Graphic Design
DEEL 1: VISUELE COMMUNICATIE
1. Beeldgeletterdheid
= omvat alle vereiste kennis, vaardigheden en attitudes om visuele
voorstellingen of afbeeldingen te begrijpen, te gebruiken en er een betekenis aan
te geven
De bouwstenen van je lay-out
Visuele communicatie/beeldtaal= integratie v beeld, vormen en woord tot 1
communicatie-eenheid
Beelmateriaal
o Foto’s, grafieken, iconen
Tekst
Visuele elementen
Het belang van goede vormgeving
Positief effect op opnemen v informatie
Goede user experience
o = het welbevinden vd gebruiker, hoe prettig iets in gebruik is
o Vb. door de aangename vorm of intuïtief gebruik
Goede user interface
o = koppeling tss computer en mens in vorm v knoppen, menu’s…
Beeldclichés
Veel gebruikt door fotografen en
illustratoren om herkenbaar en interessant
nieuw beeld te maken
Handig om kennis te hebben v kunst,
geschiedenis en cultuur
Mash-up
= het creëren v iets uit 2 of meer verschillende
werken
Remix
= herwerking
Rip off
= stelen/plagiatiseren
1
,2. Trends graphic design
2
, Responsive logo’s
= logodesign is aangepast aan het
gebruik
Gradients
= kleurovergang (vb. pride dates)
More depth (semi flat design)
= niet meer ‘plat’ tekenen, geeft
diepte maar is geen perfecte 3D-
weergave
Duotones
= gebruik v 2 kleuren – meestal om
zwart en wit uit de foto te vervangen,
kan je gebruiken om leesbaarheid te
verhogen, als een accent of als
achtergrond
Pops of vivid colors – radical
contrast
= levendige kleuren gebruiken,
designers moeten meer vechten voor
onze aandacht dus moeten ze ook
grotere designrisico’s nemen
Patronen 80’s & 90’s
= retro
Movement
= animatie & GIF’s
Bold typography
= vette, dikke, zware typografie –
maakt het makkelijker leesbaar op
sociale media, vaak de
ondersteunende factor voor andere
designelementen
Serif: schreefhebbend (met streepje)
Sans serif: schreefloos (zonder
streepje)
3
DEEL 1: VISUELE COMMUNICATIE
1. Beeldgeletterdheid
= omvat alle vereiste kennis, vaardigheden en attitudes om visuele
voorstellingen of afbeeldingen te begrijpen, te gebruiken en er een betekenis aan
te geven
De bouwstenen van je lay-out
Visuele communicatie/beeldtaal= integratie v beeld, vormen en woord tot 1
communicatie-eenheid
Beelmateriaal
o Foto’s, grafieken, iconen
Tekst
Visuele elementen
Het belang van goede vormgeving
Positief effect op opnemen v informatie
Goede user experience
o = het welbevinden vd gebruiker, hoe prettig iets in gebruik is
o Vb. door de aangename vorm of intuïtief gebruik
Goede user interface
o = koppeling tss computer en mens in vorm v knoppen, menu’s…
Beeldclichés
Veel gebruikt door fotografen en
illustratoren om herkenbaar en interessant
nieuw beeld te maken
Handig om kennis te hebben v kunst,
geschiedenis en cultuur
Mash-up
= het creëren v iets uit 2 of meer verschillende
werken
Remix
= herwerking
Rip off
= stelen/plagiatiseren
1
,2. Trends graphic design
2
, Responsive logo’s
= logodesign is aangepast aan het
gebruik
Gradients
= kleurovergang (vb. pride dates)
More depth (semi flat design)
= niet meer ‘plat’ tekenen, geeft
diepte maar is geen perfecte 3D-
weergave
Duotones
= gebruik v 2 kleuren – meestal om
zwart en wit uit de foto te vervangen,
kan je gebruiken om leesbaarheid te
verhogen, als een accent of als
achtergrond
Pops of vivid colors – radical
contrast
= levendige kleuren gebruiken,
designers moeten meer vechten voor
onze aandacht dus moeten ze ook
grotere designrisico’s nemen
Patronen 80’s & 90’s
= retro
Movement
= animatie & GIF’s
Bold typography
= vette, dikke, zware typografie –
maakt het makkelijker leesbaar op
sociale media, vaak de
ondersteunende factor voor andere
designelementen
Serif: schreefhebbend (met streepje)
Sans serif: schreefloos (zonder
streepje)
3