Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 26 pages
Summary

Samenvatting Humane Levenscyclus 1 - Deeltentamen 1

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 26 pages

Samenvatting van het eerste Deeltentamen Humane levenscyclus 1. Uitgebreide stof van alle hoorcolleges. Zelf een 7,5 gehaald!!

Content preview

Humane levenscyclus 1
Elk organisme bestaat uit een grote gemeenschap van samenwerkende cellen. Op basis van erfelijke
informatie uit de celkern worden eiwitten gevormd die deze samenwerking mogelijk maken. Er
bestaat tussen de 200 en 400 verschillende celtypen in het menselijk lichaam. Intracellulair
interacteert met extracellulair. Een cel bestaat uit verschillende onderdelen waaronder:
• Celkern (nucleus): DNA, erfelijke informatie
• Endoplasmatisch reticulum
o Ruw: Eiwit aanmaak en transport naar het Golgiapparaat
o Glad: Transport naar Golgiapparaat, synthese fosfolipide, steroïde en ontgiftiging
• Golgiapparaat: Eiwitten ombouwen, opslaan en inpakken in blaasjes voor transport
• Lysosoom: Blaasjes die de afbraakproducten verteren zodat ze hergebruikt en veilig
uitscheidt
• Mitochondriën: Energie centralen; citroenzuurcyclus
• Kernlichaampje (nucleolus): bevat DNA voor aanmaak van ribosomen voor translatie (rRNA =
ribosomaal RNA)
• Cytoskelet: cel stevigheid door polymeren van eiwitten in het cytoplasma  vorm en
bewegelijkheid

1 bevruchte eicel  Heel organisme
• Vormbepaling: Morofologische embryonale ontwikkeling = Hoe een bevruchte eicel zich tot
een embryo met daarin alle orgaanstelsels en functies ontwikkeld
o Celdeling (proliferatie)
o Celbeweging (migratie)
o Celtype bepaling (specificatie en differentiatie)
• Aansturing/signalering: Moleculaire embryonale ontwikkeling = Hoe signalen worden
verzonden en geïnterpreteerd zodat cellen weten wat ze moeten doen/worden
o Wat zijn signaalstoffen?
o Hoe worden ze aangemaakt en afgegeven?
o Hoe geven ze informatie door?
o Hoe komt het dat cellen anders van elkaar worden (differentiëren)?
Signaalstoffen
• Eiwitten (veel functies zoals: bouwstenen voor celstructuren, katalyseren van reacties,
regulatie van genexpressie, cel-beweging en cel-communicatie)
o DNA codeert voor eiwitten

Chromosoom = Eén dubbelstrengs DNA molecuul (46 in een diploïde humane cel)
Genoom
• Totaal aan chromosomen per celkern
• Genoom van een individu is in alle cellen exact hetzelfde. De genomen van verschillende
individuen bevatten dezelfde genen maar de genomen van verschillende individuen kunnen
wel op meer dan 10 miljoen plaatsen van elkaar verschillen. 1,5% van het humane genoom
codeert voor eiwitten. De rest zorgt ervoor dat genen op de juiste plaats en tijd aanstaan,
nodig om eiwitproductie goed te laten werken.
• Genoomgrootte (hoeveel base paren) en aantal chromosomen  zwakke relatie met
complexiteit organisme
• Aantal genen wel sterke relatie met complexiteit

1

,Nucleotide – DNA – chromosoom – genoom

Nucleotide
• Basen
o Pyrimide (1 ring)
▪ Thymine, Cytosine, Uracil  C U T
o Purine ( 2 ringen)
▪ Guanine, Adenine  G A
o G – C  3 waterstofbruggen
o A – T/U  2 waterstofbruggen
• Fosfaat
o Aan 5’ kant van de ribose
o 3 fosfaatgroepen = ATP, 2 fosfaatgroepen = ADP, 1 fosfaatgroep = AMP
• Suiker – Ribose of deoxyribose
o 5 C atomen = pentose
o Ribose = OH groep  RNA (ribonucleic acid)
o Deoxyribose = H groep  DNA (deoxyribonucleic acid)
• Base + Suiker = NuceloSide
• Base + Suiker + Fosfaat = NucleoTide
• Nucleotide aan elkaar binden d.m.v. fossfordiester binding ( sterke covalente binding tussen
een fosfaatgroep en een alcohol, OH)
• Nucleotiden veel functies
o Ze dragen energie in hun makkelijk te hydrolyseren fosfaatbindingen (ATP)
o Ze combineren met andere groepen om co-enzymen te vormen (coenzym A (CoA))
o Ze worden gebruikt als signaal moleculen (cyclic AMP)
DNA
• Drager van erfelijke informatie van generatie op generatie
• Bevat genen die coderen voor de aanmaak van eiwitten
• Polymeer opgebouwd uit nucleotiden bestaande uit deoxyribose (suiker), fosfaatgroepen
(samen: de leuning) en stikstofbasen (treden)
• Dubbelstrengs & antiparralel; complementaire stikstofbasen vormen paren
• Polariteit: twee chemisch verschillende uiteinde: Aan de 5’ kant een fosfaatgroep en aan de
3’ kant een OH groep
• Coderende richting: 5’3’

Chromosomen
• Het totale genoom bevat 6 miljard baseparen. In uitgestrekte vorm zou dit 2 meter dunne
draad zijn. Om in de celkern te passen moet het DNA dus opgevouwen worden.
• Ingepakt in 46 chromosomen (bij bacteriën anders)
o Humane cellen bevatten 22 chromosomenparen; waarvan 1 van de moeder en 1 van
de vader. Een paar = homologous chromosomes
▪ Geen homologous chromosomes zijn de X en de Y chromosomen
o Alle 46 chromosomen weergegeven = karyotype
• Belangrijkste functie: het dragen van genen
o Gen = een deel van het DNA dat de codeert voor een eiwit
• Moet zich kunnen verdubbelen  cel cyclus

2

, • DNA sequenties
o Replication orgin; start van de replicatie
o Telomeer; sequentie aan het eind van het chromosoom  herhalende nucleotide
• Bevatten een Cap aan het eind  om te voorkomen dat het door de cel wordt gezien als een
kapot DNA molecuul
• Bevat vlak voor mitose een centromeer: houdt de chromatide bij elkaar en is het punt om ze
tijdens mitose uit elkaar te trekken
• Lange (q) en korte (p) arm
• Diploïd (2 chromosomen per paar, in lichaamscellen) & Haploïd (1 chromosoom per paar, in
voortplantingscellen)

Chromatine
• Totaal aan DNA met daarbij eiwitten, met namen histonen maar ook andere eiwitten die
invloed hebben op de gen expressie, DNA replicatie en herstel
o Heterochromatine; erg compact  transcriptie onderdrukt
▪ Centromeer en telomeren
▪ Kan delen van het gen uitschakelen door compact op gewikkeld te zijn ( X
chromosoom)
▪ Als delen van de chromatine heterochromatin zijn worden deze overgeërfd
• Dochtercel bevat helft van de histonen die gemodificeerd waren
door bv metylgroepen en de helft nieuw geproduceerde histonen.
Deze nieuwe histonen kunnen gemodificeerde histonen herkennen
en dezelfde modificatie krijgen  de mogelijkheid deze chromatine
structuur te erven helpt genen te herinneren welke genen actief
waren = epigenetic inthertiance (het is erfelijk bovenop de
genetische erfelijkheid van het DNA)




o Eurchromatine; minder compact  transcriptie actief
Chromatide
• Helft van een verdubbeld chromosoom na replicatie en voor deling

Opvouwing genoom  Histonen
• Functie: Garanderen van juiste replicatie en vervolgens verdeling over de twee dochtercellen
na de celdeling + toegang behouden voor reparatie en transcriptie enzymen
• Opvouwing tot nucleosoom




3

Document information

Study
Uploaded on
February 6, 2018
Number of pages
26
Written in
2017/2018
Type
Summary
$4.72

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
DYH
3.7
(28)
Sold
87
Followers
57
Items
11
Last sold
2 year ago

Reviews from verified buyers

7 year ago

There are not many things about the chapters of the book, which is also seen as a substance you need to know




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions