H4.2: De aardrotatie
INLEIDING:
Aardrotatie = beweging van de aarde rond haar eigen as
Waarnemingen:
1. De afwisseling van dag naar nacht
2. We zien de zon zichtbaar bewegen aan onze hemelkoepel
3. ’S nachts zien we de sterrenhemel en maan bewegen (de poolster
beweegt niet mee = staat in het verlengden van de aardas)
Zonopkomst Culminatie zon Zonsondergang
Noordelijk Oosten zuiden Westen
halfrond
Zuidelijk Oosten Noorden Westen
halfrond
Sterren:
Noordelijk halfrond = Tegen wijzers van de klok
Zuidelijk halfrond = met wijzers van de klok
KENMERKEN AARDROTATIE :
Aarde beweegt van West naar Oost ons standpunt = tegen wijzers van de
klok
Duur:
Sterrendag/ siderische dag = De tijd die de aarde nodig heeft om 1 keer rond
haar as te draaien (23u 56min), de sterren staan opnieuw op exact dezelfde plek
te zien als de dag ervoor.
Zonnedag/ synodische dag = de aarde heeft exact dezelfde positie
aangenomen na 24u ten opzichte van de zon.
Rotatiesnelheid:
Hoeksnelheid = geeft aan hoe snel de aarde draait in een bepaald tijdsinterval.
= 360°/24u overal gelijk
Omtreksnelheid = geeft aan welke snelheid je aflegt in een bepaald
tijdsinterval.
= niet overal gelijk grootst op de evenaar (1666km/u) en
kleinst aan polen.
GEVOLGEN VAN DE AARDROTATIE :
Afwisseling van dag en nacht:
Aarde = bol de zon kan slechts de helft van de aarde belichten.
Dagkant
Nachtkant
Zon maakt een dagboog van Oost naar West.
, Plaatsen waar de zon recht voor hun staan = Hoogste punt dagboog =
culminatiehoogte
CORIOLISKRACHT:
= kracht die ontstaat omdat de omtreksnelheid verandert al naar gelang de
plaats op aarde.
= afbuiging van winden en zeestromingen (NH= rechts ; ZH= links)
PLAATS BEPALEN OP AARDE:
Breedtecirkel = geeft aan op welke breedteligging een plaats gelegen ten
opzichte van evenaar
Evenaar = langste breedtecirkel = Nulcirkel
Lengtelijnen / Meridianen = Halve cirkels die van de Noordpolen naar de
Zuidpool lopen
Nullijn = meridiaan van Greenwich
ZONNETIJD , CONVENTIONELE TIJD EN DATUMGRENS :
Zonnetijd:
Plaatsen op dezelfde lengtelijn zien de zon op hetzelfde moment culmineren.
Wanneer de zon haar schaduw het kortst is = Middag (zon haar
hoogste punt)
Conventionele tijd:
Aarde opgedeeld in 24 uur gordels
Elke gordel is 15° breed dus 1u per gordel.
Oosten 1u later
Westen 1u vroeger
MET = midden Europese tijdzone
België heeft gekozen om deel uit te maken van deze gordel = economisch
interessanter
DATUMGRENS:
= je zit op exact dezelfde plek maar 24u verschil
= 180° verschil (E = Woensdag 2u ‘snachts ; W = Dinsdag 2u ‘snachts)
H1: De atmosfeer
PRIMAIRE ATMOSFEER :
Eerste fase: chemische elementen Waterstof en Helium
De kleine planeet kon geen/amper gassen vasthouden lekten weg naar de
ruimte
Ontstaan hydrosfeer:
Aarde koelde af = condenseerde waterdamp
= ontstaan wolken, neerslag
Oceanen ontstonden (de laagste plaatsen) = blauw uiterlijk
Hydrosfeer = al het water dat de geosfeer bedekt
= kometen/meteorieten bevatten ook water oorsprong water
‘buitenaards’