• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 5 pages
Answers

Huiswerk ARW1 week 2

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 5 pages

Huiswerk ARW1 week 2

Content preview

Algemene rechtswetenschap 1 Debbie Jullens /
10.1
Huiswerk rechtsvorming – donderdag 13 september 2018

2.2 Vragen bij het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden

1. De structuur van het Koninkrijk der Nederlanden kan niet worden aangeduid
als ‘federaal’. Dit omdat het Koninkrijk lijkt een federale structuur te hebben,
maar een dergelijke kwalificatie is te eenzijdig. Dit omdat ieder land binnen
het Koninkrijk zijn eigen rechtsorde heeft. Wel is het zo dat er op grond van
art. 39 Statuut vastgelegde concordantiebeginsel gestreefd wordt naar een zo
groot mogelijke overeenkomst tussen privaatrecht en strafrecht van de
afzonderlijke landen. Daarom kun je zeggen dat het Koninkrijk een federale
structuur lijk te hebben, maar omdat ieder land zijn eigen rechtsorde heeft is
een dergelijke kwalificatie te eenzijdig.

2. a. De organen die bij de totstandkoming van deze wet betrokken zijn geweest
zijn: wij – Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje Naussau, enz. enz. enz. – de Raad van State van het Koninkrijk en de
Staten-Generaal. – De regering en de Staten-Generaal. Het wetsvoorstel wordt
gedaan door een ministerie, waarna de behandeling wordt gedaan door de
ministerraad. De Raad van State is het adviesorgaan en zij geven advies
omtrent het wetsvoorstel. Hierna wordt het wetsvoorstel in behandeling
genomen door de Staten-Generaal (Eerste en Tweede Kamer), de regering
(koning en ministers) zullen het uiteindelijke wetsvoorstel ondertekenen.

b. Deze wet is stond stand gekomen door attributie. Attributie is het scheppen
van wetgevende bevoegdheid en de toekenning van die bevoegdheid aan een
bepaald orgaan. In de Grondwet van 1983 kent aan de Regering en Staten-
Generaal tezamen de wetgevende bevoegdheid toe, art. 81 Gw. De Regering
en Staten-Generaal tezamen zijn betrokken bij de totstandkoming van deze
wet. Er is dus sprake van attributie zoals beschreven in art. 10:22 Awb.

3. Met het volgende argument zou kunnen worden verdedigd dat de
Nederlandse inwoners van de Caribische landen van het Koninkrijk zijn
uitgesloten van het kiesrecht voor de Staten-Generaal. Ten eerste maken de
Caribische eilanden geen onderdeel uit van de Europese Unie. Ten tweede is
het zo dat de dat de Staten-Generaal het gehele Nederlandse volk
vertegenwoordigd – art. 50 Gw. De leden van de Tweede Kamer worden
rechtstreeks gekozen. De Caribische eilanden maken geen deel uit van het
Nederlandse volk in Nederland, en zijn daarbij ook niet rechtstreeks
betrokken. Zij zijn wel Nederlandse inwoners, maar van de Caribische landen
en niet van Nederland. Dit zou een argument kunnen zijn waarmee kan
worden verdedigd dat de Nederlandse inwoners van de Caribische landen van
het Koninkrijk zijn uitgesloten van het kiesrecht.

4. 6. De Hoge Raad heeft de functie toebedeeld gekregen als cassatierechter in
Caribische zaken. Betreft zowel zaken uit Aruba, Curaçao en Sint Maarten, als
de zaken afkomstig uit de BES-eilanden.

, 2.3 Vragen bij verdeling van regelgevende bevoegdheden in Nederlanden

5. Attributie – Onder attributie wordt verstaan: Het scheppen van wetgevende
bevoegdheid en de toekenning van die bevoegdheid aan een bepaald
orgaan1. De Grondwet kent aan een aantal organen de wetgevende
bevoegdheid toe. Organen als de Regering en Staten-Generaal tezamen – art.
81 Gw. De Regering – art. 89 lid 1 Gw. De provinciale staten en de
gemeenteraad – art. 127 Gw. Besturen van de waterschappen – art. 133 lid 2
Gw. Besturen van openbare lichamen voor beroep en bedrijf – art. 134 lid 1
Gw. Deze organen zijn in ons staatsbestel door attributie bevoegd tot
wetgeving.
Delegatie – Onder delegatie wordt verstaan: Het overdragen van
wetgevende bevoegdheid van het ene orgaan aan het andere om nadere
regels over een bepaald onderwerp vast te stellen 2. Op het moment dat een
door attributie tot wetgeving bevoegd orgaan een ander (lager) orgaan
opdraagt om binnen het kader van een wettelijke regeling nadere regels vast
te stellen over een door het delegerende orgaan genoemd onderwerp, dan
kun je spreken van delegatie. Delegatie is in principe de overdracht van een
wetgevende bevoegdheid in het kader van een specifieke wettelijke regeling.
Subdelegatie – Subdelegatie houdt in dat een orgaan dat zijn wetgevende
bevoegdheid door delegatie heeft verkregen, die bevoegdheid op zijn beurt
weer overdraagt aan een ander orgaan. De bevoegdheid om te subdelegeren
moet in de delegerende wet zijn verleend aan de delegataris die wenst te
subdelegeren3. In de wet kun je dit zien aan ‘bij of krachten (..)’

6. a. Dit is geen wet is formele zin, omdat het een besluit betreft en niet
afkomstig is van de Regering en de Staten-Generaal tezamen. Wel betreft het
een Koninklijk besluit. Het is een besluit van de regering (koning en
ministers), en zo’n besluit is altijd een Koninklijk besluit. De inhoud van dit
besluit bestaat uit wetgeving zoals je kunt zien aan de artikelen in de
considerans, op het moment dat de inhoud van een besluit van de regering
wetgeving betreft, wordt het besluit een AMvB genoemd.

b. Het is een delegerende bevoegdheid. Delegatie van wetgevende
bevoegdheid komt vooral op het niveau van de centrale overheid (Regering
en Staten-Generaal) veel voor. Zij volstaan in een wet in formele zin vaak met
het regelen van hoofdzaken. De bijzaken, ofwel de nadere regels delegeren zij
dan aan de regering of aan een minister. De regering maakt dan een AMvB
zoals in dit geval.

7. a. Een wettelijke regel mag niet in strijd zijn met een hogere wettelijke
regeling (hoog boven laag). Op het moment dat lagere regelgeving in strijd is
met hogere regelgeving, dan heeft de hogere regel voorrang. De lagere regel
mist dan gelding of rechtskracht. Wel is het zo dat in art. 4 van de Wet AB
wordt bepaald dat de wet verbindt voor alleen het toekomende en heeft
geene terugwerkende kracht, echter geldt dit niet voor een wet in formele zin.
De formele wetgever kan op die manier aan zijn wetgeving terugwerkende
kracht verlenen. Nieuwe wetgeving gaat voor oude wetgeving.
b. Ja, de AMvB’s afkomstig van de regering is hogere regelgeving dan een
gemeentelijke verordening. Op het moment dat een gemeentelijke

1
Verheugt 2018, p. 74
2
Verheugt 2018, p. 74
3
Verheugt 2018, p. 78

Document information

Study
Uploaded on
March 5, 2019
Number of pages
5
Written in
2018/2019
Type
Answers
Person
Unknown
$4.03

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
2
Followers
2
Items
36
Last sold
7 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions