Neuropsychologische ontwikkeling, T1
NEUROPSYCHOLOGISCHE ONTWIKKELING 1+2 15 SEPT 2017
De hersenkwabben:
- Frontale kwab = voorkant
- Pariëtale kwab = zijkant
- Temporale kwab = bij je slapen
- Occipitale kwab = achterkant
- Nagel- en haargroei wordt niet aangestuurd door je hersenen
- Verder hebben de hersenen een inwaartse en uitwaartse stroom
• Inwaarts is alle informatie die je van buitenaf (omgeving) verwerkt
• Uitwaarts is de aansturing van binnenuit; alles wat je doet
- Neuroplasticiteit
• Je hersenen passen zich steeds aan, op basis van de verkregen informatie van buitenaf (onbewust)
• Je hersenen passen zich ook aan naar mate hoeveel jij oefent e.d. (bewust)
- Het brein weet niet wanneer iets goed of fout is.
Het brein is opgebouwd uit hersencellen (grijze stof).
Als je iets nieuws leert, worden er verbindingen gelegd tussen verschillende hersencellen. De hersencellen krijgen
uitlopers en verbinden zich met elkaar (synapsen) en geven informatie over en weer door neurotransmitters (bv.
dopamine, serotonine, adrenaline). Als je iets veel doet, wordt de verbinding tussen de hersencellen steeds
krachtiger en sterker gemaakt. Als het brein merkt dat deze verbinding dus ‘belangrijk’ is, gaat hij deze
beschermen. Er komt een dikke laag over de uitloper heen (myeline = witte stof). Hierdoor loopt de geleiding ook
sneller.
Dit proces, wel en niet beschermen van bepaalde verbindingen, is constant in beweging. Als je heel lang een
verbinding niet hebt gebruikt (10 jaar lang niet gefietst) kan de sterke verbinding zwakker zijn geworden, maar niet
verdwijnen (je kan nog fietsen, maar minder goed dan eerst).
Om paden en verbindingen in je brein te stimuleren kun je dit eerst visualiseren, zo worden de verbindingen extra
geprikkeld.
1
NEUROPSYCHOLOGISCHE ONTWIKKELING 1+2 15 SEPT 2017
De hersenkwabben:
- Frontale kwab = voorkant
- Pariëtale kwab = zijkant
- Temporale kwab = bij je slapen
- Occipitale kwab = achterkant
- Nagel- en haargroei wordt niet aangestuurd door je hersenen
- Verder hebben de hersenen een inwaartse en uitwaartse stroom
• Inwaarts is alle informatie die je van buitenaf (omgeving) verwerkt
• Uitwaarts is de aansturing van binnenuit; alles wat je doet
- Neuroplasticiteit
• Je hersenen passen zich steeds aan, op basis van de verkregen informatie van buitenaf (onbewust)
• Je hersenen passen zich ook aan naar mate hoeveel jij oefent e.d. (bewust)
- Het brein weet niet wanneer iets goed of fout is.
Het brein is opgebouwd uit hersencellen (grijze stof).
Als je iets nieuws leert, worden er verbindingen gelegd tussen verschillende hersencellen. De hersencellen krijgen
uitlopers en verbinden zich met elkaar (synapsen) en geven informatie over en weer door neurotransmitters (bv.
dopamine, serotonine, adrenaline). Als je iets veel doet, wordt de verbinding tussen de hersencellen steeds
krachtiger en sterker gemaakt. Als het brein merkt dat deze verbinding dus ‘belangrijk’ is, gaat hij deze
beschermen. Er komt een dikke laag over de uitloper heen (myeline = witte stof). Hierdoor loopt de geleiding ook
sneller.
Dit proces, wel en niet beschermen van bepaalde verbindingen, is constant in beweging. Als je heel lang een
verbinding niet hebt gebruikt (10 jaar lang niet gefietst) kan de sterke verbinding zwakker zijn geworden, maar niet
verdwijnen (je kan nog fietsen, maar minder goed dan eerst).
Om paden en verbindingen in je brein te stimuleren kun je dit eerst visualiseren, zo worden de verbindingen extra
geprikkeld.
1