen/fytohormonen = regulatoren die door de plant gevormd worden
Controleren groei + ontwikkeling van planten door celdeling, celstrekking en
celdifferentiatie te beïnvloeden
- Hormonen = stoffen die in bepaald deel van organisme gesynthetiseerd + getransporteerd
worden naar andere delen van organisme waar ze in doelcellen/ -weefsels een fysiologische
reactie opwekken
Werkzaam in minimale concentraties
Invloed van regulatoren op het celstrekkinsproces
- Positief fototropisme = planten groeien naar het licht
Experimenten met kiemplantjes van grassen/haver
- Grassen kiemen:
1) Wortels gevormd
2) Stengel verschijnt
3) Groeitop + bladbeginsels beschermd door buisvormige schede = coleoptiel/pluimschede
o Licht: 1-2 cm lang
o Donker: 4-5 cm
o In donker gehouden/gelijkmatig belicht langs alle zijden groeit rechtop