ALGEMENE CEL EN WEEFSELLEER: PRACTICUM
SPIERWEEFSEL
F3/14 = urineblaas
Trichroom-heidehens blauw kleuring collagene vezels blauw
Functie urineblaas = glad spierweefsel
- Onwillekeurige spier andere controlemechanisme die ervoor zorgen dat signaal voor
relaxatie/contractie van spier naar blaas gestuurd zal worden
- Je kan de spier dus niet je eigen wil opleggen
1) Lumen
2) Tunica mucosa
1. Lamina epithelialis = overgangsepitheel
- Zoeken naar paraplucellen
2. Lamina propria = bindweefsellaag
3) Tunica muscularis = glad spierweefsel
- Gebundeld in verschillende spierbundels
Perimysium = BW laag rondom spierbundel
Endomysium = BW laag rondom de afzonderlijke spiercellen in spierbundels
- Overlangse doorsnede van spierbundel
Geen dwarsstreping gladde spiercel bestaat wel uit actine en myosinefilamenten maar
zijn deze geordend in verschillende richtingen
Door egale cytoplasma = glad spierweefsel
Vorm van gladde spiercel = spoelvormig
- Uiteinde = veel smaller
- Midden = breder
- Centraal ligt de kern = kurkentrekker vorm
- Zone rondom kern = filamentenvrij sacroplasma (lichter)
- Dwarse doorsnede van spierbundel
Vorm van gladde spiercel = cirkelvormige structuren
- Kernen gaan bruin aankleuren
- Rondom kern lichtere zone = filamentenvrij sacroplasma
- Dwarse doorsnede = aangesneden door midden van cel kern te zien
- Kleinere doorsnedes = aansnijding meer naar uiteinde van spoelvormige spiercel
- Grotere doorsnedes = aansnijding meer naar midden van spoelvormige spiercel
- Rondom elke spiercel ga je bindweefsel terugvinden = endomysium
- Rondom elke spierbundel ga je bindweefsel terugvinden = perimysium
In bindweefsel ga je ook weer capillairtjes teurgvinden
4) Tunica serosa
SPIERWEEFSEL
F3/14 = urineblaas
Trichroom-heidehens blauw kleuring collagene vezels blauw
Functie urineblaas = glad spierweefsel
- Onwillekeurige spier andere controlemechanisme die ervoor zorgen dat signaal voor
relaxatie/contractie van spier naar blaas gestuurd zal worden
- Je kan de spier dus niet je eigen wil opleggen
1) Lumen
2) Tunica mucosa
1. Lamina epithelialis = overgangsepitheel
- Zoeken naar paraplucellen
2. Lamina propria = bindweefsellaag
3) Tunica muscularis = glad spierweefsel
- Gebundeld in verschillende spierbundels
Perimysium = BW laag rondom spierbundel
Endomysium = BW laag rondom de afzonderlijke spiercellen in spierbundels
- Overlangse doorsnede van spierbundel
Geen dwarsstreping gladde spiercel bestaat wel uit actine en myosinefilamenten maar
zijn deze geordend in verschillende richtingen
Door egale cytoplasma = glad spierweefsel
Vorm van gladde spiercel = spoelvormig
- Uiteinde = veel smaller
- Midden = breder
- Centraal ligt de kern = kurkentrekker vorm
- Zone rondom kern = filamentenvrij sacroplasma (lichter)
- Dwarse doorsnede van spierbundel
Vorm van gladde spiercel = cirkelvormige structuren
- Kernen gaan bruin aankleuren
- Rondom kern lichtere zone = filamentenvrij sacroplasma
- Dwarse doorsnede = aangesneden door midden van cel kern te zien
- Kleinere doorsnedes = aansnijding meer naar uiteinde van spoelvormige spiercel
- Grotere doorsnedes = aansnijding meer naar midden van spoelvormige spiercel
- Rondom elke spiercel ga je bindweefsel terugvinden = endomysium
- Rondom elke spierbundel ga je bindweefsel terugvinden = perimysium
In bindweefsel ga je ook weer capillairtjes teurgvinden
4) Tunica serosa