DIDACTIEK 1.2: DEEL
KLASBEHEER
WAT IS GOED KLASMANAGEMENT?
= klasbeheer = de maatregelen die een leerkracht neemt om een klimaat te scheppen waarin lln.
met succes kunnen leren en werken (meer dan orde houden). De agogische en organisatorische
inzichten en VH die je als lkr. nodig hebt in de klas. Ook nood aan kennis over executieve functies
spelen een belangrijke rol in het gedrag van de lln.
EXECUTIEVE FUNCTIES
https://www.youtube.com/watch?v=mzAAylTOybU
= Executieve functies zijn al die regelfuncties van de hersenen die essentieel zijn voor het realiseren
van doelgericht en aangepast gedrag.
Botsen op storend gedrag willen de lln. zich wel anders gedragen? Vraag jezelf af: “Waar komt
dat gedrag vandaan?”
Doel van EF-interventies = gedragsverandering.
3 Kern-EF:
- Werkgeheugen vb. instructies telkens weer vergeten
- Impulscontrole (inhibitie) vb. steeds op smartphone kijken, antwoorden roepen.
- Cognitieve flexibiliteit vb. spelen in de klas, niet terug in werkmodus komen na speeltijd.
EF-steun aanbieden in de klas:
- Emotionele steun warm en positief klimaat waarin lln. durven experimenteren en
ontdekken, leren omgaan met stress (als het fout loopt kan ik bij de leraar terecht)
- Instructionele steun juiste vraag stellen, voldoende ondersteuning bieden met de juiste
instructies maakt lln. zelfstandiger en versterkt hun probleemoplossende VH.
- Organisationele steun storend lawaai in de kiem smoren, duidelijke planning, precies
aangeven wat je vd lln. verwacht kunnen hun aandacht en EF volledig op de taak richten.
Dus nood aan goed klasklimaat, hele duidelijke instructies, goed georganiseerde klas.
WAAROM KLASBEHEER?
1. Voorkomt ordeproblemen.
2. Verhoogt betrokkenheid vd lln.
3. Verhoogt de effectieve leertijd.
4. Bevordert de leerprestaties vd lln.
BASISELEMENTEN VAN EEN EFFICIËNT KLASBEHEER:
Doeltreffend klasbeheer is gericht op preventie door:
Pagina 1 van 10
, 1) Basiselement 1: maatregelen en schikkingen rond duidelijkheid.
2) Basiselement 2: maatregelen en schikkingen rond tempo.
3) Basiselement 3: maatregelen en schikkingen rond controle.
4) Basiselement 4: maatregelen en schikkingen rond motivatie.
BASISELEMENT 1: MAATREGELEN EN SCHIKKINGEN ROND DUIDELIJKHEID.
1) Duidelijke opdrachten en instructies.
2) Duidelijke afspraken en regels.
3) Duidelijke gezagsverhoudingen.
4) Didactische duidelijkheid.
1. DUIDELIJKE OPDRACHTEN EN INSTRUCTIES.
Instructie = uitvoerige toelichting betreffende activiteiten die vd lln. verwacht wordt
Taakpresentaties steeds systematisch en gestructureerd opbouwen, evt. ondersteunen door demo.
TIPS:
- Het moet stil zijn voor je begint.
- Hou het kort en bondig, maar volledig.
- Controleer of de opdracht werd begrepen, let hierbij ook op lichaamstaal.
- Laat niet beginnen voor de instructie is afgewerkt.
- Ondersteun je instructies met beeld (link concreet-aanschouwelijk werken)
2. DUIDELIJKE AFSPRAKEN EN REGELS.
Kinderen hebben nood aan structuur, afspraken, grenzen zorgen voor veiligheid, ontwikkeling en
respect. Als grenzen wegvallen wordt een kind onzeker, onveilig en bang. Afzetten tegen regels hoort
ook bij het groeiproces. Als een kind niet weet wat gewenst en ongewenst gedrag is, raakt het
respect kwijt voor de opvoeders.
Verschillende grenzen en regels: thuis, bij oma, verkeer, leerkrachten… Er zijn grenzen van gisteren
en van vandaag. Er zijn schoolregels en klasregels. De lln. moet hiermee leren omgaan.
Regels worden door een schoolteam opgesteld, in overleg met de ouders, en aan de lln. voorgelegd.
Afspraken worden met de lln. gemaakt.
VERSCHILLENDE SOORTEN REGELS:
- Schoolregels:
Gelden voor de hele school en staan in het schoolreglement.
Vb.: niet spelen in de toiletten, tijdens de L.O.-lessen draagt iedereen sportkledij, niet pesten
op de speelplaats.
- Klasregels:
Gelden binnen een bepaalde klasgroep.
Vb.: vinger opsteken om iets te vragen/zeggen., zacht praten tijdens de les beeldopvoeding.
- Persoonlijke regels:
Pagina 2 van 10
KLASBEHEER
WAT IS GOED KLASMANAGEMENT?
= klasbeheer = de maatregelen die een leerkracht neemt om een klimaat te scheppen waarin lln.
met succes kunnen leren en werken (meer dan orde houden). De agogische en organisatorische
inzichten en VH die je als lkr. nodig hebt in de klas. Ook nood aan kennis over executieve functies
spelen een belangrijke rol in het gedrag van de lln.
EXECUTIEVE FUNCTIES
https://www.youtube.com/watch?v=mzAAylTOybU
= Executieve functies zijn al die regelfuncties van de hersenen die essentieel zijn voor het realiseren
van doelgericht en aangepast gedrag.
Botsen op storend gedrag willen de lln. zich wel anders gedragen? Vraag jezelf af: “Waar komt
dat gedrag vandaan?”
Doel van EF-interventies = gedragsverandering.
3 Kern-EF:
- Werkgeheugen vb. instructies telkens weer vergeten
- Impulscontrole (inhibitie) vb. steeds op smartphone kijken, antwoorden roepen.
- Cognitieve flexibiliteit vb. spelen in de klas, niet terug in werkmodus komen na speeltijd.
EF-steun aanbieden in de klas:
- Emotionele steun warm en positief klimaat waarin lln. durven experimenteren en
ontdekken, leren omgaan met stress (als het fout loopt kan ik bij de leraar terecht)
- Instructionele steun juiste vraag stellen, voldoende ondersteuning bieden met de juiste
instructies maakt lln. zelfstandiger en versterkt hun probleemoplossende VH.
- Organisationele steun storend lawaai in de kiem smoren, duidelijke planning, precies
aangeven wat je vd lln. verwacht kunnen hun aandacht en EF volledig op de taak richten.
Dus nood aan goed klasklimaat, hele duidelijke instructies, goed georganiseerde klas.
WAAROM KLASBEHEER?
1. Voorkomt ordeproblemen.
2. Verhoogt betrokkenheid vd lln.
3. Verhoogt de effectieve leertijd.
4. Bevordert de leerprestaties vd lln.
BASISELEMENTEN VAN EEN EFFICIËNT KLASBEHEER:
Doeltreffend klasbeheer is gericht op preventie door:
Pagina 1 van 10
, 1) Basiselement 1: maatregelen en schikkingen rond duidelijkheid.
2) Basiselement 2: maatregelen en schikkingen rond tempo.
3) Basiselement 3: maatregelen en schikkingen rond controle.
4) Basiselement 4: maatregelen en schikkingen rond motivatie.
BASISELEMENT 1: MAATREGELEN EN SCHIKKINGEN ROND DUIDELIJKHEID.
1) Duidelijke opdrachten en instructies.
2) Duidelijke afspraken en regels.
3) Duidelijke gezagsverhoudingen.
4) Didactische duidelijkheid.
1. DUIDELIJKE OPDRACHTEN EN INSTRUCTIES.
Instructie = uitvoerige toelichting betreffende activiteiten die vd lln. verwacht wordt
Taakpresentaties steeds systematisch en gestructureerd opbouwen, evt. ondersteunen door demo.
TIPS:
- Het moet stil zijn voor je begint.
- Hou het kort en bondig, maar volledig.
- Controleer of de opdracht werd begrepen, let hierbij ook op lichaamstaal.
- Laat niet beginnen voor de instructie is afgewerkt.
- Ondersteun je instructies met beeld (link concreet-aanschouwelijk werken)
2. DUIDELIJKE AFSPRAKEN EN REGELS.
Kinderen hebben nood aan structuur, afspraken, grenzen zorgen voor veiligheid, ontwikkeling en
respect. Als grenzen wegvallen wordt een kind onzeker, onveilig en bang. Afzetten tegen regels hoort
ook bij het groeiproces. Als een kind niet weet wat gewenst en ongewenst gedrag is, raakt het
respect kwijt voor de opvoeders.
Verschillende grenzen en regels: thuis, bij oma, verkeer, leerkrachten… Er zijn grenzen van gisteren
en van vandaag. Er zijn schoolregels en klasregels. De lln. moet hiermee leren omgaan.
Regels worden door een schoolteam opgesteld, in overleg met de ouders, en aan de lln. voorgelegd.
Afspraken worden met de lln. gemaakt.
VERSCHILLENDE SOORTEN REGELS:
- Schoolregels:
Gelden voor de hele school en staan in het schoolreglement.
Vb.: niet spelen in de toiletten, tijdens de L.O.-lessen draagt iedereen sportkledij, niet pesten
op de speelplaats.
- Klasregels:
Gelden binnen een bepaalde klasgroep.
Vb.: vinger opsteken om iets te vragen/zeggen., zacht praten tijdens de les beeldopvoeding.
- Persoonlijke regels:
Pagina 2 van 10