de samenleving en de mogelijkheden en onmogelijkheden deze te
beïnvloeden
H1: Veranderingen door rationalisering, individualisering en institutionalisering
P1
Rationalisering: het proces van het ordenen en systematiseren van de werkelijkheid met de bedoeling
haar voorspelbaar en beheersbaar te maken en van het doelgericht inzetten van middelen ten einde zo
efficiënt en effectief mogelijke resultaten te bereiken.
Het wereldbeeld wat we hadden tot de Franse Revolutie (1789) was een theocentrisch wereldbeeld (:
een wereldbeeld waarin God centraal staat). Na de Franse Revolutie en de Industriële Revolutie (1850-
1900) veranderde het theocentrisch wereldbeeld in een antropocentrisch wereldbeeld (: een
wereldbeeld waarin de mens centraal staat).
Verlichting of Eeuw van de Rede: een cultureel-filosofische en intellectuele stroming in Europa die
ruwweg samenviel met de 18e eeuw. De ratio stond centraal
De verlichting stond voor bevordering van de wetenschap en intellectuele uitwisseling. Verlichte
denkers beschouwden het universum en de natuur als een systeem dat zich moet houden aan
natuurwetten. Deze natuurwetten zijn allemaal met rede en ratio te verklaren.
Moderniteit: periode van 1800 tot heden, waarin men gelooft dat veranderingen onvermijdelijk leiden
tot vooruitgang, waarvoor wetenschap en technologie zorgen
In het tijdperk van de moderniteit is wetenschap en het handelen op een rationele manier centraal
komen te staan, in tegenstelling tot de premoderne tijd (: een tijd waarin het denken en doen van
mensen veel meer geleid werd door godsdienstige tradities, ingesleten gewoontes en van generatie op
generatie overgedragen praktische handelingswijsheden).
Het rationaliseringproces startte vanaf 1700.
P2
Individualisering: het proces waarbij individuen in toenemende mate hun zelfstandigheid op
verschillende gebieden kunnen vergroten
Veel mensen hebben dankzij individualisering traditionele instituties weten te verminderen. We moeten
hierbij denken aan gezin, huwelijk, kerk, sociale klasse en arbeid. Ook zijn mensen dankzij
individualisering meer verantwoordelijk voor hun handelen en de betekenis van traditionele sociale
instituties verandert.
Sociale instituties: complex van min of meer geformaliseerde regels die het gedrag van mensen en hun
onderlinge relaties rond een bepaald onderwerp van het sociale leven reguleren
, Positieve punten individualisering:
- Het streven naar een volwaardige plaats in de samenleving door mensen
- De vrijheid om een eigen weg te gaan
- De wil om onbeperkt van het leven te genieten
Negatieve punten individualisering:
- Een vermindering van maatschappelijke integratie
- Een toenemend egoïsme
- Het losraken van bindingen met andere mensen en groepen
- Een toename van eenzaamheid
Je moet individualisering zien als een verruiming van de keuzemogelijkheden, een vermindering van
stabiliteit van bepaalde bindingen en meer nadruk op individuele autonomie.
Sociale cohesie: het aantal en de kwaliteit van de bindingen die mensen in een ruimer sociaal kader met
elkaar hebben, het gevoel een groep te zijn en samen iets te beleven, het gevoel lid te zijn van een
gemeenschap, de mate van verantwoordelijkheid voor elkaars lot, in het bijzonder elkaars welzijn, en de
mate waarin anderen daar ook een beroep op kunnen doen
De meeste mensen willen niet terug naar een samenleving waarin individualisering een minder grote rol
speelt.
P3
Institutionalisering: het proces waarbij een complex van waarden en min of meer geformaliseerde regels
vastgelegd wordt in standaard gedragspatronen, die het gedrag van mensen en hun onderlinge relaties
reguleren
Deze normen en waarden vinden mensen over het algemeen belangrijk en dus zullen zij zich eraan
houden. Het wordt vaak een onbewuste handelingspatroon.
We verwachten in principe van mensen dat zij zich zullen gedragen in overeenstemming met de rechten
en plichten die aan hun posities zijn toegekend.
Poldermodel: een model waarin door middel van overleg naar tussenoplossingen (compromissen) wordt
gezocht
De institutionalisering zorgt ervoor dat mensen in de werkelijkheid een betekenisvolle structuur en
samenhang ervaren. Het bepaalt ook voor een deel hun beeld van de werkelijkheid. In een proces van
institutionalisering ontstaan er vaak allerlei organisaties die zich richten op de standaardpatronen die
zich vormen.