Sociologie een kennismaking
1.Algemeen
Logos: woord, leer, wetenschap, studie van
Socius: metgezel, partner, de samenleving
Sociologie bekijkt gedrag vanuit sociale relaties
2.Belang sociologie voor de gezondheidzorg
Het is belangrijk als goede zorgverlener dat de beheersing van het vak alleen niet voldoende is om
goed beroepsmatig te kunnen functioneren
Het is belangrijk dat we kennis hebben over de veranderen samenleving en gezondheidszorg
3. Waarom?
Meer aandacht geven aan sociale factoren
Naast biologische en psychologische factoren is er ook een impact van sociale factoren
Voorbeelden van sociale factoren: invloed van de sociale gradiënt van gezondheid sociale
economische status lage economische status vaker ziek
4. Gedrag wordt gestuurd vanuit sociale relaties
Via sociale Individueel gedrag
posities voorspellen
Via waarden en
In menselijk gedrag algemene patronen ontdekken partnerkeuze
Idee dat we ons leven bepalen loslaten aantal kinderen
De samenleving beïnvloedt al onze beslissingen en ervaringen
1
, 5.Definitie
= de wetenschappelijke bestudering van de interactie tussen personen en sociale eenheden,
en de factoren die de interactie bepalen en van de gevolgen daarvan op menselijk gedrag
1 wetenschap
Als sociologie een wetenschap is, betekent dat dat sociologische kennis méér moet zijn dan een stel
persoonlijke ervaringen
Ze moeten berusten op wetenschappelijk onderzoek en dat moet systematisch gebeuren
Een onderzoek moet objectief, controleerbaar en grootschalig gebeuren
2 interactie
Elk gedrag dat gericht is op / beïnvloedwordt door anderen.
- Sociaal handelen:
Bv: 1 iemand steekt over als het rood is, de rest gaat ookbeginnen oversteken
- Onvoorspelbaar, onbewust.
- Fysiek contact niet noodzakelijk.
Bv: Een blik die iemand je geeft
- Handelen tussen mensen onderling
- Op elkaar reageren
- Voortdurend beïnvloeden.
Verbale interactie:
- Sms, roddelen over iemand dan heb je onrechtstreeks interactie met de persoon
waarover je roddelt
Non-verbale interactie:
- Blikken, rugzak naast jou op de stoel leggen omdat je niet wilt dat er iemand komt
zitten, niet oversteken als je iemand anders ziet wachten aan een rood licht
3. gedrag
2
1.Algemeen
Logos: woord, leer, wetenschap, studie van
Socius: metgezel, partner, de samenleving
Sociologie bekijkt gedrag vanuit sociale relaties
2.Belang sociologie voor de gezondheidzorg
Het is belangrijk als goede zorgverlener dat de beheersing van het vak alleen niet voldoende is om
goed beroepsmatig te kunnen functioneren
Het is belangrijk dat we kennis hebben over de veranderen samenleving en gezondheidszorg
3. Waarom?
Meer aandacht geven aan sociale factoren
Naast biologische en psychologische factoren is er ook een impact van sociale factoren
Voorbeelden van sociale factoren: invloed van de sociale gradiënt van gezondheid sociale
economische status lage economische status vaker ziek
4. Gedrag wordt gestuurd vanuit sociale relaties
Via sociale Individueel gedrag
posities voorspellen
Via waarden en
In menselijk gedrag algemene patronen ontdekken partnerkeuze
Idee dat we ons leven bepalen loslaten aantal kinderen
De samenleving beïnvloedt al onze beslissingen en ervaringen
1
, 5.Definitie
= de wetenschappelijke bestudering van de interactie tussen personen en sociale eenheden,
en de factoren die de interactie bepalen en van de gevolgen daarvan op menselijk gedrag
1 wetenschap
Als sociologie een wetenschap is, betekent dat dat sociologische kennis méér moet zijn dan een stel
persoonlijke ervaringen
Ze moeten berusten op wetenschappelijk onderzoek en dat moet systematisch gebeuren
Een onderzoek moet objectief, controleerbaar en grootschalig gebeuren
2 interactie
Elk gedrag dat gericht is op / beïnvloedwordt door anderen.
- Sociaal handelen:
Bv: 1 iemand steekt over als het rood is, de rest gaat ookbeginnen oversteken
- Onvoorspelbaar, onbewust.
- Fysiek contact niet noodzakelijk.
Bv: Een blik die iemand je geeft
- Handelen tussen mensen onderling
- Op elkaar reageren
- Voortdurend beïnvloeden.
Verbale interactie:
- Sms, roddelen over iemand dan heb je onrechtstreeks interactie met de persoon
waarover je roddelt
Non-verbale interactie:
- Blikken, rugzak naast jou op de stoel leggen omdat je niet wilt dat er iemand komt
zitten, niet oversteken als je iemand anders ziet wachten aan een rood licht
3. gedrag
2