Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 37 pages
Summary

Samenvatting - ALLE stof voor Tussentoets Colleges 1-10 Product Software (INFOB3PS)

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 37 pages

Samenvatting met alle belangrijke stof voor de tussentoets van het vak Product Software. Extra belangrijke delen voor de toets zijn aangegeven.

Content preview

HC1 – Introductie

Productsoftware: een pakketconfiguratie van softwarecomponenten, of een op software
gebaseerde dienst met hulpmaterialen, die wordt vrijgegeven voor en verhandeld in een
specifieke markt.
Bv ERP software, operatie systemen, ziekenhuis informatie systeem, alle software die je
gebruikt in je dagelijkse leven.

Key differences
1. Marktintroductie vereist nauwkeurige synchronisatie van betrouwbare
software-engineeringactiviteiten.
2. Hetzelfde product vereist installatie en gebruik in verschillende organisaties, met
verschillende hardware- en softwareplatforms.
3. Het verkopende bedrijf blijft eigenaar van de software en hulpmaterialen terwijl het
gebruik in licentie wordt gegeven aan de klanten.

SaaS = Software as a Service. Een model waarbij softwaretoepassingen via internet worden
aangeleverd, dus als service. Hierbij zijn ook de licenties anders geregeld. Bv Microsoft
Office pakket, of google docs.


Gastcollege BOTS

Je moet iets waardevols bouwen om succesvol te kunnen worden.

Goed productmanagement: oplossen van problemen voor de klanten, customer contact,
testen van aannames, vaak releases.
Slecht productmanagement: bouwen features voor hun leidinggevenden, geen feedback
loops, gebaseerd op meningen, lang voordat er een nieuwe versie uitkomt.

BOTS: slim investeren mogelijk maken voor iedereen.

De uitdaging ligt hem vooral in de juiste software bouwen.

Niet aan klanten vragen wat ze willen hebben, maar erachter komen wat hun problemen
zijn.

, HC2 – Social Network Analysis

Observaties:
- Individuele bedrijven concurreren niet langer als afzonderlijke entiteiten, maar als
toeleveringsketens
- Dit geldt ook voor de software-industrie, waar softwareproducten en -diensten niet
langer monolithische systemen zijn die intern zijn ontwikkeld, maar bestaan uit
complexe hardware- en softwaresysteemfederaties
➔ Dit heeft er (ook) toe geleid dat softwareproductorganisaties (SPO's) hun activiteiten
en componenten hebben gecombineerd in netwerken, van waaruit zij eindgebruikers
geïntegreerde producten leveren.

De groei en complexiteit van netwerken maakt het lastiger voor de deelnemers om
geïnformeerde keuzes te maken over o.a. ontwikkelingsstrategie. Modellen zorgen ervoor
dat je kunt redeneren over o.a. productarchitectuurontwerp in deze netwerken.

Waarom modelleren?
• Netwerken moeten worden geanalyseerd om de strategie te bepalen.
• Deelnemers moeten expliciet worden gemaakt, om hun strategieën te bepalen
• Afhankelijkheden in netwerken zijn gelaagd en complex; modellering geeft inzicht
• Afhankelijkheden brengen risico met zich mee: modellen kunnen worden gebruikt
voor risicobeoordeling

Netwerken zijn patronen van relaties tussen individuelen, instituties of objecten (of laten
deze los).

Een sociaal netwerk bestaat uit een eindige reeks groepen sociale entiteiten (actoren) en de
relatie(s) die daarop is gedefinieerd.
Sociale netwerkanalyse (SNA) houdt zich bezig met het begrijpen van de verbanden
tussen sociale entiteiten en de implicaties van deze verbanden.
Een analyse kan het formaat van een netwerk, typen van actoren en/of connecties,
centralen actoren en de verbondenheid van een netwerk laten zien.
SNA is een krachtig hulpmiddel om samenwerking(patronen) te analyseren.

Sociale netwerken kunnen gerepresenteerd worden als grafen. Deze bestaan uit nodes en
links.

Links kunnen gericht en ongericht zijn

Links kunnen dichotoom of gewaardeerd zijn


Ongerichte links worden gebruikt wanneer het onmogelijk is dat er sprake is van
asymmetrie in een relatie; de relatie is inherent symmetrisch.
Gerichte links worden gebruikt wanneer er asymmetrie is in een relatie. Bv A geeft B geld.

Dichotome link: een link bestaat of bestaat niet. Bv je bent vrienden of niet (geen link).
Gewaardeerde link: links variëren in sterkte. Bv 1 vriend gemeenschappelijk of 3.

Hoe verbonden is een graaf?
- Compleet: alle mogelijke links bestaan
- Niet compleet, maar alle nodes zijn verbonden
- Niet verbonden

,Delen van een graaf
• Component: een verzameling van alle punten die een verbonden subgraaf binnen
een netwerk vormen.
• Main component: grootste component.
• Minor component: component dat kleiner is dan de main component; meerdere.
• Pendant: node met maar 1 link naar een netwerk
• Isolate: node die geen links heeft naar een netwerk




Mode: klasse van nodes in een netwerk. Een netwerk analyse gaat meestal over 1 mode.
Bv vriendschappen tussen een groep studenten zal worden weergegeven als een mode.
Wanneer een klasse van nodes in verband staan met een andere klasse van nodes moet je
twee mode grafen analyseren. Bv Mensen en organisaties in een tweemodinetwerk van de
anti-oorlogsbeweging.

Er kunnen ook meer dan twee modes zijn, bv mensen, organisaties en ideeën.

Nodes hebben een graad: de hoeveelheid links die het heeft.
Graad verdeling is een eigenschap van een netwerk als geheel: het aantal nodes van een
netwerk dat elk gradenniveau heeft. Bied een manier om de activiteit van nodes in een
netwerk samen te vatten en om netwerken met elkaar te vergelijken.




Ingraad en uitgraad alleen voor gerichte grafen.
Ingraad: het aantal links dat een node ontvangt.
Uitgraad: het aantal links dat een node uitzendt.

Een pad is een route van de ene node naar de andere.
Lengte = aantal stappen in een pad. Geodesic pad: kortste pad van de ene naar de
andere.

Dichtheid is een eigenschap van een netwerk: het is het algemene niveau van linking in
het netwerk.
Dichtheid = aantal lijnen / aantal lijnen in een complete graaf
Dichtheid in een complete graaf = ( n * ( n – 1 ) ) / 2, waarbij n het aantal nodes is.
Dit kan iets vertellen over de aanwezigheid van alternatieven.

, Centrality is een maat voor de prominentie van een node tov anderen. Kan berekend
worden op verschillende manieren:
- Graad berekent een waarde die evenredig is aan het aantal andere knooppunten
waarmee een node gelikt is: Aantal verbindingen / ( n -1 )
- Closeness berekent de som van geodetische afstanden (kortste paden) naar alle
andere punten in de grafiek, delen met ( n - 1), en vervolgens omkeren.
- Betweenness berekent de mate waarin een bepaald punt 'tussen' andere punten in
de grafiek ligt; Op hoeveel kortste paden (geodesics) bevindt het zich?
Centralization verwijst naar de algehele samenhang of integratie van een grafiek; het is
een eigenschap van de grafiek als geheel.

Centrality en centralization zijn belangrijke concepten in een graaf omdat:
• Ze toegang aangeven tot informatie en ideeën in het netwerk
• Interactie tussen leden van het netwerk aantonen, of juist niet
• Controle van de stroom van informatie, bronnen en andere netwerkinhoud
• Zichtbaarheid voor andere netwerkleden illustreren
• Vermogen om gezamenlijk in het netwerk op te treden

Netwerken zijn vaak gerepresenteerd als matrixen, bv een adjacency matrix: 1 = link
aanwezig, 0 = link niet aanwezig.
Als matrixen symmetrisch zijn kunnen ze alleen door de bovenste of onderste driehoek
worden weergegeven.

- De netwerken zelf verschillen niet, ons vermogen om informatie over deze te
verzamelen wel.
- Netwerken hebben zelf geen grenzen, deze zijn vormgegeven door de researcher die
een bepaald onderzoeksdoel voor ogen heeft.
- Je moet een theorie ontwikkelen over waarom en hoe netwerken in jouw geval van
belang zijn, omdat het makkelijk is om te ‘verdwalen’ in alle data.
o Als hogere graden uitmaken, waarom is dat zo?
o Als centrality helpt, waarom is dat zo?
o Als centrality niet helpt, waarom is dat zo?

Modellerings- en analysetechnieken voor het analyseren van een netwerk in het algemeen
wordt ook wel sociale netwerkanalyse (SNA) genoemd. Kan zich specialiseren door
technieken te ontwerpen en te gebruiken die specifiek bedoeld zijn voor SPO’s: SSN & PDC.
Belangrijk voor tentamen!

PDC, Product Deployment Context: beschrijft de context waarin een softwareproduct
opereert, en de software en hardwareproducten en softwarediensten die nodig zijn om het
softwareproduct te leveren.
➔ Om snel een overzicht te geven van de architectuur en afhankelijkheden van een
softwareproduct in de actieve omgeving.

SSN, Software Supply Network: geeft alle deelnemers in een netwerk weer en de
verbindingen ertussen, en de stromen die het type product dat wordt verhandeld tussen de
connecties beschrijven. Deelnemers zijn elke partij die stromen van een andere deelnemer
in het netwerk levert.
➔ Om afhankelijkheden en stromen tussen organisaties weer te geven.

Document information

Study
Uploaded on
January 30, 2024
Number of pages
37
Written in
2023/2024
Type
Summary
$4.77

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
niniiii
3.0
(1)
Sold
30
Followers
9
Items
8
Last sold
2 months ago


Reviews from verified buyers




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions