h s s e i n s h e i d i
i
s n
3
g 9 i t n
a w i s
e u
9
3.2
longuentilatie
longventilatie de lucht in de
longen worden woortdurend ververst
-
borstholte
L elke (
long heeft twee vliezen
pleura)
b hat
longulies is met de
long vergroeid
le het borstulies is met de ribben binnerste tussenribben middenrif
en het
vergrocid
,
bs interpleurale ruimte tussen devliezen s dunne
laaguleistofs houd devliezen bij elkaar
La voorkomen
scheurtjes
ademmaling
L (
ribadembaling haling ribben en borstbeen
bewegen
):
borstadem
l midden rie
ademnaling sbuikadembaling middenrif beweegh
?:
Grustig
La imademing
:
G buitenste tussen ribspier trekt ribben en borst been naar voren
comhoog
Ls middenrifspieren platter middenrif
d
luchtdrak dan buitenlucht lucht binnen
volumevergroting a in
longen lager van naar
.
U
uitademing
:
L volume kleiner slucht naarbuiten
spieren voor
imademing ontspanner -
Udieß
4
inademing
s
:
L hals trekken borstbeen verder
spieren in samen sribben en
omhoog en naar voren
G uit
ademing Ehvesten bu 3;
.
samer
binnenste tussenribspierem trekken
t spieren buikwand trekken druk buikholte middenrif
in samer
shoge in
omhoog
ademvolime lucht dat Ber
vslume
ademhaling in en uit stroomt
-
L 150 neusholte
ML lucht komt riet werder dar code ruinte bronchiën lichtbiyp keet of
-
:
,
,
Is word wit
geademt
't
}
maximale
incideming (254)- inspiratoir reservevolume extralucht
maximale witademing (1, 5 expiratoir reserve volume
=
L3
lucht Blijft achter restvolume
:
, vitale capaciteit lucht die max inen uitgeademd
lan worden
-hulheid
E Blus restvolume - longvolume
clong capaciteit s binas BBB
}
regeling vande ademfrequentic
G diepte ademcentrum inde hersenstam
en snelheid
geregeld in
G activiteit vande
regelt ademhalingsspieren
Ls wordt
chemoreceptoren - waarne COz het bloed
-concentratie
van
waargenomen
aintuigcellen
G sterke lichaams
inspanings stigt
cO p iimpulsen viazenuwen naar ademhalingscentrum
2
trekken zich smeller
s
naar
ademhalingssBieren s
en
krachtiger samen
Ls PO indirect invloed op chemorecertoren
2
Lagrote hoogte a lucht druk
lager minder snal Oz in het bloed
opgenomen
Glage PO 7 chemoreceptoren gewoeliger voor PCO ssmelleren dieper adem
2
2
b receptoren in
longweefsel rektoestand v
longen waargenomer
:
.
G rekreceptoren bronchiën impulsen sremt
in a via
ademhalingscentrum inademing
:
s
uitademing volgt
torbewust
b
ademfrequentic bewust versmellen via grotehersenstam
ba
reflexmatig onderbroken slikreflex schrikken
sademnaling stokt
:
,
3.3 Be lever
nomeostase lever
b deel van darmkanaal depoortader lever
groot via naar poortadher
leverslagader
G lever controle over
sumenstelling van het bloedplasma galweg
b gaulblaas
lever omzetten wan stoffen en
uitscheiding opslag en
de bouwvan de lever
- lewerader
6 bestaat uit
zeshoekige lever lobjes 7
Is hoekpunten
T
aftaking poortader en leverslag ader
:
W
aftaking galgang
4 midden leverader leverslagader
I
:
poortader
Le Bloed van Boortader en lever slagader vertaking fussen
galgang
cellen terecht s stoffen
opgenomen en
afgegewer
daarna naar het midden vid
aftakking leverader
afgewoerd
.
i
s n
3
g 9 i t n
a w i s
e u
9
3.2
longuentilatie
longventilatie de lucht in de
longen worden woortdurend ververst
-
borstholte
L elke (
long heeft twee vliezen
pleura)
b hat
longulies is met de
long vergroeid
le het borstulies is met de ribben binnerste tussenribben middenrif
en het
vergrocid
,
bs interpleurale ruimte tussen devliezen s dunne
laaguleistofs houd devliezen bij elkaar
La voorkomen
scheurtjes
ademmaling
L (
ribadembaling haling ribben en borstbeen
bewegen
):
borstadem
l midden rie
ademnaling sbuikadembaling middenrif beweegh
?:
Grustig
La imademing
:
G buitenste tussen ribspier trekt ribben en borst been naar voren
comhoog
Ls middenrifspieren platter middenrif
d
luchtdrak dan buitenlucht lucht binnen
volumevergroting a in
longen lager van naar
.
U
uitademing
:
L volume kleiner slucht naarbuiten
spieren voor
imademing ontspanner -
Udieß
4
inademing
s
:
L hals trekken borstbeen verder
spieren in samen sribben en
omhoog en naar voren
G uit
ademing Ehvesten bu 3;
.
samer
binnenste tussenribspierem trekken
t spieren buikwand trekken druk buikholte middenrif
in samer
shoge in
omhoog
ademvolime lucht dat Ber
vslume
ademhaling in en uit stroomt
-
L 150 neusholte
ML lucht komt riet werder dar code ruinte bronchiën lichtbiyp keet of
-
:
,
,
Is word wit
geademt
't
}
maximale
incideming (254)- inspiratoir reservevolume extralucht
maximale witademing (1, 5 expiratoir reserve volume
=
L3
lucht Blijft achter restvolume
:
, vitale capaciteit lucht die max inen uitgeademd
lan worden
-hulheid
E Blus restvolume - longvolume
clong capaciteit s binas BBB
}
regeling vande ademfrequentic
G diepte ademcentrum inde hersenstam
en snelheid
geregeld in
G activiteit vande
regelt ademhalingsspieren
Ls wordt
chemoreceptoren - waarne COz het bloed
-concentratie
van
waargenomen
aintuigcellen
G sterke lichaams
inspanings stigt
cO p iimpulsen viazenuwen naar ademhalingscentrum
2
trekken zich smeller
s
naar
ademhalingssBieren s
en
krachtiger samen
Ls PO indirect invloed op chemorecertoren
2
Lagrote hoogte a lucht druk
lager minder snal Oz in het bloed
opgenomen
Glage PO 7 chemoreceptoren gewoeliger voor PCO ssmelleren dieper adem
2
2
b receptoren in
longweefsel rektoestand v
longen waargenomer
:
.
G rekreceptoren bronchiën impulsen sremt
in a via
ademhalingscentrum inademing
:
s
uitademing volgt
torbewust
b
ademfrequentic bewust versmellen via grotehersenstam
ba
reflexmatig onderbroken slikreflex schrikken
sademnaling stokt
:
,
3.3 Be lever
nomeostase lever
b deel van darmkanaal depoortader lever
groot via naar poortadher
leverslagader
G lever controle over
sumenstelling van het bloedplasma galweg
b gaulblaas
lever omzetten wan stoffen en
uitscheiding opslag en
de bouwvan de lever
- lewerader
6 bestaat uit
zeshoekige lever lobjes 7
Is hoekpunten
T
aftaking poortader en leverslag ader
:
W
aftaking galgang
4 midden leverader leverslagader
I
:
poortader
Le Bloed van Boortader en lever slagader vertaking fussen
galgang
cellen terecht s stoffen
opgenomen en
afgegewer
daarna naar het midden vid
aftakking leverader
afgewoerd
.