Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 2 sur 7 pages
Resume

Samenvatting Sociologie - Hoofdstuk 6 Socialisatie en Sociale interactie

Document preview thumbnail
Aperçu 2 sur 7 pages

Samenvatting Hoofdstuk 6 uit de cursus van Prof Koenraad Matthys.

Aperçu du contenu

Hoofdstuk 6: Socialisatie en
sociale interactie
1. Microsociologie- Het ‘kleine’ verhaal

 Socialisatieprocessen zijn cruciaal Voor vorming identiteit, sociaal worden, … .

 Macrosociologie: Bestudeert grotere gehelen om een verklaring te vinden voor fenomenen als
armoede segregatie, etc.
 Microsociologie: De studie van het dagelijkse leven in sociale interactie

2. Sociaal worden: Het proces van socialisatie

2.1 De mens als sociaal wezen
 Socialisatie belangrijk voor: -Vorming van individuen en diens plek in de maatschappij
-Voortbestaan van de maatschappij
 Wolfskinderen: kinderen opgegroeid zonder socialisatie (zie Genie)
 Soorten socialisatie:
-Primaire socialisatie: Eerste leerprocessen van het kind in het gezin.
-Secundaire socialisatie: Socialisatie in meer formele groepen zoals school, werk, … adhv. interactie
tussen groep en individu.
-Tertiaire socialisatie: Normen, waarden, gedragspatronen aangeleerd via onpersoonlijke massamedia.
Bidirectionaliteit: Kind is geen passieve ontvanger van socialisatie. Ze hebben hun eigen actieve
inbreng in het leerproces.

2.2 Theorieën over de ontwikkeling van het kind
 Socialisatie resulteert in een peroonlijke biografie
2.2.1. George Herbert Mead en het sociale self
 Self: menselijk vermogen om reflexief te zijn en de rol van de ander te spelen. De ik valt volkomen
samen met de ontdekking van de samenleving.

 Proces naar het vinden van de self door het vinden van de samenleving:
-Self ontstaat door sociale ervaring.
-Sociale ervaring uit communicatie en het uitwisselen van symbolen, hierdoor intenties van anderen
kunnen deduceren.
-Jezelf in plaat van de ander proberen te stellen.

 Looking glass self: Het beeld dat mensen van zichzelf hebben is gebaseerd op hoe ze denken dat
anderen hen zien.

 Componenten self:
-I: Het persoonlijke deel dat bestaat uit spontane impulsen en neigingen of te wel het
ongesocialiseerde kind.
-Me: Het sociale deel van de persoonlijkheid.

, Elke sociale ervaring is een interactie tussen de I en de me
Actie initiëren: I fase
Actie begeleiden: me fase Taking the role of the other

 Ontwikkeling self:
Imitatie: Na apen zonder begrijpen. Nog geen kennis van taal en symbolen, ook geen self.
Play: Taal en symbolen worden voor het eert gebruikt tijdens een spel.
Tijdens spel spiegelen aan significant others. (Moedertje vadertje)
Games: Rollen van meerdere mensen op te nemen, overgang naar meer complexe spellen.
Generalized other: Normen en waarden leiden nu een zelfstandig bestaan.


2.2.2. Society and self: mijn ik of ons ik?
SOCIALE IDENTITEITEN VERSUS PERSOONLIJKE IDENTITEIT

 Iedere rol heeft zijn innerlijke tucht. De rol vormt, kneedt en modelleert zowel de handelwijze als ook
de handelende persoon.
 Roltheorie: Sociologisch gezien, de samenleving is die iemands identiteit vaststelt, ondersteunt en
wijzigt.

 Persoonlijke identiteit: Betrekking op individuele kenmerken die er samen voor zorgen dat iemand een
uniek persoon.

 Sociale identiteiten: Zijn relationeel. Ze betreffen wat men met anderen deelt in plaats van wat men
van anderen onderscheidt.
Verkuyten: Sociale-identiteitsbegrip geeft aan wie een persoon is, hoe hij of zij door anderen wordt
herkend en beoordeeld.
Ze brengen onderscheidingen aan.
Het zijn sociale constructies en dus geen vaststaande entiteiten.
Ze hebben een invloed op de relaties tussen groepen. (Individuen reageren beter op
individuen uit hun eigen groep.)
Maar: Sociale identiteiten zijn vaak pas van tel wanneer men op directe of indirecte manier
herinnerd wordt aan het lidmaatschap van een bepaald groep.
INTERDEPENDENTE SELF VERSUS ONAFHANKELIJK SELF

 Interdepent self: Definiëren zich vaak in termen van hun relaties met andere mensen.
Collectivistische culturen
 Onafhankelijk self: Definiëren zich voornamelijk met nadruk op de autonomie v/h individu.
Westerse culturen

 Biculturals: Personen groot gebracht met 2 culturen.
Zelfconcepten erschillen naargelang de cultuur waarin ze tot stand komen.

Infos sur le Document

Cours
Publié le
25 août 2019
Nombre de pages
7
Écrit en
2016/2017
Type
Resume
$6.59

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
15
Abonnés
8
Éléments
3
Dernière vente
4 année de cela




Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Vous travaillez sur vos références ?

Créez des citations précises en APA, MLA et Harvard avec notre générateur de sources gratuit.

Vous travaillez sur vos références ?

Foire aux questions