Naam: Denise Werring
Datum: 25-03-2024
Opleiding: Hbo Social Work
Studentennummer: 672768
,Inhoudsopgave
Inleiding....................................................................................................................................................................3
1. Contextbeschrijving............................................................................................................................................4
1.1 Wie is J?..........................................................................................................................................................4
1.2 Voorgeschiedenis............................................................................................................................................4
1.3 Huidige situatie...............................................................................................................................................4
1.4 Mijn professionele rol als sociaal werker......................................................................................................4
2. De theorie van verschillende psychologische benaderingen............................................................................5
2.1 Lichaamsgerichte benadering........................................................................................................................5
2.1.1 Lichaamsgerichte benadering in de praktijk............................................................................................6
2.2 Positieve psychologie benadering.................................................................................................................7
2.2.1 Positieve psychologie in de praktijk........................................................................................................7
2.3 Cognitieve gedragsbenadering......................................................................................................................7
2.4 Sociaalecologische benadering......................................................................................................................8
2.4.1 Sociaal ecologische benadering in de praktijk........................................................................................8
3. Twee psychologische benaderingen.................................................................................................................10
3.1 Uitwerking benaderingen.............................................................................................................................10
3.1.1 positieve psychologie............................................................................................................................10
3.1.2 Consequenties van de positieve psychologie op het sociaal werk.........................................................11
3.1.3 Behaviorisme.........................................................................................................................................12
3.1.4 Consequenties van het behaviorisme op het sociaal werk.....................................................................12
3.2 Benaderingen vergelijken.............................................................................................................................13
3.3 Deelvragen....................................................................................................................................................13
3.3.1 Cliëntsituatie analyse.............................................................................................................................13
4. De psychologische benadering van de cliënt...................................................................................................14
Bronvermelding.....................................................................................................................................................16
2
Denise Werring
,Inleiding
Voor deze opdracht heb ik gebruik gemaakt van een casus waarin een cliënt vanuit mijn werkplek
centraal staat. Binnen deze casus vindt een conflict plaats tussen haar en een medecliënt op de woning.
Dit conflict heeft veel invloed op haar draagkracht. Om te beginnen zal ik de situatie verhelderen door
informatie over de cliënt, de voorgeschiedenis en de huidige situatie, maar ik zal ook mijn rol als
sociaal werker delen. De casus zal ik aan de hand van verschillende psychologische benaderingen,
zoals de positieve psychologie en het behaviorisme, analyseren. Binnen de theorie geef ik uitleg en
maak onderscheid tussen de kernbegrippen en uitgangspunten van de psychologische benaderingen en
methodieken. De maatschappelijke context van de probleemsituatie en hantering zullen aan de hand
van sociologische concepten aanbod komen. Ook zal ik mijn eigen houding en aanpak als sociaal
werker verduidelijken vanuit de praktijk. Hiervoor maak ik gebruik van twee verschillende
psychologische benaderingen en methodieken die hierop gebaseerd zijn.
3
Denise Werring
, 1. Contextbeschrijving
1.1 Wie is J?
Volgens het dossier van de Prinsenstichting is J een 54-jarige vrouw met een matige verstandelijke
beperking, ze heeft op cognitief niveau een ontwikkelingsleeftijd van vijf jaar en op sociaal-
emotioneel rond de twee jaar. In 1999 stelde psychiater J.J. vast dat haar gedrag past bij peuter-
kleuterniveau, waarbij ze haar kwetsbaarheid met trots (narcisme) afweert. Ze is snel overprikkeld en
zoekt veel controle. Er is geen psychiatrische stoornis.
J is sportief en helpt graag de begeleiding. Ze is voortdurend op zoek naar regie en bij spanning
probeert ze dit over te nemen, wat leidt tot escalaties. Vanuit haar jeugd is bekend dat ze het hef in
eigen handen neemt bij gebrek aan sturing, wat tot overbelasting leidt.
1.2 Voorgeschiedenis
J haar geschiedenis bevat veel conflicten, waardoor het contact met haar familie grotendeels is
verbroken. Haar enige contactpersoon was haar broer, die tevens haar bewindvoerder was Het contact
met haar ouders werd verbroken om onbekende redenen en beide ouders zijn overleden. Het contact
met haar zus herstelde in 2018 en ook haar tante zocht toen contact. Haar broer verbrak later het
contact wegens wantrouwen in de begeleiding en overleed in 2022. Nu heeft J alleen nog contact met
haar zus en tante. J was in instellingen slachtoffer van seksueel grensoverschrijdend gedrag, wat leidde
tot hechtingsproblematiek en mogelijk trauma..
Sinds 2014 woont J op haar huidige groep met zes andere cliënten, waar ze de hele dag begeleiding
krijgt vanuit haar kamer. Tijdens woonkamer momenten val ze anderen lastig en geeft hen opdrachten,
vooral buiten zicht van de begeleiding, waardoor afgesproken is dat ze niet zonder begeleiding bij
anderen is.
Sinds 2016 vertoont J vaker probleemgedrag, wat samen lijkt te hangen met bepaalde begeleiders.
Wisselingen in begeleiding hebben haar gevoel van veiligheid negatief beïnvloed. Bij hevige
escalaties moet ze soms afgezonderd worden vanwege agressie, wat het vertrouwen in de begeleiding
verder schaadt. Het probleemgedrag is een terugkerend probleem en is momenteel ook aanwezig.
1.3 Huidige situatie
Onlangs is M, een 43-jarige vrouw met een matige verstandelijke beperking, bij J in de groep komen
wonen. M functioneert cognitief beter dan sociaal-emotioneel. Tussen J en M ontstaan vaak conflicten
met zowel verbale als fysieke agressie. Beide cliënten hebben dezelfde persoonlijk begeleider, met wie
J een hechte vertrouwensband had. M heeft nu ook een hechte band met deze begeleider, wat door J's
hechtingsproblematiek haar vertrouwen heeft aangetast.
M functioneert hoger op cognitief niveau dan J. J kan dingen zeggen waarvan zij de inhoudelijke
betekenis niet kent, maar die M wel begrijpt. Door M haar lagere sociaal-emotionele niveau leidt dit
tot spanning. J voelt zich hierdoor onveilig en probeert de regie over M te nemen, wat niet lukt,
waardoor de spanning nog meer oploopt.
1.4 Mijn professionele rol als sociaal werker
Als begeleider van J hanteer ik een duidelijke maar positieve benadering, zodat ze mij kan vertrouwen
en we een goede band opbouwen. Duidelijkheid zorgt ervoor dat ik de regie behoud, zodat ze het hef
niet in eigen handen hoeft te nemen. Bij ontspannen momenten deel ik de regie met haar, bijvoorbeeld
door samen te kiezen tussen wandelen of puzzelen. Deze krachtgerichte benadering bevordert onze
relatie.
Om het contact tussen J en M positief te houden, zorg ik ervoor aanwezig te zijn in gezamenlijke
4
Denise Werring