HOOFDSTUK 8: TAAL
SPREKEN
VAN BRABBELEN NAAR ZINNEN
Baby’s ontwikkelen hun taal en spraak op
ongeveer dezelfde manier en zelfde leeftijd
Er zijn 5 stadia die iedereen doorloopt, in elke
cultuur:
VOORLOPERS VAN DE TAAL
Pasgeborenen zijn in staat om:
Aandacht op interessante
voorwerpen te richten
Voorkeur voor menselijke gezichten Experiment van Mehler et al.:
Voorkeur voor taal (zie kader) Baby’s van 4 dagen oud hebben al een voorkeur
van hun eigen taal -> vb: Franse baby’s hebben
Bij de beginfase van het leren van medeklinkers: gemakkelijk te een voorkeur voor Frans en niet voor Russisch
articuleren medeklinkers -> vb: p, m en d
Vanaf 8 maanden: duidelijk invloed van de omgevingstaal
DE EERSTE WOORDEN
Grote individuele verschillen omtrent de ontwikkeling van de eerste woorden
Experiment: Schlichting:
Longitudinale studie met 37 kinderen -> wanneer kent met 50 woorden
Leeftijd van 18 maanden -> 10 kinderen behaalde mijlpaal van 50 woorden
Leeftijd van 19 maanden -> 18 kinderen behaalde mijlpaal van 50 woorden
Leeftijd van 24 maanden -> 27 kinderen behaalde mijlpaal van 50 woorden
Leeftijd van 30 maanden -> all 37 kinderen behaalde de
mijlpaal van 50 woorden
Type van woorde verschilt:
Men leert niet enkel zelfstandige naamwoorden, maar
ook andere woorden -> zie afbeelding
TELEGRAFISCHE SPRAAK
Tussen 18 en 24 maanden: men begint woorden te combineren -> korte zinnen van twee of drie woorden
Men gebruikt enkel inhoudswoorden, geen functiewoorden
Voorbeeld: ‘bal weg’
2 regels bepalen betekenis
1) De volgorde van de woorden
2) Klemtoon en intonatie
VERDERE ONTWIKKELINGEN Tussen 2de en 5de jaar: meeste kinderen
e
6 levensjaar: kennen alle regels omtrent verleden,
tussen 8 000 en 14 000 woorden meervoud en andere elementen
Gebruik van langere zinnen -> grammatica
o Tussen 5e en 9e jaar: kind beschikt over volledige grammatica (maar wel nog
oefenen)
o Grammatica gaat men testen aan de hand van het Wuggen-test
, VAN PREVERBALE BOODSCHAP NAAR SPRAAKKLANKEN
Men heeft verschillende stappen om gedachten naar uitspraak te brengen
Stap 1: preverbale woorden
- Betekenis van wat men onder woorden
wil brengen wordt geactiveerd
- Betekenis hangt af van de context
Stap 2: kiezen van de juristen woorden
- Is vaak context afhankelijk
- Juiste concepten bepalen
o Vb: misschien is ‘kras’ beter
dan ‘barst’, of is ‘wijnglas’ beter
dan ‘glas’
Stap 3: lemma’s
- = de abstracte representatief van
woorden die de grammaticale
eigenschappen van het woord bevatten
- Vb: weten dat bij een onderwerp als
derde persoon enkelvoudig, je het woord ‘zijn’ moet gebruiken als werkwoord
Stap 4: lexemen
- Om uit te spreken
Stap 5: fonemen
- Juiste fonemen selecteren om te kunnen uitspreken
- Foneem = een klank in een taal die aanleiding geeft tot een verschil in betekenis
- Elk gesproken taal bevat tussen de 20 en de 50 fonemen
o Spaans: 25 fonemen Hoe minder fonemen een taal telt, hoe
o Brits Engels: 44 fonemen langer de woorden gemiddeld zijn
o Nederlands: 39 fonemen
- Opmerkelijk: veel klanken verspringen van lettergreep of letterwoord
o Vb: ‘er is een barst in het glas’ -> ‘e risen bars tinnet glas’
Stap 6: articulatie
- De juiste complexe articulatorische codes oproepen
Over het volledige plan ! -> spraakmonitor
Wat?: gaat de spraakoutput gaan controleren en eventueel corrigeren
Wanneer?: kan voor het uitspraken of zelf na het uitspreken
SPREKEN
VAN BRABBELEN NAAR ZINNEN
Baby’s ontwikkelen hun taal en spraak op
ongeveer dezelfde manier en zelfde leeftijd
Er zijn 5 stadia die iedereen doorloopt, in elke
cultuur:
VOORLOPERS VAN DE TAAL
Pasgeborenen zijn in staat om:
Aandacht op interessante
voorwerpen te richten
Voorkeur voor menselijke gezichten Experiment van Mehler et al.:
Voorkeur voor taal (zie kader) Baby’s van 4 dagen oud hebben al een voorkeur
van hun eigen taal -> vb: Franse baby’s hebben
Bij de beginfase van het leren van medeklinkers: gemakkelijk te een voorkeur voor Frans en niet voor Russisch
articuleren medeklinkers -> vb: p, m en d
Vanaf 8 maanden: duidelijk invloed van de omgevingstaal
DE EERSTE WOORDEN
Grote individuele verschillen omtrent de ontwikkeling van de eerste woorden
Experiment: Schlichting:
Longitudinale studie met 37 kinderen -> wanneer kent met 50 woorden
Leeftijd van 18 maanden -> 10 kinderen behaalde mijlpaal van 50 woorden
Leeftijd van 19 maanden -> 18 kinderen behaalde mijlpaal van 50 woorden
Leeftijd van 24 maanden -> 27 kinderen behaalde mijlpaal van 50 woorden
Leeftijd van 30 maanden -> all 37 kinderen behaalde de
mijlpaal van 50 woorden
Type van woorde verschilt:
Men leert niet enkel zelfstandige naamwoorden, maar
ook andere woorden -> zie afbeelding
TELEGRAFISCHE SPRAAK
Tussen 18 en 24 maanden: men begint woorden te combineren -> korte zinnen van twee of drie woorden
Men gebruikt enkel inhoudswoorden, geen functiewoorden
Voorbeeld: ‘bal weg’
2 regels bepalen betekenis
1) De volgorde van de woorden
2) Klemtoon en intonatie
VERDERE ONTWIKKELINGEN Tussen 2de en 5de jaar: meeste kinderen
e
6 levensjaar: kennen alle regels omtrent verleden,
tussen 8 000 en 14 000 woorden meervoud en andere elementen
Gebruik van langere zinnen -> grammatica
o Tussen 5e en 9e jaar: kind beschikt over volledige grammatica (maar wel nog
oefenen)
o Grammatica gaat men testen aan de hand van het Wuggen-test
, VAN PREVERBALE BOODSCHAP NAAR SPRAAKKLANKEN
Men heeft verschillende stappen om gedachten naar uitspraak te brengen
Stap 1: preverbale woorden
- Betekenis van wat men onder woorden
wil brengen wordt geactiveerd
- Betekenis hangt af van de context
Stap 2: kiezen van de juristen woorden
- Is vaak context afhankelijk
- Juiste concepten bepalen
o Vb: misschien is ‘kras’ beter
dan ‘barst’, of is ‘wijnglas’ beter
dan ‘glas’
Stap 3: lemma’s
- = de abstracte representatief van
woorden die de grammaticale
eigenschappen van het woord bevatten
- Vb: weten dat bij een onderwerp als
derde persoon enkelvoudig, je het woord ‘zijn’ moet gebruiken als werkwoord
Stap 4: lexemen
- Om uit te spreken
Stap 5: fonemen
- Juiste fonemen selecteren om te kunnen uitspreken
- Foneem = een klank in een taal die aanleiding geeft tot een verschil in betekenis
- Elk gesproken taal bevat tussen de 20 en de 50 fonemen
o Spaans: 25 fonemen Hoe minder fonemen een taal telt, hoe
o Brits Engels: 44 fonemen langer de woorden gemiddeld zijn
o Nederlands: 39 fonemen
- Opmerkelijk: veel klanken verspringen van lettergreep of letterwoord
o Vb: ‘er is een barst in het glas’ -> ‘e risen bars tinnet glas’
Stap 6: articulatie
- De juiste complexe articulatorische codes oproepen
Over het volledige plan ! -> spraakmonitor
Wat?: gaat de spraakoutput gaan controleren en eventueel corrigeren
Wanneer?: kan voor het uitspraken of zelf na het uitspreken