Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Farmacologie 3e bachelor farmaceutische wetenschappen

Rating
3.0
(1)
Sold
3
Pages
212
Uploaded on
06-11-2023
Written in
2022/2023

Volledige en uitgebreide samenvatting van de cursus Farmacologie van Prof. Minne Casteels, Hugo Vankelecom en Chris Ulens. Notities van slides van andere proffen ook inbegrepen. Aangevuld met eigen notities. Zeer goede punten behaald (18/20)

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

Deel 2: Transmissie in het perifeer en autonoom ZS
1. Cholinerge transmissie
1.1 Anatomie
in het perifeer ZS komt ACh voor als NT in:
- autonoom ZS
- parasympathisch ZS: ganglia en alle neuro-effectorjuncties
- orthosympathisch ZS: ganglia en enkele neuro-effectorjuncties (bv
zweetklieren)
- enterisch ZS
- neuromusculaire junctie van het motorisch ZS

1.2 Synthese, vrijzetting en afbraak van acetylcholine
1. aanmaak in cytoplasma vh zenuwuiteinde
2. acetylatie choline: acetyl van acetyl-CoA naar choline oiv CAT
3. ACh opgeslagen in secretiegranulen
4. vrijgezet in synaps door exocytose bij depolarisatie
5. stimulatie postsynaptische receptoren
6. werking w beïndigd door hydrolyse tot choline oiv cholinesterase
7. heropname choline door actief transport in presynaptisch zenuwuiteinde

1.3 Receptoren
Nicotinereceptoren
lokalisatie
- postsynaptische cellichamen in ortho- en parasympathische ganglia
- chromaffiene cellen vh bijniermerg
- neuromusculaire junctie
- CZS

transductiemechtanisme
- opening van een direct-receptor-gekoppeld kationenkanaal → zeer snelle
depolarisatie
- moet terug verwijderd worden uit synaps anders desensitisatie
→ door AChE: splitst Ach in acetaat en choline

Muscarinereceptoren
zie schema p5

1.4 Activatie van cholinerge transmissie
→ door toediening receptoragonisten
→ door afbraak van endogeen acetylcholine te inhiberen door cholinesterase-
inhibitoren →
conc ACh thv neuro-effectorjunctie stijgt

Farmacologische effecten
Farmacologische effecten gemedieerd door muscarinereceptoren
1. oog
- contractie van m. constrictor pupillae (M3) verwekt miosis


1

, - contractie van m. ciliaris (L3) : accomodatie om dicht te zien
2. speekselklieren
- secretie stijgt (M3)
3. Neusslijmvlies (nasofarynxklieren) en traanklieren
- secretie stijgt (M3)
4. longen
- secretie stijgt
- bronchoconstrictie M3
5. hart
- sinusknoop: - F daalt M2
- atriale spier: contractiekracht daalt
- AV-knoop: negatief dromotroop effect M2 en evtl AV-block
6. gastrointestinaal
- secretie van maag (zuur M3) en darmen (M3) stijgt
- motiliteit stijgt M3
- relaxatie vd sfincters: reeds bij normale dosis krampen en diarree
7. blaas
- contractie fundusspier M3
- relaxatie sfincter M3
8. genitaal
- erectie
9. bloedvaten
- sommige bloedvaten vd huid en de skeletspieren ondergaan lichte
vasodilatatie owv vrijzetting NO uit endotheelcellen
- NO relaxeert GSC
10. CZS
- aanwezigheid van effect hangt af vd doorgankelijkheid doorheen BBB

Farmacologische effecten gemedieerd door nicotinereceptoren
- ganglia van het AZS
- wisselende para- en orthosympathische effecten
- thv CV stelsel overheersen orthosympathische effecten (tachycardie en
vasoconstrictie met stijgende BD)
- hogere dosering verwekt depolarisatieblok → BD val, shock en
spierverlamming

- Neuromusculaire junctie
- normale dosering: geen effect bij normale personen maar verhoging vd
spierkracht bij patiënten met myasthenia gravis
- hogere dosering: spierfasciculaties of spiertrekkingen
- zeer hoge dosering: depolarisatieblok met slappe spierverlamming (=
cholinerge crisis)

Stoffen en hun klinische indicaties
Muscarinereceptoragonisten
→ geen die selectiviteit vertonen voor M1 M2 of M-subtypes
→ sommige activeren ook nicotinereceptoren



2

,Acetylcholine:
- korte plasma t1/2
- afgebroken in het plasma door aspecifieke esterasen (pseudocholinesterasen)
- langs algemene weg niet gebruikt
- lokaal gebruçik in oogheelkunde: inductie miosis tijdens operaties

Pilocarpine:
- specifieke muscarinereceptoragonist
- minder gemakkelijk afgebroken dus langere werkingsduur
- tertiair amine en gaat door BBB → centrale effecten
- lokaal in het oog als mioticum
- alternatieve indicatie: monddroogte door onvoldoende speekselsecretie →
per os

Carbachol:
- derivaat van ACh met muscarine- en nicotinereceptoragonistische werking
- minder snel afgebroken dan ACh
- enkel peroperatief lokaal gebruik in oog als mioticum

Betanechol:
- derivaat van ACh maar meer specifiek voor muscarinereceptoren
- bij postoperatieve urineretentie of blaasatonie bij neurologische aandoeningen

Varenicline:
- partiële agonist vd nicotinereceptor

Nicotinereceptoragonisten, rookstop en e-cigarettes
nicotine
- is sociaal aanvaarde drug in tabak
- zeer giftig
- intoxicaties bij kinderen

poging tot rookstop:
- nicotine-substitutie
- bupropion (contraindicaties epilepsie en associatie met MAO inhibitor)
- varenicline (niet meer beschikbaar): partiële agonist vd neuronale nicotine receptor

Cholinesteraseremmers: neostigmine, pyridostigmine en fysostigmine
- inhiberen afbraak van ACh → conc stijgt met theoretisch een effect thv alle
synapsen en effectorjuncties waar ACh een NT is
- normale doses: ChE-remmers dringen weinig door in de ganglia → weinig
ganglionstimulerende effecten
- afhankelijk vd indicatie: geladen quaternaire of ongeladen tertiaire aminederivaten

Werkingsmechanisme AChE: 3 stappen:
1. binding ACh aan het enzym via de anionische plaats



3

, 2. ACh wordt gehydolyseerd door de esteraseplaats en het enzym wordt geacetyleerd
op de OH groep van een serine
3. hydrolyse van het acetyl-enzym (spontaan en heel snel)
→ ChE-remmers treden in competitie met ACh op de anionische- en/of de
esterase-plaats
→ ACh wordt minder snel afgebroken en conc stijgt in de synaptische ruimte
→ 2 soorten cholinesterase remmers:
1. reversibele: inhiberen enzym op reversibele wijze en werken minuten-uren
2. irreversibele: inactiveren enzym op irreversibele wijze, werken dagen-weken want
nieuw enzym moet aangemaakt worden en aanmaakproces is traag

Reversibele cholinesterase remmers werken volgens verschillende mechanismen:
1. treden alleen in competitie door binding aan anionische plaats
→ quaternaire N groep bindt anionische site
→ werkingsduur is kort
→ t1/2 is enkele minuten

2. binden thv de anionische plaats en interageren thv esterase-plaats
→ dragen een carbamyhlester dat in eerste stap gesplitst wordt door
esterase
→ bv neostigmine, pyridostigmine
→ in tweede stap wordt enzym gecarbamylerd op de OH vh serine en
nadien
opnieuw gehydrolyseerd
→ hydrolysesnelheid vh carbamylenzym is 10^6 keer trager dan die van
acetylenzym
→ trage maar spontane hydrolyse
→ esteraseplaats blijft lang bezet door carbamylgroep → enzymatische
activiteit
langdurig uitgeschakeld

3. fysostigmine = tertiair amine en bindt niet aan de anionische site
→ bevat carbamylester en werkt dus zoals neostigmine door
carbamylering vd
esteraseplaats

Irreversibele cholinesteraseremmers
- vooral organofosforverbindingen die enzym op esteraseplaats fosforyleren
- fosforylering is irreversibel → werken dagen tot weken
- nieuw enzym moet aangemaakt worden = traag
- meerdere van deze stoffen dringen door de BBB
- komen voor in insecticiden bv parathion en in neurotoxische oorlogsgassen bv sarin
- kunnen levensbedreigende intoxicaties verwekken

intoxicatie kan dodelijk zijn → verstikking door
- bronchospasme en bronchiale hypersecretie
- paralyse vd ademhalingsspieren



4

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
November 6, 2023
Number of pages
212
Written in
2022/2023
Type
SUMMARY

Subjects

$36.43
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
2 year ago

3.0

1 reviews

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
lieketh87 Katholieke Universiteit Leuven
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
23
Member since
2 year
Number of followers
10
Documents
9
Last sold
2 months ago

3.5

2 reviews

5
0
4
1
3
1
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions