Samenvatting: VMV 7 – Anesthesie.
1. Anesthesieverpleegkunde.
= Centraal figuur doorheen verblijf op het operatiekwartier: vertrouwenspersoon/aanspreekpunt van
de patiënt en coördinator.
Taakinhoud:
- Opvang en begeleiding van de patiënt.
- Voorbereiding anesthesie/chirurgie.
- Anamnese – pre-operatieve screening.
- Monitoring (hemodynamisch – respiratoir).
- Vochtbeleid.
- Preventie peri-operatieve hypothermie.
- Pijnbestrijding.
- Decubituspreventie.
- Beademing.
- Loco-regionale anesthesie.
- Opvang ontwaakruimte.
- Kinderanesthesie.
- …
Anesthesie = bescherming en stabilisatie van de levensbelangrijke functies van het lichaam, o.a. door
pijncontrole en kunstmatige slaap.
Basisanesthesie: I.V. anesthesie, gasanesthesie en loco-regionale anesthesie.
Gas-anesthesie; iedereen, voornamelijk bij kinderen (wordt heel goed opgenomen door de longen).
Hoe ouder je wordt, hoe slechter je longen de inhalatiegas opnemen ⇾ nood aan IV-anesthesie voor
vlotte inductie bij oudere kinderen en volwassenen.
Doelstellingen:
o Pijn en bewustzijnscontrole.
- Analgesie (= pijnbestrijding): met drugs (NSAIDS, opiaten), combinatie met loco-regionale
technieken.
- Anesthesie (= bewustzijnsdaling en pijnbestrijding): IV en inhalatie, gebalanceerde vorm.
o Creëren van interventiemogelijkheden.
- Onderdrukken van reflexen (curarisatie).
- Lange tijd stilliggen.
- Incisie maken.
- Orgaan protectie (EEC).
- Fijne suturen maken.
- Comfort verzekeren.
o Voorkomen van alle eventuele ongewenste nevereacties.
- Monitoring (cardiovasculair en respiratoir).
- IV vochtbeleid.
- Beademing.
- Decubituspreventie.
- Afkoelingspreventie.
Realisatie van de narcose (3 doelstellingen = 3 drugs).
a. Anestheticum: slaap (Propofol/propolipid).
b. Analgeticum: pijnbestrijding (Sufenta/Fentanyl).
c. Curare (bv. rocurorium).
1
1. Anesthesieverpleegkunde.
= Centraal figuur doorheen verblijf op het operatiekwartier: vertrouwenspersoon/aanspreekpunt van
de patiënt en coördinator.
Taakinhoud:
- Opvang en begeleiding van de patiënt.
- Voorbereiding anesthesie/chirurgie.
- Anamnese – pre-operatieve screening.
- Monitoring (hemodynamisch – respiratoir).
- Vochtbeleid.
- Preventie peri-operatieve hypothermie.
- Pijnbestrijding.
- Decubituspreventie.
- Beademing.
- Loco-regionale anesthesie.
- Opvang ontwaakruimte.
- Kinderanesthesie.
- …
Anesthesie = bescherming en stabilisatie van de levensbelangrijke functies van het lichaam, o.a. door
pijncontrole en kunstmatige slaap.
Basisanesthesie: I.V. anesthesie, gasanesthesie en loco-regionale anesthesie.
Gas-anesthesie; iedereen, voornamelijk bij kinderen (wordt heel goed opgenomen door de longen).
Hoe ouder je wordt, hoe slechter je longen de inhalatiegas opnemen ⇾ nood aan IV-anesthesie voor
vlotte inductie bij oudere kinderen en volwassenen.
Doelstellingen:
o Pijn en bewustzijnscontrole.
- Analgesie (= pijnbestrijding): met drugs (NSAIDS, opiaten), combinatie met loco-regionale
technieken.
- Anesthesie (= bewustzijnsdaling en pijnbestrijding): IV en inhalatie, gebalanceerde vorm.
o Creëren van interventiemogelijkheden.
- Onderdrukken van reflexen (curarisatie).
- Lange tijd stilliggen.
- Incisie maken.
- Orgaan protectie (EEC).
- Fijne suturen maken.
- Comfort verzekeren.
o Voorkomen van alle eventuele ongewenste nevereacties.
- Monitoring (cardiovasculair en respiratoir).
- IV vochtbeleid.
- Beademing.
- Decubituspreventie.
- Afkoelingspreventie.
Realisatie van de narcose (3 doelstellingen = 3 drugs).
a. Anestheticum: slaap (Propofol/propolipid).
b. Analgeticum: pijnbestrijding (Sufenta/Fentanyl).
c. Curare (bv. rocurorium).
1