Samenvatting SPSS
Intikken data
Deel van de data
Selecteer cases op basis van specifieke kenmerken, zoals geslacht.
Voer aparte analyses uit voor subgroepen door de data op te splitsen.
Data > split file > organize output by groups > variabele aanduiden waarvoor je afzonderlijke
analyse wil
Data transformeren
√ overzetten oorspronkelijke categorieën in beperkt aantal nieuwe cat = into SAME
√ omscoren negatieve items naar positieve items
√ 2 categorieën obv mediaan : beslissen wat midden is
Transform > recode into different variables
Data optellen
Als je verschillende variabelen gaat optellen
√ Missing values mee opnemen
Transform > compute variable > SUM(leefdtijd,geslacht)
√ Missing values NIET mee opnemen
Transform > compute variable > var1+var2+var3
1
,Chi-kwadraten
Verband van 2 kwalitatieve variabelen
80% van de cellen > 5 pp en overal > 1 pp
dit niet lukt recode nog steeds niet fishers extract noteren
Je hebt 3 kolommen: 2 neem je mee en aantallen neem je op bij weight cases bij data
Analyze – descrip stat – crosstabs AANKLIKKEN
cells
√ Chi-kwadraat waarde
√ Aantal vrijheidsgraden
√ P-waarde
√ Niet significant = beide var zijn onafhankelijk van elkaar
√ Wel significant = beide var zijn afhankelijk van elkaar.
Er is een verband.
Statistics
Is er een verband tussen
… en …?
er is een statistisch significant verband tussen … en …
… en … zijn afhankelijk van elkaar.
Pearson = parametrisch
Spearman = non – parametrisch
2 onderzoekers testen dit,
de
interbeoordelaarsbertrouwb AANKLIKKEN
aarheid. KAPPA = mate overeenkomst categorischeStatistics
variabelen
Analyze – descrip stat – crosstabs
√ Value van Kappa: 0.40-0.70 = ok/acceptabel & >0.70 = goed
2
, Correlaties
Verband van 2 kwantiatieve variabelen
Scatterplot als descript frequenties
Het teken van de correlatiecoëfficiënt toont aan of het verband positief is en negatieve correlatie
wijst op een negatieve relatie tussen de twee variabelen
Analyze correlate Bivariate
negatieve correlatie wijst op een negatieve relatie tussen de twee variabelen (hoe hoger de score
op de ene variabele, hoe lager op de andere)
√ r-waarde (pearson correlatie)
√ p-waarde
√ Negatief r: hoe hoger de score op de ene variabele, hoe lager op de andere
√ Positief r: hoe hoger de score op de ene variabele, hoe hoger op de andere
Is er een verband tussen
… en …?
er is een positief/negatief statistisch significant verband tussen … en …
hoe hoger … hoe hoger … en omgekeerd
2 onderzoekers testen dit,
de
interbeoordelaarsbertrouwb
aarheid
Nagaan van betrouwbaarheid, waarbij subjecten dezelfde test
verschillende keren invullen = Intraclass correlaties
Nagaan van interbeoordelaarsbetrouwbaarheid, waarbij verschillende beoordelaars dezelfde
elementen observeren = intraclass correlaties
Analyze – scale – reliability – ICC
alles selecteren onder ‘items’
√ Single measures: correlatie = boven 0.70 als goed wordt beschouwd
AANKLIKKEN
Statistics
3
Intikken data
Deel van de data
Selecteer cases op basis van specifieke kenmerken, zoals geslacht.
Voer aparte analyses uit voor subgroepen door de data op te splitsen.
Data > split file > organize output by groups > variabele aanduiden waarvoor je afzonderlijke
analyse wil
Data transformeren
√ overzetten oorspronkelijke categorieën in beperkt aantal nieuwe cat = into SAME
√ omscoren negatieve items naar positieve items
√ 2 categorieën obv mediaan : beslissen wat midden is
Transform > recode into different variables
Data optellen
Als je verschillende variabelen gaat optellen
√ Missing values mee opnemen
Transform > compute variable > SUM(leefdtijd,geslacht)
√ Missing values NIET mee opnemen
Transform > compute variable > var1+var2+var3
1
,Chi-kwadraten
Verband van 2 kwalitatieve variabelen
80% van de cellen > 5 pp en overal > 1 pp
dit niet lukt recode nog steeds niet fishers extract noteren
Je hebt 3 kolommen: 2 neem je mee en aantallen neem je op bij weight cases bij data
Analyze – descrip stat – crosstabs AANKLIKKEN
cells
√ Chi-kwadraat waarde
√ Aantal vrijheidsgraden
√ P-waarde
√ Niet significant = beide var zijn onafhankelijk van elkaar
√ Wel significant = beide var zijn afhankelijk van elkaar.
Er is een verband.
Statistics
Is er een verband tussen
… en …?
er is een statistisch significant verband tussen … en …
… en … zijn afhankelijk van elkaar.
Pearson = parametrisch
Spearman = non – parametrisch
2 onderzoekers testen dit,
de
interbeoordelaarsbertrouwb AANKLIKKEN
aarheid. KAPPA = mate overeenkomst categorischeStatistics
variabelen
Analyze – descrip stat – crosstabs
√ Value van Kappa: 0.40-0.70 = ok/acceptabel & >0.70 = goed
2
, Correlaties
Verband van 2 kwantiatieve variabelen
Scatterplot als descript frequenties
Het teken van de correlatiecoëfficiënt toont aan of het verband positief is en negatieve correlatie
wijst op een negatieve relatie tussen de twee variabelen
Analyze correlate Bivariate
negatieve correlatie wijst op een negatieve relatie tussen de twee variabelen (hoe hoger de score
op de ene variabele, hoe lager op de andere)
√ r-waarde (pearson correlatie)
√ p-waarde
√ Negatief r: hoe hoger de score op de ene variabele, hoe lager op de andere
√ Positief r: hoe hoger de score op de ene variabele, hoe hoger op de andere
Is er een verband tussen
… en …?
er is een positief/negatief statistisch significant verband tussen … en …
hoe hoger … hoe hoger … en omgekeerd
2 onderzoekers testen dit,
de
interbeoordelaarsbertrouwb
aarheid
Nagaan van betrouwbaarheid, waarbij subjecten dezelfde test
verschillende keren invullen = Intraclass correlaties
Nagaan van interbeoordelaarsbetrouwbaarheid, waarbij verschillende beoordelaars dezelfde
elementen observeren = intraclass correlaties
Analyze – scale – reliability – ICC
alles selecteren onder ‘items’
√ Single measures: correlatie = boven 0.70 als goed wordt beschouwd
AANKLIKKEN
Statistics
3